Aanwijzing autoriteiten met betrekking tot disciplinaire straffen en beklag
- BWB-id
- BWBR0002953
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1981-07-14
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0002953
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1975/aanwijzing-autoriteiten-met-betrekking-tot-disciplinaire-str
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1975/aanwijzing-autoriteiten-met-betrekking-tot-disciplinaire-str/1981-07-14
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0002953&g=1981-07-14
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0002953&z=2026-06-06&g=1981-07-14
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0002953/1981-07-14
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1975/aanwijzing-autoriteiten-met-betrekking-tot-disciplinaire-str
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Wet gewetensbezwaren militaire dienst In deze beschikking wordt verstaan onder ‘wet’: de. 1975 18 27-01-1975 17-01-1975 195074 1975 18 27-01-1975 17-01-1975 195074 28-01-1975
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Ten aanzien van de erkende gewetensbezwaarden die zijn tewerkgesteld elders dan bij een overheidsdienst uitsluitend of in hoofdzaak voor tewerkstelling van erkende gewetensbezwaarden bestemd, wordt als autoriteit bevoegd tot het opleggen van disciplinaire straffen, genoemd in artikel 33 van de wet, aangewezen: het hoofd van de Afdeling tewerkstelling erkende gewetensbezwaarden militaire dienst van het ministerie van Sociale Zaken, bij diens afwezigheid of ontstentenis het plaatsvervangend hoofd van genoemde afdeling en bij hun beider afwezigheid of ontstentenis, de eerste medewerker van het Bureau Straf-, tucht-en beroepszaken van genoemde afdeling.’ 1981 130 13-07-1981 09-07-1981 280389 1981 130 13-07-1981 09-07-1981 280389 14-01-1981
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De gestrafte, die zich over de hem opgelegde disciplinaire straf, over de omschrijving van de strafreden of over beide bezwaard acht, is bevoegd schriftelijk zijn beklag te doen. Het beklag wordt door tussenkomst van de strafoplegger ingediend. 2 Als autoriteit, door wie het beklag wordt behandeld, wordt aangewezen: het hoofd van de Stafafdeling Wetgeving en Juridische Aangelegenheden van het Ministerie van Sociale Zaken, en bij diens afwezigheid of ontstentenis het plaatsvervangend hoofd van genoemde stafafdeling. 1978 27 07-02-1978 25-01-1978 140.031 1978 27 07-02-1978 25-01-1978 140.031 01-02-1978
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De beschikking van de Minister van Sociale Zaken van 30 december 1974, no. 142. 179 (Stcrt. 1974, 253), wordt ingetrokken. 1975 18 27-01-1975 17-01-1975 195074 1975 18 27-01-1975 17-01-1975 195074 28-01-1975
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Deze beschikking treedt in werking met ingang van de dag na die van haar bekendmaking in de Staatscourant. 1975 18 27-01-1975 17-01-1975 195074 1975 18 27-01-1975 17-01-1975 195074 28-01-1975