Regeling samenloop arbeidsongeschiktheidsuitkering met inkomsten uit arbeid
- BWB-id
- BWBR0006468
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0006468
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1994/regeling-samenloop-arbeidsongeschiktheidsuitkering-met-inkom
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1994/regeling-samenloop-arbeidsongeschiktheidsuitkering-met-inkom/2024-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0006468&g=2024-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0006468&z=2026-06-06&g=2024-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0006468/2024-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1994/regeling-samenloop-arbeidsongeschiktheidsuitkering-met-inkom
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. WAO: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering ; b. Waz: Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen ; c. ZW: Ziektewet ; d. WW: Werkloosheidswet ; e. verlof: artikelen 4:2a 6:3 van de Wet arbeid en zorg een tussen de werkgever en de werknemer voor een gedeelte of het geheel van de arbeidstijd overeengekomen periode, waarin de werknemer geen arbeid jegens de werkgever verricht, met uitzondering van verlof als bedoeld in deen; f. pensioen of prepensioen: artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet een uit een dienstbetrekking voortvloeiende periodieke uitkering bij wijze van oudedagsvoorziening, dan wel een uitkering die voorafgaat aan die uitkering of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in; g. loondervingsuitkeringen: 1°. Werkloosheidswet uitkeringen op grond van de; 2°. Ziektewet uitkeringen op grond van de; 3°. artikel 629 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek artikel 76a van de Ziektewet hetgeen wordt genoten op grond vanof de bezoldiging op grond van; 4°. artikelen 6 51 131 van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers uitkeringen op grond van de,en; 5°. artikel 6, eerste lid, onderdeel a of onderdeel b, van de Ziektewet artikel 6, eerste lid, onderdeel a of onderdeel b, van de Werkloosheidswet uitkeringen bij ziekte of werkloosheid op grond van een regeling die geldt voor personen die op grond vanonderscheidenlijk, niet op grond van die wet verzekerd zijn; 6°. artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet een uit een dienstbetrekking voortvloeiende periodieke uitkering bij wijze van oudedagsvoorziening, dan wel een uitkering die voorafgaat aan die uitkering of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in; 7°. uitkeringen op grond van de wetgeving van Aruba, Curaçao, Sint Maarten, of van Nederland ten behoeve van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, een andere Mogendheid of een volkenrechtelijke organisatie die naar aard en strekking overeenkomen met de uitkeringen, bedoeld onder 1° tot en met 6°; 8°. Wet WIA WAO Waz Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten uitkeringen en inkomensvoorzieningen op grond van de, de, deen deen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, die daarmee naar hun strekking overeenkomen. 2021 48016 07-12-2021 23-11-2021 2021-0000176332 2021 595 07-12-2021 26-11-2021 02-08-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet betaald
ouderschapsverlof in werking treedt.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikelen 44, tweede lid, van de WAO 58, tweede lid, van de Waz artikel 16 van de Wet financiering sociale verzekeringen Onder loon als bedoeld in deenwordt verstaan het loon in de zin vanvoor de werknemer in de zin van die wet, met uitzondering van: a. Wet op de loonbelasting 1964 het loon uit vroegere dienstbetrekking in de zin van de; b. Toeslagenwet loondervingsuitkeringen, al dan niet vermeerderd met een toeslag op grond van deen de door de werkgever betaalde aanvullingen op die uitkeringen; c. artikel 31, eerste lid, onderdelen b tot en met h, van de Wet op de loonbelasting 1964 de eindheffingsbestanddelen, bedoeld in. 2 artikelen 44, tweede lid, van de WAO 58, tweede lid, van de Waz Onder loon als bedoeld in deen, wordt tevens verstaan een van de volgende uitkeringen, indien deze wordt genoten omdat de betrokkene arbeid in dienstbetrekking verricht of heeft verricht: a. artikel 6, eerste lid, onderdeel a of b, van de ZW een uitkering bij ziekte krachtens een regeling, die geldt voor personen, die op grond vanniet op grond van die wet verzekerd zijn; b. een uitkering bij ziekte krachtens de sociale wetgeving van een ander land; c. artikel 