Besluit van 12 januari 1966, betreffende de organisatie van de Veiligheidsdienst van het Koninklijk Huis
- BWB-id
- BWBR0002521
- Type
- KB
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 1999-06-01 t/m 2012-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0002521
- ELI
- /eli/nl/kb/1966/besluit-organisatie-veiligheidsdienst-van-het-koninklijk-hui
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/kb/1966/besluit-organisatie-veiligheidsdienst-van-het-koninklijk-hui/1999-06-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0002521&g=1999-06-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0002521&z=2026-06-06&g=1999-06-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0002521/1999-06-01
Absolute ELI: /eli/nl/kb/1966/besluit-organisatie-veiligheidsdienst-van-het-koninklijk-hui
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 Er is een dienst voor het waken voor de veiligheid van Ons en de Leden van Ons Huis. 2 De in het eerste lid bedoelde dienst draagt de benaming "Veiligheidsdienst van het Koninklijk Huis". 1966 21 12-01-1966 1966 21 12-01-1966 14-02-1966
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Onze Minister van Justitie heeft het gezag over de dienst. 2 Dit gezag doet Onze Minister van Justitie uitoefenen door de Procureur-Generaal, fgd. Directeur van Politie, in het ressort 's-Gravenhage. 3 In de gevallen, dat Onze Minister van Justitie zulks nodig oordeelt, oefent Onze Minister dit gezag rechtstreeks uit. 1983 521 03-10-1983 1983 521 03-10-1983 07-10-1983
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Het College van procureurs-generaal ziet toe, dat de dienst zijn taak naar behoren verricht. 2 Het stelt, wanneer hem blijkt, dat de dienst zijn taak niet op de juiste wijze verricht, onverwijld Onze Minister van Justitie daarvan in kennis. 1999 197 27-05-1999 11-05-1999 1999 198 27-05-1999 19-05-1999 01-06-1999
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Bij Onze Minister van Justitie berust het beheer van de dienst. 2 Onze Minister van Justitie stelt de organisatie, de personeelssterkte en de rangindeling van de dienst vast. 3 artikel 20 van de Politiewet Bij de dienst kunnen uitsluitend worden gedetacheerd officieren en overige ambtenaren van het Korps Rijkspolitie als bedoeld in, alsmede bijzondere ambtenaren van Rijkspolitie, als bedoeld in artikel 25 van die wet. 1966 21 12-01-1966 1966 21 12-01-1966 14-02-1966
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Aan het hoofd van de dienst staat het Hoofd van de Veiligheidsdienst van het Koninklijk Huis. Hij wordt door Ons als zodanig aangewezen. 2 Onze Minister van Justitie stelt een instructie vast voor het Hoofd van de Veiligheidsdienst. 3 Het Hoofd van de Veiligheidsdienst heeft de leiding van de dienst. Hij neemt daarbij de aanwijzingen in acht welke door Onze Minister of door het College van procureurs-generaal terzake worden gegeven. 1999 197 27-05-1999 11-05-1999 1999 198 27-05-1999 19-05-1999 01-06-1999
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 In bijzondere gevallen is het Hoofd van de Veiligheidsdienst bevoegd zich met betrekking tot de taakuitoefening en de leiding van de dienst rechtstreeks te wenden tot Onze Minister van Justitie. 1966 21 12-01-1966 1966 21 12-01-1966 14-02-1966