Regeling vergoeding verplaatsingskosten politie
- BWB-id
- BWBR0006658
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 2006-02-01 t/m 2008-06-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0006658
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1994/regeling-vergoeding-verplaatsingskosten-politie
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1994/regeling-vergoeding-verplaatsingskosten-politie/2006-02-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0006658&g=2006-02-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0006658&z=2026-06-06&g=2006-02-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0006658/2006-02-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1994/regeling-vergoeding-verplaatsingskosten-politie
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder besluit: Besluit vergoeding verplaatsingskosten politie het. 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 05-06-1994 01-04-1994
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 5, tweede lid, van het besluit artikel 8 In de gevallen bedoeld in, wordt de tegemoetkoming beperkt tot de transportkosten en de kosten, bedoeld invan dit besluit. 2 De betrokkene die geen aanspraak heeft op vervoer voor rekening van de politieregio of van het rijk van zijn inboedel maar uitsluitend op vervoer van zijn bagage, heeft bij verhuizing overzee aanspraak op ten hoogste de kosten van het vervoer per schip van een hoeveelheid van: 3 1 mvoor de betrokkene; 3 1 mvoor de echtgenoot of levenspartner; 3 1/2 mvoor elk tot het gezin behorend en meeverhuizend kind. 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 05-06-1994 01-04-1994
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De betrokkene laat het transport van zijn inboedel op de minst kostbare wijze uitvoeren. Hiertoe kan het bevoegd gezag te voren een verhuizer aanwijzen. 2 Indien geen sprake is van een aanwijzing als bedoeld in het eerste lid dient de betrokkene vooraf offertes bij drie transporteurs te vragen. 3 Terstond na de verhuizing zendt de betrokkene een gespecificeerde rekening, vergezeld van de in het tweede lid bedoelde offertes aan het bevoegd gezag, ter betaling rechtstreeks aan de verhuizer. 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 05-06-1994 01-04-1994
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De betrokkene die het transport van zijn inboedel niet door een transportondernemer laat verzorgen, maar de verhuizing in eigen beheer uitvoert, heeft aanspraak op vergoeding van de kosten van huur en brandstof van een bestel- of vrachtauto dan wel – indien het vervoer van de boedel anderszins plaatsvindt – op de vergoeding van € 0,24 per kilometer, met dien verstande dat niet meer dan twee ritten naar de nieuwe woning worden vergoed. De betrokkene zendt zijn declaratie – in geval er sprake is van huur van een auto, vergezeld van de rekening van het verhuurbedrijf – naar het bevoegd gezag. 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 01-01-2002
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 7, eerste lid, onderdeel b, van het besluit De tegemoetkoming in dubbele woonkosten als bedoeld in, is gelijk aan de noodzakelijk te maken kosten, met dien verstande dat de tegemoetkoming maximaal € 272,27 per maand bedraagt en over een termijn van maximaal vier maanden wordt verleend. 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 01-01-2002
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 7, derde lid, van het besluit Het bedrag bedoeld inbedraagt maximaal € 5.445,36. 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 01-01-2002
