Uitvoeringsregelingen Wet toezicht beleggingsinstellingen (ex art. 14)
- BWB-id
- BWBR0004879
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Financiën
- Geldigheid
- 2006-02-28 t/m 2006-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0004879
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1990/vrijstellingsregeling-wet-toezicht-beleggingsinstellingen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1990/vrijstellingsregeling-wet-toezicht-beleggingsinstellingen/2006-02-28
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0004879&g=2006-02-28
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0004879&z=2026-06-06&g=2006-02-28
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0004879/2006-02-28
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1990/vrijstellingsregeling-wet-toezicht-beleggingsinstellingen
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen Van de invervatte verboden wordt vrijstelling verleend indien de gelden of andere goederen ter deelneming in een beleggingsinstelling uitsluitend worden gevraagd aan of verkregen van natuurlijke personen of rechtspersonen die beroeps- of bedrijfsmatig handelen of beleggen in beleggingsproducten dan wel indien de rechten van deelneming in een beleggingsinstelling als hiervoor bedoeld uitsluitend worden aangeboden aan deze categorie natuurlijke personen en rechtspersonen, of die wordt gecombineerd met een aanbieding van effecten die vanis vrijgesteld op grond van het in deze regeling bepaalde. 2 Aan de vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, wordt het voorschrift verbonden dat in het aanbod dan wel in advertenties of documenten waarin het aanbod in het vooruitzicht wordt gesteld, wordt vermeld dat het aanbod uitsluitend is onderscheidenlijk zal zijn gericht tot de in het eerste lid bedoelde personen, dan wel dat het aanbod wordt gecombineerd met een of meerdere vrijstellingen uit deze paragraaf. 2005 247 20-12-2005 19-12-2005 2005 677 29-12-2005 15-12-2005 01-01-2006 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet financiële dienstverlening in werking treedt.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen Besluit particuliere participatiemaatschappijen Regeling seed capital technostarters Van de invervatte verboden ter zake van het ter deelneming vragen of verkrijgen van gelden of andere goederen, wordt vrijstelling verleend aan ondernemingen en instellingen die zijn erkend als particuliere participatiemaatschappijen ingevolge het(Stb. 1994, 318) of die zijn erkend als startersfondsen onder de(Stcrt. 2005, 62). 2 artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen Van de invervatte verboden wordt vrijstelling verleend aan participatiemaatschappijen, niet zijnde particuliere participatiemaatschappijen als bedoeld in het eerste lid, voor zover: a. artikel 1 de aandelen van de ondernemingen die worden gehouden door de participatiemaatschappijen moeilijk dan wel in het geheel niet te plaatsen zijn bij andere dan de natuurlijke personen of rechtspersonen, bedoeld in; en b. de participatiemaatschappijen op grond van een schriftelijk vastgelegde overeenkomst, die een beëindigingsregeling bevat, het bestuur of de raad van commissarissen van de ondernemingen waarvan de aandelen worden gehouden kunnen benoemen, schorsen of ontslaan dan wel op andere wijze invloed kunnen uitoefenen op het bestuur en het dagelijks beleid. 2005 167 30-08-2005 26-08-2005 FM2005-02099 2005 403 04-08-2005 23-07-2005 01-09-2005 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Wet toezicht beleggingsinstellingen (modernisering wet en implementatie richtlijnen 2001/107/EG en 2001/108/EG) in werking treedt.
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a 1 artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen Van de invervatte verboden wordt vrijstelling verleend indien: a. de gelden of andere goederen worden gevraagd of verkregen ter deelneming in een beleggingsinstelling waarvan het balanstotaal voor minder dan 50% bestaat uit beleggingen dan wel indien rechten van deelneming in een dergelijke beleggingsinstelling worden aangeboden, en b. minder dan 50% van de totale gerealiseerde opbrengsten gegenereerd wordt uit beleggingen. 2 De in het vorige lid onder a en b genoemde criteria worden bepaald ongeacht de presentatie in de jaarrekening en vastgesteld per balansdatum einde boekjaar. 2005 167 30-08-2005 26-08-2005 FM2005-02099 2005 403 04-08-2005 23-07-2005 01-09-2005 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Wet toezicht beleggingsinstellingen (modernisering wet en implementatie richtlijnen 2001/107/EG en 2001/108/EG) in werking treedt.
