Beleidsregel van de Minister voor Langdurige Zorg en Sport van 30 augustus 2023, kenmerk 3665132-1052221-MEVA, houdende regels voor financiële ondersteuning voor zorgmedewerkers in verband met langdurige post-COVID klachten (Regeling zorgmedewerkers met langdurige post-COVID klachten)
- BWB-id
- BWBR0048596
- Type
- Beleidsregel
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-06-15
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0048596
- ELI
- /eli/nl/beleidsregel/2023/regeling-zorgmedewerkers-met-langdurige-post-covid-klachten
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/beleidsregel/2023/regeling-zorgmedewerkers-met-langdurige-post-covid-klachten/2024-06-15
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0048596&g=2024-06-15
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0048596&z=2026-06-06&g=2024-06-15
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0048596/2024-06-15
Absolute ELI: /eli/nl/beleidsregel/2023/regeling-zorgmedewerkers-met-langdurige-post-covid-klachten
Artikel 1.1 — Artikel 1.1 Begripsbepalingen#
Artikel 1.1 Begripsbepalingen In deze beleidsregel wordt verstaan onder: AGB-code: unieke Algemene GegevensBeheer-code van een zorgaanbieder zoals geregistreerd in het Algemene GegevensBeheer-register dat wordt beheerd door Vektis; arts: artikel 3 van de Wet BIG een arts die als zodanig staat ingeschreven in het daarvoor ingestelde register, bedoeld in; COVID-19: de ziekte veroorzaakt door het coronavirus SARS-CoV-2; dienstverband: artikel 2.1, eerste lid, onder a een dienstverband als bedoeld in, van deze beleidsregel; financiële ondersteuning: een bedrag van € 24.010 per zorgmedewerker; gewaarmerkt verzekeringsbericht: artikel 33c van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen een overzicht van het arbeidsverleden en de loongegevens betreffende de zorgmedewerker, verstrekt op de wijze bedoeld in, voorzien van een waarmerk van het UWV; handelsregister: artikel 1, onder h, van de Handelsregisterwet 2007 handelsregister als bedoeld in; justitiële inrichting: bijlage 1 een van de justitiële inrichtingen, genoemd in; langdurige post-COVID klachten: long-COVID zoals gedefinieerd door het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten of langdurige klachten na COVID-19 zoals vastgelegd in de NHG-standaard M112 Langdurige klachten na COVID-19; Minister: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; militair geneeskundige dienst: artikel 1, eerste lid, onder f, van de Wet ambtenaren defensie de militair geneeskundige dienst, bedoeld in; SBI-code: code van de Standaard Bedrijfsindeling zoals gehanteerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek waarmee de economische hoofd- of nevenactiviteit van een bedrijf wordt weergegeven in het handelsregister; tijdvak: de periode van 1 maart 2020 tot en met 31 december 2020; UWV: hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in; verlenging van de loondoorbetalingsplicht: artikel 25, negende lid, van de WIA de verlenging van het tijdvak van de verplichte loondoorbetaling door het UWV tot ten hoogste 52 weken op grond van; vrijwillige verlenging van de loondoorbetaling: artikel 24 van de WIA de vrijwillige verlenging van het tijdvak van de verplichte loondoorbetaling op grond van; Wet BIG: Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg ; WIA: Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen ; WIA-beslissing: artikel 64 van de WIA de beslissing van het UWV op een aanvraag als bedoeld in; zorgaanbieder: artikel 1.4 een zorgaanbieder als bedoeld invan deze beleidsregel; zorgmedewerker: artikel 2.1 een natuurlijk persoon die voldoet aan de voorwaarden, bedoeld invan deze beleidsregel. 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 15-06-2024 02-09-2023
Artikel 1.2 — Artikel 1.2 Eenmalige financiële ondersteuning#
Artikel 1.2 Eenmalige financiële ondersteuning De minister kan op aanvraag eenmalig financiële ondersteuning verstrekken aan een zorgmedewerker. 2023 24739 01-09-2023 30-08-2023 3665132-1052221-MEVA 2023 24739 01-09-2023 30-08-2023 3665132-1052221-MEVA 02-09-2023
Artikel 1.3 — Artikel 1.3 Verhouding tot aansprakelijkheid#
