Regelen verzekeringsovereenkomsten Pensioen- en spaarfondsenwet
- BWB-id
- BWBR0004195
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- 2002-03-13 t/m 2006-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0004195
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1987/regelen-verzekeringsovereenkomsten-pensioen-en-spaarfondsenw
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1987/regelen-verzekeringsovereenkomsten-pensioen-en-spaarfondsenw/2002-03-13
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0004195&g=2002-03-13
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0004195&z=2026-06-06&g=2002-03-13
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0004195/2002-03-13
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1987/regelen-verzekeringsovereenkomsten-pensioen-en-spaarfondsenw
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. wet: Pensioen- en spaarfondsenwet; de b. verzekeringsovereenkomst: artikel 1, eerste lid, onderdelen a en b, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 een overeenkomst van schadeverzekering of een overeenkomst van levensverzekering als bedoeld in. c. verzekeraar: artikel 2, vierde lid, onder B, van de wet; een verzekeraar als bedoeld in d. verzekeringnemer: - artikel 2, vierde lid, onder B, van de wet in geval van een verzekeringsovereenkomst als bedoeld in: de werkgever dan wel degene aan wie deze het verzekeringnemerschap met inachtneming van deze regeling heeft overgedragen; - artikel 2, vierde lid, onder C, van de wet in geval van een verzekeringsovereenkomst als bedoeld in: de verzekerde; e. verzekerde: wet de aan de onderneming van een werkgever verbonden of verbonden geweest zijnde persoon, op wiens leven een verzekeringsovereenkomst is gesloten ter uitvoering van een pensioentoezegging in de zin van de. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 in deze regeling wordt: a. met een onderneming gelijkgesteld elke instelling, van welke aard ook; b. degene, die een vrij beroep uitoefent (zoals een advocaat, notaris, accountant, actuaris), geacht een onderneming te drijven. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a In de verzekeringsovereenkomst, waarin bij de totstandkoming of op een later tijdstip wordt gekozen voor ander dan Nederlands recht, wordt de volgende clausule opgenomen: Ongeacht het gekozen rechtsstelsel zijn ten aanzien van deze verzekeringsovereenkomst in ieder geval de Regelen verzekeringsovereenkomsten Pensioen- en spaarfondsenwet van toepassing. 1993 93 18-05-1993 17-05-1993 SZ/SV/O/93/2047 1993 93 18-05-1993 17-05-1993 SZ/SV/O/93/2047 20-05-1993
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Begunstigde(n) in de verzekeringsovereenkomsten zijn: - voor de toegezegde ouderdoms- en invaliditeitsvoorzieningen: de verzekerde; - voor de toegezegde weduwen-, weduwnaars- of partnervoorziening al naargelang van de aard van de voorziening: de verzekerde dan wel diens echtgenoot of partner; - artikelen 10 18 22 voor de toegezegde wezenvoorziening: de pensioengerechtigde kinderen, een en ander behoudens de,en. 2 Mits de verzekeraar daarmee instemt kan worden bepaald dat in het kader van een verrekening van pensioenrechten bij echtscheiding respectievelijk scheiding van tafel en bed in plaats van de verzekerde diens gewezen echtgenoot respectievelijk diens echtgenoot wordt aangewezen als begunstigde voor het geheel of een deel van de toegezegde ouderdomsvoorziening. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De verzekeringnemer verstrekt de verzekeraar de financiële middelen alsmede de inlichtingen, die deze nodig heeft om de verplichtingen te kunnen nakomen die ingevolge deze regeling op hem rusten. 2 De verzekeraar is niet aansprakelijk voor een verzuim van de verzekeringnemer wat betreft de verplichtingen die op de laatste rusten ingevolge het eerste lid. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De actuariële methoden, volgens welk de berekening van premievrije waarden en afkoopwaarden geschiedt, dienen aan de Pensioen- & Verzekeringskamer te worden medegedeeld. Die methoden mogen worden toegepast zolang de Pensioen- & Verzekeringskamer daartegen geen bezwaar heeft gemaakt. 2000 242 13-12-2000 11-12-2000 2001 21 16-01-2001 13-12-2000 27251 17-01-2001
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 2, vierde lid, onder B, van de wet hoofdstuk I Ingeval voorzieningen als bedoeld ingetroffen zijn of worden gelden naast het gestelde inde bepalingen opgenomen in dit hoofdstuk. 1987 143 16-07-1987 1987 340 28-07-1987 11-06-1987 19638 01-08-1987
