Regeling betreffende uitvoering bestrijdingsmaatregelen besmettelijke dierziekten
- BWB-id
- BWBR0007936
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2004-07-16 t/m 2005-06-25
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007936
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1996/regeling-betreffende-uitvoering-bestrijdingsmaatregelen-besm
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1996/regeling-betreffende-uitvoering-bestrijdingsmaatregelen-besm/2004-07-16
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007936&g=2004-07-16
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007936&z=2026-06-06&g=2004-07-16
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007936/2004-07-16
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1996/regeling-betreffende-uitvoering-bestrijdingsmaatregelen-besm
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. wet: Gezondheids- en welzijnswet voor dieren ; b. ambtenaar: artikel 114, tweede lid, van de wet ambtenaar, bedoeld in; c. Minister: Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. 2002 242 16-12-2002 11-12-2002 TRCJZ/2002/12082 2002 242 16-12-2002 11-12-2002 TRCJZ/2002/12082 01-01-2003
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 22, eerste lid, onderdeel c, van de wet artikel 30 van de wet Bijlage II Als modellen van de waarschuwingsborden, bedoeld in, die geplaatst worden ter aanduiding van een gebied waar ingevolgeeen verbod tot vervoeren van kracht is, worden vastgesteld de inopgenomen modellen. 1998 197 15-10-1998 14-10-1998 TRCJZ/1998/32 1998 197 15-10-1998 14-10-1998 TRCJZ/1998/32 17-10-1998
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 22, eerste lid, onderdeel d, van de wet Bijlage III onder a Als modellen van de kentekenen, bedoeld in, die geplaatst worden bij een gebouw of terrein dat besmet is of van besmetting is verdacht worden vastgesteld de in,, opgenomen modellen. 2 Bijlage III onder b Als model van het kenteken, bedoeld in artikel 22, tweede lid, onderdeel c, dat wordt gehecht aan een bijenwoning, wordt vastgesteld het in,, opgenomen model. 1998 197 15-10-1998 14-10-1998 TRCJZ/1998/32 1998 197 15-10-1998 14-10-1998 TRCJZ/1998/32 17-10-1998
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De kentekenen of waarschuwingsborden worden aan de ingang van de besmette of van besmetting verdachte gebouwen en terreinen, aan de bijenwoning of rondom het krachtens artikel 30 van de wet aangewezen gebied aangebracht, gehecht of geplaatst en wel zodanig dat zij duidelijk van de openbare weg af zichtbaar zijn. 2 Waarschuwingsborden kunnen langs de openbare weg vooraangekondigd worden. 2002 242 16-12-2002 11-12-2002 TRCJZ/2002/12082 2002 242 16-12-2002 11-12-2002 TRCJZ/2002/12082 01-01-2003
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 22, tweede lid, onderdelen f en g van de wet Het onschadelijk maken, bedoeld in artikel 22, eerste lid, onderdeel g, en het vernietigen, bedoeld in, geschiedt: a. Destructiewet overeenkomstig deindien er sprake is van hoog-risico-materiaal, tenzij onschadelijkmaking door verbranden of begraven wordt bevolen; b. indien er geen sprake is van hoog-risico-materiaal: i. artikel 9 door verbranden, onderploegen, broeien, vermenging met een ontsmettingsmiddel als bedoeld inof bij mest door verwerken in een mestverwerkingsinrichting, onverminderd de bepalingen van het Besluit gebruik dierlijke meststoffen op grond waarvan de mest tijdelijk wordt opgeslagen; ii. bij melk en melkprodukten en drijfmest mede door verandering van de zuurgraad of iii. door droge sterilisatie. 1996 61 26-03-1996 12-03-1996 J.962218 1996 217 12-04-1996 18-12-1995 13-04-1996 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 23 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (24-09-1992, Stb. 585) in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 5, onderdeel a Het verbranden, bedoeld in, geschiedt door verbranding tot as ter plaatse of in een verbrandingsoven. 2 artikel 5, onderdeel a Het begraven, bedoeld in, geschiedt op zodanige diepte, dat de afstand van het hoogste gedeelte van hetgeen begraven wordt tot aan de rand van de kuil ten minste een meter bedraagt. De bodem van de kuil en hetgeen begraven wordt, wordt met een laag ongebluste kalk ter dikte van een decimeter bestrooid om tenslotte met een laag aarde tot minimaal aan de rand van de kuil te worden bedekt. Het begraven geschiedt op een geschikt terrein teneinde verontreiniging van het grondwater en iedere andere milieuhinder te beperken. 