Opkoopregeling varkensrechten
- BWB-id
- BWBR0010147
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2002-01-01 t/m 2004-01-23
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0010147
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/opkoopregeling-varkensrechten
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/opkoopregeling-varkensrechten/2002-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0010147&g=2002-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0010147&z=2026-06-06&g=2002-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0010147/2002-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/opkoopregeling-varkensrechten
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel 1 van de Wet herstructurering varkenshouderij artikel 5, eerste lid, onderdeel j, van de Wet herstructurering varkenshouderij In deze regeling wordt verstaan onder bedrijf, Bureau Heffingen, varkensrecht, fokzeugenrecht, concentratiegebied Zuid, concentratiegebied Oost en grondgebonden deel van het varkensrecht, hetgeen daaronder wordt verstaan in, wordt verstaan onder belanghebbende hetgeen daaronder wordt verstaan inen wordt verstaan onder: a. wet: Wet herstructurering varkenshouderij ; b. minister: Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij; c. aanvrager: paragraaf 3 degene die overeenkomstigeen aanvraag tot subsidieverlening indient; d. niet-concentratiegebied: gebied in Nederland gelegen buiten het concentratiegebied Zuid en het concentratiegebied Oost; e. niet-grondgebonden deel van het varkensrecht: varkensrecht verminderd met het grondgebonden deel van het varkensrecht. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De minister kan aan een bedrijf subsidie verlenen ter zake van de beëindiging op dat bedrijf van de varkenshouderij. 2 artikel 30 van de wet Onder beëindiging van de varkenshouderij wordt verstaan de inbedoelde registratie van de kennisgeving van het vervallen van het varkensrecht van het bedrijf. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De subsidie bedraagt de som van: a. 100% van het grondgebonden deel van het varkensrecht vermenigvuldigd met de representatieve marktwaarde per varkenseenheid; b. 75% van het niet-grondgebonden deel van het varkensrecht, vermenigvuldigd met de representatieve marktwaarde per varkenseenheid. 2 De Minister stelt wekelijks de representatieve marktwaarde per varkenseenheid, bedoeld in het eerste lid, vast en doet daarvan mededeling in de Staatscourant. De representatieve marktwaarde van een varkenseenheid kan voor het fokzeugenrecht en het varkensrecht, niet zijnde fokzeugenrecht, voor het concentratiegebied Oost en het concentratiegebied Zuid verschillend worden vastgesteld. 3 Zolang nog geen mededeling als bedoeld in het tweede lid is gedaan bedraagt de representatieve marktwaarde per varkenseenheid voor een bedrijf gelegen in het: a. concentratiegebied Zuid: € 317,65 voor het varkensrecht, niet zijnde fokzeugenrecht en € 347,60 voor het fokzeugenrecht; b. concentratiegebied Oost: € 260,92 voor het varkensrecht, niet zijnde fokzeugenrecht, en € 314,47 voor het fokzeugenrecht; c. niet-concentratiegebied: € 260,92 voor het varkensrecht, niet zijnde fokzeugenrecht en € 298,13 voor het fokzeugenrecht. 4 artikel 17, vierde lid, van de wet Voor de bepaling van de ligging van een bedrijf isvan overeenkomstige toepassing. 5 Voor de bepaling van de hoogte van de subsidie is van toepassing de op grond van het tweede lid vóór de datum van de aanvraag tot subsidieverlening laatstelijk in de Staatscourant bekendgemaakte representatieve marktwaarde, of indien nog geen mededeling als bedoeld in het tweede lid is gedaan de in het derde lid genoemde representatieve marktwaarde. 6 artikel 2, eerste lid paragraaf 3 hoofdstuk 2 van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij Voor de bepaling van de hoogte van de subsidie wordt het varkensrecht niet in aanmerking genomen, voorzover de hoogte daarvan mede wordt bepaald overeenkomstig, juncto, 4 of 5 vanen op de datum van de aanvraag tot subsidieverlening niet is voldaan aan artikel 9, eerste lid en tweede lid, onderdelen b en c, van dat besluit. 2001 214 05-11-2001 12-10-2001 TRCJZ/2001/14286 2001 214 05-11-2001 12-10-2001 TRCJZ/2001/14286 01-01-2002
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Het subsidieplafond van deze regeling bedraagt f 200.000.000,-. 1999 102 02-06-1999 02-06-1999 TRCJZ/1999/1510 1999 102 02-06-1999 02-06-1999 TRCJZ/1999/1510 04-06-1999 01-01-1999