Artikel 2b — Artikel 2b#
Artikel 2b 1 artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen Van de invervatte verboden wordt vrijstelling verleend voor zover het betreft: a. artikel 1 het middellijk of onmiddellijk aanbieden van rechten van deelneming in een beleggingsinstelling aan minder dan 100 natuurlijke personen of rechtspersonen, niet zijnde natuurlijke personen of rechtspersonen als bedoeld in, per staat; b. het middellijk of onmiddellijk aanbieden van rechten van deelneming in een beleggingsinstelling die slechts kunnen worden verworven tegen een tegenwaarde van ten minste € 50.000 per deelnemer; of c. het middellijk of onmiddellijk aanbieden van rechten van deelneming in een beleggingsinstelling met een nominale waarde per recht van deelneming van ten minste € 50.000. 2 artikel 19g Wet op de loonbelasting 1964 Het bepaalde in het eerste lid onderdeel b en c is niet van toepassing op beheerders van beleggingsinstellingen die voorzieningen aanhouden in het kader van een levensloopregeling als bedoeld in. 2006 41 27-02-2006 20-02-2006 FM2006-00434 2006 41 27-02-2006 20-02-2006 FM2006-00434 28-02-2006
Artikel 2c — Artikel 2c#
Artikel 2c 1 artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen Van het invervatte verboden wordt vrijstelling verleend voor het aanbieden van rechten van deelneming, aan bestuurders, leden van de raad van commissarissen of werknemers van de beleggingsinstelling van die rechten van deelneming, of aan bestuurders, leden van de raad van commissarissen of werknemers van een met die beleggingsinstelling in een groep verbonden rechtspersoon, vennootschap of instelling. 2 artikel 19g van de Wet op de loonbelasting 1964 Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op beheerders van beleggingsinstellingen die voorzieningen aanhouden in het kader van een levensloopregeling als bedoeld in. 2005 247 20-12-2005 19-12-2005 2005 677 29-12-2005 15-12-2005 01-01-2006 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet financiële dienstverlening in werking treedt.
Artikel 2d — Artikel 2d#
Artikel 2d artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen Ter zake van de invervatte verboden kunnen meerdere van de in deze regeling opgenomen vrijstellingen gelijktijdig van toepassing zijn. 2005 247 20-12-2005 19-12-2005 2005 677 29-12-2005 15-12-2005 01-01-2006 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet financiële dienstverlening in werking treedt.
Artikel 2e — Artikel 2e#
Artikel 2e artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen artikel 17c, eerste lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen artikel 5, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen Van de invervatte verboden wordt tot 1 juli 2006 vrijstelling verleend indien de beheerder of de beleggingsinstelling afkomstig is uit een staat die is aangewezen op grond van het Besluit van de Minister van Financiën tot aanwijzing van staten als bedoeld inen aan de beheerder of de beleggingsinstelling voor 1 september 2005 een vergunning is verleend als bedoeld in(oud). 2006 41 27-02-2006 20-02-2006 FM2006-00434 2006 41 27-02-2006 20-02-2006 FM2006-00434 28-02-2006
Artikel 2f — Artikel 2f#
Artikel 2f Deze regeling wordt aangehaald als: Vrijstellingsregeling Wet toezicht beleggingsinstellingen. 2006 41 27-02-2006 20-02-2006 FM2006-00434 2006 41 27-02-2006 20-02-2006 FM2006-00434 28-02-2006 Voorheen artikel 2e.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Wet toezicht beleggingsinstellingen Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop dein werking treedt. 1990 198 11-10-1990 09-10-1990 BGW90/1952 1990 505 11-10-1990 25-09-1990 15-10-1990 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet toezicht beleggingsinstellingen in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst. 1990 198 11-10-1990 09-10-1990 BGW90/1952 1990 505 11-10-1990 25-09-1990 15-10-1990 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet toezicht beleggingsinstellingen in werking treedt.