6, onderdeel a of b, van de WW een uitkering bij werkloosheid krachtens een regeling, die geldt voor personen, die op grond van, niet op grond van die wet verzekerd zijn; d. een uitkering bij werkloosheid krachtens de sociale wetgeving van een ander land; e. artikelen 6 51 131 van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers een uitkering als bedoeld in de,en; f. een uitkering bij zwangerschap, bevalling, adoptie of pleegzorg krachtens de sociale wetgeving van een ander land; 3 ZW WW hoofdstuk 3, afdeling 2, van de Wet arbeid en zorg Indien de uitkering, bedoeld in het tweede lid, of een uitkering op grond van de, deofwegens het verrichten van arbeid in dienstbetrekking, door toedoen van de betrokkene of in verband met het doormaken van een wachtperiode geheel of gedeeltelijk niet wordt uitbetaald, wordt voor de vaststelling van het loon gehandeld alsof die uitkering wel volledig is uitbetaald. 4 ZW WW hoofdstuk 3, afdeling 2, van de Wet arbeid en zorg Indien betrokkene recht heeft op een uitkering op grond van de, deofwegens het verrichten van arbeid in dienstbetrekking, wordt, vanaf de eerste dag van het aangiftetijdvak waarin de uitkering aanvangt, tevens onder loon verstaan het loon dat werd genoten in het aangiftetijdvak voor het aangiftetijdvak waarin het recht ontstond op die uitkering. 5 artikel 629 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek artikel 76a van de ZW artikel 76b, eerste tot en met derde lid, van de ZW Ingeval recht ontstaat op doorbetaling van loon als bedoeld inof van bezoldiging als bedoeld in, wordt vanaf de eerste dag van het aangiftetijdvak waarin dat recht is ontstaan, tevens onder loon verstaan het loon dat werd genoten in het aangiftetijdvak voor het aangiftetijdvak waarin recht ontstond op die doorbetaling van loon of bezoldiging. Indien geen recht op doorbetaling van het loon of bezoldiging bestaat door toepassing van artikel 629, derde of negende lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek of een algemeen verbindend voorschrift als bedoeld in, wordt het loon of bezoldiging in aanmerking genomen als ware er wel recht op doorbetaling. 6 artikel 629 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek artikel 76a van de ZW artikel 76b, eerste tot en met derde lid, van de ZW Indien recht bestaat op doorbetaling van het loon of bezoldiging die naar aard en strekking overeenkomt met loon als bedoeld inof bezoldiging als bedoeld in, wordt vanaf de eerste dag van het aangiftetijdvak waarin dat recht is ontstaan, tevens onder loon verstaan het loon dat werd genoten in het aangiftetijdvak voor het aangiftetijdvak waarin recht ontstond op die doorbetaling van loon of bezoldiging. Indien geen recht op doorbetaling van het loon of bezoldiging bestaat op gronden die naar aard en strekking overeenkomen met artikel 629, derde of negende lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek of, wordt het loon of bezoldiging in aanmerking genomen als ware er wel recht op doorbetaling. 7 Indien betrokkene met verlof is dan wel pensioen of prepensioen ontvangt, wordt vanaf de eerste dag van het aangiftetijdvak waarin het verlof is aangevangen dan wel waarin het recht ontstond op pensioen of prepensioen, tevens onder loon verstaan het loon dat werd genoten in het aangiftetijdvak voor het aangiftetijdvak waarin het verlof is aangevangen dan wel waarin het recht op pensioen of prepensioen ontstond. 8 artikel 1:1 van het Algemeen inkomensbesluit socialezekerheidswetten Bij de vaststelling van het loon worden het in de relevante aangiftetijdvakken opgebouwde bedrag aan vakantiebijslag en de in die tijdvakken opgebouwde looncomponenten ten behoeve van een arbeidsvoorwaardenbedrag als bedoeld inin aanmerking genomen, waarbij het betaalde bedrag aan vakantiebijslag en de uitbetaalde looncomponenten ten laste van een arbeidsvoorwaardenbedrag in die tijdvakken niet in aanmerking worden genomen. 2021 48016 07-12-2021 23-11-2021 2021-0000176332 2021 48016 07-12-2021 23-11-2021 2021-0000176332 01-01-2022 2021 21351 29-04-2021 20-04-2021 2021-0000060830 2021 21351 29-04-2021 20-04-2021 2021-0000060830 01-01-2022
