Besluit van de Minister voor Rechtsbescherming van 15 april 2019, 2540026/19/DP&O, houdende verlening van mandaat met betrekking tot de bevoegdheid om te besluiten op individuele verzoeken tot voorwaardelijke invrijheidstelling op de BES (Mandaatbesluit individuele verzoeken VI op de BES)
- BWB-id
- BWBR0042142
- Type
- ministeriele-regeling-BES
- Ministerie
- Justitie en Veiligheid
- Geldigheid
- 2019-04-25 t/m 2019-10-17
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0042142
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2019/mandaatbesluit-individuele-verzoeken-vi-op-de-bes
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2019/mandaatbesluit-individuele-verzoeken-vi-op-de-bes/2019-04-25
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0042142&g=2019-04-25
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0042142&z=2026-06-06&g=2019-04-25
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0042142/2019-04-25
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2019/mandaatbesluit-individuele-verzoeken-vi-op-de-bes
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Voor de toepassing van dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt met de verlening van mandaat gelijk gesteld de verlening van: a. volmacht om in naam van de Minister voor de Staat privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten; b. machtiging om in naam van de Minister handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn. 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 25-04-2019
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Aan de secretaris-generaal van het Ministerie van Justitie en Veiligheid wordt mandaat verleend ten aanzien van de tot de verantwoordelijkheid van de Minister behorende aangelegenheden op het terrein van verzoeken tot voorwaardelijke invrijheidstelling op de BES, met uitzondering van de bevoegdheid tot het nemen van besluiten die zijn neergelegd in een document, gericht tot: a. de Koning; b. de raad van ministers van het Koninkrijk, de ministerraad of een daartoe gevormde onderraad of commissie; c. de voorzitter van de Eerste of Tweede Kamer der Staten-Generaal of van een uit die Kamer gevormde commissie; d. de vice-president van de Raad van State van het Koninkrijk of de vice-president van de Raad van State; e. de president van de Algemene Rekenkamer; of f. de Nationale ombudsman, indien de strekking daarvan is dat aan een aanbeveling van de Nationale ombudsman geen gevolg wordt gegeven. 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 25-04-2019
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2 De secretaris-generaal wordt toegestaan ten aanzien van de bevoegdheden genoemd in, ondermandaat te verlenen aan de directeur-generaal Politie, Straffen en Beschermen. 2 De directeur-generaal Politie, Straffen en Beschermen wordt niet toegestaan het krachtens het eerste lid verleende in ondermandaat door te geven. 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 25-04-2019
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Ondertekening van besluiten en stukken door de secretaris-generaal dan wel de directeur-generaal Politie, Straffen en Beschermen met betrekking tot aangelegenheden op het terrein van verzoeken tot voorwaardelijke invrijheidstelling op de BES vindt plaats op de volgende wijze: De Minister voor Rechtsbescherming, namens deze, (handtekening) (naam) (functie) 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 25-04-2019
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst. 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 25-04-2019
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit individuele verzoeken VI op de BES. 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 2019 22211 24-04-2019 15-04-2019 2540026/19/DP&O 25-04-2019