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Bij een verhuizing uit Nederland naar een plaats buiten Europa en omgekeerd, alsmede bij een verhuizing overzee buiten Europa worden met betrekking tot de mee te nemen inboedel voor rekening van de politieregio of van het Rijk ten hoogste de kosten genomen van het vervoer per schip van een hoeveelheid die kan worden geladen in een container van 20 voet. 2 Bij een verhuizing binnen de Nederlandse Antillen dan wel van de Nederlandse Antillen naar Aruba of omgekeerd, kan het in het eerste genoemde volume worden overschreden met de laadruimte nodig voor een motorvoertuig. 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 05-06-1994 01-04-1994
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikel 10 van het besluit Voor transport van een auto uit Nederland als bedoeld inbedraagt de tegemoetkoming in de kosten van transport overzee: a. 100% van de transportkosten indien de auto ten tijde van het transport niet ouder is dan drie jaar. b. 50% van de transportkosten indien de auto ten tijde van het transport drie jaar of ouder is. 2 Geen tegemoetkoming wordt verleend in de kosten van transport, indien de auto minder dan een half jaar voor de datum van verplaatsing van betrokkene is gekocht. 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 05-06-1994 01-04-1994
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Bij een verplaatsing uit, naar en buiten Nederland worden voor rekening van de politieregio of het Rijk slechts genomen de kosten van een dekkende verzekering van de bagage en de inboedel tegen de schade ten gevolge van of in verband met de verhuizing voor rekening van de politieregio of het Rijk, mits bij die verzekering de verzekerde waarde binnen- naar het oordeel van het bevoegd gezag – redelijke grenzen blijft. 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 05-06-1994 01-04-1994
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 artikel 11, eerste lid, van het besluit De tegemoetkoming in de reiskosten, bedoeld in, is gelijk aan de kosten van het openbaar vervoer naar de hoogste klasse met een maximum van € 111,61 per maand. 2 De betrokkene heeft aanspraak op een tegemoetkoming in de reiskosten van € 0,15 per afgelegde kilometer, indien binnen twee kilometer van zijn feitelijke plaats van tewerkstelling of zijn woning in het geheel geen opstapplaats voor relevant openbaar vervoer aanwezig is. 3 Ingeval geen aanspraak bestaat op grond van het tweede lid heeft de betrokkene aanspraak op een tegemoetkoming in de reiskosten van € 0,15 per afgelegde kilometer tot een maximum van in totaal 56 kilometer per heen- en terugreis woon-werkverkeer, indien: De uitbetaling van het bedrag van € 0,15 per afgelegde kilometer geschiedt op declaratiebasis. Ter vervanging hiervan kan het bevoegd gezag een vast bedrag per maand toekennen. bij het einde van een dienst, welke dienst geheel of gedeeltelijk is gelegen tussen 00.00 en 06.00 uur, binnen 15 minuten na het einde van die dienst geen openbaar vervoer naar zijn woning beschikbaar is; hij met gebruik van openbaar vervoer vanaf de woning niet tussen 30 en 5 minuten voor aanvang van de dienst, welke dienst geheel of gedeeltelijk is gelegen tussen 00.00 en 06.00 uur, op de feitelijke plaats van tewerkstelling aanwezig kan zijn; hij gebruikmakend van de eerste mogelijkheid van openbaar vervoer op die dag niet tussen 30 en 5 minuten vóór aanvang van de vroege dienst op de feitelijke plaats van tewerkstelling aanwezig kan zijn; of op zaterdag, zondag of een feestdag dienst moet worden gedaan en het rooster voor het openbaar vervoer andere tijden kent dan op andere dagen en hij met gebruik van openbaar vervoer vanaf de woning niet tussen 30 en 5 minuten vóór aanvang van de dienst op de feitelijke plaats van tewerkstelling aanwezig kan zijn, dan wel na het beëindigen van de dienst binnen 30 minuten geen openbaar vervoer beschikbaar is. 4 Voorzover de betrokkene een tegemoetkoming krijgt als bedoeld in het eerste lid en hij op grond van het derde lid aanspraak maakt op een tegemoetkoming, vindt telkens vermindering plaats met 1/22e deel van de tegemoetkoming, bedoeld in het eerste lid. Vermindering vindt niet plaats in het geval dat betrokkene voor het woon-werkverkeer een openbaar vervoerkaart heeft en dit gelet op zijn reispatroon voor het woonwerkverkeer het minst kostbaar is. 5 In de gevallen bedoeld in het tweede en derde lid, bedraagt de tegemoetkoming in de reiskosten in afwijking van het eerste lid maximaal € 185,34 per maand gedifferentieerd naar het aantal dagen per week. 2006 21 30-01-2006 27-01-2006 DGV/POL/AB 2006 21 30-01-2006 27-01-2006 DGV/POL/AB 01-02-2006