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De verzekeringnemer kan de met de pensioentoezegging corresponderende rechten, welke uit de verzekeringsovereenkomst voortvloeien, niet in pand geven en in het algemeen generlei handeling verrichten, waardoor ter zake van die rechten aan een ander dan de begunstigde(n) enige aanspraak zou worden verleend. 2 artikel 10 artikelen 17 18 De verzekeringnemer kan de rechten, welke voor hem uit de verzekeringsovereenkomst voortvloeien, voor zover hij deze ter uitvoering van zijn toezegging heeft gesloten, niet overdragen aan een ander dan de verzekerde zelf, behoudens overdracht aan diens gewezen echtgenoot met betrekking tot het weduwen- of weduwnaarspensioen als inbedoeld, en behoudens overdracht ingevolge deen. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 7, tweede lid artikel 7, eerste lid Indien het verzekeringnemerschap overeenkomstig, aan de verzekerde is overgedragen, kan hij de met de pensioentoezegging corresponderende rechten welke uit de verzekeringsovereenkomst voortvloeien, in afwijking van, overdragen of in pand geven en in het algemeen enige handeling verrichten waardoor ter zake van die rechten aan een ander dan de begunstigde(n) enige aanspraak zou worden verleend, een en ander voor zover beslag op pensioen of een aanspraak op pensioen krachtens enig wettelijk voorschrift geoorloofd is. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 artikel 15 De verzekerde ontvangt, wanneer hij ophoudt aan de onderneming verbonden te zijn anders dan door overlijden of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd, tenzijvan toepassing is, een voor hem premievrije aanspraak op ouderdomspensioen en weduwen- of weduwnaarspensioen dan wel partnerpensioen met inachtneming van de volgende leden. 2 De verzekerde verkrijgt, wanneer het verbonden zijn aan de onderneming eindigt, ten minste een premievrije aanspraak op een evenredig ouderdomspensioen. Daaronder wordt verstaan het verschil tussen het ouderdomspensioen dat de verzekerde zou hebben gekregen als hij aan de onderneming verbonden zou zijn geweest tot de pensioengerechtigde leeftijd en het ouderdomspensioen dat hij zou hebben gekregen als hij verzekerd zou zijn geweest vanaf het tijdstip waarop het verbonden zijn aan de onderneming eindigde tot de pensioengerechtigde leeftijd. Bij de berekening bedoeld in de vorige volzin wordt, voor wat betreft de gegevens die voor de vaststelling van de pensioenaanspraken van belang zijn, uitgegaan van die gegevens, zoals deze gelden op het tijdstip waarop het verbonden zijn aan de onderneming is geëindigd. 3 Indien een weduwen- of weduwnaarspensioen respectievelijk een partnerpensioen is toegezegd, verkrijgt de verzekerde, wanneer het verbonden zijn aan de onderneming eindigt, ten behoeve van zijn echtgenoot respectievelijk zijn partner een door de verzekeraar naar redelijkheid vast te stellen premievrije aanspraak op weduwen- of weduwnaarspensioen respectievelijk partnerpensioen. 4 Indien een instelling of persoon op ingegane ouderdomspensioenen van personen die tot de ingang van hun pensioen aan de regeling van de verzekeringnemer hebben deelgenomen toeslagen, hoe ook genaamd, verleent, heeft de verzekerde, die sedert het eindigen van het verbonden zijn aan de onderneming een premievrije aanspraak op ouderdomspensioen op grond van dezelfde regeling heeft, er jegens die instelling of persoon recht op dat hem op zijn ingegaan ouderdomspensioen overeenkomstige toeslagen worden verleend met inachtneming van dezelfde uitgangspunten. Op de overeenkomstige toeslagen kunnen in mindering worden gebracht toeslagen op zijn ingegaan ouderdomspensioen welke de verzekerde over hetzelfde tijdvak uit andere hoofde ontvangt. Een overeenkomstig recht op gelijke behandeling heeft zijn weduwe of weduwnaar voor wat betreft toeslagen op weduwen- of weduwnaarspensioen. De partner van de in de eerste volzin bedoelde verzekerde heeft na diens overlijden eveneens een overeenkomstig recht op gelijke behandeling voor wat betreft toeslagen op partnerpensioen. 5 Indien een instelling of persoon op ingegane ouderdomspensioenen van personen die tot de ingang van hun pensioen aan de regeling van de verzekeringnemer hebben deelgenomen toeslagen, hoe ook genaamd, verleent, heeft de verzekerde, die sedert het eindigen van het verbonden zijn aan de onderneming een premievrije aanspraak op ouderdomspensioen op grond van dezelfde regeling heeft, er jegens die instelling of persoon recht op dat hem op zijn premievrije aanspraak op ouderdomspensioen overeenkomstige toeslagen worden verleend met inachtneming van dezelfde uitgangspunten. Op de overeenkomstige toeslagen kunnen in mindering worden gebracht toeslagen op zijn premievrije aanspraak op ouderdomspensioen welke de verzekerde over hetzelfde tijdvak uit andere hoofde ontvangt. Een overeenkomstig recht op gelijke behandeling heeft de verzekerde voor wat betreft toeslagen op zijn premievrije aanspraak op weduwen- of weduwnaarspensioen. De in de eerste volzin bedoelde verzekerde heeft eveneens een overeenkomstig recht op gelijke behandeling voor wat betreft toeslagen op zijn premievrije aanspraak op partnerpensioen. 