Besluit van 30 maart 1973, houdende instelling van een Sociaal en Cultureel Planbureau
- BWB-id
- BWBR0002873
- Type
- KB
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- 1992-03-26 t/m 2012-03-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0002873
- ELI
- /eli/nl/kb/1973/besluit-houdende-instelling-van-een-sociaal-en-cultureel-pla
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/kb/1973/besluit-houdende-instelling-van-een-sociaal-en-cultureel-pla/1992-03-26
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0002873&g=1992-03-26
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0002873&z=2026-06-06&g=1992-03-26
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0002873/1992-03-26
Absolute ELI: /eli/nl/kb/1973/besluit-houdende-instelling-van-een-sociaal-en-cultureel-pla
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Dit besluit verstaat onder "Onze Ministers": Onze Minister van Algemene Zaken, van Justitie, van Binnenlandse Zaken, van Onderwijs en Wetenschappen, van Financiën, van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, van Economische Zaken, van Landbouw en Visserij, van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. 1983 741 28-06-1983 1983 741 28-06-1983 14-03-1984
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Er is een Sociaal en Cultureel Planbureau, hierna te noemen, het Bureau, dat onder Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur ressorteert. 1983 741 28-06-1983 1983 741 28-06-1983 14-03-1984
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Aan het hoofd van het Bureau staat een directie, bestaande uit een directeur en een of meer onderdirecteuren. De directie is belast met de dagelijkse leiding van het Bureau. 2 artikel 1 De directeur en de onderdirecteuren worden door Ons op voordracht van Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, in overeenstemming met Onze ingenoemde andere Ministers benoemd, geschorst en ontslagen. 1983 741 28-06-1983 1983 741 28-06-1983 14-03-1984
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Het Bureau heeft tot taak: a. wetenschappelijke verkenningen te verrichten met het doel te komen tot een samenhangende beschrijving van de situatie van het sociaal en cultureel welzijn hier te lande en van de op dit gebied te verwachten ontwikkelingen; b. bij te dragen tot een verantwoorde keuze van beleidsdoeleinden, benevens het aangeven van de voor- en nadelen van de verschillende wegen om deze doeleinden te bereiken; c. informaties te verwerven met betrekking tot de uitvoering van interdepartementaal beleid op het gebied van het sociaal en cultureel welzijn, teneinde de evaluatie van deze uitvoering mogelijk te maken. 2 Het Bureau verricht zijn taak in het bijzonder waar problemen in het geding zijn, die het beleid van meer dan een departement raken. 1973 175 30-03-1973 1973 175 30-03-1973 11-05-1973
Artikel 4a — Artikel 4a#
Artikel 4a artikel 4 Naast de ingenoemde taken kan het Bureau op verzoek van een van Onze Ministers de door deze gevraagde werkzaamheden verrichten. 1992 117 04-03-1992 1992 117 04-03-1992 26-03-1992
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Het Bureau steunt bij de uitvoering van zijn taak mede op uitkomsten van door andere instellingen verricht onderzoek en door andere instellingen verzamelde statistieken. 2 Het Bureau kan zich rechtstreeks wenden tot overheidsdiensten, openbare en particuliere instellingen voor het verkrijgen van de informatie die het behoeft. 3 Onze Ministers dragen er zorg voor dat het Bureau, voorzover dit dienstig is voor de uitoefening van zijn taak, tijdig in kennis wordt gesteld van beleidsveronderstellingen en beleidsvoornemens voor de lange termijn. 1973 175 30-03-1973 1973 175 30-03-1973 11-05-1973
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Het Bureau kan rechtstreeks in overleg treden met ambtelijke en niet-ambtelijke deskundigen. Voor de medewerking van ambtelijke deskundigen behoeft het de instemming van Onze betrokken Ministers. 1973 175 30-03-1973 1973 175 30-03-1973 11-05-1973
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur is als coördinerend Minister voor het sociaal en cultureel welzijn verantwoordelijk voor het door het Bureau te voeren beleid. 2 artikel 1 Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur zal omtrent de hoofdzaken van het in het eerste lid bedoelde beleid in overleg treden met Onze ingenoemde andere Ministers. 1983 741 28-06-1983 1983 741 28-06-1983 14-03-1984
