Regeling impuls leefbaarheid, veiligheid en stadseconomie
- BWB-id
- BWBR0007765
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2002-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007765
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/regeling-impuls-leefbaarheid-veiligheid-en-stadseconomie
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/regeling-impuls-leefbaarheid-veiligheid-en-stadseconomie/2002-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007765&g=2002-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007765&z=2026-06-06&g=2002-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007765/2002-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/regeling-impuls-leefbaarheid-veiligheid-en-stadseconomie
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 Indien de hierna genoemde gemeenten zich voor 16 januari 1996 schriftelijk jegens de Minister van Binnenlandse Zaken bereid verklaren met inachtneming van deze regeling in de jaren 1996 tot en met 1999 de achter hun naam genoemde plannen uit te voeren en het voor de uitvoering van het plan genoemde bedrag te besteden aan de realisering van de in het plan omschreven activiteiten en prestaties ten gunste van de leefbaarheid, veiligheid en stadseconomie, wordt door het Rijk een eenmalige impuls aan de planuitvoering gegeven ter hoogte van het als rijksbijdrage aangegeven bedrag. 2 Het gemeentebestuur besteedt het als rijksbijdrage aangegeven bedrag aan de uitvoering van het plan. 3 Het gemeentebestuur ontvangt drieëntwintig annuïteiten ter hoogte van het naast de rijksbijdrage vermelde bedrag. Het Rijk kan resterende annuïteiten afkopen. 4 Een annuïteit wordt de gemeenten voor 1 april ter beschikking gesteld. Plannen Amsterdam: Uitvoering meerjarenprogramma nota gebiedsgerichte aanpak Amsterdam/Grote stedenbeleid Rotterdam: Gebiedsgerichte aanpak Grote stedenbeleid Rotterdam Den Haag: Woekeren met ruimte Utrecht: Utrecht werkt aan leefbaarheid Rijksbijdrage Annuïteit Amsterdam 43,125 mln. € 1.701.675,81 Rotterdam 32,775 mln. € 1.293.273,62 Den Haag 25,30 mln. € 998.316,48 Utrecht 13,80 mln. € 544.536,26 Totaal 115,0 mln. € 4.537.802,17 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89529 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 CW01/89529 01-01-2002
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 1, derde lid Het gemeentebestuur brengt voor 1 oktober 2000 verslag uit over de besteding van de rijksbijdrage, bedoeld in. 2 artikel 197 van de Gemeentewet Het verslag behoort tot de rekening, bedoeld in. 3 artikel 215, tweede lid, van de Gemeentewet Het gemeentebestuur zendt het verslag aan de Minister van Binnenlandse Zaken, voorzien van de accountantsverklaring, bedoeld in. 1998 141 29-07-1998 15-07-1998 GSB98/N360 1998 141 29-07-1998 15-07-1998 GSB98/N360 31-07-1998 24-12-1995
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 1 Het gemeentebestuur brengt voor 1 april van de jaren 1997 tot en met 2000 aan de Minister van Binnenlandse Zaken verslag uit over de omvang van de bestedingen die ter uitvoering van het inbedoelde plan in het voorgaande jaar zijn gedaan en de effecten ervan in relatie tot de met de planuitvoering beoogde prestaties. 1995 249 22-12-1995 19-12-1995 GSB95/N373 1995 249 22-12-1995 19-12-1995 GSB95/N373 24-12-1995
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 2 artikel 1, derde lid Onze Minister kan besluiten tot verlaging van de rijksbijdrage, indien uit het inbedoelde verslag blijkt dat de rijksbijdrage, bedoeld in, niet overeenkomstig deze regeling tot besteding is gekomen. 2 De verlaging bedraagt ten hoogste een evenredige vermindering van de nog ter beschikking te stellen annuïteiten met inachtneming van reeds uitbetaalde annuïteiten. 1998 141 29-07-1998 15-07-1998 GSB98/N360 1998 141 29-07-1998 15-07-1998 GSB98/N360 31-07-1998 24-12-1995
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling impuls leefbaarheid, veiligheid en stadseconomie. 1995 249 22-12-1995 19-12-1995 GSB95/N373 1995 249 22-12-1995 19-12-1995 GSB95/N373 24-12-1995
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 1995 249 22-12-1995 19-12-1995 GSB95/N373 1995 249 22-12-1995 19-12-1995 GSB95/N373 24-12-1995