Besluit van 24 december 1953, tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 4 van de Huurwet
- BWB-id
- BWBR0002127
- Type
- KB
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 1998-01-01 t/m 2003-07-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0002127
- ELI
- /eli/nl/kb/1954/besluit-bijzondere-huurprijzen-1954
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/kb/1954/besluit-bijzondere-huurprijzen-1954/1998-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0002127&g=1998-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0002127&z=2026-06-06&g=1998-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0002127/1998-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/kb/1954/besluit-bijzondere-huurprijzen-1954
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder Onze Minister: Onze Minister met de zorg voor de zaken van de volkshuisvesting belast. 1953 581 24-12-1953 1953 581 24-12-1953 01-01-1954
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Vervallen 1964 223 29-06-1964 1964 223 29-06-1964 01-07-1964
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Vervallen 1955 376 23-08-1955 1955 376 23-08-1955 01-09-1955
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 3 van de Huurwet In afwijking van het bepaalde inis de huurprijs van een op of na 5 Mei 1945 tot stand gekomen gebouwde onroerende zaak, indien en zolang terzake van de bouw of exploitatie niet van overheidswege in enigerlei vorm financiële middelen zijn onderscheidenlijk subsidie is verstrekt: de huurprijs, welke partijen zijn overeengekomen of zullen overeenkomen. 1997 482 28-10-1997 17-10-1997 1997 581 18-12-1997 11-12-1997 01-01-1998 Treedt in werking als de Derde tranche Algemene wet
bestuursrecht in werking treedt.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 3 van de Huurwet In afwijking van het bepaalde inis de huurprijs van een op of na 1 juli 1989 tot stand gekomen gebouwde onroerende zaak, indien en zodra ter zake van de bouw of exploitatie van overheidswege in enigerlei vorm financiële middelen zijn onderscheidenlijk subsidie is verstrekt: de door Onze Minister vast te stellen of nader vast te stellen huurprijs. 2 Onze Minister kan de huurprijs van een gebouwde onroerende zaak, die tot stand is gekomen op of na 5 mei 1945 doch vóór 1 juli 1989 indien en zodra ter zake van de bouw of exploitatie van overheidswege in enigerlei vorm financiële middelen zijn onderscheidenlijk subsidie is verstrekt, bij beschikking vaststellen of nader vaststellen. 3 artikel 3 van de Huurwet Nederlandse Staatscourant In afwijking van hetgeen in de voorgaande leden en inis bepaald, is de huurprijs van door Onze Minister in deaangewezen of aan te wijzen categorieën van gebouwde onroerende zaken als in die leden bedoeld: de huurprijs welke partijen zijn overeengekomen of zullen overeenkomen. 1997 482 28-10-1997 17-10-1997 1997 581 18-12-1997 11-12-1997 01-01-1998 Treedt in werking als de Derde tranche Algemene wet
bestuursrecht in werking treedt.
Artikel 5a — Artikel 5a#
Artikel 5a Artikel 5, eerste en tweede lid , wordt ieder jaar met ingang van 1 juli in die zin gewijzigd dat daarin de aanduiding van het laatst verstreken kalenderjaar wordt vervangen door het jaartal in arabische cijfers van het jaar waarin de wijziging plaatsvindt. 1990 329 22-06-1990 1990 329 22-06-1990 01-07-1990
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 3 van de Huurwet In afwijking van het bepaalde inis de huurprijs van een woonschip: de huurprijs, welke partijen zijn overeengekomen of zullen overeenkomen. 1960 118 31-03-1960 1960 118 31-03-1960 01-04-1960
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 3 van de Huurwet In afwijking van het bepaalde inis de huurprijs van een gebouwde onroerende zaak die een zelfstandige woning vormt en die voor een korte termijn wordt verhuurd met de klaarblijkelijke bedoeling dat de huurder daarin niet zijn hoofdverblijf houdt: de huurprijs, welke partijen zijn overeengekomen of zullen overeenkomen. 1992 184 15-04-1992 1992 184 15-04-1992 01-07-1992
