Regeling vergoedingen bij uitzending deskundigen voor korte duur naar de Nederlandse Antillen en Aruba 2006
- BWB-id
- BWBR0020401
- Type
- ministeriele-regeling-BES
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 2010-10-10 t/m 2013-09-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0020401
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2006/regeling-vergoedingen-bij-uitzending-deskundigen-voor-korte-
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2006/regeling-vergoedingen-bij-uitzending-deskundigen-voor-korte-/2010-10-10
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0020401&g=2010-10-10
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0020401&z=2026-06-06&g=2010-10-10
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0020401/2010-10-10
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2006/regeling-vergoedingen-bij-uitzending-deskundigen-voor-korte-
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder: a. bevoegd gezag: de Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties; b. deskundige: de persoon die door of vanwege de Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties voor een periode van ten hoogste één jaar naar Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba wordt uitgezonden in het kader van het Nederlandse personele hulpprogramma; c. partner: de echtgenoot volgens burgerlijk recht of de levenspartner met wie de niet-gehuwde belanghebbende samenwoont en – met het oogmerk duurzaam samen te leven – een gemeenschappelijke huishouding voert op basis van een notarieel verleden samenlevingscontract, bevattende de wederzijdse rechten en verplichtingen ter zake van die samenwoning en gemeenschappelijke huishouding, alsmede de geregistreerde partner; 2010 15145 06-10-2010 16-09-2010 2010-0000602210 2010 387 01-10-2010 23-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I van de Rijkswet Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Reisbesluit buitenland Aan de deskundige die voor een periode korter dan vier weken wordt uitgezonden, worden vergoedingen betaald en verstrekkingen gedaan overeenkomstig de bepalingen van het. 2006 203 18-10-2006 09-10-2006 2006-0000205513 2006 203 18-10-2006 09-10-2006 2006-0000205513 20-10-2006
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Aan de deskundige die voor de duur van vier weken tot en met een jaar wordt uitgezonden, wordt verleend: a. voor het vervoer van de woonplaats in het Europese deel van Nederland naar de luchthaven Schiphol vice versa een vergoeding van de reiskosten per openbaar vervoer in de eerste klas. Indien het dienstbelang dit vereist of andere omstandigheden, zulks ter beoordeling en voorafgaande schriftelijke vaststelling door het bevoegd gezag, een voldoende grond daarvoor vormen, kan voor het vervoer geheel of gedeeltelijk van een taxi gebruik worden gemaakt; b. een vergoeding voor de noodzakelijke uitgaven voor luchthavenbelasting; c. vrije overtocht op de voor het Rijk voordeligste wijze van vervoer per vliegtuig voor de reis van het Europees deel van Nederland naar Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba vice versa, waarvoor het ticket door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt verstrekt, volgens de volgende bepalingen: i. een retourticket economy class; ii. bij een uitzendperiode van meer dan zestig dagen voor de partner van de deskundige een retourticket in de economy class voor een verblijf in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba van ten minste acht dagen, alsmede de onder a en b genoemde vergoeding. Bij aanspraak op dit ticket vervalt de aanspraak op de onder iii genoemde vergoeding; iii. bij een uitzendperiode van meer dan zes maanden één retourticket voor de deskundige voor een verlofreis in de economy class naar Nederland. Bij aanspraak op dit ticket vervalt de aanspraak op de onder ii genoemde vergoedingen; d. een vergoeding voor maximaal 15 kg overvracht, indien en voor zover het de deskundige door of vanwege het bevoegd gezag vooraf schriftelijk is toegestaan boven de door de luchtvaartmaatschappij verleend wordende vrijdom van vracht extra bagage voor het vervullen van zijn opdracht mee te nemen; e. een vergoeding voor verblijfkosten, waaronder niet begrepen de kosten voor overnachting, in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, te rekenen van en met de dag van aankomst en tot en met de dag van vertrek, analoog aan de vergoeding voor verblijfskosten, waaronder niet begrepen de kosten voor overnachting, die op grond van het Reisbesluit buitenland wordt betaald. In het geval een uitzending langer duurt dan zestig dagen, geldt vanaf de eenenzestigste dag een vergoeding gelijk aan 50% van de toelage; f. bijlage een vergoeding van de kosten van overnachting, inclusief belasting en toeslagen, in een standaard hotelkamer of een gemeubileerde huurwoning. Voor de periode dat de partner bij de deskundige verblijft, wordt geen extra vergoeding verstrekt. Het bedrag dat maximaal voor een overnachting respectievelijk de maandhuur inclusief water- en energiekosten wordt vergoed, is in de alsbij dit besluit behorende tarieflijst aangegeven; g. een tegemoetkoming in de uitrustingskosten, gelijk aan 50% van de werkelijk gemaakte kosten met een maximumvergoeding per kalenderjaar zoals in de tarieflijst