1996 61 26-03-1996 12-03-1996 J.962218 1996 217 12-04-1996 18-12-1995 13-04-1996 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 23 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (24-09-1992, Stb. 585) in werking treedt.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Aan de ontsmetting gaat reiniging vooraf, behoudens die gevallen waarbij, ter beoordeling van de ambtenaar, wegens besmettingsgevaar voor de personen die met het reinigen zijn belast, voor de reiniging en ontsmetting eerst een voorlopige ontsmetting dient plaats te vinden. De reiniging dient plaats te vinden binnen de door de ambtenaar aangegeven termijn. 2 De reiniging van gebouwen, terreinen, bewaarplaatsen van mest, dieren, voorwerpen en produkten geschiedt op de in de bijlage I beschreven wijze. 3 Onverminderd het tweede lid dient de reiniging en ontsmetting in overeenstemming te zijn met de voor de betreffende dierziekte geldende communautaire bestrijdingsrichtlijn. 2004 132 14-07-2004 08-07-2004 TRCJZ/2004/4539 2004 132 14-07-2004 08-07-2004 TRCJZ/2004/4539 16-07-2004
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Het ontsmetten van gebouwen, terreinen, bewaarplaatsen van mest, bijenwoningen, dieren, voorwerpen en produkten moet gericht zijn op het effectief en efficient onschadelijk maken van de smetstof, waarbij elk geval op zichzelf dient te worden beoordeeld en geschiedt op de in de bijlage I beschreven wijze. 1996 61 26-03-1996 12-03-1996 J.962218 1996 217 12-04-1996 18-12-1995 13-04-1996 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 23 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (24-09-1992, Stb. 585) in werking treedt.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Het ontsmetten geschiedt met de volgende middelen: a. hitte in de vorm van: 1. vuur; 2. hete lucht; 3. stoom; 4. kokend water; b. Bestrijdingsmiddelenwet 1962 ontsmettingsmiddelen die voor dat doel zijn toegelaten op grond van de; c. andere door de Minister vast te stellen ontsmettingsmiddelen. 2002 242 16-12-2002 11-12-2002 TRCJZ/2002/12082 2002 242 16-12-2002 11-12-2002 TRCJZ/2002/12082 01-01-2003
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 De ambtenaar beslist in elk bijzonder geval op welke wijze het onschadelijk maken, het vernietigen en het reinigen en ontsmetten zal geschieden en welke reinigings- en ontsmettingsmiddelen daarbij moeten worden gebruikt. 2002 242 16-12-2002 11-12-2002 TRCJZ/2002/12082 2002 242 16-12-2002 11-12-2002 TRCJZ/2002/12082 01-01-2003
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Na afloop van de reiniging vindt controle plaats door de ambtenaar. 2 Het onschadelijk maken, het vernietigen en de ontsmetting geschieden onder leiding en toezicht van de in eerste lid bedoelde personen. 3 De reiniging en ontsmetting wordt door de ambtenaar geregistreerd. 2004 132 14-07-2004 08-07-2004 TRCJZ/2004/4539 2004 132 14-07-2004 08-07-2004 TRCJZ/2004/4539 16-07-2004
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist de ambtenaar. 2002 242 16-12-2002 11-12-2002 TRCJZ/2002/12082 2002 242 16-12-2002 11-12-2002 TRCJZ/2002/12082 01-01-2003
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 artikelen 6 25 30 32 57 der Veewet De Regeling houdende aanwijzing insectenverdelgingsmiddelen als ontsmettingsmiddel als bedoeld in artikel 10, onderdeel b, subonderdeel 13 van het Besluit van 23 februari 1922, ter uitvoering der,,,enwordt ingetrokken. 1996 61 26-03-1996 12-03-1996 J.962218 1996 217 12-04-1996 18-12-1995 13-04-1996 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 23 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (24-09-1992, Stb. 585) in werking treedt.
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag waarop artikel 23 van de wet in werking treedt. 1996 61 26-03-1996 12-03-1996 J.962218 1996 217 12-04-1996 18-12-1995 13-04-1996 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 23 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (24-09-1992, Stb. 585) in werking treedt.
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Regeling betreffende uitvoering bestrijdingsmaatregelen besmettelijke dierziekten Deze regeling wordt aangehaald als:. 1996 61 26-03-1996 12-03-1996 J.962218 1996 217 12-04-1996 18-12-1995 13-04-1996 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 23 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (24-09-1992, Stb. 585) in werking treedt.
Artikel 9#
artikel 9