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Er is een Begeleidingscollege, dat tot opdracht heeft het Bureau bij te staan en te adviseren bij het uitvoeren van zijn taak. 2 Het Begeleidingscollege bestaat uit ten hoogste vijfentwintig leden die door Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur worden benoemd, geschorst en ontslagen. 3 De benoeming geschiedt als volgt: De politiek-wetenschappelijke instituten van de politieke groeperingen waarvan meer dan vijfentwintig leden zitting hebben in de Tweede Kamer der Staten-Generaal komen onafgebroken op de rooster voor, de andere politiek-wetenschappelijke instituten beurtelings. a. artikel 1 Onze Ministers doen een gezamenlijke voordracht voor de benoeming van drie niet-ambtelijke leden met een ruime kennis op het gebied van het sociaal en cultureel welzijn. Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur benoemt in overeenstemming met Onze ingenoemde andere Ministers één van deze leden tot voorzitter. b. artikel 1 Onze Ministers kunnen ieder een voordracht doen voor de benoeming van één ambtelijk lid. Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur benoemt in overeenstemming met Onze ingenoemde andere Ministers één van deze leden tot vice-voorzitter. c. Twee leden worden benoemd op voordracht van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen. d. Drie leden, onderscheidenlijk afkomstig van het Centraal Planbureau, van de Rijksplanologische Dienst en van het Centraal Bureau voor de Statistiek, worden benoemd op voordracht van Onze betrokken Ministers. e. Eén lid wordt benoemd op voordracht van het Interprovinciaal Overleg. f. Eén lid wordt benoemd op voordracht van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. g. Vijf leden worden benoemd op voordracht van de politiek-wetenschappelijke instituten van de politieke groeperingen die zijn vertegenwoordigd in de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur stelt een rooster vast, overeenkomstig welke telkens vijf van de politiek-wetenschappelijke instituten elk een voordracht kunnen doen voor de benoeming van één lid. 4 b d Voor de in het derde lid, onderen, bedoelde leden kan Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur tevens op voordracht van Onze betrokken Minister een plaatsvervanger benoemen. 5 g De benoemingen van de in het derde lid, onder, bedoelde leden die worden benoemd op voordracht van een politieke groepering waarvan vijfentwintig of minder leden zitting hebben in de Tweede Kamer der Staten-Generaal geschieden voor een tijdvak van twee jaren, de overige benoemingen krachtens het derde en het vierde lid geschieden voor een tijdvak van vier jaren. Onmiddellijke herbenoeming is in alle gevallen mogelijk. Hij die is benoemd ter vervulling van een tussentijds opengevallen plaats, treedt af op het tijdstip waarop degene in wiens plaats hij is benoemd, had moeten aftreden. 6 Een lid of een plaatsvervangend lid wordt tussentijds ontslagen, indien: a. hij dit verzoekt; b. de instantie op wier voordracht hij werd benoemd, dit verzoekt; c. hij niet langer voldoet aan de hoedanigheden op grond waarvan hij werd benoemd. 7 De directeur van het Bureau is bevoegd de vergaderingen van het Begeleidingscollege bij te wonen. 8 Het Bureau verzorgt het secretariaat van het Begeleidingscollege. 1983 741 28-06-1983 1983 741 28-06-1983 14-03-1984
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Het Bureau zal periodiek een Welzijnsrapport vervaardigen, dat een overzicht geeft van de stand van zaken op sociaal en cultureel terrein en dat tevens de veranderingen en toekomstige ontwikkeling weergeeft die zich daarin voltrekken. 2 Het Welzijnsrapport wordt door tussenkomst van Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur uitgebracht aan de Raad van Ministers. Publikatie kan slechts plaatsvinden na verkregen instemming van genoemde Raad. 3 Rapporten, die door het Bureau zijn vervaardigd op verzoek van een of meer van Onze Ministers, worden uitgebracht aan deze Minister(s). Publikatie kan slechts plaatsvinden na verkregen instemming van Onze daarbij betrokken Minister(s). 1983 741 28-06-1983 1983 741 28-06-1983 14-03-1984
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Het Bureau en het Begeleidingscollege kunnen nadere regelen stellen voor hun werkwijze. 1973 175 30-03-1973 1973 175 30-03-1973 11-05-1973
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Voor de uitgaven ten behoeve van het Bureau en van het Begeleidingscollege wordt jaarlijks een afzonderlijk bedrag in de begroting van het departement van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur uitgetrokken. 2 a, artikel 4 In afwijking van het bepaalde in het eerste lid worden de kosten van de werkzaamheden, bedoeld ingedragen door de betrokken Minister. 1992 117 04-03-1992 1992 117 04-03-1992 26-03-1992
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Staatsblad Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na die van de dagtekening van hetwaarin het wordt geplaatst. 1973 175 30-03-1973 1973 175 30-03-1973 11-05-1973