Besluit aanwijzing categorieën zendinrichtingen en vaststelling toelatingscriteria
- BWB-id
- BWBR0004457
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 1996-09-01 t/m 2013-03-14
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0004457
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1989/besluit-aanwijzing-categorie-n-zendinrichtingen-en-vaststell
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1989/besluit-aanwijzing-categorie-n-zendinrichtingen-en-vaststell/1996-09-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0004457&g=1996-09-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0004457&z=2026-06-06&g=1996-09-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0004457/1996-09-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1989/besluit-aanwijzing-categorie-n-zendinrichtingen-en-vaststell
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Zendinrichtingen waarvoor een machtiging is vereist worden onderscheiden in zendinrichtingen bestemd voor vrijetijdstoepassingen en zendinrichtingen bestemd voor andere doeleinden. 1988 254 30-12-1988 19-12-1988 TP10.403 1988 550 30-12-1988 01-12-1988 01-01-1989 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de telecommunicatievoorzieningen in werking treedt.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Zendinrichtingen bestemd voor vrijetijdstoepassingen zijn zendinrichtingen werkende in de 27-MHz-frequentieband ten behoeve van niet-ingezetenen en van bedrijven in het beroepsgoederenvervoer. 1990 179 14-09-1990 30-08-1990 HDTP/O/36849 1990 179 14-09-1990 30-08-1990 HDTP/O/36849 01-01-1991
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Vervallen 1990 179 14-09-1990 30-08-1990 HDTP/O/36849 1990 179 14-09-1990 30-08-1990 HDTP/O/36849 01-01-1991
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Zendinrichtingen bestemd voor andere doeleinden worden ingedeeld in de navolgende categorieën: a. zendinrichtingen voor de burgerluchtvaart welke worden gebruikt voor het bevorderen van de veiligheid van de luchtvaart en de regelmaat van het luchtverkeer; b. zendinrichtingen voor de scheepvaart welke worden gebruikt ten dienste van de veiligheid van de scheepvaart danwel ten dienste van het al dan niet openbare verkeer; c. zendinrichtingen voor het doen van onderzoekingen; d. zendinrichtingen die door ondernemers worden vervaardigd, verhandeld, geëxporteerd, gerepareerd of geïnstalleerd; e. zendinrichtingen voor ander gebruik. 1989 145 28-07-1989 27-07-1989 HDTP/O/20.813 1989 145 28-07-1989 27-07-1989 HDTP/O/20.813 01-08-1989
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Zendinrichtingen voor de burgerluchtvaart worden verdeeld in de navolgende sub-categorieën: a. grondstations op luchtvaartterreinen zonder verkeersleiding; b. grondstations van luchtvaartmaatschappijen; c. mobiele grondstations voor de recreatieve luchtvaart; d. zendinrichtingen voor gebruik aan boord van luchtvaartuigen; e. grondstations ten behoeve van bijzonder gebruik in de luchtvaartmobiele en luchtvaartnavigatiebanden. 1988 254 30-12-1988 19-12-1988 TP10.403 1988 550 30-12-1988 01-12-1988 01-01-1989 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de telecommunicatievoorzieningen in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Zendinrichtingen voor de scheepvaart worden verdeeld in de navolgende sub-categorieën: a. maritieme VHE en UHF radiotelefonen; b. MF en HF radiotelefonen en radiotelegrafen; c. radar; d. zendinrichtingen voor satellietcommunicatie. 1988 254 30-12-1988 19-12-1988 TP10.403 1988 550 30-12-1988 01-12-1988 01-01-1989 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de telecommunicatievoorzieningen in werking treedt.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Zendinrichtingen voor het doen van onderzoekingen worden verdeeld in de sub-categorieën A, C en N, welke worden onderscheiden door de voor elk van deze categorieën toegewezen frequentiebanden en de toegestane zendvermogens, zoals is aangegeven in de tabel van de bijlage behorende bij dit besluit. 1988 254 30-12-1988 19-12-1988 TP10.403 1988 550 30-12-1988 01-12-1988 01-01-1989 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de telecommunicatievoorzieningen in werking treedt.
