Beleidsregel van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs van 16 december 2022, nr. VO/35104710, met betrekking tot de wijze van uitoefening van de bevoegdheid tot het opleggen van financiële sancties bij bekostigde onderwijsinstellingen (Beleidsregel financiële sancties bij bekostigde onderwijsinstellingen 2022)
- BWB-id
- BWBR0047690
- Type
- Beleidsregel
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0047690
- ELI
- /eli/nl/beleidsregel/2023/beleidsregel-financi-le-sancties-bij-bekostigde-onderwijsins
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/beleidsregel/2023/beleidsregel-financi-le-sancties-bij-bekostigde-onderwijsins/2025-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0047690&g=2025-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0047690&z=2026-06-06&g=2025-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0047690/2025-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/beleidsregel/2023/beleidsregel-financi-le-sancties-bij-bekostigde-onderwijsins
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze beleidsregel wordt verstaan onder: a. bekostiging: artikel 116, tweede lid, van de Wet op het primair onderwijs artikel 100, tweede lid, van de Wet primair onderwijs BES artikel 5.4, eerste lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 114, tweede lid, van de Wet op de expertisecentra artikelen 2.2.1 2.2a.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs artikelen 1.9 1.14 1.17 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek artikel 2.2.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES bekostiging als bedoeld in,,,, deen, de,enen; b. minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap of Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs; c. onderwijsinstelling: artikel 1, onder d, van de Wet op het onderwijstoezicht instelling of school in de zin van een onderwijswet als bedoeld inwaar onderwijs wordt verzorgd; [d.] samenwerkingsverband: artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs artikel 1.1 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 samenwerkingsverband als bedoeld inen; [e.] subsidie: artikel 9.3 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS subsidie, verstrekt aan een onderwijsinstelling op grond van of krachtens een of meer van de artikelen, genoemd in. 2024 38658 27-11-2024 18-11-2024 45809081 2024 38658 27-11-2024 18-11-2024 45809081 01-01-2025
Artikel 2 — Artikel 2 Doel#
Artikel 2 Doel 1 artikelen 155 169 van de Wet op het primair onderwijs artikelen 123 129 van de Wet primair onderwijs BES artikelen 133 145, tweede lid, van de Wet op de expertisecentra artikelen 5.49, tweede lid 10.1 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikelen 2.5.9, tweede lid 11.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs artikelen 2.9, derde lid 15.1 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek artikelen 2.3.11, tweede lid 10.2 van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES artikel 38 van de Wet medezeggenschap op scholen artikelen 4:46 4:48 4:49 4:50 4:56 4:57 van de Algemene wet bestuursrecht Deze beleidsregel regelt de wijze waarop de minister ten aanzien van onderwijsinstellingen gebruik maakt van zijn bevoegdheden, bedoeld in deen, deen, deen, de, en, de, en, de, en, de, en,en de,,,,en. 2 artikel 155 van de Wet op het primair onderwijs artikel 10.1 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 38 van de Wet medezeggenschap op scholen artikelen 4:46 4:48 4:49 4:50 4:56 4:57 van de Algemene wet bestuursrecht Deze beleidsregel regelt in aanvulling op het eerste lid de wijze waarop de Minister ten aanzien van samenwerkingsverbanden gebruik maakt van zijn bevoegdheden, bedoeld in,,en de,,,,en. 2024 38658 27-11-2024 18-11-2024 45809081 2024 38658 27-11-2024 18-11-2024 45809081 01-01-2025
Artikel 3 — Artikel 3 Terugvordering bij onrechtmatige verkrijging of besteding#
Artikel 3 Terugvordering bij onrechtmatige verkrijging of besteding 1 Onrechtmatig verkregen of onrechtmatig bestede bekostiging of subsidie, wordt volledig teruggevorderd. 2 Het eerste lid is onverminderd van toepassing op subsidie waarvan de vaststelling nog niet heeft plaatsgevonden. 3 De minister kan bij herhaaldelijk onrechtmatig verkregen of onrechtmatig bestede bekostiging of subsidie het terug te vorderen bedrag, bedoeld in het eerste lid, verhogen. Hiervan is sprake, indien een dergelijke verkrijging of besteding meer dan eenmaal plaatsvindt binnen een periode van vier jaar. 4 De verhoging, bedoeld in het derde lid, bedraagt ten hoogste 25 procent van het onrechtmatig verkregen of onrechtmatig bestede bekostigings- of subsidiebedrag. 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 01-01-2023