6 Het vierde en vijfde lid zijn niet van toepassing ingeval bij het eindigen van het verbonden zijn aan de onderneming aan de verzekerde het verzekeringnemerschap is overgedragen en bij die overdracht met zijn uitdrukkelijke instemming enigerlei vorm van rente- of winstdeling ter aanpassing van de premievrije aanspraak is bedongen. 7 artikel 10, eerste en tweede lid artikel 22, eerste lid Met verzekerde als bedoeld in het vijfde lid, laatste volzin, wordt gelijkgesteld de gewezen echtgenoot als bedoeld in, en in, indien de verzekerde na het eindigen van het verbonden zijn aan de onderneming recht heeft op gelijke behandeling als bedoeld in die volzin en voor zover de gewezen echtgenoot bij de echtscheiding of de ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed een premievrije aanspraak op weduwen- of weduwnaarspensioen heeft verkregen en behouden jegens een verzekeraar. 8 Voor de toepassing van het vierde en vijfde lid wordt, indien een verzekeraar toeslagen verleent in opdracht van een ander, die ander beschouwd als de instelling die de toeslagen verleent. 9 artikel 2, zesde lid, van de wet Indien de werkgever een toezegging omtrent pensioen heeft gedaan, die kan worden beschouwd als alleen te worden bepaald door de door hem of door de verzekerde beschikbaar gestelde premies of bijdragen, is het tweede lid niet van toepassing en geldt dat de verzekerde, wanneer het verbonden zijn aan de onderneming eindigt, ten minste een premievrije aanspraak op ouderdomspensioen verkrijgt op de voet van de tot dan door hem en voor hem betaalde en uit hoofde vannog verschuldigde bijdragen naarmate de voor pensioeningang vereiste duur van de verzekering is verstreken. 1999 251 28-12-1999 21-12-1999 1999 593 30-12-1999 22-12-1999 01-01-2000 Treedt in werking als de Wijzigingswet Pensioen- en
spaarfondsenwet, enz. (wijziging PSW in verband met toezicht,
verbod op uitstelfinanciering en waardeoverdracht) (Stb.
1999/592) in werking treedt.
Artikel 9a — Artikel 9a#
Artikel 9a artikel 9, tweede lid De aanspraak, bedoeld in, dient voor de verzekerde in elk geval steeds aan het einde van ieder kalenderjaar dan wel, indien dat eerder is, bij beëindiging van het verbonden zijn aan de onderneming, volledig te zijn gefinancierd. De Pensioen- & Verzekeringskamer kan op grond van bijzondere omstandigheden een langere termijn, van ten hoogste dertien weken, toestaan voor financiering als bedoeld in dit lid. 2000 242 13-12-2000 11-12-2000 2001 21 16-01-2001 13-12-2000 27251 17-01-2001
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Indien het huwelijk van een verzekerde eindigt door echtscheiding of ontbinding na scheiding van tafel en bed, verkrijgt zijn gewezen echtgenoot een zodanige premievrije aanspraak op weduwen- of weduwnaarspensioen, als de verzekerde ten behoeve van die gewezen echtgenoot zou hebben verkregen, indien de verzekerde op het tijdstip van de echtscheiding of van de ontbinding van het huwelijk zou zijn opgehouden aan de onderneming verbonden te zijn anders dan door overlijden of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. 2 Indien het huwelijk van een verzekerde, die opgehouden is aan de onderneming verbonden te zijn, eindigt door echtscheiding of ontbinding na scheiding van tafel en bed, verkrijgt zijn gewezen echtgenoot een zodanige premievrije aanspraak op weduwen- of weduwnaarspensioen, als de verzekerde ten behoeve van die gewezen echtgenoot heeft verkregen bij het ophouden aan de onderneming verbonden te zijn. 3 Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de man en de vrouw bij huwelijkse voorwaarden of bij een bij geschrift gesloten overeenkomst met het oog op de scheiding anders overeenkomen. De overeenkomst is slechts geldig indien aan de overeenkomst een verklaring van de verzekeraar is gehecht, dat hij bereid is een uit de afwijking voortvloeiend pensioenrisico te dekken. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995 01-05-1995