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a 1 artikelen 44, eerste lid, van de WAO 58, eerste lid, van de Waz Onder inkomen als bedoeld in deenwordt verstaan: a. artikel 2 het loon, bedoeld in; b. de volgende uitkeringen die worden genoten omdat betrokkene anders dan in dienstbetrekking arbeid verricht of heeft verricht: 1°. artikel 6, eerste lid, onderdeel a of b, van de ZW een uitkering bij ziekte krachtens een regeling, die geldt voor personen, die op grond vanniet op grond van die wet verzekerd zijn; 2°. een uitkering bij ziekte krachtens de sociale wetgeving van een ander land; 3°. artikel 6, onderdeel a of b, van de WW een uitkering bij werkloosheid krachtens een regeling, die geldt voor personen, die op grond van, niet op grond van die wet verzekerd zijn; 4°. een uitkering bij werkloosheid krachtens de sociale wetgeving van een ander land; 5°. artikelen 6 51 131 van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers een uitkering als bedoeld in de,en; 6°. een uitkering bij zwangerschap, bevalling, adoptie of pleegzorg krachtens de sociale wetgeving van een ander land; c. Wet op de loonbelasting 1964 artikel 1, onderdeel o, van de Wet financiering sociale verzekeringen het loon in de zin van de, voor zover de verzekerde niet als werknemer als bedoeld in, inkomen verdient, met uitzondering van: 1°. Wet op de loonbelasting 1964 het loon uit vroegere dienstbetrekking in de zin van de; 2°. Toeslagenwet loondervingsuitkeringen, al dan niet vermeerderd met een toeslag op grond van deen de door de werkgever betaalde aanvullingen op die uitkeringen; 3°. artikel 31, eerste lid, onderdelen b tot en met h, van de Wet op de loonbelasting 1964 de eindheffingsbestanddelen, bedoeld in; d. paragraaf 3.3.1 paragraaf 3.4.1 van de Wet inkomstenbelasting 2001 artikelen 3.91, eerste lid, onderdelen a en b artikel 3.92 van die wet artikel 2, eerste lid, of onderdeel b het belastbaar loon of het belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden, bedoeld in, onderscheidenlijk, behoudens voor zover het een werkzaamheid betreft als bedoeld in de, en, voor zover de verzekerde geen werknemer is als bedoeld in de; e. paragraaf 3.2.1 van de Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.74 van die wet artikel 3.79a van die wet artikel 3.78, derde lid, onderdelen a, b en c, van die wet de belastbare winst uit onderneming, bedoeld in, vermeerderd met de ondernemersaftrek, bedoeld inen vermeerderd met de MKB-winstvrijstelling, bedoeld in, met dien verstande dat de bestanddelen van de winst, bedoeld in, niet geacht worden te behoren tot de winst; f. Wet arbeid en zorg artikel 3:17, eerste lid, onder a en b, van die wet artikel 4:2b, zevende lid artikel 6:3, zevende lid, van de Wet arbeid en zorg een uitkering op grond van deaan de zelfstandige of de beroepsbeoefenaar op arbeidsovereenkomst, bedoeld in, waaronder mede wordt verstaan een uitkering als bedoeld in, ofaan die persoon. 2 ZW WW hoofdstuk 3, afdeling 2, van de Wet arbeid en zorg Indien een uitkering als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, of een uitkering op grond van de, deofdie niet wordt genoten in verband met het verrichten van arbeid in dienstbetrekking, door toedoen van de betrokkene of in verband met het doormaken van een wachtperiode geheel of gedeeltelijk niet wordt uitbetaald, wordt voor de vaststelling van het inkomen gehandeld alsof die uitkering wel volledig is uitbetaald. 3 Indien de berekening van het resultaat uit overige werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, of de winst, bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, leidt tot een negatief bedrag, wordt het resultaat, onderscheidenlijk de winst op nihil gesteld. 4 ZW WW hoofdstuk 3, afdeling 2, van de Wet arbeid en zorg Indien betrokkene recht heeft op een uitkering op grond van de, deof, wordt, indien deze niet wordt genoten in verband met het verrichten van arbeid in dienstbetrekking, tevens onder inkomen verstaan het inkomen dat laatstelijk werd genoten voor aanvang van de ongeschiktheid tot werken, de werkloosheid of het ontstaan van het recht op uitkering op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, van de Wet arbeid en zorg. 5 artikel 2, eerste lid Indien betrokkene met verlof is dan wel pensioen of prepensioen ontvangt, wordt, indien betrokkene geen werknemer is in de zin van, tevens onder inkomen verstaan het inkomen dat laatstelijk werd genoten voor aanvang van dat verlof, pensioen of prepensioen. 6 artikel 1:1 van het Algemeen inkomensbesluit socialezekerheidswetten Bij de vaststelling van het inkomen wordt het in de relevante aangiftetijdvakken opgebouwde bedrag aan vakantiebijslag en de in die tijdvakken opgebouwde looncomponenten ten behoeve van een arbeidsvoorwaardenbedrag als bedoeld inin aanmerking, waarbij het betaalde bedrag aan vakantiebijslag en de uitbetaalde looncomponenten ten laste van een arbeidsvoorwaardenbedrag in die tijdvakken niet in aanmerking worden genomen. 2021 48016 07-12-2021 23-11-2021 2021-0000176332 2021 595 07-12-2021 26-11-2021 02-08-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet betaald
