Regeling bekostiging, rechtspositie en samenvoeging leerwegondersteunend onderwijs en praktijkonderwijs
- BWB-id
- BWBR0009931
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- 2002-04-13 t/m 2004-12-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0009931
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/regeling-bekostiging-rechtspositie-en-samenvoeging-leerwegon
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/regeling-bekostiging-rechtspositie-en-samenvoeging-leerwegon/2002-04-13
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0009931&g=2002-04-13
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0009931&z=2026-06-06&g=2002-04-13
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0009931/2002-04-13
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/regeling-bekostiging-rechtspositie-en-samenvoeging-leerwegon
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen • WVO: Wet op het voortgezet onderwijs ; • wet: Wet van 25 mei 1998 de(Stb 337 ), houdende wijziging van onder meer de Wet op het voortgezet onderwijs in verband met de invoering van leerwegen in de hogere leerjaren van het middelbaar algemeen voortgezet onderwijs en het voorbereidend beroepsonderwijs, alsmede van leerwegondersteunend en praktijkonderwijs (regeling leerwegen mavo en vbo; invoering leerwegondersteunend en praktijkonderwijs); • afdeling leerwegondersteunend onderwijs: artikel IV, eerste lid, van de wet een afdeling voor leerwegondersteunend onderwijs als bedoeld in; • afdeling praktijkonderwijs: artikel II, vijfde lid artikel V, eerste lid artikel VIII, eerste lid, van de wet een afdeling voor praktijkonderwijs als bedoeld in,, en; • school voor praktijkonderwijs: artikel II, vijfde lid artikel V, eerste lid artikel VIII, eerste lid, van de wet een school voor praktijkonderwijs als bedoeld in,, en; • ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo: een afdeling voor praktijkonderwijs voortkomend uit het per 1 augustus 1998 in leerwegondersteunend onderwijs omgezet individueel voorbereidend beroepsonderwijs; • mavo: een school voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs; • vbo: een school voor voorbereidend beroepsonderwijs; • svo-school of -afdeling: artikel III, eerste en tweede lid artikel VII, eerste en tweede lid, van de wet een school of afdeling als bedoeld in, en; • ex svo: een svo-school of -afdeling die is omgezet in leerwegondersteunend of praktijkonderwijs • svo-leraren: de leraren van een svo-school of -afdeling • svo-leerlingen: de leerlingen van een svo-school of -afdeling. • anderstalige leerlingen: de leerlingen behorende tot culturele minderheidsgroepen en tot anderstalige leerlingen als bedoeld in de Regeling personele vergoeding culturele minderheidsgroepen en anderstalige leerlingen WVO. • leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond: artikel 1 van het Formatiebesluit ISOVSO 1992 de leerlingen bedoeld in, zoals dat op 31 juli 1998 luidde; • schoolsoortgroep: artikel 85, vijfde lid, van de WVO een schoolsoortgroep, genoemd in de ministeriële regeling op grond van. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 2 — Artikel 2 WVO, deel I Toepassing voorschriften, op afdeling leerwegondersteunend onderwijs en afdeling praktijkonderwijs#
Artikel 2 WVO, deel I Toepassing voorschriften, op afdeling leerwegondersteunend onderwijs en afdeling praktijkonderwijs 1 WVO, deel I artikel 3 Op een afdeling leerwegondersteunend onderwijs zijn ten aanzien van de bekostiging en rechtspositie de voorschriften vastgesteld bij of krachtens de, van toepassing voor zover deze voorschriften betrekking hebben op de school of scholengemeenschap waaraan de afdeling is verbonden, met inachtneming van. 2 WVO, deel I artikelen 4 tot en met 9 Op een afdeling praktijkonderwijs zijn ten aanzien van de bekostiging en rechtspositie de voorschriften vastgesteld bij of krachtens de, van toepassing voor zover deze voorschriften betrekking hebben op de school of scholengemeenschap waaraan de afdeling is verbonden, met inachtneming van de. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 3 — Artikel 3 Grondslagen berekening omvang formatie afdeling leerwegondersteunend onderwijs (ex svo)#