bij dit besluit aangegeven, ongeacht het aantal reizen naar Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba; h. de kosten van taxivervoer tussen het vliegveld ter plaatse en het hotel, evenals tussen het hotel en de plaats waar de werkzaamheden dienen te worden verricht. Geen taxikosten worden vergoed in het geval het bevoegd gezag, na gebleken noodzakelijkheid daarvan, heeft ingestemd met het ter beschikking stellen van een auto voor lokaal transport. In dat geval wordt de auto door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties gereserveerd en worden de kosten die hieraan zijn verbonden door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan het verhuur- of leasebedrijf voldaan; Parkeer- en brandstofkosten in relatie tot het zakelijke gebruik van de ter beschikking gestelde huur- of lease-auto, worden vergoed; i. de kosten van de in het kader van de uitzending te maken reizen tussen de eilanden Aruba, Curaçao, Sint Maarten en de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba onderling op de voor het Rijk voordeligste wijze van vervoer per vliegtuig 2 Het meereizen van de partner heeft geen invloed op de hoogte van de toelagen en tegemoetkomingen, genoemd in het eerste lid, onder d tot en met i. 3 Voor de in het eerste lid, onder e en f, genoemde vergoedingen wordt de deskundige een voorschot verstrekt. Indien de uitzending langer duurt dan twee maanden wordt een voorschot per periode van twee kalendermaanden verstrekt. Elk voorschot wordt binnen één maand na de termijn waarvoor het is verleend, afgerekend door overlegging van originele bewijsstukken. In het geval bij declaratie geen originele bewijsstukken kunnen worden overgelegd, wordt een vaste vergoeding per overnachting verstrekt, zoals in de tarieflijst van dit besluit is aangegeven, met een maximum van vier nachten per uitzending. Tegelijkertijd worden de originele bewijsstukken van de overige gedeclareerde kosten die op grond van het eerste lid, onder a, b, d, g, h en i, kunnen worden vergoed, meegezonden. 4 De deskundige stelt het bevoegd gezag terstond in kennis van uitstel van de reis of wijziging van het afgesproken reisschema. 5 De deskundige stort onmiddellijk de in verband met zijn opdracht aan hem verstrekte gelden terug, indien hij niet conform de gemaakte afspraken naar Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba vertrekt of indien hij anders dan om zwaarwichtige redenen, ter beoordeling van het bevoegd gezag, de reis afbreekt, de werkzaamheden waarvoor hij is uitgezonden niet aanvaardt dan wel binnen de voor de uitvoering van de opdracht vastgestelde tijd de uitzending beëindigt zonder de opdracht te hebben afgerond, een en ander met dien verstande dat bij de bepaling van het terug te storten bedrag buiten de terugvordering wordt gehouden vergoedingen over de periode gedurende welke hij werkzaamheden uit hoofde van de opdracht heeft vervuld. 6 Het bepaalde in het eerste lid, onder e, f, h en i geldt niet gedurende de tijd, waarmede het vertrek wordt vervroegd, de terugkeer wordt uitgesteld of de periode der uitzending wordt onderbroken om redenen, liggende buiten het doel van de opdracht. 2010 15145 06-10-2010 16-09-2010 2010-0000602210 2010 387 01-10-2010 23-09-2010 10-10-2010 Abusievelijk is voor het eerste lid, onderdeel c, een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is. Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I van de Rijkswet Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Voorzover de vergoedingsbedragen op grond van dit besluit niet reeds in euro’s zijn vastgesteld, zullen declaraties van kosten in vreemde valuta worden afgerekend tegen de administratiekoersen zoals deze door het Ministerie van Buitenlandse Zaken maandelijks worden vastgesteld met betrekking tot de maanden waarin de betreffende kosten zijn gemaakt. 2006 203 18-10-2006 09-10-2006 2006-0000205513 2006 203 18-10-2006 09-10-2006 2006-0000205513 20-10-2006
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Indien bijzondere omstandigheden hiertoe aanleiding geven, kan het bevoegd gezag van de bepalingen in deze regeling afwijken. 2006 203 18-10-2006 09-10-2006 2006-0000205513 2006 203 18-10-2006 09-10-2006 2006-0000205513 20-10-2006
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De Regeling vergoedingen bij uitzending deskundigen voor korte duur naar de Nederlandse Antillen en Aruba van 5 december 1996 wordt ingetrokken, maar blijft van toepassing op uitzendingen die zijn aangevangen vóór inwerkingtreding van de onderhavige regeling. 2006 203 18-10-2006 09-10-2006 2006-0000205513 2006 203 18-10-2006 09-10-2006 2006-0000205513 20-10-2006
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2006 203 18-10-2006 09-10-2006 2006-0000205513 2006 203 18-10-2006 09-10-2006 2006-0000205513 20-10-2006
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vergoedingen bij uitzending deskundigen voor korte duur naar Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba 2006. 2010 15145 06-10-2010 16-09-2010 2010-0000602210 2010 387 01-10-2010 23-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I van de Rijkswet Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.
Artikel 3#
artikel 3, eerste lid, onder f
Artikel 3#
artikel 3, eerste lid, onder f
Artikel 3#
artikel 3, eerste lid, onder g