Regeling van 21 juni 2021, nr. 3366665 houdende voorschriften voor de beveiliging op de luchthavens van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Regeling beveiliging burgerluchtvaart BES 2021)
- BWB-id
- BWBR0045374
- Type
- ministeriele-regeling-BES
- Ministerie
- Justitie en Veiligheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-04-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0045374
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2022/regeling-beveiliging-burgerluchtvaart-bes-2021
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2022/regeling-beveiliging-burgerluchtvaart-bes-2021/2024-04-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0045374&g=2024-04-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0045374&z=2026-06-06&g=2024-04-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0045374/2024-04-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2022/regeling-beveiliging-burgerluchtvaart-bes-2021
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Luchtvaartwet BES In deze regeling wordt verstaan onder wet: de. 2021 34016 08-07-2021 21-06-2021 3366665 2021 370 22-07-2021 12-07-2021 01-01-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet
EG-verordening 300/2008 in werking treedt.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 22l, vierde lid, van de wet De aanvraag om instemming van de ingebruikname van detectieapparatuur, bedoeld in, wordt door de exploitant van een luchtvaartterrein, door tussenkomst van de commandant van de Koninklijke marechaussee ingediend bij de Minister van Justitie en Veiligheid. 2 Met het oog op de instemming door de Minister van Justitie en Veiligheid adviseert de commandant van de Koninklijke marechaussee de Minister van Justitie en Veiligheid over de ingebruikname van de detectieapparatuur. 2021 34016 08-07-2021 21-06-2021 3366665 2021 370 22-07-2021 12-07-2021 01-01-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet
EG-verordening 300/2008 in werking treedt.
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a artikelen 22l, derde lid 22na, derde lid 22nc, tweede lid, van de wet Tot de voorzieningen die zijn vereist ter beveiliging van de burgerluchtvaart, bedoeld in de,enbehoren tevens maatregelen die worden genomen ter bescherming van de voor de beveiliging van de burgerluchtvaart kritieke informatie- en communicatiesystemen. Aan het treffen van de maatregelen ligt een actuele risicoanalyse ten grondslag die door de exploitant van het luchtvaartterrein, de luchtvaartmaatschappij en de entiteit wordt uitgevoerd. 2024 3432 06-02-2024 22-01-2024 5171018 2024 3432 06-02-2024 22-01-2024 5171018 01-04-2024 2024 3432-n1 06-02-2024 22-01-2024 5171018 2024 3432-n1 06-02-2024 22-01-2024 5171018 01-04-2024 Wijziging is herplaatst.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 22q, eerste lid, onder c en d, van de wet Een beveiligingscontrole als bedoeld inwordt verricht indien bij een verhoogde dreiging op grond van een risicoanalyse de Minister van Justitie en Veiligheid daartoe beslist. 2021 34016 08-07-2021 21-06-2021 3366665 2021 370 22-07-2021 12-07-2021 01-01-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet
EG-verordening 300/2008 in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 22s, onder b, van de wet Verboden voorwerpen als bedoeld inkunnen slechts aan boord van een luchtvaartuig worden gebracht indien: a. deze verboden voorwerpen zodanig zijn verpakt dat onmiddellijk gebruik onmogelijk is; b. deze verboden voorwerpen buiten het bereik van passagiers worden opgeborgen; c. de Minister van Justitie en Veiligheid toestemming heeft verleend om het voorwerp mee te nemen; d. de luchtvaartmaatschappij voordat de passagiers aan boord gaan van het luchtvaartuig informatie heeft ontvangen over de passagier die het betreffende voorwerp wil meenemen alsmede over het voorwerp zelf; en e. Regeling vervoer gevaarlijke stoffen door de lucht BES de toepasselijke veiligheidsregels, bedoeld in de, worden nageleefd. 2021 34016 08-07-2021 21-06-2021 3366665 2021 370 22-07-2021 12-07-2021 01-01-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet
EG-verordening 300/2008 in werking treedt.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 22p, eerste lid, van de wet Indien ruimbagage van een passagier gescheiden is geraakt ten gevolge van buiten de wil van de passagier gelegen omstandigheden, is de luchtvaartmaatschappij vrijgesteld van de verplichting, bedoeld in, mits deze ruimbagage is gecontroleerd. 2021 34016 08-07-2021 21-06-2021 3366665 2021 370 22-07-2021 12-07-2021 01-01-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet
EG-verordening 300/2008 in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De Minister van Justitie en Veiligheid verleent mandaat en machtiging voor de uitoefening van de volgende bevoegdheden en het verrichten van daarbij behorende overige handelingen aan de commandant van de Koninklijke marechaussee: a. artikel 22g, tweede lid, van de wet het bij wijze van bestuursdwang verbieden en beletten van het opstijgen van een luchtvaartuig, bedoeld in; b. artikel 22x, eerste lid, van de wet het opleggen van een last onder bestuursdwang als bedoeld in; c. artikel 22y, eerste lid, van de wet het behandelen van een klacht als bedoeld in. 2 De commandant van de Koninklijke marechaussee kan voor de aangelegenheden bedoeld in het eerste lid, ondermandaat en machtiging verlenen aan de onder hem ressorterende functionarissen. 2021 34016 08-07-2021 21-06-2021 3366665 2021 370 22-07-2021 12-07-2021 01-01-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet
EG-verordening 300/2008 in werking treedt.