Artikel 3 Grondslagen berekening omvang formatie afdeling leerwegondersteunend onderwijs (ex svo) 1 artikel 2 van het Formatiebesluit W.V.O. In verband met de afdeling leerwegondersteunend onderwijs wordt het vast aantal formatieplaatsen genoemd invermeerderd. De vermeerdering is voor de verschillende schoolsoortgroepen als volgt: a. schoolsoortgroep 1 : 2,26 formatieplaatsen, b. schoolsoortgroep 3 : 0,31 formatieplaatsen, c. schoolsoortgroep 4 : 1,15 formatieplaatsen; 2 artikel 3 van het Formatiebesluit W.V.O. De berekening van het leerlingafhankelijke aantal formatieplaatsen van de personeelscategorie leraren, genoemd in, geschiedt voor de afdeling leerwegondersteunend onderwijs met de ratio 1/11,00. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 4 — Artikel 4 Grondslagen berekening omvang formatie afdeling praktijkonderwijs (ex svo)#
Artikel 4 Grondslagen berekening omvang formatie afdeling praktijkonderwijs (ex svo) 1 Voor de afdeling praktijkonderwijs wordt een vast aantal formatieplaatsen ter beschikking gesteld. Dit aantal formatieplaatsen is voor de verschillende schoolsoortgroepen als volgt: a. schoolsoortgroep 1: 1,23 formatieplaatsen, b. schoolsoortgroep 4: 0,29 formatieplaatsen; 2 artikel 3 van het Formatiebesluit W.V.O. De berekening van het leerlingafhankelijke aantal formatieplaatsen van de personeelscategorie leraren genoemd in, geschiedt voor de afdeling praktijkonderwijs met de ratio 1/1,00. 3 artikel 6, tweede lid, van het Formatiebesluit W.V.O. De berekende lerarenformatie ten behoeve van het praktijkonderwijs blijft bij de toepassing van, buiten beschouwing. 4 artikel 6, derde lid, van het Formatiebesluit W.V.O. Het aantal leerlingen praktijkonderwijs blijft bij de toepassing vanbuiten beschouwing. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 5 — Artikel 5 Grondslagen berekening omvang formatie afdeling praktijkonderwijs (ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo)#
Artikel 5 Grondslagen berekening omvang formatie afdeling praktijkonderwijs (ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo) 1 artikel II, vijfde lid, van de wet artikel 3 van het Formatiebesluit W.V.O. Voor de afdeling praktijkonderwijs, bedoeld ingeschiedt de berekening van het leerlingafhankelijke aantal formatieplaatsen van de personeelscategorie leraren genoemd inmet de ratio 1/11,00. 2 artikel 6, tweede lid, van het Formatiebesluit W.V.O. De berekende lerarenformatie ten behoeve van het praktijkonderwijs blijft bij de toepassing vanbuiten beschouwing. 3 artikel 6, derde lid, van het Formatiebesluit W.V.O. Het aantal leerlingen praktijkonderwijs blijft bij de toepassing vanbuiten beschouwing. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 6 — Artikel 6 Besteding van vergoeding afdeling praktijkonderwijs (ex svo en ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo) overeenkomstig doel#
Artikel 6 Besteding van vergoeding afdeling praktijkonderwijs (ex svo en ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo) overeenkomstig doel 1 artikelen 8 9 artikelen 4 5 Onverminderd deenmoet de met toepassing van deenberekende personele vergoeding ten behoeve van de lerarenformatie voor het praktijkonderwijs, in ieder geval wat betreft de in het tweede lid bedoelde vergoeding worden besteed aan het onderwijs ten behoeve van de leerlingen van het praktijkonderwijs. 2 De vergoeding bedoeld in het eerste lid betreft de uitkomst van de formule A x B, waarbij: artikel 4, tweede lid artikel 4, eerste lid, onder a, dan wel b A = Voor het ex svo: de som van het aantal formatieplaatsen berekend op grond van, en het vast aantal formatieplaatsen bedoeld in. artikel 5 Voor het ex leerwegondersteunend onderwijs/ ivbo: het leerlingafhankelijk aantal formatieplaatsen op grond van. B = de voor de school van toepassing zijnde gemiddelde personeelslast van de lerarenformatie. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 7 — Artikel 7 Verantwoording van de besteding van vergoeding afdeling praktijkonderwijs (ex svo en ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo)#