Artikel 7a — Artikel 7a#
Artikel 7a Zendinrichtingen die door ondernemers worden vervaardigd, verhandeld, geëxporteerd, gerepareerd of geïnstalleerd worden verdeeld in subcategorieën van de klasse I, II en III, overeenkomstig de indeling in de Ondernemersregeling zendinrichtingen (Stcrt. 1988, 254). 1989 145 28-07-1989 27-07-1989 HDTP/O/20.813 1989 145 28-07-1989 27-07-1989 HDTP/O/20.813 01-08-1989
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Zendinrichtingen voor ander gebruik worden verdeeld in sub-categorieën van zendinrichtingen bestemd voor: a. zakelijke radiocommunicatie (VHF, UHF Radiotelefonen voor landmobiel gebruik, VHF/UHF Radiotelefonen met beperkt afstandsbereik voor landmobiel gebruik en HF radiotelefonen voor landmobiel gebruik); b. induktieve oproepen; c. hoogfrequente oproepen; d. radiobeveiliging en Radio alarmering; e. radio-afstandsbediening, met uitzondering van zendinrichtingen voor het besturen of bedienen van speelgoed of modellen van vaar-, voer- en luchtvaartuigen; f. telemetrie; g. HF radiotelefonie ten behoeve van gebruik in noodsituaties; h. draadloze audioverbindingen; i. beproevingsdoeleinden; j. het Nederlandse Rode Kruis; k. lokale radio-omroep; l. militaire TV- en radio-omroep; m. walradar; n. plaatsbepalingen; o. straalverbindingen; p. datamonitor en soortgelijke tele-informatiediensten; q. verzamelaars van zendinrichtingen welke zendinrichtingen een historische waarde vertegenwoordigen (museum-machtiging): r. overig gebruik, waarvan de aard van dat gebruik in de aan de machtiging te verbinden voorschriften en beperkingen nader is aangegeven. 1991 217 07-11-1991 28-10-1991 0/93015 1991 217 07-11-1991 28-10-1991 0/93015 09-11-1991
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Luchtvaartwet Regeling Toezicht Luchtvaart Een machtiging ten behoeve van zendinrichtingen voor de burgerluchtvaart kan worden verleend aan natuurlijke of rechtspersonen, in overeenstemming met de gestelde regels in de(Stb. 1958, 47) en de(Stb. 1959, 67). 1988 254 30-12-1988 19-12-1988 TP10.403 1988 550 30-12-1988 01-12-1988 01-01-1989 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de telecommunicatievoorzieningen in werking treedt.
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Een machtiging voor categorieën zendinrichtingen voor de scheepvaart kan aan natuurlijke personen van 16 jaar en ouder worden verleend indien dezen in het bezit zijn van een voor de bediening van de zendinrichtingen vereist geldig certificaat alsmede aan rechtspersonen. 1988 254 30-12-1988 19-12-1988 TP10.403 1988 550 30-12-1988 01-12-1988 01-01-1989 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de telecommunicatievoorzieningen in werking treedt.
