Reglement examencommissie buitengewoon opsporingsambtenaar
- BWB-id
- BWBR0007267
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2013-01-01 t/m 2013-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007267
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/reglement-examencommissie-buitengewoon-opsporingsambtenaar-1
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/reglement-examencommissie-buitengewoon-opsporingsambtenaar-1/2013-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007267&g=2013-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007267&z=2026-06-06&g=2013-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007267/2013-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/reglement-examencommissie-buitengewoon-opsporingsambtenaar-1
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. de minister: de Minister van Veiligheid en Justitie; b. commissie: artikel 2, eerste lid de examencommissie, bedoeld in; c. examen: het examen dat wordt afgelegd ter verkrijging van het getuigschrift 'buitengewoon opsporingsambtenaar'; d. examenprogramma: het door de examencommissie vastgestelde examenprogramma voor buitengewoon opsporingsambtenaren. 2012 26110 19-12-2012 13-12-2012 2012 26110 19-12-2012 13-12-2012 01-01-2013
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Er is een examencommissie ten behoeve van het examen voor de buitengewoon opsporingsambtenaar. 2 De commissie heeft tot taak: a. het opstellen van het examenreglement; b. het uitvoeren van het door de minister goedgekeurde examenreglement; c. het vaststellen van het examenprogramma en het examen; d. het bewaken van de organisatie van het examen; e. het beleggen van cesuurvergaderingen; f. het verschaffen van informatie over het examen aan opleidings- en werkgeversinstellingen; g. het verzorgen van een jaarlijkse rapportage betreffende haar werkzaamheden aan de minister, en h. het adviseren van de minister over het examenprogramma en het examenreglement. 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 09-04-1995
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De commissie bestaat uit ten hoogste 9 leden, de voorzitter daaronder begrepen, en ten hoogste drie adviserende leden. De commissie wordt bijgestaan door een ambtelijk secretaris, die geen lid is van de commissie. 2 De minister benoemt en ontslaat de leden en de adviserende leden van de commissie. 3 De leden van de commissie, met uitzondering van de voorzitter, zijn afkomstig uit de navolgende instellingen: a. het parket van de Procureur-Generaal; b. het Hoofdofficierenberaad; c. de Vereniging van Nederlandse Gemeenten; d. het Landelijk instituut sociale verzekeringen e. het Platform Bijzondere Opsporingsdiensten; f. de politie; g. instellingen voor de opleiding van buitengewoon opsporingsambtenaren, en h. andere instellingen die betrokken zijn bij de uitoefening van opsporingsaktivi-teiten van buitengewoon opsporingsambtenaren. 4 De commissie draagt als adviserend lid in ieder geval een vertegenwoordiger van het Instituut voor Toetsontwikkeling (Cito) voor. 5 De leden kiezen uit hun midden een plaatsvervangend voorzitter. 2012 26110 19-12-2012 13-12-2012 2012 26110 19-12-2012 13-12-2012 01-01-2013
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De leden en de adviserende leden worden voor vier jaar benoemd en kunnen al dan niet op verzoek worden ontslagen. 2 De secretaris wordt uit hoofde van zijn ambtelijke functie benoemd. 3 Bij verlies van de hoedanigheid op grond waarvan de benoeming plaatsvond, wordt aan personen, genoemd in het eerste lid, ontslag verleend. 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 09-04-1995
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter dit nodig oordeelt of dit is gevraagd door tenminste drie leden van de commissie, onder opgave van de te behandelen onderwerpen, doch tenminste 5 maal per jaar. 2 De commissie regelt haar werkzaamheden. 3 De secretaris is bij de uitoefening van zijn functie uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de commissie. 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 09-04-1995
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De voorzitter en de leden hebben stemrecht. 2 De commissie besluit bij meerderheid van stemmen. Hiertoe dient tenminste de helft van het aantal leden aanwezig te zijn. 3 Bij staking van stemmen beslist de voorzitter, tenzij hij besluit de beslissing aan te houden tot een volgende vergadering. 4 artikel 2, 2e lid, onder c, d en f Met betrekking tot de taken genoemd in, is het bepaalde in het tweede lid niet van toepassing. 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 09-04-1995
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De commissie brengt haar adviezen schriftelijk aan de minister uit. Indien een lid van de commissie zich niet met het advies kan verenigen, kan hij zijn standpunt toevoegen. 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 09-04-1995
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De voorzitter, de leden, de adviserende leden en de secretaris zijn verplicht tot geheimhouding van de examenopgaven. 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 09-04-1995
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Het Reglement examencommissie buitengewoon opsporingsambtenaar wordt ingetrokken. 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 09-04-1995
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na publikatie in de Staatscourant waarin het wordt geplaatst. 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 09-04-1995
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Dit besluit wordt aangehaald als: Reglement examencommissie buitengewoon opsporingsambtenaar 1995. 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 1995 70 07-05-1995 01-03-1995 484021/595/NE 09-04-1995