Regeling medeverzekering ziekenfondsverzekering
- BWB-id
- BWBR0004231
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- 2002-07-13 t/m 2005-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0004231
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1988/regeling-medeverzekering-ziekenfondsverzekering
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1988/regeling-medeverzekering-ziekenfondsverzekering/2002-07-13
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0004231&g=2002-07-13
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0004231&z=2026-06-06&g=2002-07-13
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0004231/2002-07-13
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1988/regeling-medeverzekering-ziekenfondsverzekering
Artikel 4#
artikel 4
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel 4, negende lid, van de Ziekenfondswet Als medeverzekerde ingevolgewordt aangewezen: a. vervallen. b. het kind van de persoon van verschillend of gelijk geslacht met wie de verzekerde duurzaam een gezamenlijke huishouding voert zonder met hem of haar gehuwd te zijn en de verzekerde als kostwinner van dat kind is aan te merken. Voor de medeverzekering van dit kind gelden dezelfde voorwaarden als voor een aangehuwd kind van een verzekerde. c. het kind van de verzekerde dat in het kader van de uitvoering van een rechterlijke uitspraak onder de verantwoordelijkheid, waaronder begrepen de financiële verantwoordelijkheid, van de minister van Justitie, dan wel zonder rechterlijke tussenkomst onder de verantwoordelijkheid, waaronder begrepen de financiële verantwoordelijkheid, van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport buiten diens gezin is geplaatst, voor de duur van de plaatsing. d. het kind dat in het kader van de uitvoering van een rechterlijke uitspraak onder de verantwoordelijkheid, waaronder begrepen de financiële verantwoordelijkheid, van de minister van Justitie, dan wel zonder rechterlijke tussenkomst onder de verantwoordelijkheid, waaronder begrepen de financiële verantwoordelijkheid, van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in huis is geplaatst van de verzekerde, voor de duur van de plaatsing, tenzij het kind is medeverzekerd krachtens onderdeel c. 1995 105 02-06-1995 30-05-1995 VMP/VVU-951257 1995 105 02-06-1995 30-05-1995 VMP/VVU-951257 04-06-1995 Werkt voor artikel 6 terug tot en met 1 januari 1994.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Indien bij ontstentenis in een huishouden van een of beide van de ouders een tot het huishouden behorend, verzekerd eigen kind, aangehuwd kind of pleegkind van die ouders een bijdrage levert in het onderhoud van andere tot dat huishouden behorende of behoord hebbende eigen kinderen, aangehuwde kinderen of pleegkinderen van die ouders, worden deze kinderen ten aanzien van die verzekerde gelijkgesteld met pleegkinderen, voor zover deze kinderen niet reeds op grond van de verzekering van een andere verzekerde voor medeverzekering in aanmerking komen. 2 Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag De bijdrage, bedoeld in het eerste lid, bedraagt per kind ten minste het in hetvoor het in belangrijke mate onderhouden van een kind genoemde bedrag per kwartaal. 3 De in de vorige leden bedoelde kinderen die jonger zijn dan 16 jaar, worden geacht tot het huishouden van de verzekerde te behoren. 2002 130 11-07-2002 08-07-2002 Z-2296829 2002 130 11-07-2002 08-07-2002 Z-2296829 13-07-2002
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a Een kind van een medeverzekerd kind wordt ten aanzien van de verzekerde gelijkgesteld met een pleegkind voor zover dat kind niet reeds op grond van de verzekering van een andere verzekerde voor medeverzekering in aanmerking komt. 2002 130 11-07-2002 08-07-2002 Z-2296829 2002 130 11-07-2002 08-07-2002 Z-2296829 13-07-2002
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 De echtegenote of echtegenoot van een verzekerde met wie de verzekerde nog niet samenwoont wordt, indien en zolang de samenwoning wordt verhinderd door woningnood, het vervullen van militaire dienstplicht of andere hiermede vergelijkbare omstandigheden, onafhankelijk van de wil der echtegenoten, geacht tot het huishouden van de verzekerde te behoren. Het College zorgverzekeringen kan ter zake nadere regelen stellen. 2001 138 20-07-2001 14-07-2001 Z/VU-2198403 2001 138 20-07-2001 14-07-2001 Z/VU-2198403 22-07-2001 01-04-2001
