Tijdelijke bijdrageregeling spoorwegaansluitingen
- BWB-id
- BWBR0007109
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 1997-10-02 t/m 2017-06-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007109
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/tijdelijke-bijdrageregeling-spoorwegaansluitingen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/tijdelijke-bijdrageregeling-spoorwegaansluitingen/1997-10-02
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007109&g=1997-10-02
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007109&z=2026-06-06&g=1997-10-02
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007109/1997-10-02
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1995/tijdelijke-bijdrageregeling-spoorwegaansluitingen
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: spoorwegaansluiting: artikel 1, onderdeel c, van het Reglement op de Raccordementen 1966 spoorweg als bedoeld in; Minister: Minister van Verkeer en Waterstaat; Besluit: Besluit Infrastructuurfonds ; bijdrage: artikel 9 bijdrage voor een investering, bedoeld invan het Besluit. 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 01-01-1995
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De Minister kan bijdragen verstrekken voor investeringen in spoorwegaansluitingen op of naar bedrijfsterreinen dan wel in of naar havengebieden ten behoeve van het goederenvervoer, waaronder mede begrepen de uitbreiding van bestaande spoorwegaansluitingen of de reactivering van in onbruik geraakte spoorwegaansluitingen. 2 De in het eerste lid bedoelde bijdrage kan mede betrekking hebben op aanvullende investeringen in vaste installaties die direct samenhangen met de overslag van goederen per spoor. 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 02-10-1997 De Minister geeft na 31 december 2000 geen toepassing meer aan paragraaf 3.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De Minister stelt in het meerjarenprogramma het subsidieplafond vast dat geldt voor de uitvoering van deze regeling in het eerstvolgende kalenderjaar. 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 02-10-1997 De Minister geeft na 31 december 2000 geen toepassing meer aan paragraaf 3.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De aanvraag om een bijdrage wordt ingediend door tussenkomst van de Hoofdingenieur-Directeur van Rijkswaterstaat in de betrokken regio. 2 artikel 4, eerste lid Bij een aanvraag verstrekt de aanvrager, onverminderd het bepaalde in, van het Besluit: a. een onderbouwing van het project; b. een overzicht van de financiering van het project; c. artikel 8 artikel 9 een vervoersgarantie van de aanvrager als bedoeld inonderscheidenlijk; d. een overzicht van alle maatregelen die voor de totstandbrenging van de spoorwegaansluiting moeten worden getroffen, en e. een opgave van het jaar waarin het project wordt voltooid. 3 Indien een aanvraag niet volledig is, stelt de Minister de aanvrager in de gelegenheid binnen vier weken de aanvraag aan te vullen. 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 02-10-1997 De Minister geeft na 31 december 2000 geen toepassing meer aan paragraaf 3.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 7, onderdeel d De Minister beslist op de aanvragen in volgorde van binnenkomst, waarbij aanvragen die betrekking hebben op investeringen ten aanzien waarvan een eerdere aanvraag is afgewezen op grond van, voorrang hebben. 2 De Minister kan aan de verlening van een bijdrage nadere voorschriften verbinden. 3 De Minister kan alvorens op de aanvraag te beslissen binnen een door hem gestelde termijn nadere gegevens van de aanvrager verlangen. 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 01-01-1995
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De Minister beslist niet op de aanvraag zolang op een verzoek tot surséance van betaling of faillissement van de aanvrager de rechter niet onherroepelijk heeft beslist. 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 01-01-1995
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De Minister wijst de aanvraag in ieder geval af, indien: a. Wet Infrastructuurfonds niet is voldaan aan het bepaalde bij of krachtens de; b. artikel 6 artikel 6, eerste lid door toepassing vanvan deze regeling de beslistermijn, bedoeld in, van het Besluit zou worden overschreden; c. de aanvrager niet heeft aangetoond, dat hem met inbegrip van de aangevraagde bijdrage voldoende gelden ter beschikking zullen staan om het voorgenomen project uit te voeren; d. artikel 3 door inwilliging het subsidieplafond, bedoeld in, zou worden overschreden, of e. inwilliging van de aanvraag naar zijn oordeel niet doelmatig zou zijn ten opzichte van het vigerende verkeers- en vervoersbeleid. 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 02-10-1997 De Minister geeft na 31 december 2000 geen toepassing meer aan paragraaf 3.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 2 Indien de aanvraag betrekking heeft op een spoorwegaansluiting ten behoeve van een of meer verladers bedraagt de bijdrage 50 procent van de kosten voor investeringen als bedoeld in, met een maximum van f 1,5 miljoen: a. voorzover per f 100.000,– bijdrage door de aanvrager een vervoergarantie van gemiddeld 10,000 ton vracht per jaar of gemiddeld 400 twee-as-equivalenten per jaar gedurende een periode van tenminste vijf jaar wordt verstrekt, en b. voorzover ten minste 50 procent van de kosten met niet van overheidswege verstrekte middelen wordt gefinancierd. 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 02-10-1997 De Minister geeft na 31 december 2000 geen toepassing meer aan paragraaf 3.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 2 Indien de aanvraag betrekking heeft op een spoorwegaansluiting ten behoeve van naar het oordeel van de Minister innoverend vervoer bedraagt de bijdrage 70 procent van de kosten voor investeringen als bedoeld in, met een maximum van f 1,5 miljoen: a. voorzover per f 100.000,– bijdrage door de aanvrager een vervoergarantie van gemiddeld 10.000 ton vracht per jaar of gemiddeld 400 twee-as-equivalenten per jaar gedurende een periode van tenminste vijf jaar wordt verstrekt, en b. voorzover ten minste 30 procent van de kosten met niet van overheidswege verstrekte middelen wordt gefinancierd. 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 02-10-1997 De Minister geeft na 31 december 2000 geen toepassing meer aan paragraaf 3.
