Instelling Toetsingscommissie Centra voor Ontwikkeling van Palliatieve Zorg
- BWB-id
- BWBR0010001
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- 2003-04-12 t/m 2004-04-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0010001
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/instelling-toetsingscommissie-centra-voor-ontwikkeling-van-p
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/instelling-toetsingscommissie-centra-voor-ontwikkeling-van-p/2003-04-12
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0010001&g=2003-04-12
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0010001&z=2026-06-06&g=2003-04-12
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0010001/2003-04-12
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/instelling-toetsingscommissie-centra-voor-ontwikkeling-van-p
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. de minister: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; b. de toetsingscommissie: artikel 2 de Toetsingscommissie Centra voor Ontwikkeling van Palliatieve Zorg, bedoeld in. 1998 221 18-11-1998 11-11-1998 CSZ/EZ-9818654 1998 221 18-11-1998 11-11-1998 CSZ/EZ-9818654 20-11-1998 01-09-1998
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Er is een Toetsingscommissie Centra voor Ontwikkeling van Palliatieve Zorg. 2 De toetsingscommissie heeft als doel het stimuleren en faciliteren van de ontwikkeling van palliatieve zorg in de terminale fase, meer in het bijzonder het zorgdragen voor een landelijk dekkend netwerk van centra voor de ontwikkeling van palliatieve zorg. 3 De toetsingscommissie heeft tot taak het toetsen van projectvoorstellen van de zes Centra voor Ontwikkeling van Palliatieve Zorg (COPZ). De toetsingscommissie beoordeelt in hoeverre een projectvoorstel van COPZ Amsterdam, COPZ Groningen, COPZ Maastricht, COPZ Nijmegen, COPZ Rotterdam of COPZ Utrecht in aanmerking komt voor subsidiëring. 4 De toetsingscommissie hanteert bij de beoordeling van de projectvoorstellen van de COPZ’s de volgende criteria: samenhang tussen de projecten; haalbaarheid; relevantie voor patiënten en hun naasten; voorkoming van dubbeling/evidente lacunes; continuïteit na afloop van het project; direct (danwel indirect) aantoonbaar belang voor de patiënt; prioriteit; financiële onderbouwing. 5 De minister kan de toetsingscommissie ten aanzien van de uitvoering van de taak als bedoeld in het tweede lid, bijzondere aanwijzingen geven. 1998 221 18-11-1998 11-11-1998 CSZ/EZ-9818654 1998 221 18-11-1998 11-11-1998 CSZ/EZ-9818654 20-11-1998 01-09-1998
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Tot lid van de toetsinscommissie worden benoemd: a. als onafhankelijk voorzitter: de heer prof. F.J. Cleton; b. als lid: mevrouw H. Hillmann; de heer dr. P.P.A. Razenberg; de heer dr. S. Schagen; de heer prof. dr. Th.B. Voorn. 2 Tot secretaris van de commissie wordt benoemd: mevrouw drs. M.C. de Korte-Verhoef. 1998 221 18-11-1998 11-11-1998 CSZ/EZ-9818654 1998 221 18-11-1998 11-11-1998 CSZ/EZ-9818654 20-11-1998 01-09-1998
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De toetsingscommissie stelt haar eigen werkwijze vast. 1998 221 18-11-1998 11-11-1998 CSZ/EZ-9818654 1998 221 18-11-1998 11-11-1998 CSZ/EZ-9818654 20-11-1998 01-09-1998
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De toetsingscommissie zendt jaarlijks binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar een rapportage omtrent haar werkzaamheden aan de minister. 1998 221 18-11-1998 11-11-1998 CSZ/EZ-9818654 1998 221 18-11-1998 11-11-1998 CSZ/EZ-9818654 20-11-1998 01-09-1998
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 september 1998. 2 Dit besluit vervalt met ingang van 1 mei 2004. 2003 48 10-04-2003 06-04-2003 CZ/EZ-2356436 2003 48 10-04-2003 06-04-2003 CZ/EZ-2356436 12-04-2003