Regeling houdende vrijstelling ten behoeve van het vervoer over de weg van ondergrondse opslagtanks, leeg en ongereinigd van benzine, dieselolie, gasolie of stookolie
- BWB-id
- BWBR0006584
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2004-05-28 t/m 2014-12-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0006584
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1994/regeling-vrijstelling-wegvervoer-lege-en-ongereinigde-opslag
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1994/regeling-vrijstelling-wegvervoer-lege-en-ongereinigde-opslag/2004-05-28
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0006584&g=2004-05-28
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0006584&z=2026-06-06&g=2004-05-28
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0006584/2004-05-28
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1994/regeling-vrijstelling-wegvervoer-lege-en-ongereinigde-opslag
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. houder: een tank met een volume van meer dan 1 m³, gebruikt als ondergrondse opslagtank voor brandstoffen; b. bevoegde deskundige: het daartoe door KIWA N.V. te Rijswijk gecertificeerde bedrijf; c. VLG: Regeling vervoer over land van gevaarlijke stoffen . 2000 97 19-05-2000 17-05-2000 DGG/J- 00/001336 2000 97 19-05-2000 17-05-2000 DGG/J- 00/001336 21-05-2000
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 bijlage 1 bij de VLG bijlage 1 bij de VLG Voor vervoer binnen Nederland wordt vrijstelling verleend van het bepaalde in, voor zover het betreft het vervoer van ongereinigde lege houders van klasse 3, die dieselolie, gasolie of stookolie, met UN-nummer 1202 of benzine met UN-nummer 1203, als bedoeld in randnummer 3.2.1 vanhebben bevat, met dien verstande dat de volgende randnummers van toepassing blijven: 1. randnummer 5.3.2.1; 2. randnummer 8.1.2.1; 3. randnummer 8.1.2.2; 4. randnummer 8.1.4; 5. randnummer 8.1.5; 6. 3 randnummer 8.2.1, voor zover het gezamenlijke volume van de houders 3 mof meer bedraagt; 7. randnummer 8.3.1; 8. randnummer 8.3.2; 9. randnummer 8.3.6; 10. randnummer 8.3.7, en 11. randnummers 9.7.6, 9.2.4.4 en 9.2.4.5, indien de ongereinigde lege houders benzine hebben bevat. 2 Aan de vrijstelling bedoeld in het eerste lid, zijn de navolgende voorschriften verbonden: a. Vóór de belading van de transporteenheid wordt de uiterlijke staat van de houders beoordeeld; slechts de houders die naar het oordeel van een bevoegde deskundige voldoende stevig en intact zijn, worden vervoerd. b. Vóór de belading van de transporteenheid wordt de vloeibare inhoud van de houders onder toezicht van een bevoegde deskundige zoveel mogelijk verwijderd. c. Met uitzondering van de ontluchtingsopening zijn alle openingen van de houders naar het oordeel van een bevoegde deskundige afdoende afgesloten, zodat tijdens het vervoer geen vloeistofrestanten naar buiten kunnen treden. d. De bestaande ontluchtingsopening is tijdens transport aan de bovenzijde gesitueerd en is voorzien van een goed werkend vlamkerend rooster. e. De houders zijn niet gestapeld; bovendien zijn de houders naar het oordeel van de bevoegde deskundige door geschikte middelen (bijvoorbeeld zadels, wiggen en sjorbanden) zodanig op de transporteenheid vastgezet en verankerd dat zij tijdens het vervoer niet kunnen verschuiven. f. De houders en de appendages ervan steken niet buiten het laadoppervlak van de transporteenheid uit. g. Het vervoer geschiedt vanaf het terrein, waar de houders uit de grond zijn gehaald, rechtstreeks naar een inrichting die geschikt en toegelaten is om de in de houder(s) achtergebleven resten te verwijderen dan wel om de houder(s) te verwerken voor hergebruik van materialen. h. Met de transporteenheid worden tegelijkertijd geen andere gevaarlijke stoffen vervoerd. i. Tijdens het vervoer is in de transporteenheid een vervoerdocument aanwezig, waarop behalve de plaats van herkomst en bestemming van de houders, de navolgende vermelding is aangebracht: ‘Lege houder, 3’. 2004 98 26-05-2004 18-05-2004 HDJZ/BIM/2004-1108 2004 98 26-05-2004 18-05-2004 HDJZ/BIM/2004-1108 28-05-2004 01-07-2001
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van verschijning in de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst. 1994 71 13-04-1994 06-04-1994 G5/V420821 1994 71 13-04-1994 06-04-1994 G5/V420821 14-04-1994