Regeling subsidiëring Extra Impuls natuur- en milieu-educatie
- BWB-id
- BWBR0007927
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2002-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007927
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1996/regeling-subsidi-ring-extra-impuls-natuur-en-milieu-educatie
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1996/regeling-subsidi-ring-extra-impuls-natuur-en-milieu-educatie/2002-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007927&g=2002-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007927&z=2026-06-06&g=2002-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007927/2002-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1996/regeling-subsidi-ring-extra-impuls-natuur-en-milieu-educatie
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: minister: minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij; stichting: Stichting Nationale Commissie voor Internationale Samenwerking en Duurzame Ontwikkeling; instelling: rechtspersoon zonder winstoogmerk die zijn domicilie in Nederland heeft; project: tijdelijke activiteit, uitgevoerd door een instelling, met een start- en einddatum, waarvan de looptijd uiterlijk 31 juli 2000 eindigt; aanvrager: instelling die op grond van deze regeling een aanvraag tot subsidieverlening indient of heeft ingediend; stuurgroep: artikel 2 stuurgroep als bedoeld in; Extra Impuls: Extra Impuls als bedoeld in het Kaderplan Natuur- en Milieu-educatie (Kamerstukken II, 1993-1994, 20487, nr. 13). 2 In deze regeling worden onder subsidiabele kosten verstaan kosten voortvloeiende uit een project, onder aftrek van de uit een project voortvloeiende opbrengsten. 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Er is een stuurgroep, bestaande uit vertegenwoordigers van de ministers van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, van Verkeer en Waterstaat, voor Ontwikkelingssamenwerking, van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, die is belast met de interdepartementale coördinatie van aanvragen voor subsidie die op grond van deze regeling worden ingediend. 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 15-03-1996
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 4, tweede lid De minister stelt in de periode van 1996 tot en met 1999 jaarlijks subsidieplafonds vast voor de onderscheiden categorieën van subsidies, bedoeld in. 2 artikel 4, tweede lid, onder c Voor themaprojecten, bedoeld in, stelt de minister bij nader besluit vast: a. het thema waarvoor een aanvraag tot subsidieverlening kan worden ingediend; b. de periode waarin een aanvraag kan worden ingediend, en c. artikel 11 onverminderd het vierde lid en, de beoordelingsmaatstaven. 4 De minister voorziet in een gelijktijdige beslissing op aanvragen met betrekking tot soortgelijke projecten op basis van een vergelijking van hun geschiktheid. 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Voor subsidieverlening op grond van deze regeling komen uitsluitend in aanmerking projecten die duurzaam bijdragen aan een vernieuwing en kwaliteitsverbetering van natuur- en milieu-educatie, doordat zij: a. de structurele inbedding van natuur- en milieu-educatie in het onderwijs of de ontwikkeling en implementatie van buitenschoolse natuur- en milieu-educatie versterken; b. doorwerking hebben in die zin, dat zij niet slechts dienen voor eigen gebruik, maar breed kunnen worden toegepast en daarom verspreiding verdienen; c. door samenwerking de betrokkenheid en de participatie van zoveel mogelijk actoren bij natuur- en milieu-educatie stimuleren; en d. duidelijk toetsbare doelen en resultaten bevatten. 2 Onverminderd het eerste lid wordt uitsluitend subsidie verleend ten behoeve van: a. Wet educatie en beroepsonderwijs onderwijsprojecten: projecten gericht op de structurele inpassing, kwaliteitsverbetering en inhoudelijke vernieuwing van natuur- en milieu-educatie in het primair onderwijs, voortgezet onderwijs of beroepsonderwijs als bedoeld in de; b. doorloopprojecten: projecten met een looptijd van meer dan twaalf maanden, waarvoor in 1997 subsidie is verleend, of c. themaprojecten. 1997 128 09-07-1997 03-07-1997 J.975171 1997 128 09-07-1997 03-07-1997 J.975171 11-07-1997
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Voor subsidieverlening komen niet in aanmerking projecten die niet uiterlijk 31 juli 2000 kunnen zijn uitgevoerd. 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Voor subsidie komen uitsluitend in aanmerking kosten die tijdens de looptijd van een project worden gemaakt. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste 90% van de subsidiabele kosten van een project, met dien verstande dat de subsidiabele kosten ten minste € 68.067,03 per project bedragen. 3 In bijzondere gevallen kan de minister afwijken van het bepaalde in het tweede lid. 2001 214 05-11-2001 12-10-2001 TRCJZ/2001/14286 2001 214 05-11-2001 12-10-2001 TRCJZ/2001/14286 01-01-2002
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Voor subsidieverlening komen niet in aanmerking: a. de kosten waarvoor uit andere hoofde uit ’s Rijks kas subsidie is verleend; b. exploitatiekosten, kosten van regulier onderhoud en beheer daaronder begrepen; c. overige kosten als gevolg van kapitaals- en inkomensverliezen; d. accountantskosten; e. kosten verbonden aan de inzet van overheidspersoneel; en f. de door de instelling verrekenbare BTW. 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 15-03-1996