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 artikel 11, tweede, vijfde en zesde lid, van het besluit De tegemoetkoming in de reiskosten, bedoeld inis gelijk aan de kosten van openbaar vervoer naar de laagste klasse tot een maximum van € 283,82 per maand. 2 artikel 11, tweede, vijfde en zesde lid, van het besluit artikel 10, tweede lid Indien naar het oordeel van het bevoegd gezag de plaats van tewerkstelling van een betrokkene als bedoeld in, niet per openbaar vervoer is te bereiken of indien de betrokkene behoort tot een aangewezen groep van betrokkenen voor wie de plaats van tewerkstelling niet per openbaar vervoer is te bereiken, is, van overeenkomstige toepassing. 3 In de gevallen, bedoeld in het tweede lid, bedraagt de tegemoetkoming in de reiskosten in afwijking van het eerste lid, maximaal de in de onderstaande tabel vermelde bedragen per maand, gedifferentieerd naar het aantal dagen: van meer dan 10 km tot en met 15 km € 120,27 van meer dan 15 km tot en met 20 km € 144,96 van meer dan 20 km tot en met 30 km € 194,00 van meer dan 30 km tot en met 40 km € 251,58 van meer dan 40 km tot en met 50 km € 304,83 van meer dan 50 km tot en met 60 km € 342,33 van meer dan 60 km tot en met 70 km € 368,67 van meer dan 70 km tot en met 80 km € 381,42 van meer dan 80 km € 389,33 2006 21 30-01-2006 27-01-2006 DGV/POL/AB 2006 21 30-01-2006 27-01-2006 DGV/POL/AB 01-02-2006
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikel 10, vijfde lid artikel 11, derde lid De tegemoetkoming in de reiskosten genoemd inenwordt verminderd met een eigen bijdrage van € 28,51, gedifferentieerd naar het aantal dagen per week, met dien verstande dat een tegemoetkoming van € 2,27 of minder niet wordt uitbetaald. 2 artikel 10, eerste lid artikel 11, eerste lid De tegemoetkoming in de reiskosten genoemd in, en, alsmede de eigen bijdrage van € 28,51, wordt gedifferentieerd naar het aantal dagen per week, met dien verstande dat bij 4 dagen of meer de maximale bedragen van de tegemoetkoming en de eigen bijdrage worden gehanteerd. Vervolgens dient voor degene die minder dan 4 dagen per week reist een kwart van de maximale tegemoetkoming verminderd met een kwart van de eigen bijdrage vermenigvuldigd te worden met het aantal dagen per week waarop gereisd wordt, met dien verstande dat een tegemoetkoming van € 2,27 of minder niet wordt uitbetaald. 2006 21 30-01-2006 27-01-2006 DGV/POL/AB 2006 21 30-01-2006 27-01-2006 DGV/POL/AB 01-02-2006
Artikel 12a — Artikel 12a#
Artikel 12a 1 artikelen 10 11 Aan de ambtenaar aan wie naast de hoofdplaats van tewerkstelling een of meer andere plaatsen van tewerkstelling zijn aangewezen, wordt, indien de andere plaats van tewerkstelling op een grotere afstand van de woning is gelegen dan de hoofdplaats van tewerkstelling, in aanvulling op de tegemoetkoming in de reiskosten, bedoeld in deen, een vergoeding toegekend. 2 De vergoeding, bedoeld in het eerste lid, wordt toegekend voor elke kilometer die de afstand van de woning naar de andere plaats van tewerkstelling meer bedraagt dan de afstand van de woning naar de hoofdplaats van tewerksteling. 3 De vergoeding, bedoeld in het eerste lid, bedraagt € 0,45 per afgelegde kilometer. 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 01-01-2002
Artikel 12b — Artikel 12b#