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 4, tweede lid, onder b, c, d, e en f, en derde lid, van de Ziekenfondswet Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag Een kind als bedoeld in, wordt geacht in belangrijke mate op kosten van een verzekerde te worden onderhouden, indien die verzekerde in de kosten van het onderhoud van dit kind een bijdrage levert van ten minste het in hetvoor het in belangrijke mate onderhouden van een kind genoemde bedrag per kwartaal. 2 artikel 4, tweede lid, onder b en d, van de Ziekenfondswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten In afwijking van het bepaalde in het eerste lid wordt een kind als bedoeld inook geacht in belangrijke mate op kosten van de verzekerde te worden onderhouden, indien het ten laste van de in degeregelde verzekering in een instelling verblijft. 2002 130 11-07-2002 08-07-2002 Z-2296829 2002 130 11-07-2002 08-07-2002 Z-2296829 13-07-2002
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 4, tweede lid, onder d, van de Ziekenfondswet Indien een kind als bedoeld invóór zijn ongeschiktheid tot werken arbeid heeft verricht, wordt als hetgeen lichamelijke en geestelijk gezonde kinderen, die overigens in gelijke omstandigheden verkeren, kunnen verdienen, beschouwd het loon, dat een arbeider van dezelfde leeftijd en hetzelfde geslacht in het beroep van het kind voor zijn ongeschiktheid tot werken pleegt te verdienen in de gemeente, waarin het kind woonachtig is, of in een naburig soortgelijke gemeente. 2 Indien een kind, bedoeld in het vorige lid, voor zijn ongeschiktheid tot werken geen arbeid heeft verricht, wordt als hetgeen lichamelijk en geestelijk gezonde kinderen, die overigens in gelijke omstandigheden verkeren, kunnen verdienen, beschouwd het minimum salaris in een gemeente, waarin het kind woonachtig is, voor een kind van dezelfde leeftijd en hetzelfde geslacht, volgens de salarisregeling geldende voor het bankbedrijf. 1987 221 16-11-1987 04-11-1987 804255 1987 221 16-11-1987 04-11-1987 804255 01-01-1988
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Een verzekerde wordt als kostwinner aangmerkt, indien het loon van de verzekerde in de regel ten minste de helft bedraagt van het totale inkomen van de verzekerde, vermeerderd met dat van zijn echtgenote of haar echtgenoot. Hierbij wordt tot het loon van de verzekerde gerekend het loon van zijn echtgenote of van haar echtgenoot. artikel 3d, eerste lid, van de Ziekenfondswet artikel 3d, vierde lid, van de Ziekenfondswet Voor een verzekerde op grond vanwordt onder loon uitsluitend verstaan, het krachtensvastgestelde inkomen. artikel 3e, eerste lid, van de Ziekenfondswet artikel 3e, tweede lid, onderdeel b, van de Ziekenfondswet Voor een verzekerde op grond vanwordt onder loon uitsluitend verstaan, het krachtensvastgestelde inkomen. artikel 1, tweede lid, van de Ziekenfondswet Onder echtgenoot of echtgenote wordt verstaan de echtgenoot of echtgenote, die tot het huishouden van de verzekerde behoort, dan wel degene met wie de verzekerde duurzaam een gezamenlijke huishouding voert als bedoeld in. 2 Ziekenfondswet Voor de toepassing van het eerste lid, eerste volzin, wordt onder loon verstaan hetgeen wordt genoten uit een of meer arbeidsverhoudingen, waarop de verzekering steunt, alsmede een uitkering waarop de verzekering steunt, alsook alle overige inkomsten waarover premie ingevolge deverschuldigd is. artikelen 11 19 van de Wet rechtspositionele voorzieningen rampbestrijders Indien een in de vorige volzin bedoelde uitkering slechts ten dele wordt uitbetaald wegens samenloop met een uitkering ingevolge deofdan wel de sociale wetgeving van een andere mogendheid, wordt deze voor de toepassing van het eerste lid geacht ten volle te worden uitbetaald. Algemene Kinderbijslagwet artikel 32, eerste lid, van de Wet op de loonbelasting 1964 Niet als loon wordt aangemerkt kinderbijslag ingevolge deof een andere kinderbijslagregeling in welke vorm of onder welke benaming ook, die geldt voor de groep, waartoe de betrokkene behoort, alsmede loon, dat in geblokkeerde vorm wordt gespaard ingevolge een spaarloonregeling als bedoeld inof artikel IX van de Wet van 1 november 1993 tot wijziging van een aantal andere wetten inzake belastingen, alsmede van een aantal andere wetten met het oog op het bevorderen van werknemersparticipaties en winstdelings- en spaarregelingen voor werknemers. 3 Algemene Kinderbijslagwet artikel 32, eerste lid, van de Wet op de loonbelasting 1964 Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder inkomen verstaan het inkomen, uitgezonderd kinderbijslag ingevolge deof een andere kinderbijslagregeling in welke vorm of onder welke benaming ook, die geldt voor de groep waartoe de betrokkene behoort, alsmede loon, dat in geblokkeerde vorm wordt gespaard ingevolge een spaarloonregeling als bedoeld inof artikel IX van de Wet van 1 november 1993 tot wijziging van een aantal andere wetten inzake belastingen, alsmede van een aantal andere wetten met het oog op het bevorderen van werknemersparticipaties en winstdelings- en spaarregelingen voor werknemers. 