Artikel 7 Verantwoording van de besteding van vergoeding afdeling praktijkonderwijs (ex svo en ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo) artikel 6 Bij ministeriële regeling worden voorschriften gegeven met betrekking tot de verantwoording van de besteding van de inbedoelde vergoeding ten behoeve van het praktijkonderwijs. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 8 — Artikel 8 Verhoging personele vergoeding lerarenformatie bij toename aantal leerlingen afdeling praktijkonderwijs (ex svo en ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo)#
Artikel 8 Verhoging personele vergoeding lerarenformatie bij toename aantal leerlingen afdeling praktijkonderwijs (ex svo en ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo) 1 artikelen 4 5 Het met toepassing van deenberekende aantal formatieplaatsen voor de leraren wordt opnieuw berekend, indien het verschil tussen: a. het aantal leerlingen op 1 oktober van het schooljaar waarvoor de bedoelde formatieplaatsen zijn berekend en b. het aantal leerlingen op 1 oktober van het schooljaar voorafgaand aan het onder a bedoelde schooljaar, gelijk is aan of groter dan 14. 2 artikelen 4 5 artikel 9 artikelen 4 5 Indien in het schooljaar voorafgaand aan het schooljaar waarvoor de in deenbedoelde formatieplaatsen zijn berekend, toepassing is gegeven aan, wordt in afwijking van het eerste lid het aantal formatieplaatsen, bedoeld in deenopnieuw berekend, indien het verschil tussen: a. artikelen 4 5 het aantal leerlingen op 1 oktober van het schooljaar waarvoor de in deenbedoelde formatieplaatsen zijn berekend en b. het aantal leerlingen op 16 januari van het voorafgaande schooljaar, gelijk is aan of groter dan 14. 3 artikelen 4 5 Aanspraak op vergoeding van het aantal formatieplaatsen berekend met het hogere aantal leerlingen, bedoeld in respectievelijk het eerste lid, onder a, en het tweede lid, onder a, ontstaat met ingang van 1 januari van het schooljaar waarvoor de in deenbedoelde formatieplaatsen zijn berekend. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 9 — Artikel 9 Herberekening vergoeding voor personeelscategorie leraren bij aanzienlijke tussentijdse toename aantal leerlingen afdeling praktijkonderwijs (ex svo en ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo)#
Artikel 9 Herberekening vergoeding voor personeelscategorie leraren bij aanzienlijke tussentijdse toename aantal leerlingen afdeling praktijkonderwijs (ex svo en ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo) 1 Indien het verschil tussen: a. artikelen 4 5 het aantal leerlingen op 16 januari van het schooljaar waarvoor de met toepassing van deenbedoelde formatieplaatsen zijn berekend en b. het aantal leerlingen op 1 oktober van het onder a bedoelde schooljaar, gelijk is aan of groter dan 7, wordt het aantal formatieplaatsen voor de lerarenformatie opnieuw berekend. 2 Aanspraak op vergoeding voor de lerarenformatie, berekend met het hogere aantal leerlingen bedoeld in het eerste lid, onder a, ontstaat met ingang van 1 augustus van het schooljaar volgend op het in het eerste lid bedoelde schooljaar. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 10 — Artikel 10 WVO, deel II Toepassing voorschriften, op een school voor praktijkonderwijs (ex svo)#
Artikel 10 WVO, deel II Toepassing voorschriften, op een school voor praktijkonderwijs (ex svo) artikel V, eerste lid artikel VIII, eerste en tweede lid, van de wet WVO, deel II Op een school voor praktijkonderwijs als bedoeld in, dan wel, zijn ten aanzien van de bekostiging en rechtspositie de voorschriften, vastgesteld bij of krachtens de, wat betreft het voortgezet speciaal onderwijs voor moeilijk lerende kinderen van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat: a. artikel 23 van het Formatiebesluit ISOVSO 1992 het aantal formatierekeneenheden dat de uitkomst vormt van de berekening inzoals dat op 31 juli 1998 luidde, wordt vermeerderd met 76. b. artikelen 11 11a 17 van het Formatiebesluit ISOVSO 1992 de,enzoals dat op 31 juli 1998 luidde, niet van toepassing zijn; c. artikel 243, zevende lid, van de WVO niet van toepassing is. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 11 — Artikel 11 WVO, deel I Toepassing, op een school voor praktijkonderwijs met lumpsum (ex svo)#