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 3 van de Huurwet In afwijking van het bepaalde inis de huurprijs van een gebouwde onroerende zaak die niet een zelfstandige woning vormt en die, hetzij voor één korte termijn, hetzij voor twee of meer niet aaneensluitende korte termijnen wordt verhuurd: de huurprijs, welke partijen zijn overeengekomen of zullen overeenkomen. 1992 184 15-04-1992 1992 184 15-04-1992 01-07-1992
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Indien op of na 1 Januari 1954 een vernieuwing van de centrale voorzieningen van een gebouwde onroerende zaak tot stand is gekomen kan de huurprijs worden verhoogd met een door Onze Minister vast te stellen percentage van een door Onze Minister vast te stellen gedeelte der kosten van deze vernieuwingen, voor zover deze kosten het redelijke en gebruikelijke niet overschrijden. 2 Indien de in het eerste lid bedoelde kosten niet geheel ten laste van de verhuurder komen, wordt het daarin bedoelde percentage berekend over het door Onze Minister vast te stellen gedeelte der kosten, nadat van dat gedeelte de niet voor rekening van de verhuurder komende kosten zijn afgetrokken. 3 Onder de centrale voorzieningen, genoemd in het eerste lid, worden verstaan centrale verwarmingsinstallaties, warmwaterinstallaties, liftinstallaties, koelinstallaties en andere door Onze Minister, hetzij in het algemeen hetzij in een bijzonder geval, nader aan te wijzen installaties. 1992 184 15-04-1992 1992 184 15-04-1992 01-07-1992
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 artikel 3 van de Huurwet artikel 3 van de Huurwet Indien op of na 1 mei 1968 in of aan een gebouwde onroerende zaak verbeteringen zijn tot stand gekomen is de huurprijs de ingevolgegeldende huurprijs vermeerderd met een door de huurder en verhuurder vóórdat de verbeteringen tot stand zijn gekomen overeen te komen bedrag. Zijn de verbeteringen tot stand gekomen op een tijdstip, waarop de zaak niet is verhuurd, dan is de huurprijs van de verbeterde gebouwde onroerende zaak: de huurprijs welke partijen zijn overeengekomen of zullen overeenkomen, voorzover deze huurprijs de ingevolgegeldende huurprijs vermeerderd met een bedrag, dat in redelijke verhouding staat tot de door de verhuurder bestede kosten van verbetering, niet overschrijdt. 2 Onder verbeteringen, bedoeld in het eerste lid, worden verstaan alle technische voorzieningen, waardoor het woongerief - bij woningen - of de gebruikswaarde - bij bedrijfsruimten - geacht kan worden te zijn gestegen. 3 Het bepaalde in de voorgaande leden vindt geen toepassing indien de kosten zijn gemaakt in verband met verbouwing of splitsing van een gebouwde onroerende zaak. 1992 184 15-04-1992 1992 184 15-04-1992 01-07-1992
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 artikelen 9 10 De krachtens het bepaalde in deenverhoogde huurprijs kan worden gevorderd van de eerste dag af volgende op het einde van de betalingstermijn, waarin de vernieuwingen of verbeteringen zijn tot stand gekomen. 1953 581 24-12-1953 1953 581 24-12-1953 01-01-1954
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 artikel 9, tweede lid Indien een gebouwde onroerende zaak op of na 1 januari 1954 wordt verbouwd geldt als huurprijs van de door verbouwing ontstane gebouwde onroerende zaak die van een vergelijkbare onroerende zaak. Deze huurprijs kan gedurende een termijn van dertien jaren worden verhoogd met 10% 's jaars van een door Onze Minister vast te stellen gedeelte der verbouwingskosten, voor zover deze kosten het redelijke en gebruikelijke niet overschrijden. Het bepaalde in, vindt overeenkomstige toepassing. 1992 184 15-04-1992 1992 184 15-04-1992 01-07-1992