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 artikel 18 Wet verevening pensioenrechten bij scheiding De aanspraak op ouderdomspensioen van een verzekerde kan, tenzijwordt toegepast, zonder toestemming van diens echtgenoot niet bij overeenkomst tussen die verzekerde en de verzekeraar of de verzekeringnemer worden verminderd anders dan bij afkoop zoals voorzien bij of krachtens de wet, tenzij de echtgenoten het recht op pensioen-verevening ingevolge dehebben uitgesloten. 2 artikel 18 wet De aanspraak op weduwen- of weduwnaarspensioen ten behoeve van de echtgenoot van een verzekerde kan, tenzijwordt toegepast, zonder toestemming van die echtgenoot, niet bij overeenkomst tussen de verzekerde en de verzekeraar of de verzekeringnemer worden verminderd anders dan bij afkoop zoals voorzien bij of krachtens de. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995 01-05-1995
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 artikel 3a, vierde lid, van de wet De verzekeraar zal de verzekering niet eerder laten vervallen of premievrij maken dan een maand na afloop van de periode van drie maanden waarbinnen de werkgever verplicht is de inbedoelde mededeling te doen. 1987 143 16-07-1987 1987 340 28-07-1987 11-06-1987 19638 01-08-1987
Artikel 12a — Artikel 12a#
Artikel 12a artikel 2, zevende lid, eerste volzin, van de wet De verzekeringnemer verstrekt aan de verzekerde een afschrift van de door hem aan de verzekeraar overeenkomstiggedane mededeling, waarin de gevallen, waarvoor de verzekeringnemer zich de bevoegdheid tot vermindering of beëindiging van zijn bijdrage heeft voorbehouden, worden weergegeven. 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 01-01-1995
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 De verzekeraar verstrekt een bewijsstuk ter zake van de bestaande aanspraken aan: a. de verzekerde bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd en bij ingang van een uitkering krachtens een invaliditeitsvoorziening; b. de verzekerde bij het premievrij maken van de verzekering anders dan in geval van het ophouden aan de onderneming verbonden te zijn; c. degenen, die rechthebbenden zijn op weduwen-, weduwnaars-, partner- of wezenpensioen, na het overlijden van de verzekerde dan wel diens echtgenoot of partner; d. artikel 10 de gewezen echtgenoot, als inbedoeld. 2 De verzekeraar verstrekt ten behoeve van elke verzekerde aan de verzekeringnemer bij aanvang van de verzekering en vervolgens jaarlijks schriftelijk een opgave waarin in ieder geval de hoogte van de verzekerde bedragen wordt vermeld alsmede bij de aanvang van de verzekering en voorts indien en voor zover gewijzigd schriftelijk een opgave van het systeem van financiering daarvan. 3 artikel 3.127 van de Wet inkomstenbelasting 2001 De verzekeraar verstrekt ten behoeve van de verzekerde jaarlijks een opgave van de aan het desbetreffende of voorafgaande kalenderjaar toe te rekenen waardeaangroei van pensioenaanspraken overeenkomstigen de daarop berustende bepalingen. Het eerste jaar waarover de opgave van de waardeaangroei van de pensioenaanspraken als bedoeld in de eerste volzin wordt verstrekt is 2001. 4 artikel 3.127 van de Wet inkomstenbelasting 2001 De verzekeraar verstrekt op verzoek van de verzekerde een opgave van de over de jaren 1994 tot en met 2000 toe te rekenen waardeaangroei van pensioenaanspraken overeenkomstigen de daarop berustende bepalingen. 5 het tweede en derde lid van artikel 9 De verzekeraar verstrekt de verzekerde bij het ophouden aan de onderneming verbonden te zijn schriftelijk een opgave ter zake van de premievrije aanspraken als bedoeld in. 2000 242 13-12-2000 11-12-2000 2000 242 13-12-2000 11-12-2000 01-01-2001
Artikel 13a — Artikel 13a#
Artikel 13a artikel 13 Onverminderd het bepaalde inverstrekt de verzekeraar op verzoek van een verzekerde binnen drie maanden schriftelijk een opgave van de hoogte van de opgebouwde aanspraken. De verzekeraar kan een vergoeding vragen van de aan de opgave verbonden kosten. 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 01-01-1995
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 artikel 9 artikel 5 artikel 32b, derde lid, van de wet Een verzekeraar is verplicht op verzoek van een verzekerde bij diens aanstelling in vaste dienst van een van de Europese Gemeenschappen een premievrije aanspraak op ouderdomspensioen als bedoeld inaf te kopen en de afkoopsom over te dragen aan de betrokken Gemeenschap. In afwijking vanzijn ten aanzien van de berekening van de afkoopsom de regels, gesteld op grond van, van toepassing. 2 Een verzekeraar is bevoegd op verzoek van de verzekerde en diens echtgenoot of partner een premievrije aanspraak op weduwen-, weduwnaars- of partnerpensioen in de in het eerste lid bedoelde afkoop en overdracht te betrekken. 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 21-07-1994