Artikel 11 WVO, deel I Toepassing, op een school voor praktijkonderwijs met lumpsum (ex svo) 1 artikel 21 WVO, deel I Op een school voor praktijkonderwijs, bedoeld inzijn ten aanzien van de bekostiging en rechtspositie de voorschriften, vastgesteld bij of krachtens de, van toepassing, met dien verstande dat: a. artikel 2 van het Formatiebesluit W.V.O. het vast aantal formatieplaatsen, bedoeld in1,73 is, b. artikel 85, vijfde lid, van de WVO de gemiddelde personeelslast van schoolsoortgroep 1 en de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren, zoals bedoeld in de ministeriële regelingen op grond van, van toepassing zijn, c. artikel 3 van het Formatiebesluit W.V.O. de berekening van het leerlingafhankelijk aantal formatieplaatsen van de personeelscategorie leraren genoemd in, geschiedt met de ratio 1/11,00, en d. artikel 6, tweede en vijfde lid, van het Formatiebesluit W.V.O. niet van toepassing is. 2 artikel 17 Wat betreft de berekening van de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren isvan overeenkomstige toepassing. 3 deel I van de WVO artikel 22b van het Formatiebesluit WEC Voor het eerste schooljaar waarin de voorschriften vanvan toepassing worden, geschiedt de vergoeding voor de faciliteiten ten behoeve van de anderstalige leerlingen als volgt. Het op grond vanberekende aantal formatierekeneenheden ten behoeve van onderwijs aan leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond wordt gedeeld door de factor 195. De uitkomst van deze deling, uitgedrukt in formatieplaatsen, wordt afgerond op vier decimalen, waarbij de vierde decimaal met 1 wordt verhoogd indien de vijfde decimaal 5 of hoger is. Wat betreft de controle van de telling van het aantal leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond dat ten grondslag ligt aan de in de tweede volzin bedoelde berekening is artikel 20 van overeenkomstige toepassing. 4 Indien uit een vergelijking blijkt dat de personele lumpsum-vergoeding van een in het eerste lid bedoelde school hoger is dan de vergoeding met declaratiebekostiging, wordt het verschil éénmalig vastgesteld. De personele lumpsum-vergoeding zal met toepassing van de onderdelen 1 tot en met 3 ter beschikking worden gesteld. 1. in het schooljaar waarin de personele lumpsum-vergoeding van toepassing wordt, wordt op de personele vergoeding 66 % van het berekende verschil in mindering gebracht. 2. in het eerste schooljaar volgend op het schooljaar waarin de personele lumpsum-vergoeding van toepassing is geworden, wordt de personele vergoeding met 33 % van het berekende verschil verminderd. 3. in het tweede schooljaar volgend op het schooljaar waarin de personele lumpsum-vergoeding van toepassing is geworden, zal geen vermindering in verband met een vooruitgang in de vergoeding meer plaatsvinden. 5 De in het vierde lid bedoelde vergelijking geschiedt volgens de formule A – B = C, waarbij: A = de personele vergoeding die de school zou hebben ontvangen, indien de personele lumpsum-vergoeding in het schooljaar voorafgaand aan het schooljaar waarin de overgang naar de personele lumpsum-vergoeding daadwerkelijk plaatsvindt, zou zijn toegepast. Bij de personele vergoeding wordt tevens rekening gehouden met het nascholingsbudget en de vergoeding die verstrekt wordt voor het onderwijs aan anderstalige leerlingen. Wat betreft de vergoeding voor het onderwijs aan anderstalige leerlingen wordt uitgegaan van het aantal formatierekeneenheden dat gedurende het schooljaar voorafgaand aan het schooljaar waarin de personele lumpsum-vergoeding van toepassing wordt ten behoeve van leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond, aan de svo-school ter beschikking is gesteld. Dit aantal formatierekeneenheden wordt gedeeld door de factor 195. De uitkomst van deze deling, uitgedrukt in formatieplaatsen, wordt afgerond op vier decimalen, waarbij devierde decimaal met 1 wordt verhoogd, indien de vijfde decimaal 5 of hoger is. Dit aantal formatieplaatsen wordt vervolgens opgeteld bij het aantal berekende formatie plaatsen van de leraren. B = de personele declaratiebekostiging die de schoolheeft ontvangen in het schooljaar voorafgaand aan het schooljaar waarin de overgang naar de personele lumpsum-vergoeding plaatsvindt. Het budget van de personele declaratiebekostiging bestaat uit: Indien er bij de overgang naar personele lumpsum-vergoeding sprake is van een gelijktijdige samenvoeging van scholen of afdelingen, wordt de personele declaratie bekostiging van de afzonderlijke scholen of afdelingen in het schooljaar hieraan voorafgaand gesommeerd. C = het eenmalig berekende verschil tussen de personele lumpsum-vergoeding en de personele declaratiebekostiging. - het loonkostenbudget van het desbetreffende schooljaar, het verzilveringsbedrag dat overeenkomt met het in dat schooljaar verzilverde aantal formatierekeneenheden, en het schoolbudget zoals is vastgelegd in paragraaf 4, onder de letters A tot en met D van de regeling van 8 oktober 2001 (Gele katern 2001, 25) en in dat schooljaar aan de school ter beschikking is gesteld. 2002 9 10-04-2002 26-03-2002 VO/FB-2002/2953 2002 9 10-04-2002 26-03-2002 VO/FB-2002/2953 13-04-2002 01-08-2001
Artikel 12 — Artikel 12 WVO, deel I Toepassing voorschriften, op een school voor praktijkonderwijs (ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo)#
Artikel 12 WVO, deel I Toepassing voorschriften, op een school voor praktijkonderwijs (ex leerwegondersteunend onderwijs/ivbo) artikel II, vijfde lid, van de wet WVO, deel I Op een school voor praktijkonderwijs als bedoeld inzijn ten aanzien van de bekostiging en rechtspositie de voorschriften, vastgesteld bij of krachtens de, van toepassing met dien verstande dat: 1. artikel 2 van het Formatiebesluit W.V.O. het vast aantal formatieplaatsen, genoemd inwordt vastgesteld op grond van het aantal afdelingen dat op 31 juli 1998 aan de desbe treffende school voor individueel voorbereidend beroepsonderwijs was verbonden; 2. artikel 3 van het Formatiebesluit W.V.O. de berekening van het leerlingafhankelijk aantal formatieplaatsen van de personeelscategorie leraren, genoemd ingeschiedt met de ratio 1/11,00; 3. artikel 6, tweede en vijfde lid, van het Formatiebesluit W.V.O. de toepassing vanbuiten beschouwing blijft. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 13 — Artikel 13 Verhoging personele vergoeding lerarenformatie bij toename aantal leerlingen school voor praktijkonderwijs#
Artikel 13 Verhoging personele vergoeding lerarenformatie bij toename aantal leerlingen school voor praktijkonderwijs 1 artikelen 11, eerste lid 12 Het met toepassing van de, enberekende aantal formatieplaatsen voor de leraren wordt opnieuw berekend, indien het verschil tussen a. het aantal leerlingen op 1 oktober van het schooljaar waarvoor de bedoelde formatieplaatsen zijn berekend en b. het aantal leerlingen op 1 oktober van het schooljaar voorafgaand aan het onder a bedoelde schooljaar, gelijk is aan of groter dan 14. 2 artikelen 11, eerste lid 12 artikel 14 artikelen 11, eerste lid 12 Indien in het schooljaar voorafgaand aan het schooljaar waarvoor de in de, enbedoelde formatieplaatsen zijn berekend, toepassing is gegeven aan, wordt in afwijking van het eerste lid het aantal formatieplaatsen, bedoeld in de, enopnieuw berekend, indien het verschil tussen: a. artikelen 11, eerste lid 12 het aantal leerlingen op 1 oktober van het schooljaar waarvoor de in de, enbedoelde formatieplaatsen zijn berekend en b. het aantal leerlingen op 16 januari van het voorafgaande schooljaar, gelijk is aan of groter dan 14. 3 artikelen 11, eerste lid 12 Aanspraak op vergoeding van het aantal formatieplaatsen berekend met het hogere aantal leerlingen, bedoeld in respectievelijk het eerste lid, onder a, en het tweede lid, onder a, ontstaat met ingang van 1 januari van het schooljaar waarvoor de in de, enbedoelde formatieplaatsen zijn berekend. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 14 — Artikel 14 Herberekening personele vergoeding lerarenformatie bij aanzienlijke tussen tijdse toename aantal leerlingen school praktijkonderwijs#