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Huurwet Indien op of na 1 Januari 1954 een gebouwde onroerende zaak met een gewijzigde bestemming wordt verhuurd en tengevolge van deze wijziging van bestemming de brandgevaarlijkheid van die gebouwde onroerende zaak is toegenomen, kan de huurprijs worden verhoogd met de stijging der brandassurantiekosten van die gebouwde onroerende zaak en van de belendende gebouwde onroerende zaken, voor zover deze stijging aan de verhuurder in rekening wordt gebracht en voor zover zij niet wordt veroorzaakt door een verhoging van de verzekerde sommen op of na de datum van de inwerkingtreding van de. 1992 184 15-04-1992 1992 184 15-04-1992 01-07-1992
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 artikel 9, tweede lid Indien op of na 1 Januari 1954 een gebouwde onroerende zaak wordt gesplitst in twee of meer gebouwde onroerende zaken en ten behoeve van deze splitsing technische voorzieningen zijn aangebracht, kan de huurprijs van de nieuw ontstane gebouwde onroerende zaken gedurende een termijn van dertien jaren worden verhoogd met 10% 's jaars van een door Onze Minister te bepalen gedeelte van de kosten dezer technische voorzieningen, voor zover deze kosten het redelijke en gebruikelijke niet overschrijden. Het bepaalde in, vindt overeenkomstige toepassing. 1992 184 15-04-1992 1992 184 15-04-1992 01-07-1992
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Indien op of na 1 Januari 1954 een gebouwde onroerende zaak wordt gesplitst in twee of meer gedeelten welke niet elk afzonderlijk als een gebouwde onroerende zaak kunnen worden aangemerkt en ten behoeve van deze splitsing technische voorzieningen zijn aangebracht, kan de huurprijs van de gebouwde onroerende zaak gedurende een termijn van dertien jaren worden verhoogd met 10% 's jaars van de kosten dezer technische voorzieningen, voor zover deze kosten het redelijke en gebruikelijke niet overschrijden en voor zover zij ten laste van de verhuurder komen. 1992 184 15-04-1992 1992 184 15-04-1992 01-07-1992
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 artikelen 12 14 15 Onze Minister kan, indien in de gevallen bedoeld in de,eneen geringere verhoging dan die, berekend naar 10% 's jaars aan de huurder in rekening zal worden gebracht, toestaan dat de in de genoemde artikelen bepaalde termijn dienovereenkomstig wordt verlengd. Onze Minister kan voorts toestaan, dat een grotere verhoging aan de huurder in rekening wordt gebracht, mits de in de vorengenoemde artikelen bepaalde termijn dienovereenkomstig wordt verkort. 1970 392 14-08-1970 1970 392 14-08-1970 01-07-1970
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Onze Minister kan de huurprijs van een gebouwde onroerende zaak bij beschikking nader vaststellen, indien de huurprijs van die gebouwde onroerende zaak kennelijk zeer aanzienlijk afwijkt van die van een vergelijkbare gebouwde onroerende zaak. 1997 482 28-10-1997 17-10-1997 1997 581 18-12-1997 11-12-1997 01-01-1998 Treedt in werking als de Derde tranche Algemene wet
bestuursrecht in werking treedt.
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Vervallen 1960 118 31-03-1960 1960 118 31-03-1960 01-04-1960
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 1 Stb. Het Besluit bijzondere huurprijzen (1950, K 588) treedt buiten werking, behoudens het bepaalde in de volgende leden. 2 artikelen 11 12 13 artikelen 11 12 De,enblijven van kracht ten aanzien van vernieuwingen en verbeteringen, als bedoeld in deen, welke zijn tot stand gekomen tussen 1 Januari 1951 en 1 Januari 1954. 3 artikelen 14 16 17 De,enblijven van kracht ten aanzien van de kosten van technische voorzieningen, als in die artikelen bedoeld, welke zijn gemaakt tussen 1 Januari 1951 en 1 Januari 1954. De termijn van 10 jaren, gedurende welke de krachtens deze artikelen toegelaten huurverhoging kan worden berekend, wordt nader gesteld op dertien jaren. 4 Artikel 15 blijft van kracht ten aanzien van verhuringen met gewijzigde bestemming, als in dat artikel bedoeld, welke zijn tot stand gekomen tussen 1 Januari 1951 en 1 Januari 1954. 1953 581 24-12-1953 1953 581 24-12-1953 01-01-1954
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Dit besluit kan worden aangehaald als "Besluit bijzondere huurprijzen 1954". Het treedt in werking op 1 Januari 1954. 1953 581 24-12-1953 1953 581 24-12-1953 01-01-1954