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 In de verzekeringsovereenkomsten kunnen bedingen opgenomen worden ingevolge welke de pensioenaanspraken worden afgekocht onder terhandstelling van de afkoopsom aan de verzekeringnemer, indien de verzekerde binnen een jaar na de datum van ingang van de verzekering van ouderdomspensioen anders dan door overlijden of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd ophoudt aan de onderneming verbonden te zijn tenzij hij pensioenaanspraken heeft ingebracht. De verzekerde heeft alsdan echter jegens de verzekeringnemer recht op een uitkering gelijk aan de door hem betaalde bijdragen voor zijn ouderdomspensioen. 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 21-07-1994
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 artikelen 16a 16b Onverminderd deenkunnen in een verzekeringsovereenkomst bedingen worden opgenomen op grond waarvan pensioen of aanspraken op pensioen worden afgekocht, indien de rechthebbende daarmee instemt en indien: a. de afkoop ertoe strekt het de rechthebbende mogelijk te maken om onder aanwending van de afkoopsom pensioen of aanspraken op pensioen te verwerven overeenkomstig een toezegging omtrent pensioen van een andere inhoud van een andere werkgever dan de werkgever die het af te kopen pensioen heeft toegezegd, bij de instelling waar die andere werkgever de toezegging omtrent pensioen heeft ondergebracht. b. de in onderdeel a bedoelde afkoopsom rechtstreeks wordt overgedragen aan de instelling jegens welke de in onderdeel a bedoelde aanspraken op pensioen worden verworven. c. artikel 32a, onderdeel c, van de wet het pensioen of de aanspraak op pensioen wordt verworven jegens een instelling als bedoeld in; d. met de pensioenbelangen van de echtgenoot of gewezen echtgenoot is op redelijke wijze rekening gehouden; e. het pensioen of de aanspraak op pensioen wordt door de instelling jegens welke de recht-hebbende het pensioen of de aanspraak op pensioen verwerft aldus vastgesteld, dat de actuariële waarde ervan tenminste gelijk is aan de op dezelfde grondslagen berekende actuariële waarde van het af te kopen pensioen of de af te kopen aanspraak op pensioen. 2001 235 04-12-2001 30-11-2001 SV/VP/01/82508 2001 235 04-12-2001 30-11-2001 SV/VP/01/82508 01-01-2002
Artikel 16a — Artikel 16a#
Artikel 16a 1 Een verzekeraar is verplicht, tenzij aanvullende bijdragen van de werkgever noodzakelijk zijn en diens financiële toestand blijkens een schriftelijke verklaring van een niet aan de onderneming van de werkgever verbonden registeraccountant of accountant-administratieconsulent dat niet toelaat, wanneer de verzekerde ophoudt aan de onderneming verbonden te zijn anders dan door overlijden of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd op diens verzoek aanspraken op pensioen af te kopen, indien aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. de afkoop strekt ertoe het de rechthebbende mogelijk te maken om onder aanwending van de afkoopsom aanspraken op pensioen te verwerven bij de instelling waar de nieuwe onderneming waaraan hij verbonden is de toezegging omtrent pensioen ter uitvoering heeft ondergebracht; b. de afkoopsom wordt rechtstreeks overgedragen aan die instelling; c. artikel 32b, eerste lid, onderdeel c, van de wet het pensioen of de aanspraak op pensioen wordt verworven jegens een instelling als bedoeld in. 2 artikel 32b van de wet Een verzekeraar is verplicht op verzoek van de verzekerde de afkoopsom op grond van het eerste lid en vanaan te wenden ter verwerving van aanspraken op pensioen voor die verzekerde. 3 artikel 32b, derde lid, van de wet Met betrekking tot het eerste en tweede lid zijn de inbedoelde regels van toepassing. 2001 235 04-12-2001 30-11-2001 SV/VP/01/82508 2001 235 04-12-2001 30-11-2001 SV/VP/01/82508 01-01-2002
Artikel 16b — Artikel 16b#
Artikel 16b 1 artikelen 16 16a Onverminderd deenkunnen in de verzekeringsovereenkomsten bedingen opgenomen worden op grond waarvan pensioen of aanspraken op pensioen afgekocht worden, indien: a. de rechthebbende daarmee instemt; b. die afkoop ertoe strekt het de rechthebbende mogelijk te maken om onder aanwending van de afkoopsom pensioen of aanspraken op pensioen overeenkomstig een toezegging omtrent pensioen van de werkgever die het af te kopen pensioen heeft toegezegd of op grond van een toezegging omtrent pensioen met dezelfde inhoud van een andere werkgever die de onderneming of een deel van de onderneming van de werkgever die het af te kopen pensioen heeft toegezegd, heeft overgenomen, te verwerven bij de instelling waar de werkgever de toezegging omtrent pensioen heeft ondergebracht; c. met de pensioenbelangen van de echtgenoot of gewezen