Artikel 14 Herberekening personele vergoeding lerarenformatie bij aanzienlijke tussen tijdse toename aantal leerlingen school praktijkonderwijs 1 Indien het verschil tussen: a. artikelen 11, eerste lid 12 het aantal leerlingen op 16 januari van het schooljaar waarvoor de met toepassing van de, enbedoelde formatieplaatsen zijn berekend en b. het aantal leerlingen op 1 oktober van het onder a bedoelde schooljaar, gelijk is aan of groter dan 7, wordt het aantal formatieplaatsen voor de lerarenformatie opnieuw berekend. 2 Aanspraak op vergoeding voor de lerarenformatie, berekend met het hogere aantal leerlingen bedoeld in het eerste lid, onder a, ontstaat met ingang van 1 augustus van het schooljaar volgend op het in het eerste lid bedoelde schooljaar. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 15 — Artikel 15 Berekening en vaststelling overgangsbudget#
Artikel 15 Berekening en vaststelling overgangsbudget artikel III, eerste of tweede lid artikel VII, eerste of tweede lid, van de wet bijlage Bij een samenvoeging van een school of afdeling als bedoeld in, en, en een school voor mavo of vbo, al dan niet in een scholengemeenschap met andere scholen, wordt een overgangsbudget vastgesteld als bedoeld in debehorende bij deze regeling. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 16 — Artikel 16 Berekening aantal leerlingen op teldatum t-1 en t-2 t.b.v. de samengevoegde school#
Artikel 16 Berekening aantal leerlingen op teldatum t-1 en t-2 t.b.v. de samengevoegde school 1 artikel 8, tweede lid, van het Bekostigingsbesluit W.V.O. Voor de toepassing vanwordt ten behoeve van de vergoeding van het eerste schooljaar van de samenvoeging uitgegaan van de som van het aantal leerlingen dat op 1 oktober van het eerste schooljaar vooraf gaand aan het schooljaar waarin de samenvoeging plaatsvindt, als werkelijk schoolgaand was ingeschreven op de scholen die de samenvoeging aangaan. 2 artikel 6, derde lid, van het Formatiebesluit W.V.O. Voor de school voor mavo of vbo, waaraan een afdeling voor leerwegondersteunend onderwijs is verbonden, wordt voor het eerste schooljaar van de samenvoeging voor de toepassing vanvoor de aantallen leerlingen uitgegaan van de som van het aantal leerlingen van de bij de samenvoeging betrokken vo-school en svo-school of -afdeling, dat als werkelijk schoolgaand was ingeschreven op 1 oktober van het eerste schooljaar, onderscheidenlijk tweede schooljaar, voorafgaand aan het schooljaar waarin de samenvoeging plaatsvindt. 3 artikel 6, tweede lid, van het Formatiebesluit W.V.O. artikel 6, derde lid, van het Formatiebesluit W.V.O. Voor de school voor vbo, waaraan een afdeling voor praktijkonderwijs is verbonden, blijven het aantal formatieplaatsen voor leraren voor de afdeling praktijkonderwijs bij de toepassing vanen het aantal leerlingen praktijkonderwijs voor de toepassing vanbuiten beschouwing. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 17 — Artikel 17 Berekening gewogen gemiddelde leeftijd leraren op 1 oktober ten behoeve van het eerste schooljaar van de samenvoeging#
Artikel 17 Berekening gewogen gemiddelde leeftijd leraren op 1 oktober ten behoeve van het eerste schooljaar van de samenvoeging 1 artikel 14, eerste lid, van het Bekostigingsbesluit W.V.O. artikel 85, vierde lid, tweede volzin, van de WVO In afwijking vandoet het bevoegd gezag van een svo-school of -afdeling ten behoeve van de vergoeding voor het eerste schooljaar van de samenvoeging vóór 20 januari daaraan voorafgaand, mededeling van de inbedoelde gewogen gemiddelde leeftijd van de personeelscategorie leraren van die school op 1 oktober van het schooljaar voorafgaand aan de samenvoeging. 2 artikel 85, vijfde lid, van de WVO De gemiddelde personeelslast van de leraren van de samenvoegde school wordt in het eerste schooljaar van de samenvoeging berekend met toepassing van de ministeriële regeling als bedoeld in. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 18 — Artikel 18 Exploitatiekosten vergoeding ten behoeve van de samengevoegde school met een afdeling leerwegondersteunend onderwijs (ex svo)#