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Aanvragen tot subsidieverlening worden gericht aan de minister en ingediend bij de directeur van de stichting. 2 artikel 4, tweede lid, onder a onderscheidenlijk b Instellingen kunnen aanvragen tot subsidieverlening voor de categorieën onderwijsprojecten en doorloopprojecten, bedoeld in, indienen jaarlijks van 1 juli tot en met 31 augustus voorafgaand aan het jaar waarin het project, blijkens de tijdsplanning, bedoeld in het derde lid, onder c, begint of doorloopt. 3 De aanvraag tot subsidieverlening gaat vergezeld van: a. een begroting; b. een werkplan; c. een tijdsplanning, die in ieder geval een begin- en een einddatum van het project bevat. 4 De minister kan nadere eisen stellen aan de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, en met betrekking tot de stukken, bedoeld in het derde lid. 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 8, derde lid, onderdeel a De begroting, bedoeld in, bevat een gespecificeerd overzicht van de diverse kostenposten en inkomstenbronnen. 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 15-03-1996
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 8, derde lid, onderdeel b Het werkplan, bedoeld in, bevat: a. een beschrijving van de werkzaamheden en de activiteiten die door de instelling zullen worden verricht voor de uitvoering van het project waarop de aanvraag betrekking heeft; b. een beschrijving van de doelstellingen die met het project worden nagestreefd; c. een duidelijke samenvatting van de onderwerpen, bedoeld in de onderdelen a en b. 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 15-03-1996
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 De stuurgroep rangschikt de aanvragen die voor een subsidie in aanmerking komen zodanig dat een project hoger gerangschikt wordt naarmate een project meer bijdraagt aan een duurzame vernieuwing en kwaliteitsverbetering van natuur- en milieu-educatie. 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 15-03-1996
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 De minister geeft, gehoord de stuurgroep, een beschikking tot subsidieverlening. 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Op basis van de subsidieverlening kunnen op aanvraag voorschotten worden verleend. De minister kan daartoe aan de subsidieontvanger verzoeken inzicht te geven in de liquiditeitsbehoefte. 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 De instelling doet vooraf mededeling aan de minister van: a. elke wijziging in de begroting die voor meer dan 10% afwijkt van een begrotingspost; b. aanzienlijke afwijkingen van het werkplan bij de uitvoering van de activiteiten of werkzaamheden. 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 15-03-1996
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 Binnen vier maanden na afloop van een project dient de subsidieontvanger een aanvraag tot subsidievaststelling vergezeld van een afrekening in bij de minister. 2 De afrekening bevat: a. de baten en de lasten volgens de begroting; b. de staat van werkelijke baten en lasten; c. een toelichting op de staat van werkelijke baten en lasten, bedoeld onder b, waarin in ieder geval die posten worden toegelicht, die meer dan 10% afwijken ten opzichte van de begrotingspost. 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 artikel 15 De afrekening, bedoeld in, is voorzien van een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek. 2 Indien de verklaring, bedoeld in het eerste lid, geen goedkeurende strekking heeft, verschaft de instelling hieromtrent een nadere toelichting. 3 De accountant, bedoeld in het eerste lid, rapporteert tevens omtrent de naleving van het bij of krachtens deze regeling bepaalde. 4 De minister kan een accountantsprotocol voorschrijven voor de verklaring, bedoeld in het tweede lid, en voor de rapportage, bedoeld in het derde lid. 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 15-03-1996
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 artikel 8, derde lid, onderdeel b Gelijktijdig met de afrekening dient de instelling een verslag in omtrent het verloop, de uitvoering en de resultaten van de activiteiten en de werkzaamheden, genoemd in het werkplan, bedoeld in. 2 artikel 15 De minister kan nadere regels stellen met betrekking tot het verslag, bedoeld in het eerste lid, en met betrekking tot de afrekening, bedoeld in. 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 15-03-1996
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 De minister geeft een beschikking tot subsidievaststelling 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Vervallen 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Vervallen 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Vervallen 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 Vervallen 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 1 Een instelling, waaraan op grond van deze regeling subsidie wordt verleend, is verplicht mee te werken aan een in opdracht van de minister te verrichten extern evaluatie-onderzoek. 2 De instelling verstrekt op verzoek de gegevens, die met het oog op het evaluatie-onderzoek, bedoeld in het eerste lid, nodig zijn. 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 15-03-1996
Artikel 23a — Artikel 23a#
Artikel 23a artikel 2 Deze regeling berust opvan de Kaderwet LNV-subsidie. 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 1997 245 19-12-1997 15-12-1997 J.9713955 01-01-1998
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 Vervallen 1997 128 09-07-1997 03-07-1997 J.975171 1997 128 09-07-1997 03-07-1997 J.975171 11-07-1997
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Vervallen 1997 128 09-07-1997 03-07-1997 J.975171 1997 128 09-07-1997 03-07-1997 J.975171 11-07-1997
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 Vervallen 1997 128 09-07-1997 03-07-1997 J.975171 1997 128 09-07-1997 03-07-1997 J.975171 11-07-1997
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 15-03-1996
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 Deze regeling kan worden aangehaald als: Regeling subsidiëring Extra Impuls natuur- en milieu-educatie. 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 1996 52 13-03-1996 06-03-1996 J.961202 15-03-1996