Regeling van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Minister van Justitie van 5 oktober 2010, nr. 2010-0000623057, houdende nadere regels met betrekking tot de ambtenaren criminele inlichtingen, de infiltratieambtenaren en de aanhoudings- en ondersteuningsambtenaren waarover het politiekorps van Bonaire, Sint Eustatius en Saba beschikt dan wel kan beschikken, alsmede de ambtenaren criminele inlichtingen van de Koninklijke marechaussee (Regeling beheer politiekorps BES)
- BWB-id
- BWBR0028823
- Type
- ministeriele-regeling-BES
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2010-10-14
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0028823
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2010/regeling-beheer-politiekorps-bes
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2010/regeling-beheer-politiekorps-bes/2010-10-14
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0028823&g=2010-10-14
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0028823&z=2026-06-06&g=2010-10-14
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0028823/2010-10-14
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2010/regeling-beheer-politiekorps-bes
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. ambtenaren criminele inlichtingen: artikel 4, eerste lid, van het Besluit beheer politiekorps BES artikel 2 de ambtenaren, bedoeld in, waarover het politiekorps beschikt dan wel kan beschikken, dan wel de ambtenaren van de Koninklijke marechaussee, belast met de taak bedoeld in; b. informantgegevens: artikel 12, zevende lid, van de Wet politiegegevens gegevens omtrent een persoon, bedoeld in; c. criminele inlichtingen: artikel 10, eerste lid, onderdeel a, van de Wet politiegegevens gegevens, die in aanmerking komen voor verwerking op grond van; d. verantwoordelijke: artikel 1, onderdeel f, van de Wet politiegegevens de verantwoordelijke, bedoeld in; e. CIE-officier van justitie: de als zodanig aangewezen officier van justitie, verantwoordelijk voor de taakuitoefening van de CIE; f. infiltratieambtenaren: artikel 4, derde lid, van het Besluit beheer politiekorps BES ambtenaren als bedoeld inwaarover het politiekorps beschikt, dan wel kan beschikken; g. bevel tot infiltratie: artikel 177m, eerste of tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering BES een bevel als bedoeld in; h. bevel tot pseudo-koop of -dienstverlening: artikel 177n, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering BES een bevel als bedoeld in; i. bevel tot stelselmatige inwinning van informatie: artikel 177o, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering BES een bevel als bedoeld in; j. burgerinfiltrant: artikel 177x, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering BES een persoon als bedoeld in; k. burgerpseudo-koper of -dienstverlener: 177w, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering BES een persoon als bedoeld in artikel; l. infiltrant: een ambtenaar van politie, belast met de uitvoering van een bevel tot infiltratie; m. begeleider: een ambtenaar van politie, belast met de begeleiding van een infiltrant, dan wel de begeleiding van een burgerinfiltrant; n. leider: de opsporingsambtenaar, belast met het geven van leiding aan de infiltranten en de begeleiders; o. aanhoudings- en ondersteuningsambtenaren: artikel 6, eerste lid, van het Besluit beheer politiekorps BES ambtenaren als bedoeld inwaarover het politiekorps beschikt, dan wel kan beschikken. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 10, eerste lid, onderdeel a, van de Wet politiegegevens Ambtenaren criminele inlichtingen zijn belast met de informatievoorziening in het kader van de uitvoering van de politietaak, voor zover het misdrijven betreft, die worden genoemd in. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Ambtenaren criminele inlichtingen waarover het politiekorps beschikt dan wel kan beschikken en de ambtenaren criminele inlichtingen bij de Koninklijke marechaussee werken overeenkomstig deze regeling met elkaar samen. 2 De samenwerking strekt tot een zo doelmatig en doeltreffend mogelijke taakvervulling en bestaat in ieder geval uit: a. artikelen 4 5 een uniforme gegevensverwerking als bedoeld in deen; b. artikel 6 onderlinge gegevensuitwisseling als bedoeld in. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Ambtenaren criminele inlichtingen verrichten in ieder geval de volgende werkzaamheden: a. het verzamelen en verifiëren van criminele inlichtingen; b. artikel 2, eerste lid, van de Wet politiegegevens het verwerken van criminele inlichtingen in een bestand, als bedoeld in; c. Wet politiegegevens het bevorderen van het gericht inwinnen en aanvullen van criminele inlichtingen en andere gegevens die in het kader van de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde in aanmerking komen voor verwerking op grond van de; d. het analyseren van criminele inlichtingen en het aan de hand daarvan: 1°. artikel 10, eerste lid, onderdeel a, van de Wet politiegegevens signaleren van criminaliteitsontwikkelingen, voor zover het betreft misdrijven als bedoeld in; 2° periodiek verslag doen ten behoeve van criminaliteitsbeelden; e. artikel 10, vijfde lid, van de Wet politiegegevens het ter beschikking stellen van criminele inlichtingen overeenkomstig. 2 artikel 1, onder b De uitvoering van de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, onder c, met medewerking van personen als omschreven in, wordt uitsluitend verricht door de ambtenaren criminele inlichtingen. