Besluit tot uitvoering van de Klachtenregeling sexuele intimidatie burgerlijk rijkspersoneel bij het Ministerie van Economische Zaken
- BWB-id
- BWBR0007407
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 1995-05-26 t/m 2005-02-19
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007407
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/besluit-tot-uitvoering-van-de-klachtenregeling-sexuele-intim
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/besluit-tot-uitvoering-van-de-klachtenregeling-sexuele-intim/1995-05-26
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007407&g=1995-05-26
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007407&z=2026-06-06&g=1995-05-26
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007407/1995-05-26
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/besluit-tot-uitvoering-van-de-klachtenregeling-sexuele-intim
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. ministerie: Ministerie van Economische Zaken; b. directeur POI: directeur Personeel, Organisatie en Informatie; c. CBS: Centraal Bureau voor de Statistiek; d. DG CBS: directeur-generaal van de Statistiek; e. regeling: Klachtenregeling sexuele intimidatie burgerlijk rijkspersoneel; f. sexuele intimidatie: hetgeen daaronder wordt verstaan in de regeling. 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 26-05-1995
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Bij het ministerie en de daaronder ressorterende diensten zijn zes vertrouwenspersonen sexuele intimidatie: a. een voor het ministerie in enge zin, b. twee voor het CBS, vestiging Voorburg, c. twee voor het CBS, vestiging Heerlen en d. een voor de overige onder het ministerie ressorterende diensten. 2 De minister benoemt de vertrouwenspersonen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en d, op voordracht van de directeur POI en die, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, op voordracht van de DG CBS. 3 De benoeming geldt, behoudens tussentijds ontslag, voor drie jaar en kan telkens voor drie jaar worden verlengd. 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 26-05-1995
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De vertrouwenspersonen hebben de taken en bevoegdheden die zijn omschreven in artikel 4, tweede lid, en artikel 5 van de regeling. 2 artikel 2, eerste lid, onderdelen a en d artikel 2, eerste lid, onderdelen b en c Zij stellen jaarlijks een verslag op over hun werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar. De vertrouwenspersonen bedoeld in, leggen het verslag vóór 1 maart voor aan de plaatsvervangend secretaris-generaal en die bedoeld in, aan de DG CBS. Zij leggen over hun werkzaamheden verantwoording af aan deze respectieve functionarissen. 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 26-05-1995
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Er is een klachtencommissie sexuele intimidatie personeelsleden EZ. 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 26-05-1995
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De commissie bestaat uit drie door de minister benoemde leden. 2 Leden van de commissie zijn: a. een door de minister aangewezen voorzitter, op voordracht van de directeur POI, b. een door de minister aangewezen lid, werkzaam bij het CBS, op voordracht van de DG CBS en c. een door de minister aangewezen lid, werkzaam bij het ministerie elders dan bij het CBS, op voordracht van de directeur POI. 3 Voor ieder lid benoemt de minister een plaatsvervanger. Het bepaalde in het tweede lid is van overeenkomstige toepassing. 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 26-05-1995
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 5 De inbedoelde benoemingen gelden, behoudens tussentijds ontslag, voor drie jaar. 2 De leden en de plaatsvervangende leden van de commissie kunnen worden herbenoemd. 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 26-05-1995
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De commissie wordt bijgestaan door een door de minister aan te wijzen secretaris. De minister wijst tevens een plaatsvervanger voor de secretaris aan. 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 26-05-1995
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De commissie heeft de taken en bevoegdheden die zijn omschreven in artikel 7, eerste lid, en de artikelen 9, 10 en 12 van de regeling. 2 Voorts is de commissie bevoegd: a. tot het oproepen van daarvoor in aanmerking komende derden voor het verkrijgen van inlichtingen. Iedere als zodanig opgeroepen medewerker van het ministerie en de daaronder ressorterende diensten is verplicht aan een oproep van de commissie gehoor te geven een desgevraagd alle inlichtingen naar waarheid en zonder voorbehoud te verstrekken, b. overlegging te vorderen van ter zake dienende bescheiden, c. een onderzoek op de werkplek in te stellen of te doen instellen en d. zich door deskundigen van advies en bijstand laten dienen. 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 26-05-1995
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Aan de behandeling van een klacht neemt de voltallige commissie deel. 2 De commissie stelt haar rapportage omtrent de ingediende klacht en, in voorkomend geval, haar advies omtrent een eventueel te treffen maatregel of sanctie bij meerderheid van stemmen vast. Geen der leden onthoudt zich van deelname aan enige stemming. Indien de stemmen staken geeft de stem van de voorzitter de doorslag. 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 26-05-1995
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatcourant waarin het wordt geplaatst. 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 26-05-1995
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit tot uitvoering van de Klachtenregeling sexuele intimidatie burgerlijk rijkspersoneel bij het Ministerie van Economische Zaken. 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 1995 100 24-05-1995 22-05-1995 WJA/JZ95035524 26-05-1995