Besluit van de Minister van Financiën, mede namens de Minister van Veiligheid en Justitie, van 21 december 2012, kenmerk: FM 2012-1985 M, tot aanwijzing van toezichtautoriteiten in de zin van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES en bekendmaking van de mandaatverlening inzake handhaving en sanctionering van die wet
- BWB-id
- BWBR0032718
- Type
- ministeriele-regeling-BES
- Ministerie
- Financiën
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0032718
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2013/besluit-aanwijzing-toezichtautoriteiten-ex-de-wet-ter-voorko
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2013/besluit-aanwijzing-toezichtautoriteiten-ex-de-wet-ter-voorko/2026-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0032718&g=2026-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0032718&z=2026-06-06&g=2026-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0032718/2026-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2013/besluit-aanwijzing-toezichtautoriteiten-ex-de-wet-ter-voorko
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel 1, eerste lid, onderdeel p, onder 1°, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES Bijlage A bij die wet Als toezichtautoriteit in de zin vanworden aangewezen de hierna te noemen bestuursorganen voor zover het betreft de diensten bedoeld in de daarbij te noemen onderdelen van: a. Wet financiële markten BES de Stichting Autoriteit Financiële Markten: onderdelen e, voor zover het betreft het bemiddelen bij het sluiten van een levensverzekering tegen een premie als bedoeld in de, u en v; b. Wet financiële markten BES De Nederlandsche Bank N.V.: onderdelen a tot en met d, e, voor zover het betreft het sluiten van een levensverzekering tegen een premie als bedoeld in de, f tot en met k, p tot en met t en w. 2013 223 03-01-2013 21-12-2012 FM2012-1985M 2013 223 03-01-2013 21-12-2012 FM2012-1985M 04-01-2013
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 hoofdstukken 1 tot en met 3 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES Bijlage A bij die wet Met het toezicht op de naleving van de bij of krachtens degestelde regels, voor zover het betreft de diensten, bedoeld in de onderdelen l tot en met o van, worden belast de medewerkers van de Dienst Financieel-Economische Integriteit. 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 01-01-2026
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 hoofdstuk 4 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES Douane- en Accijnswet BES Met het toezicht op de naleving van de bij of krachtensgestelde regels, worden, naast de bij of krachtens deaangewezen personen, belast de medewerkers van de Belastingdienst/Caribisch Nederland. 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 01-01-2026
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES artikelen 4.2 4.3 van die wet Aan de directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit wordt mandaat verleend voor de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in paragraaf 5.3 van de, met uitzondering van besluiten die betrekking hebben op overtreding van deen. 2 De directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit kan voor de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, ondermandaat verlenen aan de medewerkers van de Dienst Financieel-Economische Integriteit. 3 Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES artikel 5.9 artikelen 4.2 4.3 van die wet Aan de directeur van de Belastingdienst/Caribisch Nederland wordt mandaat verleend voor de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in paragraaf 5.3 van de, met uitzondering vanen voor zover deze besluiten die betrekking hebben op overtreding van deen. 4 De directeur van de Belastingdienst/Caribisch Nederland kan voor de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in het derde lid, ondermandaat verlenen aan de medewerkers van de Belastingdienst/Caribisch Nederland. 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 01-01-2026
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 4, eerste lid Aan de directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit wordt mandaat verleend voor het nemen van besluiten in het kader van de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in, met uitzondering van het in rekening brengen van een vergoeding voor een aanmaning. 2 artikel 4, eerste lid Aan de directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit wordt volmacht verleend voor het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen die verband houden met de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in. 3 De directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit kan voor de in het eerste en tweede lid bedoelde aangelegenheden ondermandaat respectievelijk ondervolmacht verlenen aan medewerkers van de Dienst Financieel-Economische Integriteit. 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 01-01-2026
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 4, eerste lid Aan de algemeen directeur van het CJIB wordt machtiging verleend voor het verrichten van feitelijke handelingen die verband houden met de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in. 2 artikel 4, eerste lid In het kader van de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in, wordt aan de algemeen directeur van het CJIB mandaat verleend voor het in rekening brengen van een vergoeding voor een aanmaning, alsmede voor het treffen van betalingsregelingen en het verlenen van uitstel van betaling. 3 De algemeen directeur van het CJIB kan voor de in het eerste en tweede lid bedoelde aangelegenheden machtiging respectievelijk ondermandaat verlenen aan medewerkers van het CJIB. 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 01-01-2026
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 4, derde lid Aan de directeur van de Belastingdienst/Caribisch Nederland wordt machtiging en volmacht verleend voor het verrichten van feitelijke handelingen of rechtshandelingen die verband houden met de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in. 2 artikel 4, derde lid Aan de directeur van de Belastingdienst/Caribisch Nederland wordt mandaat verleend voor de uitoefening van de bevoegdheid om verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in, in te vorderen bij dwangbevel. 3 De directeur van de Belastingdienst/Caribisch Nederland kan voor de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in het eerste en tweede lid, ondermachtiging, respectievelijk ondervolmacht of ondermandaat verlenen aan medewerkers van de Belastingdienst/Caribisch Nederland. 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 01-01-2026
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikelen 4, eerste lid 5, tweede lid Aan de secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën wordt mandaat verleend om te beslissen op bezwaarschriften tegen op grond van de, en, in mandaat genomen besluiten. 2 De secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën kan ondermandaat verlenen aan de directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit voor de bevoegdheid bedoeld in het eerste lid, voor zover dit ziet op besluiten die de directeur niet in mandaat neemt. De directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit kan het aan hem verleende ondermandaat aan onder hem ressorterende medewerkers doormandateren. 3 artikelen 4, derde lid 6, tweede lid Aan de directeur-generaal van de Belastingdienst Nederland wordt mandaat verleend om te beslissen op bezwaarschriften tegen op grond van de, en, in mandaat genomen besluiten. 4 De directeur-generaal van de Belastingdienst Nederland kan ondermandaat verlenen aan de directeur van de Belastingdienst/Caribisch Nederland voor de bevoegdheid bedoeld in het derde lid, voor zover dit ziet op besluiten die de directeur niet in mandaat neemt. De directeur van de Belastingdienst/Caribisch Nederland kan het aan hem verleende ondermandaat aan onder hem ressorterende medewerkers doormandateren. 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 01-01-2026
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 artikel 4, eerste lid De secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën en de directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit zijn gemachtigd tot het voeren van verweer in gerechtelijke procedures die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in. Zij kunnen aan onder hen ressorterende medewerkers ter zake ondermachtiging verlenen. 2 artikel 4, derde lid De directeur-generaal van de Belastingdienst Nederland en de directeur van de Belastingdienst/Caribisch Nederland zijn gemachtigd tot het voeren van verweer in gerechtelijke procedures die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in. Zij kunnen aan onder hen ressorterende medewerkers ter zake ondermachtiging verlenen. 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 01-01-2026
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Het krachtens mandaat, machtiging of volmacht ondertekenen van stukken geschiedt als volgt: DE MINISTER VAN FINANCIËN, namens deze, (handtekening) gevolgd door naam en functie van de gemandateerde, gemachtigde of gevolmachtigde functionaris 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 01-01-2026
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst. 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 2025 44697 31-12-2025 07-12-2025 2025-0000521347 01-01-2026 Voorheen art. 4.