ouderschapsverlof in werking treedt.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikelen 2, derde, vierde, vijfde of zesde lid 2a, tweede of vierde lid artikel 629 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek Het aan de persoon uit te betalen bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in deen, wordt niet verder beperkt dan tot het volle bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, verminderd met het bedrag van een in artikel 2, vierde lid, of artikel 2a, vierde lid, bedoelde uitkering dan wel het op grond vanontvangen loon. 2 artikel 2, vierde, vijfde, zesde of zevende lid artikel 2a, vierde of vijfde lid In afwijking van, en, wordt bij een per aangiftetijdvak wisselend loon of inkomen, als loon of inkomen aangemerkt het gemiddelde van het loon of inkomen in de drie aangiftetijdvakken voor het aangiftetijdvak waarin: a. artikel 2, vijfde of zesde lid recht ontstond op loondoorbetaling als bedoeld in, b. artikel 2, vierde lid artikel 2a, vierde lid recht ontstond op uitkering als bedoeld in, of; of c. artikel 2, zevende lid artikel 2a, vijfde lid waarin het pensioen, prepensioen of verlof, bedoeld inof, aanving. 2015 17549 30-06-2015 22-06-2015 2015-0000157599 2015 17549 30-06-2015 22-06-2015 2015-0000157599 01-07-2015
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Ten aanzien van de persoon: a. artikel 44, eerste lid, van de WAO artikel 58, eerste lid, van de Waz op wieenvan toepassing is; b. artikel 7, tweede lid, van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten artikel 2.10 van de Wet invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen artikel 3:63 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten voor wie loondispensatie is verkregen als bedoeld inzoals dat artikellid luidde op de dag voordat het op grond vanis vervallen of als bedoeld in; en c. die noodzakelijke persoonlijke ondersteuning geniet: 1º. artikel 31, tweede lid, van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten artikel 2.10 van de Wet invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen artikel 35 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen als bedoeld inzoals dat artikellid luidde op de dag voordat het op grond vanis vervallen of als bedoeld in; dan wel 2º. artikel 31, tweede lid, van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten artikel 2.10 van de Wet invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen artikel 35 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen die voldoet aan dezelfde voorwaarden op grond waarvan persoonlijke ondersteuning genoten zou kunnen worden als bedoeld inzoals dat artikellid luidde op de dag voordat het op grond vanis vervallen of als bedoeld in, maar hiervoor niet in aanmerking komt, aangezien deze persoon reeds op grond van een andere regeling deze ondersteuning geniet, is het tweede lid van toepassing. 2 Indien de som van het per dag tot uitbetaling komende bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkering van de in het eerste lid bedoelde persoon en het door die persoon per dag genoten bedrag aan inkomen, minder bedraagt dan het bij de verrichte arbeid behorende rechtens geldende loon, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering verhoogd totdat deze som gelijk is aan dat rechtens geldende loon, doch ten hoogste tot 120% van het minimumloon. 3 Het tweede lid is eveneens van toepassing ten aanzien van de persoon die: a. artikel 7, eerste lid, onderdeel b, van de Wet sociale werkvoorziening geen begeleiding meer op zijn werkplek heeft als bedoeld in, maar die wel voldoet aan de voorwaarden van het eerste lid, onderdeel a en b, zolang hij werkzaam blijft in de dienstbetrekking waarvoor die begeleiding was verkregen; of b. geen noodzakelijke persoonlijke ondersteuning meer geniet als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, maar die wel voldoet aan de voorwaarden van het eerste lid, onderdeel a en b, zolang hij werkzaam blijft in de dienstbetrekking waarvoor die persoonlijke ondersteuning was verkregen. 