Regeling instructie Raad voor het Kwekersrecht
- BWB-id
- BWBR0002916
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2004-03-31 t/m 2006-01-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0002916
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1974/regeling-instructie-raad-voor-het-kwekersrecht
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1974/regeling-instructie-raad-voor-het-kwekersrecht/2004-03-31
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0002916&g=2004-03-31
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0002916&z=2026-06-06&g=2004-03-31
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0002916/2004-03-31
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1974/regeling-instructie-raad-voor-het-kwekersrecht
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. richtlijn nr. 2003/90/EG richtlijn nr. 2003/90/EG Richtlijn 2002/53/EG :van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 6 oktober 2003 houdende bepalingen ter uitvoering van artikel 7 vanvan de Raad met betrekking tot de kenmerken waartoe het onderzoek van bepaalde rassen van landbouwgewassen zich ten minste moet uitstrekken, en de minimumeisen voor dat onderzoek (Pb EU L 254); b. richtlijn nr. 2003/91/EG richtlijn nr. 2003/91/EG Richtlijn 2002/55/EG :van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 6 oktober 2003 houdende bepalingen ter uitvoering van artikel 7 vanvan de Raad wat betreft de kenmerken waartoe het onderzoek van bepaalde rassen van groentegewassen zich ten minste moet uitstrekken, en de minimumeisen voor dat onderzoek (Pb EU L 254). 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 46 08-03-2004 31-03-2004
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a 1 richtlijn nr. 2002/53/EG richtlijn nr. 2003/90/EG De Raad draagt er zorg voor, dat het onderzoek naar de zelfstandigheid van een ras, behorende tot een van de gewassen, bedoeld in artikel 1 vanvan de Raad van de Europese Unie van 13 juni 2002 betreffende de gemeenschappelijke rassenlijst van landbouwgewassen (Pb EG L 193), zich ten minste uitstrekt tot de kenmerken en voldoet aan de minimumeisen van de bijlagen I en II van. 2 richtlijn nr. 2002/55/EG richtlijn nr. 2003/91/EG De Raad draagt er zorg voor, dat het onderzoek naar de zelfstandigheid van een ras, behorende tot een van de gewassen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, vanvan de Raad van de Europese Unie van 13 juni 2002 betreffende het in de handel brengen van groentezaad (Pb EG L 193), zich ten minste uitstrekt tot de kenmerken en voldoet aan de minimumeisen van de bijlagen I en II van. 3 richtlijn nr. 2003/90/EG richtlijn nr. 2003/91/EG Alle raskenmerken en met een asterisk (*) aangegeven kenmerken die in de bijlagen I en II vanof in de bijlagen I en II vanzijn aangegeven, worden in aanmerking genomen, tenzij de waarneming van een bepaald kenmerk onmogelijk wordt gemaakt door de expressie van een ander kenmerk, of de expressie van een kenmerk wordt verhinderd door de omstandigheden waaronder het onderzoek plaatsvindt. 4 richtlijn nr. 2003/90/EG richtlijn nr. 2003/91/EG Een wijziging van de bijlagen I en II vanof van de bijlagen I en II vangaat voor de toepassing van deze regeling gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven. 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 46 08-03-2004 2004 42 02-03-2004 20-02-2004 TRCJZ/2004/1208 46 08-03-2004 31-03-2004
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De Raad draagt er zorg voor dat van ieder onderzoek, als bedoeld in het vorige artikel, een dossier wordt bewaard. Zodanig dossier bevat een beschrijving van het ras, alsmede een samenvatting van alle feiten en gegevens welke uit het onderzoek naar de zelfstandigheid van het ras zijn voortgekomen. 2 De Raad geeft een dossier, als bedoeld in het eerste lid, slechts ter inzage aan degene die heeft aangetoond daarbij een gerechtvaardigd belang te hebben en zich tegenover de Raad verbindt het ter inzage gegevene uitsluitend voor persoonlijk gebruik te zullen aanwenden. 3 artikel 17 van het Reglement van de Raad voor het Kwekersrecht Ingeval onderzoek van de genealogische bestanddelen van een hybride of een kunstmatig verkregen ras is verricht wordt slechts inzage verstrekt voor zover degene die een aanvrage, als bedoeld in, heeft ingediend, of diens rechtverkrijgende, toestemming verleent. 1974 24 04-02-1974 01-02-1974 J 215 1974 24 04-02-1974 01-02-1974 J 215 04-02-1974
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 17 van het Reglement van de Raad voor het Kwekersrecht De Raad draagt er zorg voor dat de aanvrager op het inbedoelde aanvraagformulier ten minste vermeldt of, en zo ja, waar en met welke uitkomst, het betreffende ras reeds in een ander land is onderzocht. 1974 24 04-02-1974 01-02-1974 J 215 1974 24 04-02-1974 01-02-1974 J 215 04-02-1974
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Zolang een aanvrage tot verlening van kwekersrecht in behandeling is verstrekt de Raad, desverlangd, afschrift van de ter zake van de aanvrage ingediende bescheiden dan wel van passages daaruit voor zover zij uitsluitend betrekking hebben op de kenmerken van het kweekprodukt dat onderwerp van de aanvrage is en op de aanduiding van de eigenschappen waardoor het zich van andere rassen onderscheidt. Daartoe wordt niet gerekend de weergave van de totstandkoming van het kweekprodukt of van de genealogische bestanddelen’. 1986 25 05-02-1986 30-01-1986 J 481 1986 25 05-02-1986 30-01-1986 J 481 06-02-1986
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Deze beschikking kan worden aangehaald als ‘Regeling instructie Raad voor het Kwekersrecht’ en treedt in werking met ingang van de dag van haar bekendmaking in de Nederlandse Staatscourant. 1993 251 29-12-1993 24-12-1993 9320703 1993 693 23-12-1993 9320703 01-01-1994