Instelling Commissie Evaluatie Militair Straf- en Tuchtrecht
- BWB-id
- BWBR0005462
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1992-06-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0005462
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1992/instelling-commissie-evaluatie-militair-straf-en-tuchtrecht
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1992/instelling-commissie-evaluatie-militair-straf-en-tuchtrecht/1992-06-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0005462&g=1992-06-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0005462&z=2026-06-06&g=1992-06-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0005462/1992-06-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1992/instelling-commissie-evaluatie-militair-straf-en-tuchtrecht
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Er is een Commissie Evaluatie Militair Straf- en Tuchtrecht, hierna te noemen de commissie. 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 01-06-1992
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De commissie is als volgt samengesteld: Voorzitter: Prof. Mr. J. de Ruiter, oud-Minister van Justitie en van Defensie: Leden: Mevrouw Mr. W. Sorgdrager, procureur-generaal bij het gerechtshof te Arnhem; Mr. L. R. van der Weij, president van de arrondissementsrechtbank te Arnhem; G. L. J. Huyser, Generaal b.d. voormalig Chef Defensiestaf; J. F. G. A. M. Maas, Luitenant-generaal. Inspecteur Generaal der Krijgsmacht; Mr. S. W. P. C. Braunius, Kapitein ter Zee van administratie b.d. voormalig Hoofd Militair Juridische zaken bij de Marinestaf; Prof. mr. Th. de Roos, Hoogleraar Straf- en Strafprocesrecht aan de Rijksuniversiteit Limburg. Advocaat en Procureur te Amsterdam; Adviserende leden: Dr. S. B. Ybema, Directeur Juridische Zaken. Ministerie van Defensie; Dr. D. W. Steenhuis, Hoofd Centrale Directie Wetenschapsbeleid en Ontwikkeling, Ministerie van Justitie. 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 01-06-1992
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 De commissie heeft tot taak aan de Minister van Justitie en de Staatssecretaris van Defensie rapport uit te brengen met betrekking tot de praktijk, zoals die zich voordoet bij de toepassing van het herziene militaire straf-, strafproces- en tuchtrecht, in welk rapport de commissie conclusies uit het in onze opdracht te verrichten en door de commissie te begeleiden evaluatieonderzoek kan neerleggen en, indien de commissie daartoe aanleiding aanwezig acht, aanbevelingen op grond van deze conclusies kan doen. 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 01-06-1992
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 a Aan de commissie is een secretariaat toegevoegd. Dit secretariaat staat onder leiding van de secretaris. b Het secretariaat is voor de uitoefening van zijn taak verantwoording schuldig aan de voorzitter van de commissie. 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 01-06-1992
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 3 Het inbedoelde evaluatieonderzoek zal worden verricht door een door ons aan te wijzen onderzoeksinstituut. Over de te geven onderzoeksopdracht zal de commissie worden gehoord. 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 01-06-1992
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Zowel de commissie als het aan te wijzen onderzoeksinstituut zijn bevoegd zich rechtstreeks te wenden tot alle autoriteiten, instanties en personen. 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 01-06-1992
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De niet-ambtelijke leden van de commissie ontvangen een vergoeding. 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 01-06-1992
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De commissie neemt bij haar werkzaamheden zodanige voorzorgen in acht, dat de persoonlijke levenssfeer van de bij het onderzoek te betrekken personen wordt gewaarborgd. 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 01-06-1992
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Een ieder die betrokken is bij de werkzaamheden van de commissie en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift terzake van die gegevens geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding daarvan, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot bekendmaking verplicht of uit zijn werkzaamheden ten behoeve van de commissie de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit. 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 01-06-1992
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 a De commissie brengt zo mogelijk binnen twaalf maanden na instelling rapport uit. b De commissie dient haar bevindingen schriftelijk vast te leggen in een eindrapport. 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 01-06-1992
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Dit besluit, waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer, zal met toelichting worden geplaatst in de Staatscourant en treedt in werking op 1 juni 1992. 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 1992 79 23-04-1992 27-03-1992 CST92/0117 01-06-1992