4 artikel 8, eerste lid, onderdeel b, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag artikel 7, derde lid Onder het in het tweede lid bedoelde minimumloon wordt verstaan het minimumloon per maand, bedoeld in, of, indien het een persoon jonger dan 21 jaar betreft, het voor zijn leeftijd geldende minimumloon per maand, bedoeld in, en artikel 8, derde lid, van genoemde wet, gedeeld door 21,75. Indien werkgever en werknemer een arbeidsduur zijn overeengekomen die korter is dan 36 uur per week dienen het in het tweede lid bedoelde rechtens geldende loon en het minimumloon naar evenredigheid te worden verminderd. 5 artikel 44 van de WAO artikel 58 van de Waz Aan de in het eerste lid bedoelde persoon wordt geen hoger bedrag aan arbeidsonge-schiktheidsuitkering uitbetaald dan het bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkering dat tot uitbetaling zou zijn gekomen alsofop die persoon niet van toepassing zouden zijn geweest. 2023 18631 30-06-2023 22-06-2023 2023-0000311186 2023 247 07-07-2023 27-06-2023 01-01-2024 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet invoering
minimumuurloon in werking treedt.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 4, eerste of derde lid artikel 44, eerste lid, van de WAO artikel 58, eerste lid, van de Waz Indien, van toepassing is, isofvoor onbeperkte duur van toepassing. 2020 37509 15-07-2020 06-07-2020 2019-0000029257 2020 37509 15-07-2020 06-07-2020 2019-0000029257 01-01-2021
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikelen 2, zevende lid 2a, vijfde lid De, en, zijn niet van toepassing op uitkeringen die zijn verleend voor de datum van inwerkingtreding van de Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 6 april 2009, nr. IVV/I/09/5652 tot wijziging van de Regeling samenloop arbeidsongeschiktheidsuitkering met inkomsten uit arbeid in verband met de bepaling van inkomsten uit arbeid tijdens een verlofperiode (Stcrt. 2009, 81) als degene die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering met verlof is dan wel pensioen of prepensioen ontvangt, met dien verstande dat in geval van verlof de artikelen 2, zevende lid, en 2a, vijfde lid, buiten toepassing blijven tot het einde van die verlofperiode. 2017 60678 26-10-2017 18-10-2017 2017-0000165489 2017 60678 26-10-2017 18-10-2017 2017-0000165489 27-10-2017 01-07-2015
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikelen 2, zevende lid 2a, vijfde lid hoofdstukken 2 3 van de Wet sociale werkvoorziening De, en, zijn niet van toepassing op de werknemer die een arbeidsovereenkomst als bedoeld in deofis aangegaan en die: a. in de periode van 1 mei 2009 tot 1 juli 2012 prepensioen is gaan ontvangen of b. in de periode van 1 mei 2009 tot 1 juli 2012 de normpensioenleeftijd, bedoeld in artikel 1.1, onderdeel B, van het Pensioenreglement SW (in werking getreden op 1 januari 2006 en laatstelijk gewijzigd op 7 maart 2008) bereikt en op of na 1 juli 2012 prepensioen gaat ontvangen. 2017 60678 26-10-2017 18-10-2017 2017-0000165489 2017 60678 26-10-2017 18-10-2017 2017-0000165489 27-10-2017 01-07-2015
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikel 44 van de WAO artikel 58 van de WAZ Deze regeling, zoals die luidde op de dag voor inwerkingtreding van de regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 12 december 2011, nr IVV/I/2011/22179, blijft van toepassing op de persoon op wieofvan toepassing was op die dag tot het moment dat dat artikel niet meer van toepassing is. 2 Ten aanzien van de persoon, bedoeld in het eerste lid, wordt tot het tijdstip, bedoeld in het eerste lid voor ‘inkomsten uit arbeid’ gelezen: inkomen. 2020 37509 15-07-2020 06-07-2020 2019-0000029257 2020 37509 15-07-2020 06-07-2020 2019-0000029257 01-01-2021
Artikel 8a — Artikel 8a#
Artikel 8a artikelen 44, achtste lid, van de WAO 58, zevende lid van de Waz Deze regeling berust op deen. 2020 37509 15-07-2020 06-07-2020 2019-0000029257 2020 37509 15-07-2020 06-07-2020 2019-0000029257 01-01-2021
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling samenloop arbeidsongeschiktheidsuitkering met inkomen. 2011 22967 20-12-2011 12-12-2011 IVV/I/2011/22179 2011 22967 20-12-2011 12-12-2011 IVV/I/2011/22179 01-01-2012 Voorheen art. 13. 2011 22967 20-12-2011 12-12-2011 IVV/I/2011/22179 2011 22967 20-12-2011 12-12-2011 IVV/I/2011/22179 01-01-2012
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 augustus 1993. Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst. 2011 22967 20-12-2011 12-12-2011 IVV/I/2011/22179 2011 22967 20-12-2011 12-12-2011 IVV/I/2011/22179 01-01-2012 Voorheen art. 14. 2011 22967 20-12-2011 12-12-2011 IVV/I/2011/22179 2011 22967 20-12-2011 12-12-2011 IVV/I/2011/22179 01-01-2012