Instelling Evaluatiecommissie Wet algemene bepalingen milieuhygiëne
- BWB-id
- BWBR0004882
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1993-03-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0004882
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1990/instelling-evaluatiecommissie-wet-algemene-bepalingen-milieu
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1990/instelling-evaluatiecommissie-wet-algemene-bepalingen-milieu/1993-03-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0004882&g=1993-03-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0004882&z=2026-06-06&g=1993-03-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0004882/1993-03-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1990/instelling-evaluatiecommissie-wet-algemene-bepalingen-milieu
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Wet milieubeheer Voor de duur van ten hoogste acht jaren wordt ingesteld de Evaluatiecommissie, verder te noemen: de commissie. 1993 37 23-02-1993 15-02-1993 MBB08293014 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De commissie heeft tot taak: a. artikel 21.2 van de Wet milieubeheer Wet milieubeheer Wet milieubeheer de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van advies te dienen met betrekking tot de opzet en de inhoud van het ingevolgeaan de Staten-Generaal uit te brengen verslag over de wijze waarop de—nader te noemen: de wet—is toegepast, rekening houdend met de uitbouw van deze wet tot de. Met name zal worden gekeken naar de effectiviteit van de wettelijke regelingen. De commissie zal tijdig voor 1 september 1993 en 1 september 1998 een desbetreffend evaluatierapport uitbrengen. b. de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van advies te dienen over de werking van algemene maatregelen van bestuur ingevolge artikel 2a van de Hinderwet. Het eerste advies wordt uiterlijk 1 april 1991 uitgebracht. c. op verzoek van de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer of eigener beweging de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, te adviseren over mogelijkheden tot verbetering van in de praktijk gebleken tekortkomingen van milieuregelgeving, met name uit een oogpunt van uitvoerbaarheid, handhaafbaarheid en effectiviteit, mede in het perspectief van het streven naar duurzame ontwikkeling. 1993 37 23-02-1993 15-02-1993 MBB08293014 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 De commissie bestaat tenminste uit de volgende leden: a. prof. dr. A. B. Ringeling, hoogleraar Bestuurskunde aan de Erasmusuniversiteit in Rotterdam, voorzitter; b. prof. dr. J. T. A. Bressers, hoogleraar Milieubeleid aan de Universiteit Twente, plv. voorzitter; c. prof. mr. P. C. Gilhuis, hoogleraar Staats- en bestuursrecht, met inbegrip van het recht van de ruimtelijke ordening en het milieurecht, aan de Katholieke Universiteit Brabant; prof. dr. W. A. Hafkamp, hoogleraar Milieu- en natuurvraagstukken aan de Katholicke Universiteit Brabant; prof. dr. M. Herweijer, hoogleraar Bestuurskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen; d. mr. H. J. A. M. van Geest, Nijmegen, secretaris. 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 01-12-1990
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Namens de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer zal een door hem aan te wijzen vaste vertegenwoordiger de vergaderingen van de commissie bijwonen. 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 01-12-1990
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De commissie kan haar werkwijze naar eigen inzicht regelen De commissie stelt hiertoe een werkplan vast, na de Minister in de gelegenheid te hebben gesteld om op een ontwerp ervan te reageren. 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 01-12-1990
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 wet De commissie hoort, indien zij dat voor een goede vervulling van de haar opgedragen taak wenselijk acht, degenen die bij de uitvoering van debetrokken zijn. 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 01-12-1990
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De voor het functioneren van de commissie noodzakelijk geachte kosten komen ten laste van de begroting van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. Voor het gebruik maken van de diensten van derden alsmede apparaatskosten krijgt de commissie een budget ter beschikking gesteld, dat jaarlijks in overleg met de directeur Bestuurszaken wordt vastgesteld. 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 01-12-1990
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de commissie geschiedt met inachtneming van de bepalingen van het Besluit algemene secretarie-aangelegenheden rijksadministratie (Stb. 1980, 182) op overeenkomstige wijze als bij het departement van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. 2 De bescheiden worden bij opheffing van de commissie in het Centraal Archief van dit departement opgenomen. Deze beschikking en de bijbehorende toelichting zullen worden bekendgemaakt in de Nederlandse Staatscourant en in afschrift worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer en aan belanghebbenden. 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 1990 208 25-10-1990 15-10-1990 Mbb/27990026 01-12-1990