Besluit van 4 December 1925, tot uitvoering van artikel 198 van het nieuwe Wetboek van Strafvordering
- BWB-id
- BWBR0001928
- Type
- KB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1994-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0001928
- ELI
- /eli/nl/kb/1926/besluit-observatie-inrichtingen-gedetineerden
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/kb/1926/besluit-observatie-inrichtingen-gedetineerden/1994-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0001928&g=1994-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0001928&z=2026-06-06&g=1994-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0001928/1994-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/kb/1926/besluit-observatie-inrichtingen-gedetineerden
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel 198 van het Wetboek van Strafvordering De aanwijzing van eene inrichting ingevolgekan niet plaats hebben dan indien met betrekking tot die inrichting voldaan wordt aan de navolgende voorwaarden: a. de inrichting moet voldoende ruimte bevatten voor het daarin te huisvesten aantal personen; zij moet, met het oog op den aard der daarin op te nemen verdachten, voldoen aan behoorlijke eischen van veiligheid en waarborgen opleveren tegen hun ontvluchting; b. voor de reinheid moet nauwgezet zorg worden gedragen; c. aan de verdachten moet worden verschaft gezond voedsel in voldoende hoeveelheid en behoorlijke kleeding en ligging; aan iederen verdachte moet een afzonderlijk bed worden verstrekt; d. de verdachten mogen geen anderen arbeid verrichten dan die evenredig is aan hun krachten; e. in dezelfde inrichting mogen geen verdachten van verschillend geslacht worden opgenomen, tenzij in geheel van elkander gescheiden afdeelingen; f. voor zooveel de verdachten gedurende den nacht niet onderling afgezonderd worden, moeten de voor hen bestemde slaapzalen zijn ingericht en moet daarbij gedurende den nacht toezicht worden gehouden overeenkomstig de regelingen voor elke inrichting te dien aanzien door Onze Minister van Justitie goed te keuren; g. het personeel aan de inrichting verbonden moet zijn van goed zedelijk gedrag; h. de geldelijke voorwaarden der opneming moeten in redelijkheid zijn bepaald; i. aan de door Onzen Minister van Justitie aan te wijzen personen moet te allen tijde tot de inrichting toegang worden verleend en hun moeten daarbij alle gewenschte inlichtingen worden verschaft; j. alle aanwijzingen, te geven door de deskundigen met het onderzoek naar de geestvermogens van de verdachten belast, moeten worden opgevolgd; k. voor de uitvoering van maatregelen in het belang van het onderzoek door den rechter-commissaris of het gerecht ten opzichte van de verdachten bevolen, moet worden zorg gedragen. 1925 461 04-12-1925 1925 465 04-12-1925 01-02-1926
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 198 van het Wetboek van Strafvordering artikel 1 Een aanwijzing als bedoeld in, wordt aangevraagd door middel van een verklaring van het bestuur van de inrichting, dat het zich wenst te onderwerpen aan de inomschreven voorwaarden. 1993 399 06-07-1993 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Onze Minister van Justitie doet alsdan een onderzoek instellen. 1993 399 06-07-1993 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De aanwijzing kan geschieden onder voorbehoud, dat binnen een daarbij te stellen termijn bepaalde verbeteringen worden aangebracht. 1993 399 06-07-1993 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Bij niet-naleving of overtreding der voorwaarden, zulks ter beoordeeling van Onzen Minister van Justitie, kan de aanwijzing worden ingetrokken. De intrekking geschiedt niet dan nadat het bestuur in de gelegenheid is gesteld alsnog ten genoege van Onzen Minister van Justitie aan de voorwaarden te voldoen tenzij de vereiste spoed zich daartegen verzet. 2 artikel 1 artikel 1 Op straffe van intrekking der aanwijzing mogen wijzigingen ten aanzien van de punten, waarop de voorwaarden vanbetrekking hebben, niet worden aangebracht, dan nadat Onze Minister van Justitie verklaard heeft, dat ondanks die wijzigingen de inrichting aan de voorwaarden vanblijft voldoen. 1993 399 06-07-1993 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Wetboek van Strafvordering Dit besluit treedt in werking tegelijk met het nieuwe. 1925 461 04-12-1925 1925 465 04-12-1925 01-02-1926