Besluit tekenbevoegdheid vertrouwensfuncties en veiligheidsonderzoeken ministerie van Binnenlandse Zaken
- BWB-id
- BWBR0008523
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 1997-02-01 t/m 2004-01-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0008523
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1997/besluit-tekenbevoegdheid-vertrouwensfuncties-en-veiligheidso
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1997/besluit-tekenbevoegdheid-vertrouwensfuncties-en-veiligheidso/1997-02-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0008523&g=1997-02-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0008523&z=2026-06-06&g=1997-02-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0008523/1997-02-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1997/besluit-tekenbevoegdheid-vertrouwensfuncties-en-veiligheidso
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze beschikking wordt onder tekenbevoegdheid verstaan de bevoegdheid om namens de minister besluiten te nemen, stukken af te doen en uitgaande brieven te ondertekenen. 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 01-02-1997
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Het hoofd van de Binnenlandse Veiligheidsdienst bezit tekenbevoegdheid ten aanzien van: a. artikel 3 van de Wet veiligheidsonderzoeken het instemmen met het aanwijzen van vertrouwensfuncties als bedoeld in; b. artikelen 4 5 van de Wet veiligheidsonderzoeken het afgeven van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in deen; c. artikel 8 van de Wet veiligheidsonderzoeken het in overeenstemming met de betrokken Minister weigeren van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in; d. artikelen 9 16 van de Wet veiligheidsonderzoeken het doen instellen van een hernieuwd veiligheidsonderzoek als bedoeld in deen; e. artikel 10 van de Wet veiligheidsonderzoeken het in overeenstemming met de betrokken Minister intrekken van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in; f. artikel 13 van de Wet veiligheidsonderzoeken het doen van mededelingen aan een andere mogendheid of aan een volkenrechtelijke organisatie als bedoeld in. 2 Bij verhindering van het hoofd van de Binnenlandse Veiligheidsdienst heeft diens plaatsvervanger tekenbevoegdheid. 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 01-02-1997
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Aan de minister is voorbehouden: 1. artikel 2, eerste lid, onder c en e artikel 7, tweede lid, onder b, c en d, van de Wet veiligheidsonderzoeken de uitoefening van de bevoegdheden bedoeld in, indien bij de uitoefening van deze bevoegdheden gebruik wordt gemaakt van gegevens bedoeld in; 2. artikel 2, eerste lid, onder f artikel 13, vierde lid, onder b, c en d, van de Wet veiligheidsonderzoeken de uitoefening van de bevoegdheid bedoeld in, indien bij de uitoefening van deze bevoegdheid gebruik wordt gemaakt van gegevens bedoeld in; 3. de afdoening en ondertekening van stukken bestemd voor: a. de Koningin; b. de Raad van Ministers van het Koninkrijk; de Raad van Ministers en de daaruit gevormde colleges; c. de voorzitters van de Eerste en de Tweede Kamer der Staten-Generaal en de voorzitters van de uit die Kamers gevormde commissies; d. de Raad van State; e. de Algemene Rekenkamer; f. de Nationale ombudsman. 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 01-02-1997
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Het hoofd van de Binnenlandse Veiligheidsdienst kan bij schriftelijk aan de minister mede te delen beschikking: 1. ten aanzien van de daarin aangewezen bevoegdheden, tekenbevoegdheid opdragen aan een of meer als zodanig aangewezen, onder hem ressorterende functionarissen; 2. artikel 2, eerste lid, onder b ten aanzien van de in, bedoelde bevoegdheid, in verband met de vervulling van vertrouwensfuncties op de burgerluchthavens, tekenbevoegdheid verlenen aan de commandant van de Koninklijke marechaussee, die deze bevoegdheid in overeenstemming met het hoofd van de Binnenlandse Veiligheidsdienst, bij schriftelijk aan de minister van Binnenlandse Zaken mede te delen beschikking kan opdragen aan een of meer als zodanig aangewezen onder de commandant van de Koninklijke marechaussee ressorterende functionarissen. 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 01-02-1997
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De tekenbevoegdheid wordt uitgeoefend met dien verstande dat: 1. geen beslissingen worden genomen ten aanzien van zaken van principiële aard; 2. de bestaande richtlijnen en gebruiken omtrent voorparaaf en medeparaaf in overleg en overeenstemming met medebelanghebbende afdelingen in acht zijn genomen; 3. de binnen het ministerie geldende instructies omtrent het voorleggen en afdoen van stukken zijn gevolgd; 4. geen stukken worden ondertekend, die bij de ontvanger de indruk kunnen wekken, dat de ondertekenaar persoonlijk een beslissing neemt, welke door de minister moet worden genomen. 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 01-02-1997
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Het hoofd van de Binnenlandse Veiligheidsdienst brengt iedere twee maanden aan de minister schriftelijk verslag uit over de wijze waarop van de aan hem en door hem verleende tekenbevoegdheid gebruik is gemaakt. 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 01-02-1997
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 februari 1997. 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 01-02-1997
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Dit besluit kan worden aangehaald als ’Besluit tekenbevoegdheid vertrouwensfuncties en veiligheidsonderzoeken ministerie van Binnenlandse Zaken’. 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 1997 35 19-02-1997 30-01-1997 2287351-14 01-02-1997