Artikel 4 — Artikel 4 Sancties bij tekortkomingen basisonderwijs en voortgezet (speciaal) onderwijs#
Artikel 4 Sancties bij tekortkomingen basisonderwijs en voortgezet (speciaal) onderwijs 1 Wet op het primair onderwijs Wet op de expertisecentra Wet voortgezet onderwijs 2020 Wet primair onderwijs BES Wet medezeggenschap op scholen artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs artikel 1 van de Wet op de expertisecentra artikel 1.1 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 1 van de Wet primair onderwijs BES artikel 1 van de Experimentenwet onderwijs Bij het niet naleven van een wettelijk voorschrift gesteld bij of krachtens de, de, de, deof dedoor het bevoegd gezag van een school als bedoeld in,,,ofkan de Minister: a. in de eerste drie maanden van het verzuim maandelijks ten minste 0 en ten hoogste 15 procent van een twaalfde deel van de bekostiging voor het desbetreffende kalenderjaar inhouden; b. in de vierde tot en met zesde maand van het verzuim maandelijks ten minste 16 en ten hoogste 75 procent van een twaalfde deel van de bekostiging voor het desbetreffende kalenderjaar inhouden; c. in de zevende en daaropvolgende maanden van het verzuim maandelijks ten hoogste 100 procent van een twaalfde deel van de bekostiging voor het desbetreffende kalenderjaar inhouden. 2 Wet op het primair onderwijs Wet voortgezet onderwijs 2020 Wet medezeggenschap op scholen Bij het niet naleven van een wettelijk voorschrift gesteld bij of krachtens de, deof dedoor een samenwerkingsverband kan de Minister: a. in de eerste drie maanden van het verzuim maandelijks ten minste 0 en ten hoogste 15 procent van een twaalfde deel van de bekostiging voor het desbetreffende kalenderjaar inhouden; b. in de vierde tot en met zesde maand van het verzuim maandelijks ten minste 16 en ten hoogste 75 procent van een twaalfde deel van de bekostiging voor het desbetreffende kalenderjaar inhouden; c. in de zevende en daaropvolgende maanden van het verzuim maandelijks ten hoogste 100 procent van een twaalfde deel van de bekostiging voor het desbetreffende kalenderjaar inhouden. 3 De Minister kan bij het herhaaldelijk niet naleven van hetzelfde wettelijk voorschrift direct een hoger inhoudingspercentage toepassen dan genoemd in het eerste lid, onder a of b, of het tweede lid, onder a of b,. Hiervan is sprake indien een dergelijk niet naleven van hetzelfde wettelijke voorschrift meer dan eenmaal plaatsvindt binnen een periode van vier jaar. 2024 38658 27-11-2024 18-11-2024 45809081 2024 38658 27-11-2024 18-11-2024 45809081 01-01-2025
Artikel 5 — Artikel 5 Sancties bij tekortkomingen middelbaar beroepsonderwijs en hoger onderwijs#
Artikel 5 Sancties bij tekortkomingen middelbaar beroepsonderwijs en hoger onderwijs 1 artikel 1.1.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs artikel 1.1.1. van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES artikelen 1.4 1.5 1.8 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek Bij het niet naleven van een wettelijk voorschrift door het bevoegd gezag van een instelling als bedoeld inof, of, voor het hoger onderwijs, door een of meer organen binnen een instelling als bedoeld in de,of, kan de minister: a. in de eerste drie maanden van het verzuim maandelijks ten minste 10 en ten hoogste 25 procent van een twaalfde deel van de bekostiging voor het desbetreffende kalenderjaar opschorten; b. in de vierde tot en met zesde maand van het verzuim maandelijks ten minste 15 en ten hoogste 50 procent van een twaalfde deel van de bekostiging voor het desbetreffende kalenderjaar inhouden; c. in de zevende en daaropvolgende maanden van het verzuim maandelijks ten hoogste 100 procent van een twaalfde deel van de bekostiging voor het desbetreffende kalenderjaar inhouden. 2 De minister kan bij het herhaaldelijk niet naleven van hetzelfde wettelijk voorschrift direct overgaan tot inhouden of een hoger percentage van opschorting of inhouding dan genoemd in het eerste lid, onder a of b, toepassen. Hiervan is sprake indien een dergelijk niet naleven van hetzelfde wettelijke voorschrift meer dan eenmaal plaatsvindt binnen een periode van vier jaar. 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 01-01-2023
Artikel 6 — Artikel 6 Spoedaanwijzing en aanwijzing#