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Een machtiging voor zendinrichtingen voor het doen van onderzoekingen van de categorieën A en C kan worden verleend aan natuurlijke personen van 14 jaar en ouder die met gunstig gevolg het examen hebben afgelegd. Een machtiging voor zendinrichtingen voor het doen van onderzoekingen van de categorie N kan worden verleend aan natuurlijke personen van 12 jaar en ouder die met gunstig gevolg het examen hebben afgelegd. 2 Een machtiging voor zendinrichtingen voor het doen van onderzoekingen van de categorie A kan worden verleend aan verenigingen van radiozendamateurs die volledige rechtsbevoegdheid bezitten. 3 Een machtiging voor zendinrichtingen voor het doen van onderzoekingen van de categoriën A of C kan worden verleend aan onderwijsinstellingen waarvan het doen van onderzoekingen met zendinrichtingen essentieel is voor het geven van het onderwijs. 4 Aan natuurlijke of rechtspersonen welke naar het oordeel van de Minister geacht kunnen worden op enigerlei wijze in het belang van de radiowetenschap werkzaam te zijn kan een machtiging worden verleend voor zendinrichtingen voor het doen van onderzoekingen van een door de Minister te bepalen categorie, tenzij een bijzonder doel beperktere of andere bevoegdheden rechtvaardigt. 1996 163 26-08-1996 12-08-1996 HDTP/RDR/349163.JZ 1996 163 26-08-1996 12-08-1996 HDTP/RDR/349163.JZ 01-09-1996
Artikel 11a — Artikel 11a#
Artikel 11a Een machtiging voor zendinrichtingen die door ondernemers worden vervaardigd, verhandeld, geëxporteerd, gerepareerd of geïnstalleerd kan alleen aan ondernemers worden verleend indien zij als zodanig zijn ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel en Fabrieken en kunnen aantonen dat zij een redelijk belang hebben bij de gevraagde machtiging. 1989 145 28-07-1989 27-07-1989 HDTP/O/20.813 1989 145 28-07-1989 27-07-1989 HDTP/O/20.813 01-08-1989
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Een machtiging ten behoeve van zendinrichtingen voor ander gebruik, alsmede ten behoeve van zendinrichtingen voor de burgerluchtvaart en de scheepvaart kan alleen aan natuurlijke- of rechtspersonen worden verleend, indien zij kunnen aantonen dat zij een redelijk belang hebben bij het gebruik van de zendinrichtingen. 1988 254 30-12-1988 19-12-1988 TP10.403 1988 550 30-12-1988 01-12-1988 01-01-1989 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de telecommunicatievoorzieningen in werking treedt.
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Geen machtiging is vereist voor de navolgende categorieën zendinrichtingen als bedoeld in artikel E.1 van het Besluit radio elektrische inrichtingen; a. telemetrie; b. radio-alarmering en radiobeveiliging; c. Afstandbesturing, waaronder zendinrichtingen voor het besturen of bedienen van speelgoed of modellen van vaar-, voer- en luchtvaartuigen (modelbesturing); d. mini hoogfrequent oproepinrichtingen; e. draadloze microfonen; f. zendinrichtingen bestemd voor spraakoverdracht over korte afstanden in de prive-sfeer; g. zendinrichtingen die functioneren volgens het inductieve principe met een of meer horizontaal gelegen ringleidingen; h. randapparatuur die bestemd is voor aansluiting op de telefoondienst voor de functie koordloos telefoneren en daarvoor is goedgekeurd; i. randapparatuur die bestemd is voor aansluiting op de autotelefoondienst en daarvoor is goedgekeurd; j. zendinrichtingen voor algemene radiocommunicatie in de 27 MHz-frequentieband (MARC); k. mobiele VHF/UHF radiotelefonen voor landmobiel gebruik die daadwerkelijk en krachtens een daartoe gesloten overeenkomst onderdeel zijn van een besloten netwerk, dat deel is van een gemachtigd radionetwerk met dynamische frequentietoewijzing (trunkinginstallatie); l. randapparatuur, bestemd voor aansluiting op een openbaar satellietsysteem, ten behoeve van mobiele communicatie, die daarvoor is goedgekeurd, met uitzondering van het nood-, spoed- en veiligheidsverkeer. m. zendinrichtingen voor digitale Europese koordloze telecommunicatie in de frequentieband van 1880–1900 MHz (DECT apparatuur) alsmede in andere frequentiebanden werkende RLANS en HIPERLANS. 1994 30 11-02-1994 02-02-1994 HDTP/O/195882.JZ 1994 30 11-02-1994 02-02-1994 HDTP/O/195882.JZ 13-02-1994
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 De aanwijzing zendinrichtingen categorie C van 28 januari 1987 (Stcrt. 1987, 26) wordt ingetrokken. 2 Dit besluit treedt in werking met ingang van de inwerkingtreding van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen en kan worden aangehaald als: Besluit aanwijzing categorieën zendinrichtingen en vaststelling toelatingscriteria. 1988 254 30-12-1988 19-12-1988 TP10.403 1988 550 30-12-1988 01-12-1988 01-01-1989 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet op de telecommunicatievoorzieningen in werking treedt.
Artikel 7#
artikel 7