Artikel 6a — Artikel 6a#
Artikel 6a 1 artikel 22k, eerste lid, onder c, van de wet artikel 22o, eerste lid, onder c en d, van de wet artikel 22c van de wet Voor zover hun toegang tot de om beveiligingsredenen beperkt toegankelijke zone als bedoeld innoodzakelijk is voor de uitoefening van hun taken, zijn vrijgesteld van de controles, bedoeld in, de bij aanwijzing als bedoeld innader omschreven: a. ambtenaren met opsporingsbevoegdheid; b. ambtenaren met toezichthoudende taken; en c. medewerkers van hulpverleningsdiensten. 2 Bij de aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, kunnen nadere voorschriften worden gegeven. 2024 3432 06-02-2024 22-01-2024 5171018 2024 3432 06-02-2024 22-01-2024 5171018 01-04-2024 2024 3432-n1 06-02-2024 22-01-2024 5171018 2024 3432-n1 06-02-2024 22-01-2024 5171018 01-04-2024 Wijziging is herplaatst.
Artikel 6b — Artikel 6b#
Artikel 6b artikel 22k, eerste lid, onder c, van de wet Personen, anders dan passagiers, die aan een beveiligingscontrole zijn onderworpen, en tijdelijk de om beveiligingsredenen beperkt toegankelijke zones als bedoeld inverlaten, worden vrijgesteld van een beveiligingscontrole bij hun terugkeer, indien deze personen onder constant toezicht hebben gestaan van beveiligingspersoneel en dit toezicht volstaat en redelijkerwijs kan worden aangenomen dat ze geen verboden voorwerpen in om beveiligingsredenen beperkt toegankelijke zones zullen binnenbrengen. 2024 3432 06-02-2024 22-01-2024 5171018 2024 3432 06-02-2024 22-01-2024 5171018 01-04-2024 2024 3432-n1 06-02-2024 22-01-2024 5171018 2024 3432-n1 06-02-2024 22-01-2024 5171018 01-04-2024 Wijziging is herplaatst.
Artikel 6c — Artikel 6c#
Artikel 6c 1 artikel 22o, eerste lid onder b en d, van de wet artikel 22c van de wet Vrijgesteld van de controles, bedoeld in, zijn de bij aanwijzing als bedoeld innader omschreven: a. hoogwaardigheidsbekleders; en b. diplomatieke en consulaire ambtenaren alsmede daaraan gelieerde personen. 2 Bij de aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, kunnen nadere voorschriften worden gegeven. 2024 3432 06-02-2024 22-01-2024 5171018 2024 3432 06-02-2024 22-01-2024 5171018 01-04-2024 2024 3432-n1 06-02-2024 22-01-2024 5171018 2024 3432-n1 06-02-2024 22-01-2024 5171018 01-04-2024 Wijziging is herplaatst.
Artikel 6d — Artikel 6d#
Artikel 6d artikel 22o, eerste lid, onder b, van de wet Aan transitpassagiers wordt vrijstelling verleend van de controle, bedoeld in, indien deze passagiers en hun bagage: a. zich niet mengen met andere vertrekkende passagiers die aan een beveiligingscontrole zijn onderworpen, anders dan die welke aan boord van hetzelfde luchtvaartuig gaan; of b. aan boord van het luchtvaartuig blijven. 2024 3432 06-02-2024 22-01-2024 5171018 2024 3432 06-02-2024 22-01-2024 5171018 01-04-2024 2024 3432-n1 06-02-2024 22-01-2024 5171018 2024 3432-n1 06-02-2024 22-01-2024 5171018 01-04-2024 Wijziging is herplaatst.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Regeling Beveiliging Burgerluchtvaart BES Dewordt ingetrokken. 2021 34016 08-07-2021 21-06-2021 3366665 2021 370 22-07-2021 12-07-2021 01-01-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet
EG-verordening 300/2008 in werking treedt.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beveiliging burgerluchtvaart BES 2021. 2021 34016 08-07-2021 21-06-2021 3366665 2021 370 22-07-2021 12-07-2021 01-01-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet
EG-verordening 300/2008 in werking treedt.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Uitvoeringswet EG-verordening 300/2008 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag waarop dein werking treedt. 2021 34016 08-07-2021 21-06-2021 3366665 2021 370 22-07-2021 12-07-2021 01-01-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet
EG-verordening 300/2008 in werking treedt.