Artikel 1.3 Verhouding tot aansprakelijkheid 1 Door het aanvragen van financiële ondersteuning op grond van deze beleidsregel doet de zorgmedewerker geen afstand van een lopende of een toekomstige aansprakelijkstelling. 2 De Staat der Nederlanden erkent geen enkele aansprakelijkheid door verstrekking en uitbetaling van financiële ondersteuning uit hoofde van deze beleidsregel. 3 Een aanvraag voor financiële ondersteuning wordt niet aangemerkt als aansprakelijkstelling of als stuiting van de verjaring. 2023 24739 01-09-2023 30-08-2023 3665132-1052221-MEVA 2023 24739 01-09-2023 30-08-2023 3665132-1052221-MEVA 02-09-2023
Artikel 1.4 — Artikel 1.4 Zorgaanbieder#
Artikel 1.4 Zorgaanbieder 1 Een zorgaanbieder is een privaatrechtelijke rechtspersoon die, een organisatorisch verband van natuurlijke personen dat of een natuurlijke persoon die: a. artikel 1, onder d, van de Zorgverzekeringswet bedrijfsmatig zorg verleent die wordt bekostigd op grond van een zorgverzekering als bedoeld in; of b. artikel 1.1.1 van de Wet langdurige zorg een zorgaanbieder is als bedoeld in. 2 Er is sprake van een zorgaanbieder als bedoeld in het eerste lid indien deze in beginsel: a. bijlage 2 op 1 juli 2020 in het handelsregister stond ingeschreven met een hoofd- of nevenactiviteit met een bijbehorende SBI-code die inis opgenomen; en b. bijlage 3 op 1 juli 2020 beschikte over een AGB-code die begint met twee cijfers die inzijn opgenomen. 3 Een zorgaanbieder is tevens: a. artikel 1.1 van de Subsidieregeling ADL-assistentie een ADL-aanbieder als bedoeld in; b. de GezondheidsZorg Asielzoekers Nederland B.V.; c. artikel 1.13 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek een academisch ziekenhuis als bedoeld in; d. de militair geneeskundige dienst; e. een justitiële inrichting; f. artikel 1.1. van de Jeugdwet een jeugdhulpaanbieder als bedoeld inwaarbij een jeugdige meer dan 24 uur aaneengesloten verblijft in een accommodatie als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet; of g. artikel 14, tweede lid, van de Wet publieke gezondheid een gemeentelijke gezondheidsdienst als bedoeld in. 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 15-06-2024 02-09-2023
Artikel 2.1 — Artikel 2.1 Voorwaarden#
Artikel 2.1 Voorwaarden 1 Een zorgmedewerker komt eenmaal in aanmerking voor financiële ondersteuning als deze: a. in het tijdvak werkzaam was bij of werkzaamheden heeft verricht voor een zorgaanbieder in het kader van een dienstverband zijnde: 1°. artikel 610, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek een arbeidsovereenkomst tussen werkgever en werknemer als bedoeld in; 2°. artikel 1, eerste lid, onder a, onder 1, van de Wet ambtenaren defensie een aanstelling als militair ambtenaar als bedoeld in; of 3°. artikel 1, eerste lid, onder a, onder 2, van de Wet ambtenaren defensie een aanstelling als burgerlijk ambtenaar als bedoeld in; b. in het tijdvak bij een zorgaanbieder veelvuldig en intensief zorg heeft verleend aan patiënten met COVID-19 of nauw betrokken was bij deze zorgverlening; c. in het tijdvak in het kader van het dienstverband gemeld heeft wegens ziekte niet te werken; d. langdurige post-COVID klachten heeft die voor 1 juni 2023 geconstateerd zijn door een arts; e. als gevolg van de klachten die hebben geleid tot de ziekmelding, bedoeld onder c, ten minste 104 weken ziek is met langdurige post-COVID klachten en na deze 104 weken: 1°. artikel 4 van de WIA volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is als bedoeld in; 2°. artikel 5 van de WIA gedeeltelijk arbeidsgeschikt is als bedoeld in; 3°. artikel 1 van de WIA in staat is met arbeid ten hoogste 100% te verdienen van het maatmaninkomen per uur, bedoeld in, als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van langdurige post-COVID klachten; of 4°. uiterlijk 1 juli 2023 voldoet aan hetgeen gesteld is onder 1°, 2° of 3° ingeval van vrijwillige verlenging van de loondoorbetaling of verlenging van de loondoorbetalingsplicht. 2 artikel 3 van de Wet BIG Als de zorgmedewerker werkzaam was bij een justitiële inrichting stond deze, in aanvulling op het eerste lid, tijdens het tijdvak als arts of verpleegkundige ingeschreven in het register, bedoeld in. 3 De minister kan afwijken van het eerste lid, onder a, voor zover toepassing gelet op het belang dat de desbetreffende bepalingen beogen te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 4 artikel 23, derde lid, van de WIA De minister kan afwijken van de 104 weken, bedoeld in het eerste lid, onder e, als sprake is van wachttijd die is bepaald op grond van. 5 De minister kan afwijken van de datum, bedoeld in het eerste lid, onder e, onder 4°. 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 15-06-2024 02-09-2023
