Machtiging voor verrichten inspecties aan boord van schepen
- BWB-id
- BWBR0004425
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2003-12-31 t/m 2004-03-07
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0004425
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1988/machtiging-voor-verrichten-inspecties-aan-boord-van-schepen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1988/machtiging-voor-verrichten-inspecties-aan-boord-van-schepen/2003-12-31
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0004425&g=2003-12-31
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0004425&z=2026-06-06&g=2003-12-31
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0004425/2003-12-31
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1988/machtiging-voor-verrichten-inspecties-aan-boord-van-schepen
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Besluit voorkoming verontreiniging door met schepen in bulk vervoerde schadelijke vloeistoffen Besluit voorkoming olieverontreiniging door schepen De havenmeester van Rotterdam, werkzaam bij Havenbedrijf Rotterdam wordt gemachtigd om ten behoeve van de Dienst van de Scheepvaartinspectie, inspecties aan boord van schepen te verrichten in het kader van de uitvoering van het(Stb. 1988, 112) en het(Stb. 1986, 160). 2003 250 29-12-2003 19-12-2003 HDJZ/SCH/2003-2989 2003 250 29-12-2003 19-12-2003 HDJZ/SCH/2003-2989 31-12-2003
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 bijlage Het verrichten van inspecties aan boord van schepen, bedoeld in artikel 1 van het besluit, geschiedt met inachtneming van hetgeen is bepaald in de samenwerkingsregeling van de directeur-generaal Scheepvaart en Maritieme Zaken en de directeur van het Havenbedrijf der gemeente Rotterdam, zoals opgenomen in de bij dit besluit behorende. 1988 234 01-12-1988 02-11-1988 S/J31.862/88 1988 234 01-12-1988 02-11-1988 S/J31.862/88 03-12-1988
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van verschijning van de Nederlandse Staatscourant waarin het wordt geplaatst. 1988 234 01-12-1988 02-11-1988 S/J31.862/88 1988 234 01-12-1988 02-11-1988 S/J31.862/88 03-12-1988
Artikel 1 — Artikel 1 Zorgplicht#
Artikel 1 Zorgplicht 1 Het Havenbedrijf van de gemeente draagt er zorg voor dat binnen het nautisch beheersgebied de werkzaamheden zoals nader omschreven in de af te geven machtiging, worden verricht. a. artikel 3 van het Besluit voorkoming verontreiniging door met schepen in bulk vervoerde schadelijke vloeistoffen ten aanzien van alle binnenkomende chemicaliëntankers, die A- en B-stoffen vervoeren, als bedoeld in; b. artikel 3 van het Besluit voorkoming verontreiniging door met schepen in bulk vervoerde schadelijke vloeistoffen ten aanzien van het merendeel van alle binnenkomende chemicaliëntankers die C-stoffen vervoeren, als bedoeld in; en c. ten aanzien van het merendeel van alle binnenkomende olietankers, in het bijzonder de olietankers die ruwe aardolie en persistente oliën vervoeren. 2 De in het eerste lid bedoelde zorgplicht geldt niet in perioden van overmacht en in perioden waarbij incidenten of rampen die de inzet van het personeel van het Havenbedrijf van de gemeente vereisen, zich voordoen of dreigen.
Artikel 2 — Artikel 2 Opleiding#
Artikel 2 Opleiding 1 De ambtenaren van het Havenbedrijf van de gemeente die werkzaamheden gaan verrichten in het kader van de machtiging, zullen ten minste dienen te voldoen aan de volgende eisen: a. ervaring met en grondige kennis van operationele handelingen met betrekking tot het laden, lossen en schoonmaken van olietankers en chemicaliëntankers; b. grondige kennis van de relevante regelgeving: op het terrein van de voorkoming van verontreiniging door schepen en op het terrein van de veiligheid aan boord, in het bijzonder voor zover het het vervoer van schadelijke vloeistoffen betreft; voorts grondige kennis van de relevante lokale regelgeving in het nautisch beheersgebied; c. goede kennis van schadelijke vloeistoffen die in bulk worden verscheept, in het bijzonder van produkteigenschappen, gevaarsaspecten en het gebruik van de chemische nomenclatuur; d. bekendheid met de documenten die aan boord van het schip aanwezig dienen te zijn, waarbij onder meer gedacht dient te worden aan certificaten, de voorgeschreven operationele handboeken, relevante journalen en ladingpapieren. 2 Teneinde te kunnen voldoen aan de eisen, bedoeld in het eerste lid, dienen de desbetreffende ambtenaren van het Havenbedrijf van de gemeente met positief resultaat een door het directoraat-generaal Scheepvaart en Maritieme Zaken te verzorgen opleiding te volgen. 3 De kosten verband houdende met de in het tweede lid bedoelde opleiding worden gedragen door het Directoraat-Generaal Scheepvaart en Maritieme Zaken. 4 Het hoofd van de Scheepvaartinspectie draagt zorg voor een adequate begeleiding van de ambtenaren van het Havenbedrijf van de gemeente, die na de in dit artikel bedoelde opleiding hun werkzaamheden gaan aanvangen in het kader van de machtiging.
Artikel 3 — Artikel 3 Richtlijnen#
Artikel 3 Richtlijnen 1 In het belang van een goede uitvoering van deze samenwerkingsregeling worden door het hoofd van de Scheepvaartinspectie en de havenmeester van Rotterdam richtlijnen vastgesteld, onder meer ten aanzien van: a. de hoofdelementen waarop werkzaamheden in het kader van de machtiging betrekking hebben, met name het laden, lossen en schoonmaken, de documentatie en de afgifte aan havenontvangstvoorzieningen; b. de wijze waarop de communicatie tussen het Havenbedrijf van de gemeente en de Scheepvaartinspectie gestalte dient te krijgen; c. het aangeven van de specifieke taken van ambtenaren van het Havenbedrijf van de gemeente.
Artikel 4 — Artikel 4 Overig#
Artikel 4 Overig 1 De kosten ten behoeve van extra menskracht, benodigd voor de sturing van de in deze regeling bedoelde werkzaamheden, welke voor het ministerie van Verkeer en Waterstaat op hoogstens één mensjaar worden begroot, zullen worden meegenomen in de besluitvorming ten aanzien van de financiering van het Scheepsafvalcoördinatiecentrum, zoals aangegeven in de brief van de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 24 mei 1988, kenmerk DGM/A nr. 1058513. Indien de regeling in het kader van het scheepsafvalcoördinatiecentrum niet tot stand komt, wordt de zorgplicht onder deze samenwerkingsregeling heroverwogen. 2 Wet voorkoming verontreiniging door schepen Bij de komende wijziging van dezal een zodanige wijziging van het tweede lid van Artikel 14 (Toezicht) worden voorgesteld, dat onder de in dit lid bedoelde ambtenaren ook gemeenteambtenaren kunnen worden verstaan.
Artikel 5 — Artikel 5 Slotbepaling#
Artikel 5 Slotbepaling Artikel 30 van de Wet voorkoming verontreiniging door schepen Deze samenwerkingsregeling treedt in werking op de dag van inwerkingtreding van de machtiging op grond van.