Regeling van de Minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen van 20 oktober 2022, nr. 2022-0000213410, tot vaststelling van de tijdelijke regeling tegemoetkoming kinderen met intensieve zorg Caribisch Nederland (Tijdelijke regeling tegemoetkoming kinderen met intensieve zorg BES)
- BWB-id
- BWBR0047397
- Type
- ministeriele-regeling-BES
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- 2023-07-12 t/m 2023-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0047397
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2022/tijdelijke-regeling-tegemoetkoming-kinderen-met-intensieve-z
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2022/tijdelijke-regeling-tegemoetkoming-kinderen-met-intensieve-z/2023-07-12
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0047397&g=2023-07-12
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0047397&z=2026-06-06&g=2023-07-12
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0047397/2023-07-12
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling-bes/2022/tijdelijke-regeling-tegemoetkoming-kinderen-met-intensieve-z
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepaling#
Artikel 1 Begripsbepaling In deze regeling wordt verstaan onder: advies: op medische gegevens gebaseerd advies; adviseur: artikel 4, onder a, b, of c adviseur, bedoeld in; eerste tijdvak: artikel 8, eerste lid, onder a tijdvak als bedoeld in; ingezetene: degene die in een openbaar lichaam woont; kind: artikel 3 van de Wet kinderbijslagvoorziening BES eigen kind, aangehuwd kind of pleegkind als bedoeld in; intensieve zorg: artikel 5, eerste lid zorg als bedoeld in; minister: Minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen; openbaar lichaam: openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba; tweede tijdvak: artikel 8, eerste lid, onder b tijdvak als bedoeld in. 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 12-07-2023
Artikel 2 — Artikel 2 Recht op tegemoetkoming kinderen met intensieve zorg#
Artikel 2 Recht op tegemoetkoming kinderen met intensieve zorg 1 artikel 8, eerste lid Een ingezetene van een openbaar lichaam heeft per tijdvak als bedoeld in, eenmaal recht op een tegemoetkoming voor een kind, indien op enig moment gedurende het betreffende tijdvak: a. Wet kinderbijslagvoorziening BES voor die persoon recht op kinderbijslag BES, als bedoeld in de, is vastgesteld door de Minister; b. het kind valt in de leeftijdscategorie van drie tot en met zeventien jaar; c. sprake is van intensieve zorg. 2 Indien voor een ingezetene op basis van een aanvraag voor het eerste tijdvak recht op een tegemoetkoming is vastgesteld, wordt voor de beoordeling van recht op een tegemoetkoming in het tweede tijdvak sprake van intensieve zorg voorondersteld. 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 12-07-2023
Artikel 3 — Artikel 3 Bedrag tegemoetkoming#
Artikel 3 Bedrag tegemoetkoming De tegemoetkoming bedraagt: a. USD 1.437 voor het eerste tijdvak; b. USD 2.259 voor het tweede tijdvak. 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 12-07-2023
Artikel 4 — Artikel 4 Aanwijzing adviseur intensieve zorg#
Artikel 4 Aanwijzing adviseur intensieve zorg Om te bepalen of een kind intensieve zorg behoeft, wint de Minister een op medische gegevens gebaseerd advies in bij: a. Fundashon Sentro Akseso Boneiru voor aanvragen die zien op ingezetenen van Bonaire; b. Openbaar Lichaam Sint Eustatius voor aanvragen die zien op ingezetenen van Sint Eustatius; c. Openbaar Lichaam Saba voor aanvragen die zien op ingezetenen van Saba. 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 29-10-2022
Artikel 5 — Artikel 5 Beoordeling intensieve zorg#
Artikel 5 Beoordeling intensieve zorg 1 Van intensieve zorg is sprake als een kind zodanig ernstig beperkt is in het dagelijks functioneren als gevolg van een ziekte of stoornis van lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of geestelijke aard dat de verzorging en oppassing door de ouders in ernstige mate wordt verzwaard. 2 artikel 4 Het advies, bedoeld in, komt tot stand aan de hand van de volgende onderwerpen: a. lichaamshygiëne; b. zindelijkheid; c. eten en drinken; d. mobiliteit; e. medische verzorging; f. gedrag; g. communicatie; h. alleen thuis zijn; i. begeleiding buitenshuis; j. bezig houden, handreikingen. 3 Indien de adviseur oordeelt dat er sprake is van een zware zorgbehoefte op een onderwerp, kent de adviseur op dit onderwerp een punt toe. 4 Het kind behoeft intensieve zorg, indien: a. het 3–5 jaar is en de adviseur minimaal 5 punten toekent; b. het 6–9 jaar is en de adviseur minimaal 4 punten toekent; c. het 10–17 jaar is en de adviseur minimaal 3 punten toekent. 5 In afwijking van het vierde lid kan de adviseur oordelen dat het kind intensieve zorg behoeft indien het desbetreffende kind een punt toegekend krijgt op het onderwerp medische verzorging, bedoeld in het tweede lid onder e, en er daardoor sprake is van de noodzaak tot permanent toezicht van de ouders. 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 29-10-2022
Artikel 6 — Artikel 6 Beoordeling herstelperspectief#
Artikel 6 Beoordeling herstelperspectief 1 artikel 5 In aanvulling op de beoordeling, genoemd in, beoordeelt de adviseur ook het herstelperspectief van het kind. 2 Er is sprake van herstelperspectief als het aannemelijk is dat de zorgbehoefte voor het achttiende jaar in zulke mate kan veranderen dat er geen sprake meer zal zijn van intensieve zorg. 3 Wet kinderbijslagvoorziening BES De in het tweede lid bedoelde informatie wordt door de Minister niet bij de adviseur ingewonnen voordat vaststaat dat herbeoordeling plaats zal vinden op basis van de. 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 29-10-2022