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 De aanvrager draagt zorg voor: a. een overzichtelijke en doelmatige administratie met betrekking tot het project, welke een juist, volledig en actueel inzicht geeft in de voortgang van het project, in de projectkosten en in de besteding van de bijdrage; b. het bewaren van de bewijsstukken van de projectkosten gedurende ten minste vijf jaar na afloop van het project; c. het tonen van de bescheiden op één adres; d. het in acht nemen van nadere aanwijzingen van de Minister ter zake van de administratie; e. het op verzoek van de Minister verlenen van medewerking aan de openbaarmaking van de resultaten van het project; f. het op verzoek van de Minister verlenen van medewerking aan een evaluatie van deze regeling; g. artikel 6 het onverwijld aan de Minister meedelen van de indiening van een verzoek als bedoeld in; h. het onverwijld aan de Minister meedelen van overige omstandigheden die van invloed kunnen zijn op de bijdrage, en i. het overleggen van een jaarlijkse rapportage aan de Minister van de hoeveelheid lading die via de betrokken spoorwegaansluiting is overgeslagen. 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 02-10-1997 De Minister geeft na 31 december 2000 geen toepassing meer aan paragraaf 3.
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 De door de Minister aangewezen toezichthouders zijn bevoegd inlichtingen te verlangen en inzage te verlangen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijs nodig is. 2 Zij zijn bevoegd van de gegevens en bescheiden kopieën te maken. 3 Indien het maken van kopieën niet ter plaatse kan geschieden, zijn zij bevoegd de gegevens en bescheiden voor dat doel voor korte tijd mee te nemen tegen een door hen af te geven schriftelijk bewijs. 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 01-01-1995
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 De toezichthouders zijn bevoegd elke plaats te betreden, met uitzondering van een woning zonder toestemming van de bewoner, voor zover dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijs nodig is. 2 Zij zijn bevoegd zich te doen vergezellen door personen die daartoe door hen zijn aangewezen, voor zover dit voor het doel van het betreden redelijkerwijs nodig is. 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 01-01-1995
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 artikel 14, tweede lid De Minister stelt de definitieve bijdrage vast binnen vier weken na de indiening van de stukken, bedoeld in, van het Besluit. 2 De Minister betaalt de in het eerste lid bedoelde bijdrage uit binnen tien weken na de vaststelling, onder verrekening van de reeds betaalde bedragen (slotdeclaratie). 3 Voor zover de reeds betaalde bedragen de vastgestelde bijdrage overschrijden, zijn deze terstond en zonder enige ingebrekestelling opeisbaar. 4 Vaststelling vindt niet plaats zolang op een verzoek tot surséance van betaling of faillissement van de aanvrager niet onherroepelijk is beslist door de rechter. 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 01-01-1995
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Het project kan met toestemming van de Minister tussentijds worden beëindigd. Aan deze beëindiging kan de Minister nadere voorschriften verbinden. 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 01-01-1995
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 In ieder geval kan de Minister de bijdrage geheel of gedeeltelijk intrekken, indien: a. Wet Infrastructuurfonds niet is voldaan aan deze regeling of aan het bepaalde bij of krachtens de, b. hij de bijdrage heeft verleend op basis van zodanig onjuiste of onvolledige informatie, dat hij een andere beslissing op de aanvraag zou hebben genomen, indien hem de juiste gegevens waren verstrekt; c. het project tussentijds wordt beëindigd; d. de aanvrager onherroepelijk is failliet verklaard, of e. artikel 8 de vervoersgarantie als bedoeld inniet is nagekomen. 2 De reeds betaalde bedragen zijn bij intrekking van de bijdrage terstond en zonder enige ingebrekestelling opeisbaar. 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 02-10-1997 De Minister geeft na 31 december 2000 geen toepassing meer aan paragraaf 3.
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 In 2000 brengt de Minister een rapport uit, houdende evaluatie van de doelmatigheid en doeltreffendheid van deze regeling. 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 01-01-1995
Artikel 16a — Artikel 16a#
Artikel 16a paragraaf 3 De Minister geeft na 31 december 2000 geen toepassing meer aan. 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 02-10-1997 De Minister geeft na 31 december 2000 geen toepassing meer aan paragraaf 3.
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 1995. 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 1997 187 30-09-1997 25-09-1997 DGG/J-97007934 02-10-1997 De Minister geeft na 31 december 2000 geen toepassing meer aan paragraaf 3.
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke bijdrageregeling spoorwegaansluitingen. Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst. 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 1994 245 20-12-1994 15-12-1994 DGV/WJZ/V-325664 01-01-1995