Artikel 12b 1. artikel 65a van het Besluit algemene rechtspositie politie Aan de ambtenaar die op grond vaneen andere plaats van tewerkstelling is aangewezen, wordt, indien de andere plaats van tewerkstelling op een grotere afstand van de woning is gelegen dan de voordien aangewezen plaats van tewerkstelling, per extra afgelegde reiskilometer een vergoeding van € 0,15 toegekend, voor zover deze kilometer niet wordt afgelegd met een door de dienst ter beschikking gesteld voertuig. 2. artikel 10 Ten aanzien van de extra afgelegde reiskilometers, bedoeld in het eerste lid, is een tegemoetkoming in de reiskosten, bedoeld in, niet van toepassing. 3. artikel 11 Voor de duur dat de ambtenaar een tegemoetkoming in de reiskosten ontvangt, bedoeld in, blijft dit artikel buiten beschouwing. 4. Indien 2 jaren of langer na het aanwijzen van een plaats van tewerkstelling, bedoeld in het eerste lid, aan de ambtenaar opnieuw een andere plaats van tewerkstelling wordt aangewezen, gelden als extra afgelegde reiskilometers alleen die kilometers die de eerste verplaatsing te boven gaan. 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 01-01-2002
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 artikel 12, derde lid, van het besluit De tegemoetkoming in pensionkosten als bedoeld inbedraagt voor de betrokkene die gewoonlijk met gezinsleden samenwoont 90% en voor de overige betrokkenen 60% van de betaalde pensionkosten voor zover deze kosten niet uitgaan boven het maximum bedrag van € 340,34 per maand. 2 artikelen 2 tot en met 6 van de Reisregeling binnenland politie De tegemoetkoming in reiskosten voor gezinsbezoek dan wel voor het bezoeken van de plaats waar betrokkene zijn woonplaats heeft of zich heeft gevestigd, is gelijk aan de kosten van het gebruik van het openbaar vervoer en wel het tarief van de laagste klasse dan wel indien per eigen vervoer wordt gereisd gelijk aan de vergoeding per kilometer als genoemd in de. 3 artikel 11, derde lid, van het besluit artikel 10 Voor de betrokkene, bedoeld in de tweede volzin vanisvan overeenkomstige toepassing. 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89527 01-01-2002
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 artikelen 11 13 De tegemoetkoming ingevolge deenwordt voor de eerste keer voor niet langer dan zes maanden verleend. Het bevoegd gezag kan deze termijn op verzoek van de betrokkene telkens voor niet langer dan zes maanden verlengen. 2 Geen aanspraak op tegemoetkoming in reis- en pensionkosten bestaat indien de declaratie van de in een kalendermaand gemaakte kosten niet binnen drie maanden na die kalendermaand bij het bevoegd gezag is ingediend. 3 artikelen 10 11 Het bevoegd gezag kan bepalen dat de tegemoetkomingen vastgesteld op basis van deenmaandelijks zonder declaratie worden uitbetaald met inachtneming van een korting op de bedragen van 6%. 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 05-06-1994 01-04-1994
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 De aanvraag voor tegemoetkoming in verhuiskosten dient vóór de datum van verhuizing bij het bevoegd gezag te zijn ingediend. 2 artikel 7, eerste lid, onderdeel b, van het besluit Zo spoedig mogelijk na de verhuizing, doch in ieder geval binnen zes maanden daarna, doet de betrokkene bij het bevoegd gezag opgave van de kosten als bedoeld in. 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 05-06-1994 01-04-1994
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 april 1994. 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 05-06-1994 01-04-1994
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Regeling vergoeding verplaatsingskosten politie Deze regeling wordt aangehaald als:. Deze regeling zal met toelichting worden geplaatst in de Staatscourant. 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 1994 103 03-06-1994 04-05-1994 EA94/U1082 05-06-1994 01-04-1994