Artikel 6 Spoedaanwijzing en aanwijzing 1 artikel 4 In afwijking vankan de minister een twaalfde deel van de bekostiging voor het desbetreffende kalenderjaar direct met 100% inhouden indien het bevoegd gezag of het samenwerkingsverband niet voldoet aan een: a. artikel 153a van de Wet op het primair onderwijs artikel 122a van de Wet primair onderwijs BES artikel 132a van de Wet op de expertisecentra artikel 3.38a van de Wet voortgezet onderwijs 2020 spoedaanwijzing als bedoeld in,,of; of b. artikel 153 van de Wet op het primair onderwijs artikel 122 van de Wet primair onderwijs BES artikel 132 van de Wet op de expertisecentra artikel 3.38 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 aanwijzing als bedoeld in,,of. 2 artikel 5 In afwijking vankan de minister de bekostiging direct met 100% opschorten of inhouden indien het bevoegd gezag of, voor het hoger onderwijs, de raad van toezicht niet voldoet aan een: a. artikel 3.1.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs artikel 10.1a van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES artikelen 9.9b 10.3e1 11.7b van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek spoedaanwijzing als bedoeld in,of de,of; of b. artikel 3.1.5 van de Wet educatie en beroepsonderwijs artikel 10.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES artikelen 9.9a 10.3e 11.7a van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek aanwijzing als bedoeld in,of de,of. 2024 38658 27-11-2024 18-11-2024 45809081 2024 38658 27-11-2024 18-11-2024 45809081 01-01-2025
Artikel 7 — Artikel 7 Redelijke termijn#
Artikel 7 Redelijke termijn artikel 4, eerste lid, onder a, of tweede lid, onder a artikel 5, eerste lid, onder a De minister neemt een besluit als bedoeld in, of, slechts nadat het bevoegd gezag of het samenwerkingsverband, of voor het hoger onderwijs, het instellingsbestuur een redelijke termijn heeft gekregen om de tekortkoming te herstellen. 2024 38658 27-11-2024 18-11-2024 45809081 2024 38658 27-11-2024 18-11-2024 45809081 01-01-2025
Artikel 8 — Artikel 8 Hardheidsclausule#
Artikel 8 Hardheidsclausule artikelen 3 4 5 De minister kan de terugvordering, lagere vaststelling, opschorting of inhouding, bedoeld in de,enachterwege laten, matigen, of overgaan tot opschorten in plaats van inhouden indien strikte toepassing van die artikelen zou leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 01-01-2023
Artikel 9 — Artikel 9 Overgangsrecht#
Artikel 9 Overgangsrecht artikel 2 Beleidsregel financiële sancties bij bekostigde onderwijsinstellingen Op de toepassing van bevoegdheden als bedoeld in, naar aanleiding van tekortkomingen geconstateerd in inspectierapporten die zijn vastgesteld voor de inwerkingtreding van deze beleidsregel, blijft de, zoals die gold onmiddellijk voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze beleidsregel, van toepassing. 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 01-01-2023
Artikel 10 — Artikel 10 Intrekking regeling#
Artikel 10 Intrekking regeling Beleidsregel financiële sancties bij bekostigde onderwijsinstellingen Dewordt ingetrokken. 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 01-01-2023
Artikel 11 — Artikel 11 Inwerkingtreding#
Artikel 11 Inwerkingtreding 1 Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2023. Indien de Staatscourant waarin deze beleidsregel wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 31 december 2022, treedt hij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin hij wordt geplaatst. 2 artikel 6, eerste lid, onderdeel a In afwijking van het eerste lid treden, indien het bij koninklijke boodschap van 29 september 2021 aanhangig gemaakte voorstel van wet houdende wijziging van een aantal onderwijswetten in verband met onder andere de uitbreiding van het bestuurlijk handhavingsinstrumentarium (Wet uitbreiding bestuurlijk instrumentarium onderwijs) tot wet is of wordt verheven en artikel I, onderdeel B, van die wet in werking treedt,, en artikel 6, tweede lid, onderdeel a, op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel B, van die wet in werking. De vorige volzin is niet van toepassing indien het tijdstip van inwerkingtreding van deze beleidsregel, bedoeld in het eerste lid, is gelegen na het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel B, van de wet, genoemd in de vorige volzin. 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 01-01-2023
Artikel 12 — Artikel 12 Citeertitel#
Artikel 12 Citeertitel Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel financiële sancties bij bekostigde onderwijsinstellingen 2022. 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 2022 34785 27-12-2022 16-12-2022 VO/35104710 01-01-2023