echtgenoot op redelijke wijze rekening is gehouden; d. de afkoopsom of zodanig wordt vastgesteld dat het te verwerven pensioen voor mannen en vrouwen gelijk is of, indien het pensioen wordt berekend of mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage, zodanig wordt vastgesteld dat de omvang van het te verwerven pensioen naar het inzicht op het tijdstip van vaststelling van die afkoopsom gelijk is; e. artikelen 2b 2c van de wet onverminderd deen, het in te kopen pensioen collectief actuarieel gelijkwaardig is aan het af te kopen pensioen; f. artikel 32ba, onderdeel f, van de wet het pensioen of de aanspraken op pensioen worden verworven jegens een instelling als bedoeld in. 2 artikel 2, vierde lid, van de wet Indien de rechthebbende aan de onderneming verbonden is geweest of verbonden zou zijn geweest indien het verbonden zijn niet was geëindigd, en deze onderneming is opgehouden te bestaan, kan ingeval van liquidatie van de verzekeraar afkoop overeenkomstig het eerste lid plaatsvinden. Ingeval de afkoopsom wordt overgedragen aan een pensioenfonds zijn de wet en de daarop berustende bepalingen van overeenkomstige toepassing. Indien de afkoopsom wordt overgedragen aan een verzekeraar zijnen de daarop berustende bepalingen van overeenkomstige toepassing op dat pensioen. 3 artikel 2, vierde lid, van de wet In de verzekeringsovereenkomsten kunnen in afwijking van het eerste lid, onderdeel b, bedingen worden opgenomen op grond waarvan aanspraken op pensioen mogen worden afgekocht, indien die afkoop ertoe strekt het de rechthebbende mogelijk te maken om op de datum waarop het pensioen ingaat onder aanwending van de afkoopsom bij een andere instelling pensioen te verwerven, mits de afkoopsom rechtstreeks wordt overgedragen aan die instelling en wordt voldaan aan het eerste lid, onderdeel a, c, d, e en f. Ingeval deze andere instelling een pensioenfonds is, zijn de wet en de daarop berustende bepalingen van overeenkomstige toepassing op dat pensioen. Indien deze andere instelling een verzekeraar is als bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, zijnen de daarop berustende bepalingen, van overeenkomstige toepassing op pensioen. 2002 49 11-03-2002 08-03-2002 AV/PB/2002/15298 2002 49 11-03-2002 08-03-2002 AV/PB/2002/15298 13-03-2002 01-01-2002
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 De verzekeringnemer kan, mits de verzekeraar en de verzekerde daarmede instemmen, de rechten en verplichtingen, welke voor hem uit de verzekeringsovereenkomst voortvloeien, overdragen aan een werkgever aan wiens onderneming de verzekerde alsdan verbonden is. 1987 143 16-07-1987 1987 340 28-07-1987 11-06-1987 19638 01-08-1987
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Artikel 16, onderdeel e Indien de verzekerde toetreedt tot een pensioenfonds dat ingevolge de wet aan het toezicht van de Pensioen- & Verzekeringskamer onderworpen is, kan in de verzekeringsovereenkomst dat pensioenfonds als begunstigde worden aangewezen en kunnen aan dat pensioenfonds de rechten en verplichtingen, welke voor de verzekeringnemer uit de verzekeringsovereenkomst voortvloeien, worden overgedragen. Ook een andere verzekeraar dan de verzekeraar met wie de verzekeringsovereenkomst gesloten is kan als begunstigde worden aangewezen. Een en ander is mogelijk, mits de verzekeraar met wie de verzekeringsovereenkomst is gesloten en de verzekerde daarmede instemmen., is van overeenkomstige toepassing. 2001 235 04-12-2001 30-11-2001 SV/VP/01/82508 2001 235 04-12-2001 30-11-2001 SV/VP/01/82508 01-01-2002
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 artikel 2, vierde lid, onder B, van de Pensioen- en spaarfondsenwet Elk bewijs van verzekering van een verzekering als bedoeld in dit hoofdstuk wordt voorzien van het opschrift: Verzekeringsovereenkomst als inbedoeld. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 artikel 2, vierde lid, onder C, van de wet hoofdstuk I artikelen 9 9a 14 tot en met 18 hoofdstuk II Ingeval voorzieningen als bedoeld ingetroffen zijn of worden, gelden de bepalingen vanen van dit hoofdstuk en zijn de,envanvan overeenkomstige toepassing. 2000 242 13-12-2000 11-12-2000 2000 242 13-12-2000 11-12-2000 01-01-2001