4 artikel 1, eerste lid, onder c en d In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, wordt de verzekerde, bedoeld in, aangemerkt als kostwinner van het in die onderdelen bedoelde kind. 5 artikel 1, onderdeel i, van de Werkloosheidswet Voor de toepassing van het eerste lid wordt geen rekening gehouden met de wijzigingen van het loon als gevolg van het genieten van onbetaald verlof in de zin vandan wel de op de verzekerde of zijn echtgenote dan wel haar echtgenoot van toepassing zijnde publiekrechtelijke regeling inzake onbetaald verlof of ouderschapsverlof. 6 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Voor de toepassing van het eerste lid wordt geen rekening gehouden met de wijzigingen van het loon als gevolg van een verhindering de arbeid te verrichten ten gevolge van ziekte, tenzij de betrokkene ter zake van de verhindering inmiddels een uitkering op grond van de verplichte verzekering ingevolge deof een daarmee vergelijkbare uitkering geniet. 7 artikel 7 van de Ziektewet Voor de toepassing van het eerste lid wordt met ingang van de dag voorafgaand aan de dag waarop de verzekerde ingevolgeals werknemer in de zin van die wet wordt beschouwd, gedurende een jaar geen rekening gehouden met de wijzigingen van het loon als gevolg van het niet verrichten van arbeid wegens werkloosheid. 2001 214 05-11-2001 31-10-2001 Z/VV-2226736 2001 547 20-11-2001 Z/VV-2226736 01-01-2002
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 4, dertiende lid, van de Ziekenfondswet Onder inkomen van het kind als bedoeld inwordt mede verstaan gelden, welke aan de verzekerde die voor een kind aanspraak maakt op medeverzekering, ten behoeve van dat kind zijn uitgekeerd. 2 artikel 4, dertiende lid, van de Ziekenfondswet Regeling inkomen kinderbijslag 1997 Voor de bepaling van het inkomen van het kind als bedoeld in, worden niet in aanmerking genomen inkomsten uit vakantiewerk tot ten hoogste het bedrag aan inkomen uit vakantiewerk genoemd in de. 3 Onder vakantiewerk als bedoeld in het vorige lid wordt verstaan het verrichten van werkzaamheden, welke voor een beperkte duur zijn aangegaan en in de zomervakantie worden verricht, mits deze werkzaamheden geen deel uitmaken van het onderwijs of de beroepsopleiding van het kind. 2002 130 11-07-2002 08-07-2002 Z-2296829 2002 130 11-07-2002 08-07-2002 Z-2296829 10-07-2002
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Vervallen. 1990 145 30-07-1990 20-07-1990 VMP/VVU-415210 1990 156 14-08-1990 VMP/VVU-415413 1990 145 30-07-1990 20-07-1990 VMP/VVU-415210 15-08-1990 01-08-1989 1990 156 14-08-1990 VMP/VVU-415413
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Een kind dat medeverzekerd is op grond van de verzekering van meer dan één persoon, geldt als medeverzekerd op grond van de verzekering van degene tot wiens huishouden het kind behoort. Indien meer dan één van de vorenbedoelde personen deel uitmaken van het huishouden waartoe het kind behoort, dan wel indien het kind niet behoort tot het huishouden van een van vorenbedoelde personen, geldt het kind als medeverzekerd op grond van de verzekering van slechts één van die personen. De betreffende personen bepalen in overleg met het ziekenfonds op grond van wiens verzekering het kind als medeverzekerde geldt. Ingeval het kind behoort tot het huishouden van één van zijn ouders en het kind dat huishouden verlaat, blijft het gelden als medeverzekerde bij de verzekering van die ouder, zolang het niet is gaan behoren tot het huishouden van een ander van de in de eerste volzin bedoelde personen. 1987 221 16-11-1987 04-11-1987 804255 1987 221 16-11-1987 04-11-1987 804255 01-01-1988
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Besluit regeling medeverzekering ziekenfondsverzekering Het1983 (Stcrt. 1982, 253) wordt ingetrokken. 1987 221 16-11-1987 04-11-1987 804255 1987 221 16-11-1987 04-11-1987 804255 01-01-1988
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 De regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 1988. 1987 221 16-11-1987 04-11-1987 804255 1987 221 16-11-1987 04-11-1987 804255 01-01-1988
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Regeling medeverzekering ziekenfondsverzekering Deze regeling wordt aangehaald als:. 1997 250 30-12-1997 29-12-1997 VPZ/V-97.4754 1997 777 30-12-1997 24-12-1997 25687 01-01-1998
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Vervallen. 1995 105 02-06-1995 30-05-1995 VMP/VVU-951257 1995 105 02-06-1995 30-05-1995 VMP/VVU-951257 04-06-1995 Werkt voor artikel 6 terug tot en met 1 januari 1994.