Artikel 2.2 — Artikel 2.2 Het beschikbare bedrag en de wijze van verdeling#
Artikel 2.2 Het beschikbare bedrag en de wijze van verdeling 1 artikel 4:25, tweede en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht Op deze beleidsregel isvan overeenkomstige toepassing. 2 Het beschikbare bedrag voor het verstrekken van financiële ondersteuning voor het kalenderjaar 2023 bedraagt € 33.000.000. 3 Het beschikbare bedrag voor het verstrekken van financiële ondersteuning voor het kalenderjaar 2024 bedraagt € 21.000.000. 4 artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht De minister verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtensde gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag en het tijdstip waarop de aanvraag is aangevuld als moment van ontvangst geldt. 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 15-06-2024 02-09-2023
Artikel 2.3 — Artikel 2.3 Aanvraag#
Artikel 2.3 Aanvraag 1 Een aanvraag voor financiële ondersteuning voor het kalenderjaar 2023 kan worden ingediend vanaf 25 september 2023 om 9:00 uur en wordt uiterlijk 23 oktober 2023 om 12:00 uur door de minister ontvangen. 2 Een aanvraag voor financiële ondersteuning voor het kalenderjaar 2024 kan worden ingediend vanaf 1 juli 2024 om 9:00 uur en wordt uiterlijk 23 september 2024 om 12:00 uur door de Minister ontvangen. 3 Voor de aanvraag wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt. 4 De aanvraag gaat vergezeld van: a. een bewijs van dienstverband; b. een gewaarmerkt verzekeringsbericht; c. een kopie van de WIA-beslissing betreffende de zorgmedewerker; d. een document waaruit blijkt dat langdurige post-COVID klachten zijn geconstateerd, zijnde: 1°. het medisch onderzoeksverslag dat als verslag van het verzekeringsgeneeskundig onderzoek is gevoegd als bijlage bij de WIA-beslissing betreffende de zorgmedewerker; of 2°. een door de Minister vastgesteld formulier met een verklaring die is voorzien van een ondertekening door een arts, waarin wordt bevestigd dat voor 1 juni 2023 bij de zorgmedewerker langdurige post-COVID klachten zijn geconstateerd en die is voorzien van toestemming om de juistheid van deze verklaring bij de desbetreffende arts te verifiëren; en e. desgevraagd overige inlichtingen en bewijsstukken, die noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de aanvraag. 5 Als de zorgmedewerker werkzaam was op basis van een dienstverband bij een ander dan de zorgaanbieder waar de zorgmedewerker tijdens het tijdvak veelvuldig en intensief zorg heeft verleend aan patiënten met COVID-19 of nauw betrokken was bij deze zorgverlening, overlegt de zorgmedewerker een door de minister vastgesteld formulier met een verklaring die: a. is voorzien van een ondertekening door de leidinggevende van de zorgmedewerker; b. is ondertekend namens de zorgaanbieder waar de zorgmedewerker tijdens het tijdvak werkzaamheden heeft verricht; c. bevestigt dat de zorgmedewerker tijdens het tijdvak bij die zorgaanbieder veelvuldig en intensief zorg heeft verleend aan patiënten met COVID-19 of nauw betrokken was bij deze zorgverlening; en d. is voorzien van toestemming om de juistheid van deze verklaring bij die zorgaanbieder te verifiëren. 6 bijlage 4 Als de zorgmedewerker werkzaam is geweest bij de zorgaanbieder tijdens het tijdvak in een functie of beroep die niet inis opgenomen, overlegt de zorgmedewerker een door de minister vastgesteld formulier met een verklaring die: a. is voorzien van een ondertekening door de leidinggevende van de zorgmedewerker; b. is ondertekend namens de zorgaanbieder waar de zorgmedewerker tijdens het tijdvak werkzaam was; c. bevestigt dat de zorgmedewerker tijdens het tijdvak veelvuldig en intensief zorg heeft verleend aan patiënten met COVID-19 of nauw betrokken was bij deze zorgverlening; en d. is voorzien van toestemming om de juistheid van deze verklaring bij die zorgaanbieder te verifiëren. 