Regeling aanvullende uitkering gemeentefonds
- BWB-id
- BWBR0008324
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2010-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0008324
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1997/regeling-aanvullende-uitkering-gemeentefonds
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1997/regeling-aanvullende-uitkering-gemeentefonds/2010-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0008324&g=2010-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0008324&z=2026-06-06&g=2010-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0008324/2010-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1997/regeling-aanvullende-uitkering-gemeentefonds
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. de ministers: de Minister van Binnenlandse Zaken en de Minister van Financiën; b. de wet: Financiële-verhoudingswet de; c. het besluit: Besluit financiële verhouding 2001 het; d. de gemeente: artikel 12 van de wet de gemeente die een aanvraag heeft ingediend op grond van. 2 artikel 23, derde lid, van het besluit De waarden bedoeld inzijn: a. artikel 220d van de Gemeentewet de waarden die op grond vanbuiten aanmerking gelaten worden, met uitzondering van de waarden bedoeld in onderdeel i van dat artikel; b. artikel 243 van de Gemeentewet de waarden van onroerende zaken ten aanzien waarvan op grond vandan wel op grond van rechtstreeks werkende internationale overeenkomsten vrijstelling is verleend. 2006 73 12-04-2006 27-03-2006 2006-0000097678DGKB/BFO/FO 2006 73 12-04-2006 27-03-2006 2006-0000097678DGKB/BFO/FO 14-04-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 20 van het besluit Het verslag van gedeputeerde staten, bedoeld in, bevat in ieder geval: a. een beschrijving van de maatregelen die gedeputeerde staten hebben getroffen om evenwicht in de begroting van de gemeente te brengen of te houden; b. een analyse van de ontwikkelingen in de lasten en baten van de gemeente; c. een analyse van de ontwikkelingen in de reserves en voorzieningen van de gemeente; d. een analyse van de ontwikkelingen in de gegevens over de fysieke, sociale en financiële structuur van de gemeente; e. artikel 24 van het besluit artikel 4 een berekening en beoordeling van de mate waarin sprake is van een aanmerkelijk en structureel tekort van de gemeente en van het injunctovan deze regeling bedoelde redelijk peil. 2 Bij het verslag worden betrokken: a. de vastgestelde begroting van de gemeente voor het jaar waarover de aanvullende uitkering wordt aangevraagd; b. de begrotingswijzigingen die gelijktijdig met de begroting zijn vastgesteld; c. de begrotingen voor de vijf jaren voorafgaand aan het onder a bedoelde jaar; d. de rekeningen over de vier jaren die voorafgaan aan het jaar waarin een aanvullende uitkering voor een volgend jaar wordt aangevraagd. 3 Gedeputeerde staten zenden het verslag gelijktijdig aan de ministers en de gemeenteraad. 2006 45 03-03-2006 22-02-2006 2006-0000050963 2006 45 03-03-2006 22-02-2006 2006-0000050963 08-03-2006
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Vervallen 2001 102 30-05-2001 21-05-2001 FO2001/U64372 2001 283 21-06-2001 11-06-2001 22-06-2001 01-01-2001 Treedt in werking op het tijdstip waarop het Besluit financiële verhouding 2001 in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 24, eerste lid, onder a, van het besluit Het percentage van de heffingsmaatstaf, bedoeld inbedraagt 0,1164. 2009 12762 27-08-2009 17-08-2009 2008-0000099438 2009 12762 27-08-2009 17-08-2009 2008-0000099438 01-01-2010
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Bij het nemen van een besluit omtrent de verstrekking van een aanvullende uitkering aan de gemeente laten de ministers bij de bepaling van de financiële positie van de gemeente buiten beschouwing de besluiten van de gemeente, genomen na de indiening van de aanvraag, die: a. leiden tot nieuwe lasten of tot verhoging van bestaande lasten of tot een verlaging van bestaande baten; b. in de toekomst kunnen leiden tot nieuwe lasten of verhoging van bestaande lasten, verlaging van bestaande baten of de vermindering van het vermogen van de gemeente. 2 De ministers kunnen afwijken van het eerste lid indien de gemeente het besluit neemt nadat de ministers te kennen hebben gegeven dat het besluit naar hun oordeel onontkoombaar en onuitstelbaar is en door de gemeente is voorzien van dekking. 3 De ministers geven het in het tweede lid bedoelde oordeel op basis van een verzoek van de gemeente, dat hen bereikt door tussenkomst van gedeputeerde staten. 1996 239 10-12-1996 14-11-1996 VFO93/4/U356 1996 239 10-12-1996 14-11-1996 VFO93/4/U356 01-01-1997
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 24 van het besluit artikel 4 De ministers verlenen slechts een aanvullende uitkering indien de eigen inkomsten van de gemeente vanaf het jaar waarover wordt aangevraagd ten minste liggen op het injunctovan deze regeling bedoelde redelijk peil. 2001 102 30-05-2001 21-05-2001 FO2001/U64372 2001 283 21-06-2001 11-06-2001 22-06-2001 01-01-2001 Treedt in werking op het tijdstip waarop het Besluit financiële verhouding 2001 in werking treedt.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 24 van het besluit artikel 4 De ministers verbinden aan een besluit tot verlening van een aanvullende uitkering aan de gemeente in ieder geval voorschriften die er toe strekken dat de eigen inkomsten van de gemeente ten minste op het injunctovan deze regeling bedoelde redelijk peil blijven. 2001 102 30-05-2001 21-05-2001 FO2001/U64372 2001 283 21-06-2001 11-06-2001 22-06-2001 01-01-2001 Treedt in werking op het tijdstip waarop het Besluit financiële verhouding 2001 in werking treedt.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 1997. 1996 239 10-12-1996 14-11-1996 VFO93/4/U356 1996 239 10-12-1996 14-11-1996 VFO93/4/U356 01-01-1997
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanvullende uitkering gemeentefonds. 1996 239 10-12-1996 14-11-1996 VFO93/4/U356 1996 239 10-12-1996 14-11-1996 VFO93/4/U356 01-01-1997