Artikel 7 — Artikel 7 Geldend maken van het recht op de tegemoetkoming#
Artikel 7 Geldend maken van het recht op de tegemoetkoming 1 De Minister stelt op aanvraag vast of er recht op de tegemoetkoming bestaat. 2 De Minister besluit binnen acht weken na ontvangst van de volledige aanvraag. 3 De beslistermijn kan éénmaal met maximaal acht weken worden verlengd. 4 Onverminderd het eerste lid kan de Minister ambtshalve recht op een tegemoetkoming in het tweede tijdvak vaststellen, als voor die ingezetene al recht op een tegemoetkoming in het eerste tijdvak is vastgesteld. 5 Uiterlijk twee weken voorafgaand aan de ambtshalve vaststelling van het recht op een tegemoetkoming, maar niet later dan vrijdag 29 september, maakt de Minister het voornemen tot het ambtshalve verstrekken van de tegemoetkoming bekend. 6 De beschikking vermeldt in ieder geval: a. de dagtekening van de beslissing; b. de gronden waarop deze berust; c. de naam van de rechthebbende; d. de naam en geboortedatum van het betrokken kind; e. de adviseur en de uitkomst van het advies; f. de hoogte van de tegemoetkoming. 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 12-07-2023
Artikel 8 — Artikel 8 De aanvraag#
Artikel 8 De aanvraag 1 Een aanvraag wordt door middel van een door de Minister beschikbaar gesteld aanvraagformulier ingediend in de periode van: a. dinsdag 1 november 2022 8:00 uur lokale tijd tot en met vrijdag 30 december 2022 17:00 uur lokale tijd; b. vrijdag 1 september 2023 8:00 lokale tijd tot en met donderdag 30 november 2023 17:00 uur lokale tijd. 2 Onderdeel van de aanvraag is een verklaring van de aanvrager dat er bij het kind sprake is van een ziekte of stoornis van lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of geestelijke aard, waarbij wordt vermeld bij welke medisch behandelaar voor deze regeling relevante medische informatie over het kind kan worden opgevraagd. 3 Indien de adviseur een aanvraag ontvangt wordt deze, onder vermelding van de datum van ontvangst, doorgezonden aan de Minister, onder mededeling hiervan aan de afzender. 4 Een aanvraag die wordt ingediend bij de adviseur, wordt aangemerkt als ingediend bij de Minister. 5 De aanvrager verstrekt op verzoek van de adviseur of uit eigen beweging aan de adviseur de informatie, waarvan het hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat die van belang kan zijn voor de beoordeling van de zorgbehoefte. 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 12-07-2023
Artikel 9 — Artikel 9 Bekendmaking#
Artikel 9 Bekendmaking artikel 8, vijfde lid De bekendmaking van een voornemen als bedoeld in, of een beschikking geschiedt door toezending of uitreiking aan de belanghebbende. 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 2023 19166 11-07-2023 30-06-2023 2023-0000346929 12-07-2023
Artikel 10 — Artikel 10 Terugvordering#
Artikel 10 Terugvordering 1. De verstrekte tegemoetkoming wordt teruggevorderd van de ontvanger indien deze ten onrechte is verstrekt. 2. De Minister kan afwijken van het eerste lid, indien toepassing ervan zou leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 29-10-2022
Artikel 11 — Artikel 11 Mandaat, volmacht en machtiging hoofd RCN-unit SZW#
Artikel 11 Mandaat, volmacht en machtiging hoofd RCN-unit SZW Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit directie Werknemersregelingen 2015 artikel 6 Hetis van toepassing op de uitoefening van bevoegdheden op grond van deze regeling door het hoofd van de RCN-unit SZW, bedoeld invan dat besluit, en tevens op de uitoefening van bevoegdheden die krachtens ondermandaat respectievelijk doorverlening van volmacht en machtiging worden uitgeoefend. 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 29-10-2022
Artikel 12 — Artikel 12 Overeenkomst tussen de Minister (RCN-Unit SZW) en de adviseurs#
Artikel 12 Overeenkomst tussen de Minister (RCN-Unit SZW) en de adviseurs 1 De Minister en de adviseur stellen een overeenkomst op over de samenwerking en werkwijze in het kader van de uitvoering van deze regeling. 2 In de in het eerste lid bedoelde overeenkomst wordt ten minste vastgelegd: a. op welke wijze er beleidsinformatie wordt gedeeld; b. op welke wijze de informatievoorziening aan betrokkenen wordt geregeld; c. op welke manier de invulling van de advisering aan de Minister wordt vormgegeven; d. afspraken over privacy en de verwerking van persoonsgegevens. 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 29-10-2022
Artikel 13 — Artikel 13 Evaluatie#
Artikel 13 Evaluatie 1 Ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek of statistiek kan de Minister, of de adviseur desgevraagd persoonsgegevens, inclusief gegevens betreffende iemands gezondheid, aan derden verstrekken voor zover de persoonlijke levenssfeer van de betrokïkenen daardoor niet onevenredig wordt geschaad. 2 De adviseur verstrekt desgevraagd aan de Minister gegevens en inlichtingen die de Minister voor de statistiek, informatievoorziening en beleidsvorming met betrekking tot deze regeling nodig heeft. 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 29-10-2022
Artikel 14 — Artikel 14 Inwerkingtreding#
Artikel 14 Inwerkingtreding 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2024. 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 29-10-2022
Artikel 15 — Artikel 15 Citeertitel#
Artikel 15 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling tegemoetkoming kinderen met intensieve zorg BES. 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 2022 28598 28-10-2022 20-10-2022 2022-0000213410 29-10-2022