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 De verzekeringnemer kan de met de pensioentoezegging corresponderende rechten die uit de verzekeringsovereenkomst voortvloeien overdragen of in pand geven en in het algemeen enige handeling verrichten waardoor ter zake van die rechten aan een ander dan de begunstigde(n) enige aanspraak zou worden verleend, voor zover beslag op pensioen of een aanspraak op pensioen krachtens enig wettelijk voorschrift geoorloofd is. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 1 Indien het huwelijk van een verzekerde eindigt door echtscheiding of ontbinding na scheiding van tafel en bed verkrijgt zijn gewezen echtgenoot een zodanige premievrije aanspraak op weduwen- of weduwnaarspensioen als uit de verzekeringsovereenkomst zou voortvloeien, indien op het tijdstip van de echtscheiding of van de ontbinding van het huwelijk de overeenkomst beëindigd zou zijn, dan wel uit de verzekeringsovereenkomst is voortgevloeid, indien de werkgever op een eerder tijdstip is opgehouden de verzekeringnemer in staat te stellen de premie of een deel van de premie te betalen. 2 Het eerste lid is niet van toepassing indien de man en de vrouw bij huwelijkse voorwaarden of bij een bij geschrift gesloten overeenkomst met het oog op de scheiding anders overeenkomen. De overeenkomst is slechts geldig indien aan de overeenkomst een verklaring van de verzekeraar is gehecht, dat hij bereid is een uit de afwijking voortvloeiend pensioenrisico te dekken. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995 01-05-1995
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 1 artikel 18 Wet verevening pensioenrechten bij scheiding De aanspraak op ouderdomspensioen van een verzekerde kan, tenzijwordt toegepast, zonder toestemming van diens echtgenoot niet bij overeenkomst tussen die verzekerde en de verzekeraar worden verminderd anders dan bij afkoop zoals voorzien bij of krachtens de wet, tenzij de echtgenoten het recht op pensioenverevening ingevolge dehebben uitgesloten. 2 artikel 18 De aanspraak op weduwen- of weduwnaarspensioen ten behoeve van de echtgenoot van een verzekerde kan, tenzijwordt toegepast, zonder toestemming van die echtgenoot niet bij overeenkomst tussen de verzekerde en de verzekeraar worden verminderd anders dan bij afkoop zoals voorzien bij of krachtens de wet. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 1 De verzekeraar verstrekt een bewijsstuk ter zake van de bestaande aanspraken aan: a. degenen, die rechthebbenden zijn op weduwen-, weduwnaars-, partner- of wezenpensioen, na het overlijden van de verzekerde; b. artikel 22, eerste lid de gewezen echtgenoot als in, bedoeld. 2 artikel 3.127 van de Wet inkomstenbelasting 2001 De verzekeraar verstrekt de verzekerde jaarlijks een opgave van de aan het desbetreffende of voorafgaande kalenderjaar toe te rekenen waardeaangroei van pensioenaanspraken overeenkomstigen de daarop berustende bepalingen. Het eerste jaar waarover de opgave van de waardeaangroei van de pensioenaanspraken als bedoeld in de eerste volzin wordt verstrekt is 2001. 3 artikel 3.127 van de Wet inkomstenbelasting 2001 De verzekeraar verstrekt op verzoek van de verzekerde een opgave van de over de jaren 1994 tot en met 2000 toe te rekenen waardeaangroei van pensioenaanspraken overeenkomstigen de daarop berustende bepalingen. 4 artikel 13, derde lid artikel 9 De verzekeraar verstrekt de verzekerde indien hij ophoudt aan de onderneming verbonden te zijn, overeenkomstig, een schriftelijke opgave ter zake van de premievrije aanspraken, bedoeld in. 2000 242 13-12-2000 11-12-2000 2000 242 13-12-2000 11-12-2000 01-01-2001
Artikel 24a — Artikel 24a#
Artikel 24a artikel 24 Onverminderdverstrekt de verzekeraar op verzoek van een verzekerde binnen drie maanden schriftelijk een opgave van de hoogte van de opgebouwde aanspraken. De verzekeraar kan een vergoeding vragen van de aan de opgave verbonden kosten. 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 21-07-1994
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Vervallen. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 Vervallen. 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 1994 136 20-07-1994 15-07-1994 SZ/SV/P/94/3023 21-07-1994
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 artikel 2, vierde lid, onder C, van de Pensioen- en spaarfondsenwet Elk bewijs van verzekering van een verzekering als bedoeld in dit hoofdstuk moet voorzien zijn van het opschrift: Verzekeringsovereenkomst als inbedoeld. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 artikelen 13, derde lid 24, tweede lid De, en, zijn niet van toepassing voor wat betreft de verzekerde ten gunste van wie een verzekeringsovereenkomst is gesloten en die voor de inwerkingtreding van deze regeling opgehouden is aan de onderneming verbonden te zijn. 1999 251 28-12-1999 21-12-1999 1999 593 30-12-1999 22-12-1999 01-01-2000 Treedt in werking als de Wijzigingswet Pensioen- en
spaarfondsenwet, enz. (wijziging PSW in verband met toezicht,
verbod op uitstelfinanciering en waardeoverdracht) (Stb.
1999/592) in werking treedt.