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 2 Een aanvraag tot subsidieverlening, bedoeld in, kan worden ingediend door de belanghebbende met ingang van 1 januari 1999 tot uiterlijk 30 november 1999 om 13.00 uur. 2 De minister kan besluiten dat vanaf een door hem te bepalen tijdstip, voor bepaalde of voor onbepaalde tijd, geen aanvragen kunnen worden ingediend voor bepaalde categorieën van bedrijven of voor bedrijven die gelegen zijn in bepaalde gebieden en doet daarvan mededeling in de Staatscourant. 1999 102 02-06-1999 02-06-1999 TRCJZ/1999/1510 1999 102 02-06-1999 02-06-1999 TRCJZ/1999/1510 04-06-1999 01-01-1999
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Onder het voorbehoud dat de subsidie wordt verleend doet de belanghebbende gelijktijdig met zijn aanvraag aan het Bureau Heffingen een kennisgeving van het vervallen van het varkensrecht. 2 De aanvraag wordt mede-ondertekend door de hypotheekhouder die een aanmelding als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Regeling leges en blokkade Wet herstructurering varkenshouderij heeft gedaan. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De aanvraag wordt ingediend bij het Bureau Heffingen met gebruikmaking van een daartoe door het Bureau Heffingen ter beschikking gesteld formulier. 2 Een ingediende aanvraag wordt niet herroepen of gewijzigd. 3 De aanvrager verschaft op verzoek van het Bureau Heffingen aanvullende gegevens, of legt bescheiden over op verzoek van het Bureau Heffingen, binnen een door het Bureau Heffingen te stellen termijn. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Door het indienen van het aanvraagformulier verplicht de aanvrager zich tot nakoming van de in deze regeling gestelde voorwaarden en verplichtingen. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 De minister beslist op de aanvragen in volgorde van ontvangst. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Geen subsidie wordt verleend indien uit anderen hoofde een subsidie ter zake van de beëindiging op dat bedrijf van de varkenshouderij is verleend. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 De subsidie wordt verleend onder de voorwaarde dat de Commissie van de Europese Gemeenschappen ingevolge de artikelen 92 en 93 van het EG-Verdrag verklaart geen bezwaar te maken tegen de toepassing van deze regeling. 2 Van de in het eerste lid bedoelde verklaring wordt mededeling gedaan in de Staatscourant. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998
Artikel 11a — Artikel 11a#
Artikel 11a In de beschikking tot subsidieverlening kan worden afgezien van de vermelding van het bedrag waarop de subsidie ten hoogste kan worden vastgesteld. 1999 102 02-06-1999 02-06-1999 TRCJZ/1999/1510 1999 102 02-06-1999 02-06-1999 TRCJZ/1999/1510 04-06-1999 01-01-1999
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Indien de subsidie is verleend doet de aanvrager met gebruikmaking van een daartoe door het Bureau Heffingen ter beschikking gesteld formulier, aan het Bureau Heffingen een kennisgeving of op zijn bedrijf op dat tijdstip varkens worden gehouden. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 De varkens worden uiterlijk vijf maanden nadat de subsidie is verleend van het bedrijf afgevoerd, of, indien dit later is, vijf maanden nadat de Commissie van de Europese Gemeenschappen ingevolge de artikelen 92 en 93 van het EG-Verdrag heeft verklaard geen bezwaar te maken tegen de toepassing van deze regeling. 2 Onmiddellijk nadat de varkens van het bedrijf zijn afgevoerd geeft de aanvrager daarvan kennis aan het Bureau Heffingen met gebruikmaking van een daartoe door het Bureau Heffingen ter beschikking gesteld formulier en stelt het Bureau Heffingen de subsidie vast. 1999 140 26-07-1999 23-07-1999 TRCJZ/1999/7370 1999 140 26-07-1999 23-07-1999 TRCJZ/1999/7370 28-07-1999
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Onmiddellijk nadat de subsidie is vastgesteld, doch uiterlijk vijf maanden nadat de subsidie is verleend, registreert het Bureau Heffingen de kennisgeving van het vervallen van het varkensrecht. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Deze regeling wordt aangehaald als: Opkoopregeling varkensrechten. 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 1998 245 22-12-1998 21-12-1998 TRCJZ/1998/2708 24-12-1998