Artikel 18 Exploitatiekosten vergoeding ten behoeve van de samengevoegde school met een afdeling leerwegondersteunend onderwijs (ex svo) artikel 2 De vaststelling van de vergoeding voor de exploitatiekosten voor de school met een afdeling leerwegondersteunend onderwijs, voortkomend uit het speciaal voortgezet onderwijs, vindt voor het eerste schooljaar van de samenvoeging in afwijking van, plaats op grond van de formule A + B, waarbij: A = de voor de afzonderlijke school voor voortgezetonderwijs berekende exploitatiekosten vergoeding voor het schooljaar, indien er geen samenvoeging in dat schooljaar zou hebben plaatsgevonden, artikel XV, derde lid, van de Wet van 27 februari 1992 B = de voor de svo-school of -afdeling berekende vergoeding voor de kosten van de materiële instandhouding voor het kalenderjaar waarin de samenvoeging plaatsvindt. Dit bedrag kan in verband met prijsontwikkelingen worden verhoogd met het percentage voor de overige exploitatiekosten, dat voor dat schooljaar is vermeld in de ministeriële regeling, bedoeld in(Stb 112 ). 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 19 — Artikel 19 Berekening van de personele vergoeding voor het eerste jaar van de samenvoeging in verband met anderstalige leerlingen#
Artikel 19 Berekening van de personele vergoeding voor het eerste jaar van de samenvoeging in verband met anderstalige leerlingen artikel 2 De vaststelling van de vergoeding voor de personeelskosten van de samengevoegde school in verband met anderstalige leerlingen vindt, in afwijking van, voor het eerste schooljaar van de samenvoeging plaats op grond van de formule A x Z, waarbij: A =(B + C) x D, waarbij: artikel 22b van het Formatiebesluit WEC B= het aantal formatieplaatsen ten behoeve van het onderwijs aan svo-leerlingen met niet-Nederlandse culturele achtergrond dat berekend wordt voor de svo-school of -afdeling, indien deze school of afdeling in dat schooljaar niet zou zijn sameng evoegd. Dit aantal formatieplaatsen wordt berekend door het met toepassing vanberekende aantal formatierekeneenheden dat voor de svo-school of -afdeling wordt vastgesteld ten behoeve van het onderwijs aan leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond, indien deze school of afdeling in dat schooljaar niet zou zijn samengevoegd: De uitkomst van de deling wordt afgerond op vier decimalen, waarbij de vierde decimaal met 1 wordt verhoogd, indien de vijfde decimaal 5 of hoger is; C= het ingevolge de vigerende bepalingen berekendeaantal formatieplaatsen in verband met anderstalige leerlingen van de afzonderlijke school voor voortgezet onderwijs exclusief de vigerende opslagpercentages, indien deze school in dat schooljaar niet zou zijn samengevoegd met een svo-school of -afdeling; artikel 4 van het Formatiebesluit W.V.O. D= de voor het schooljaar van de samenvoeging vigerende opslagpercentages ten behoeve van de formatie anderstalige leerlingen, ingevolge; Z= de vigerende gemiddelde personeelslast van de leraren die behoort bij de samengevoegde school. 1. voor een scholengemeenschap voor (vwo)/havo/ mavo/vbo te delen door de factor 211. 2. voor een scholengemeenschap (ath/vwo/lyceum)/ havo/mavo te delen door de factor 221. 3. voor een school voor vbo of mavo, dan wel een scholengemeenschap voor vbo/mavo te delen door de factor 195. 2002 9 10-04-2002 26-03-2002 VO/FB-2002/2953 2002 9 10-04-2002 26-03-2002 VO/FB-2002/2953 13-04-2002 01-08-2001
Artikel 20 — Artikel 20 Instellingsaccountantscontrole van de cumi-telling en op leerlingenadministratie vereiste documenten#
Artikel 20 Instellingsaccountantscontrole van de cumi-telling en op leerlingenadministratie vereiste documenten artikel 19, onder B WVO, deel II Voor het eerste schooljaar van de samenvoeging geldt bij de controle van de telling van de anderstalige leerlingen, in afwijking van de regeling administratie leerlinggegevens WVO, kenmerk CFI/FR-95/5648N (Uitleg OCenW-Regelingen 29, 29-11-1995), voor de groep leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond, op grond waarvan de ingenoemde formatie wordt berekend, het volgende. De samengevoegde school moet met betrekking tot de gegevens van die groep leerlingen voldoen aan de bepalingen, zoals deze op 31 juli voorafgaand aan de samenvoeging ingevolge de, van toepassing waren. artikel 19, onder C WVO, deel I Voor de groep anderstalige leerlingen op grond waarvan de inbedoelde formatie van de afzonderlijke school voor voortgezet onderwijs is berekend, blijven de voor schriften ingevolge de, van toepassing. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 21 — Artikel 21 Aanvraagprocedure personele lumpsum-vergoeding#