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 Artikel 10 is niet van toepassing voor wat betreft een premievrije aanspraak op weduwnaarspensioen ten aanzien van de gewezen echtgenoot wiens huwelijk met een verzekerde voor de inwerkingtreding van deze regeling is geëindigd door echtscheiding of ontbinding na scheiding van tafel en bed. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 30 — Artikel 30#
Artikel 30 Artikel 22 is niet van toepassing ten aanzien van de gewezen echtgenoot wiens huwelijk met een verzekerde voor de inwerkingtreding van deze regeling is geëindigd door echtscheiding of ontbinding na scheiding van tafel en bed. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 31 — Artikel 31#
Artikel 31 Vervallen. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 32 — Artikel 32#
Artikel 32 Artikel 10, derde lid De vrouw met wie een verzekerde, die voor 9 februari 1973 opgehouden was aan de onderneming verbonden te zijn, op die datum was gehuwd verkrijgt ingeval van beëindiging van het huwelijk door echtscheiding of ontbinding na scheiding van tafel en bed een zodanige premievrije aanspraak op weduwenpensioen als de verzekerde heeft verkregen bij het ophouden aan de onderneming verbonden te zijn; iedere andere aanspraak op weduwenpensioen, welke uit de verzekeringsovereenkomst zou kunnen voortvloeien, vervalt. De vrouw ontvangt op haar verzoek een bewijs van haar aanspraak., is van overeenkomstige toepassing. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel 33 — Artikel 33#
Artikel 33 “Scrt.” moet zijn “Stcrt.” De beschikking van 5 februari 1973, nr. 40 448, directoraat-generaal voor Sociale Voorzieningen, directie Sociale Verzekering, afd. P. en S. (Stcrt. 1973, 31), zoals deze sindsdien gewijzigd is, en de beschikking van 3 oktober 1973, nr. 43 965, directoraat-generaal voor Sociale Voorzieningen, directie Sociale Verzekering, Afd. P. en S. (Scrt.1973, 197), zoals deze sindsdien gewijzigd is, worden ingetrokken. 1987 143 16-07-1987 1987 340 28-07-1987 11-06-1987 19638 01-08-1987
Artikel 34 — Artikel 34#
Artikel 34 Pensioen- en spaarfondsenwet Deze regeling, die in de Staatscourant zal worden geplaatst, treedt in werking met ingang van de dag waarop de wet van 11 juni 1987, Stb. 340, tot wijziging van deen van de Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds in werking treedt. 1987 143 16-07-1987 1987 340 28-07-1987 11-06-1987 19638 01-08-1987
Artikel 35 — Artikel 35#
Artikel 35 Deze regeling wordt aangehaald als: Regelen verzekeringsovereenkomsten Pensioen- en spaarfondsenwet. 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 1995 206 24-10-1995 19-10-1995 SV/VP/95/4531 26-10-1995
Artikel Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel 23b van de wet Voor de overtredingen genoemd in tabel 1 en tabel 2, begaan na het tijdstip van inwerkingtreding van, zijn de boetebedragen vastgesteld als volgt: Tariefnummer Bedrag (vast tarief) 1. € 907 2. € 5 445 3. € 21 781 4. € 87 125
Artikel Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 In tabel 1 zijn die bepalingen opgesomd die zich uitsluitend richten tot verzekeraars. In tabel 2 zijn de bepalingen opgesomd die zich niet uitsluitend tot verzekeraars richten. 1. Indien een boete wordt opgelegd voor het overtreden van een bepaling als genoemd in tabel 1, is bij de vaststelling van de hoogte van deze boete de volgende categorie-indeling naar balanstotaal van toepassing met de daarbij behorende factor: artikel 1 2. De boete wordt vastgesteld door het bedrag, bedoeld in, te vermenigvuldigen met de factor behorende bij de categorie naar balanstotaal, bedoeld in het eerste lid. 3. Indien de gegevens omtrent het balanstotaal niet aan de Verzekeringskamer beschikbaar zijn gesteld, kan de Pensioen- & Verzekeringskamer aan degene aan wie de boete wordt opgelegd, verzoeken deze gegevens binnen een door haar te stellen termijn te verstrekken. Indien de betrokkene niet binnen de gestelde termijn voldoet aan dit verzoek, is bij de vaststelling van de hoogte van de boete categorie V van toepassing. Tabel 1 Tabel 2 Categorie artikel 2, vierde lid, van de wet I: verzekeraars als bedoeld in, met een balanstotaal minder dan € 9 075 604: factor 1; Categorie artikel 2, vierde lid, van de wet II: verzekeraars als bedoeld in, met een balanstotaal van ten minste € 9 075 604 maar minder dan € 45 378 022: factor 2; Categorie artikel 2, vierde lid, van de wet III: verzekeraars als bedoeld in, met een balanstotaal van ten minste € 45 378 022 maar minder dan € 226890108: factor 3; Categorie artikel 2, vierde lid, van de wet IV: verzekeraars als bedoeld in, met een balanstotaal van ten minste € 226890108 maar minder dan € 453780216: factor 4; Categorie artikel 2, vierde lid, van de wet V: verzekeraars als bedoeld in, met een balanstotaal van € 453780216 of meer: factor 5. Overtredingen van voorschriften, gesteld bij artikel Tariefnummer 5 1 9, vierde lid 3 9, vijfde lid 3 9a 2 16a, tweede lid 3 Overtredingen van voorschriften, gesteld bij artike l Tariefnummer 4, eerste lid, in geval van een verzekeringsovereenkomst als bedoeld in artikel 2, vierde lid, onder B, van de wet, 4