7 Als de zorgmedewerker werkzaam was bij de militair geneeskundige dienst, overlegt de zorgmedewerker een door de minister vastgesteld formulier met een verklaring die: a. is voorzien van een ondertekening door een tekenbevoegde van de militair geneeskundige dienst; b. bevestigt dat de zorgmedewerker tijdens het tijdvak veelvuldig en intensieve zorg heeft verleend aan patiënten met COVID-19 of nauw betrokken was bij deze zorgverlening; en c. is voorzien van toestemming om de juistheid van deze verklaring bij de militair geneeskundige dienst te verifiëren. 8 artikel 3 van de Wet BIG Als de zorgmedewerker werkzaam was bij een justitiële inrichting, overlegt de zorgmedewerker het nummer waarmee de zorgmedewerker tijdens het tijdvak als arts of verpleegkundige stond ingeschreven in het daarvoor ingestelde register, bedoeld in. 9 Als de zorgmedewerker werkzaam was bij een gemeentelijke gezondheidsdienst, overlegt de zorgmedewerker een door de Minister vastgesteld formulier met een verklaring die: a. is voorzien van een ondertekening door een tekenbevoegde van de gemeentelijke gezondheidsdienst; b. bevestigt dat de zorgmedewerker tijdens het tijdvak veelvuldig en intensieve zorg heeft verleend aan patiënten met COVID-19 of nauw betrokken was bij deze zorgverlening; en c. is voorzien van toestemming om de juistheid van deze verklaring bij de gemeentelijke gezondheidsdienst te verifiëren. 10 Als de eerste ziektedag zoals vermeld in de WIA-beslissing na het tijdvak ligt, overlegt de zorgmedewerker een document waaruit blijkt dat de langdurige post-COVID klachten het gevolg zijn van een vermoedelijke COVID-19 besmetting in het tijdvak. 11 Als sprake is van vrijwillige verlenging van de loondoorbetaling of verlenging van de loondoorbetalingsplicht, overlegt de zorgmedewerker een kopie van het besluit van het UWV betreffende de zorgmedewerker tot verlenging van het tijdvak van de loondoorbetaling. 12 artikel 2.1, derde lid De minister kan afwijken van het vierde lid als toepassing is gegeven aan het bepaalde in. 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 15-06-2024 02-09-2023
Artikel 2.4 — Artikel 2.4 Besluit en uitbetaling#
Artikel 2.4 Besluit en uitbetaling 1 artikel 2.3, eerste lid De minister besluit binnen 13 weken na sluiting van het aanvraagtijdvak, bedoeld in, op een volledige aanvraag voor financiële ondersteuning. 2 artikel 2.3, tweede lid De Minister besluit binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag, bedoeld in, op een volledige aanvraag voor financiële ondersteuning. 3 De minister betaalt het bedrag van financiële ondersteuning na het besluit, bedoeld in het eerste lid, in één keer uit. 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 15-06-2024 02-09-2023
Artikel 3.1 — Artikel 3.1 Intrekking en terugvordering#
Artikel 3.1 Intrekking en terugvordering 1 De minister kan een besluit tot toekenning van financiële ondersteuning intrekken als: a. de aanvrager aan wie financiële ondersteuning is toegekend onjuiste of onvolledige informatie heeft verschaft, waardoor financiële ondersteuning ten onrechte is toegekend; b. het besluit tot toekenning van financiële ondersteuning anderszins onjuist was en de aanvrager dat wist, dan wel behoorde te weten. 2 De minister vordert een bedrag dat als gevolg van een besluit als bedoeld in het eerste lid ten onrechte is uitbetaald terug van degene aan wie is uitbetaald. 2023 24739 01-09-2023 30-08-2023 3665132-1052221-MEVA 2023 24739 01-09-2023 30-08-2023 3665132-1052221-MEVA 02-09-2023
Artikel 3.2 — Artikel 3.2 Inwerkingtreding en vervaldatum#
Artikel 3.2 Inwerkingtreding en vervaldatum 1 Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2 Deze beleidsregel vervalt met ingang van 1 januari 2026, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op financiële ondersteuningen die voor die datum zijn aangevraagd of verstrekt. 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 2024 19554 14-06-2024 11-06-2024 3835955-1066250-MEVA 15-06-2024 02-09-2023
Artikel 3.3 — Artikel 3.3 Citeertitel#
Artikel 3.3 Citeertitel Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Regeling zorgmedewerkers met langdurige post-COVID klachten. 2023 24739 01-09-2023 30-08-2023 3665132-1052221-MEVA 2023 24739 01-09-2023 30-08-2023 3665132-1052221-MEVA 02-09-2023
Artikel 1.4#
artikel 1
Artikel 1.4#
artikel 1.4, tweede lid, onder a
Artikel 1.4#
artikel 1.4, tweede lid, onder b
Artikel 2.3#
artikel 2.3, zesde lid