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 12 van de Wet politiegegevens Ambtenaren criminele inlichtingen verwerken informantgegevens overeenkomstig het bepaalde in, onder gelijktijdige codetoekenning. Informantgegevens kunnen slechts worden verwerkt met het oog op de doeleinden, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de Wet politiegegevens. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Ambtenaren criminele inlichtingen werkzaam bij of ten behoeve van het politiekorps en de ambtenaren criminele inlichtingen bij de Koninklijke marechaussee wisselen onderling, gevraagd en ongevraagd, criminele inlichtingen uit indien dit van belang kan zijn voor de uitvoering van de politietaak. Daartoe wordt gebruikgemaakt van het door Onze Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, van Justitie en van Defensie, vastgesteld modelformulier. 2 artikel 2:5, eerste lid, van het Besluit politiegegevens Zowel bij het politiekorps als bij de Koninklijke marechaussee worden twee ambtenaren criminele inlichtingen aangewezen met het oog op de autorisatie als bedoeld inten aanzien van het bestand met criminele inlichtingen bij de Koninklijke marechaussee onderscheidenlijk het politiekorps. 3 De verantwoordelijke draagt ervoor zorg voor dat aan de ingevolge het tweede lid aangewezen en hem bekendgemaakte ambtenaren criminele inlichtingen autorisatie wordt verleend. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 4, eerste lid, onder c De verantwoordelijke bepaalt de termijn gedurende welke de ambtenaar die belast is met de werkzaamheden, bedoeld in, ononderbroken ambtenaar criminele inlichtingen is. 2 De termijn, bedoeld in het eerste lid, is ten hoogste vier jaar en kan tweemaal met twee jaar worden verlengd. 3 artikel 13 Voor de ambtenaar die voor de inwerkingtreding van deze regeling is aangesteld, gaat de termijn, bedoeld in het eerste lid, in op het tijdstip, bedoeld in het. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De bij de ambtenaren criminele inlichtingen in gebruik zijnde vertrekken zijn afsluitbaar en beveiligd. Tot deze vertrekken hebben slechts toegang deze ambtenaren, personen die door deze ambtenaren worden begeleid en de CIE-officier van justitie. 2 In afwijking van het eerste lid, tweede volzin, kan de korpsbeheerder politie aan anderen toegang zonder begeleiding toestaan, indien het betreden van de vertrekken alleen kan plaatsvinden nadat identiteitsgegevens elektronisch zijn vastgelegd en de toegang noodzakelijk is vanuit de verantwoordelijkheid voor de ambtenaren criminele inlichtingen. 3 Bij afwezigheid van ambtenaren criminele inlichtingen zijn de vertrekken deugdelijk afgesloten. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 De verantwoordelijke draagt ervoor zorg dat onbevoegde kennisneming van criminele inlichtingen en informantgegevens niet kan plaatsvinden. In dat kader ziet de verantwoordelijke erop toe dat: a. deze informatie niet door onbevoegden waarneembaar is; b. deze informatie niet zonder toestemming wordt vermenigvuldigd of vernietigd dan wel uit de vertrekken, bedoeld in artikel 8, wordt meegenomen; c. informatiedragers op afdoende wijze vernietigd kunnen worden; d. toegang tot geautomatiseerde registers wordt beveiligd met een gebruikersnaam en periodiek wisselende wachtwoorden; e. bij geautomatiseerd transport van criminele inlichtingen voldoende beveiligingsmaatregelen worden getroffen; f. bij gebruik van een netwerksysteem voldoende beveiligingsmaatregelen zijn getroffen tegen het verloren gaan van de informatie en ter voorkoming van onbevoegde bevraging. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel _1 — Artikel 10#
Artikel 10 De korpsbeheerder politie draagt er zorg voor dat zich onder de infiltratieambtenaren bevinden: a. een leider, b. ten minste twee infiltranten, en c. ten minste twee begeleiders. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel _2 — Artikel 11#
Artikel 11 1 De leider van de infiltratieambtenaren draagt zorg voor het doen uitvoeren van de bevelen en geeft daartoe de nodige aanwijzingen aan de overige infiltratieambtenaren. Hij neemt daarbij het bevel en de door de officier van justitie bepaalde kaders in acht. 2 De begeleider geeft de infiltrant, met inachtneming van het bevel en de door de officier van justitie bepaalde kaders, aanwijzingen omtrent de werkzaamheden en de wijze waarop deze worden uitgevoerd. De infiltrant volgt de aanwijzingen van de begeleider op. 3 De begeleider informeert de leider van infiltratieambtenaren omtrent de werkzaamheden van de infiltranten en de wijze waarop deze worden uitgevoerd. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 De korpsbeheerder politie draagt er zorg voor dat de aanhoudings- en ondersteuningsambtenaren kunnen worden onverdeeld in twee secties, een leidinggevende en een ondersteunend medewerker. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Veiligheidswet BES Deze regeling treedt in werking met ingang van het tijdstip waarop dein werking treedt. Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst, wordt uitgeven na dat tijdstip, treedt deze regeling in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot het in de eerste volzin bedoelde tijdstip. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beheer politiekorps BES. 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 2010 15876 12-10-2010 05-10-2010 2010-0000623057 14-10-2010 10-10-2010