Regeling toelating groenterassen 1973
- BWB-id
- BWBR0002882
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2005-12-08 t/m 2006-01-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0002882
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1973/regeling-toelating-groenterassen-1973
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1973/regeling-toelating-groenterassen-1973/2005-12-08
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0002882&g=2005-12-08
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0002882&z=2026-06-06&g=2005-12-08
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0002882/2005-12-08
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1973/regeling-toelating-groenterassen-1973
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Teeltmateriaal van de groenterassen en de groepen van planten van groentegewassen, opgenomen in a. bijlage de bij deze regeling behorende, dan wel b. richtlijn nr. 2002/55/EG de gemeenschappelijke rassenlijst voor groentegewassen van de Europese Gemeenschappen, bedoeld in artikel 17 vanvan de Raad van de Europese Unie van 13 juni 2002 betreffende het in de handel brengen van groentezaad (Pb EG L 193), mag onder de erbij vermelde benaming in het verkeer gebracht, verder verhandeld en uitgevoerd worden. 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 46 08-03-2004 31-03-2004
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 1, tweede lid, onderdelen i en j, van het Aansluitingsbesluit Naktuinbouw Teeltmateriaal van rassen van groentegewassen als bedoeld in, toegelaten in één of meer andere Lid-Staten van de Europese Unie, mag met het oog op uitvoer in het verkeer gebracht en vervolgens uitgevoerd worden. 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 46 08-03-2004 31-03-2004
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 2 Van de inbedoelde groentegewassen mag soortecht teeltmateriaal met het oog op uitvoer naar een land of een gebied dat geen deel uitmaakt van de Europese Unie in het verkeer gebracht en vervolgens naar een dergelijk land of gebied uitgevoerd worden. 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 46 08-03-2004 31-03-2004
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 1, onderdeel a bijlage richtlijn nr. 2002/55/EG Voor opname op de in, bedoelde, naar aanleiding van een daartoe strekkende aanvrage is tenminste vereist dat uit een onderzoek, uitgevoerd door de Stichting Nederlandse Algemene Kwaliteitsdienst Tuinbouw op verzoek van de aanvrager, is gebleken dat het ras of de groep van planten voldoet aan de vereisten, neergelegd in de artikelen 4 en 5 van devan de Raad van de Europese Unie van 13 juni 2002 betreffende het in de handel brengen van groentezaad (Pb EG L 193). 2 artikel 1, onderdeel a bijlage artikel 1, onderdeel b Voor opname op de in, bedoeldekomt voorts, naar aanleiding van een daartoe strekkende aanvraag, in aanmerking het ras of de groep van planten welke op de in, bedoelde gemeenschappelijke rassenlijst voor groentegewassen is geplaatst. 3 richtlijn nr. 2001/18/EG richtlijn 90/220/EEG bijlage artikel 1, onderdeel a Indien een ras of een groep van planten bestaat uit een genetisch gemodificeerd organisme zoals omschreven in artikel 2, tweede lid, vanvan het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 12 maart 2001 inzake de doelbewuste introductie van genetisch gemodificeerde organismen in het milieu en tot intrekking vanvan de Raad (Pb EG L 106), uitgezonderd die organismen die zijn verkregen door middel van in bijlage 1B bij die richtlijn vermelde genetische modificatietechnieken, vindt uitsluitend opname in de, bedoeld in, plaats indien voor het in de handel brengen ervan overeenkomstig die richtlijn toestemming is verkregen. 4 bijlage artikel 1, onderdeel a Indien materiaal dat is afgeleid van een ras of groep van planten bestemd is voor gebruik als levensmiddel dat valt onder artikel 3 van verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 september 2003 inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (Pb EU L 268), of als diervoeder dat valt onder artikel 15 van de verordening, vindt uitsluitend opname in de, bedoeld in, plaats indien het levensmiddel of het diervoeder overeenkomstig die verordening in de handel mag worden gebracht. 5 bijlage verordening (EG) nr. 2100/94 Aan de op deopgenomen rassen of groepen van planten wordt een naam toegevoegd, waarvan de geschiktheid wordt bepaald aan de hand van artikel 63 vanvan 27 juli 1994 inzake het communautaire kwekersrecht (PbEG L 285). 6 bijlage De op deopgenomen genetisch gemodificeerde rassen en groepen van planten worden duidelijk als zodanig vermeld. 2004 72 15-04-2004 06-04-2004 TRCJZ/2004/2844 2004 72 15-04-2004 06-04-2004 TRCJZ/2004/2844 17-04-2004
Artikel 4a — Artikel 4a#
Artikel 4a 1 artikel 4, eerste lid richtlijn nr. 2003/91/EG Richtlijn 2002/55/EG Het in, bedoelde onderzoek strekt zich ten minste uit tot de kenmerken en voldoet aan de minimumeisen van de bijlagen I en II vanvan de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 6 oktober 2003 houdende bepalingen ter uitvoering van artikel 7 vanvan de Raad wat betreft de kenmerken waartoe het onderzoek van bepaalde rassen van groentegewassen zich ten minste moet uitstrekken, en de minimumeisen voor dat onderzoek (Pb EU L 254). 2 richtlijn nr. 2003/91/EG Richtlijn 2002/55/EG Alle raskenmerken en met een asterisk (*) aangegeven kenmerken die in de bijlagen I en II vanvan de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 6 oktober 2003 houdende bepalingen ter uitvoering van artikel 7 vanvan de Raad wat betreft de kenmerken waartoe het onderzoek van bepaalde rassen van groentegewassen zich ten minste moet uitstrekken, en de minimumeisen voor dat onderzoek (Pb EU L 254) zijn aangegeven, worden in aanmerking genomen, tenzij de waarneming van een bepaald kenmerk onmogelijk wordt gemaakt door de expressie van een ander kenmerk, of de expressie van een kenmerk wordt verhinderd door de omstandigheden waaronder het onderzoek plaatsvindt. 3 richtlijn nr. 2003/91/EG Richtlijn 2002/55/EG Een wijziging van de bijlagen I en II vanvan de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 6 oktober 2003 houdende bepalingen ter uitvoering van artikel 7 vanvan de Raad wat betreft de kenmerken waartoe het onderzoek van bepaalde rassen van groentegewassen zich ten minste moet uitstrekken, en de minimumeisen voor dat onderzoek (Pb EU L 254), gaat voor de toepassing van deze regeling gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven. 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 46 08-03-2004 31-03-2004
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 bijlage Een gewaarmerkt exemplaar van de bijlage van deze regeling ligt ter inzage bij de secretaris van de Commissie Toelating Groenterassen, Sotzweg 21, Roelofarendsveen. Deze zendt deop aanvraag toe aan belanghebbenden. 1993 251 29-12-1993 24-12-1993 9320703 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De Beschikking toelating groenterassen (Stcrt. 1971, nr. 125) wordt ingetrokken. 1989 35 17-02-1989 01-02-1989 J 8810721 1989 35 17-02-1989 01-02-1989 J 8810721 18-02-1989
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Regeling toelating groenterassen 1973 Deze regeling kan worden aangehaald als:. 2 Zij treedt in werking met ingang van de dag na die van haar bekendmaking en werkt terug tot 15 juni 1972. 1993 251 29-12-1993 24-12-1993 9320703 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994