Artikel 21 Aanvraagprocedure personele lumpsum-vergoeding 1 artikel 10 artikel V, eerste lid artikel VIII, eerste of tweede lid, van de wet WVO, deel I In afwijking vankan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen op aanvraag van het bevoegd gezag van een in, dan wel, bedoelde school voor praktijkonderwijs ten aanzien van de bekostiging en rechtspositie, de voorschriften van de, van toepassing verklaren. De aanvraag wordt getoetst aan de in het derde lid genoemde voorwaarde. 2 Het bevoegd gezag zendt een aanvraag om toepassing van het eerste lid uiterlijk 1 december van het kalenderjaar voorafgaand aan het schooljaar waarop de aanvraag betrekking heeft, aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. De Minister beslist binnen drie maanden op de aanvraag. Indien de beschikking niet binnen drie maanden kan worden gegeven, stelt de Minister het bevoegd gezag daarvan in kennis en noemt hij daarbij een termijn waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden gezien. 3 WVO, deel I De in het eerste lid bedoelde aanvraag voldoet wat betreft het bevoegd gezag aan de voorwaarde dat dit bevoegd gezag tevens bevoegd gezag is van een school voor voortgezet onderwijs, waarop de voorschriften van de, van toepassing zijn. 4 Indien onder het bevoegd gezag meer dan één school voor praktijkonderwijs ressorteert, geldt de personele lumpsum-vergoeding voor elke school voor praktijkonderwijs van het desbetreffende bevoegd gezag. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 22 — Artikel 22 Aanpassing van de formatieformules leerwegondersteunend onderwijs#
Artikel 22 Aanpassing van de formatieformules leerwegondersteunend onderwijs 1 artikel II van de wet artikel 3 van het Formatiebesluit W.V.O. Voor een school of afdeling voor leerwegondersteunend onderwijs als bedoeld inwordt in plaats van de op 31 juli 1998 ingenoemde ratio voor het ivbo gelezen: 1/11,00. 2 artikel II van de wet artikel 2 van het Formatiebesluit W.V.O Voor een school voor leerwegondersteunend onderwijs als bedoeld in, wordt voor het op 31 juli 1998 in, vermelde vast aantal formatieplaatsen voor leraren, gelezen: • met 1 of 2 afdelingen: 1,73 • met 3 of meer: 2,44 3 artikel II van de wet Formatiebesluit, deel I Voor een school of afdeling voor leerwegondersteunend onderwijs als bedoeld inzijn de wijzigingen per 1 augustus 1998 van het, van toepassing. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998 01-08-1998
Artikel 23 — Artikel 23 Aanvullende personele vergoeding in verband met een afdeling leerwegondersteunend onderwijs of een afdeling praktijkonderwijs#
Artikel 23 Aanvullende personele vergoeding in verband met een afdeling leerwegondersteunend onderwijs of een afdeling praktijkonderwijs 1 Aan een school voor voortgezet onderwijs, waaraan door samenvoeging met een svo-school of -afdeling, een afdeling leerwegondersteunend onderwijs of een afdeling praktijkonderwijs is verbonden, wordt een aanvullende personele vergoeding toegekend. Deze aanvullende vergoeding wordt toegekend in het eerste en tweede schooljaar na de samenvoeging. 2 In het eerste schooljaar is de aanvullende vergoeding de uitkomst van de vermenigvuldiging van een aantal formatieplaatsen van de svo-school of -afdeling met het bedrag van € 3.932,01. Het aantal formatieplaatsen is de uitkomst van de deling van: a. artikel 7 Formatiebesluit ISOVSO 1992 het aantal minuten, berekend met toepassing vanvoorzover het betreft de factoren B, D en E, van het, zoals dat luidde op 31 juli 1998, door b. het getal 2400. 3 Bij de toepassing van het tweede lid: a. wordt de uitkomst van de vermenigvuldiging afgerond op twee decimalen, waarbij de tweede decimaal met 1 wordt verhoogd, indien de derde decimaal 5 of meer bedraagt, b. artikel 8 artikel 9 van het Formatiebesluit ISOVSO 1992 is B het aantal leerlingen op 1 oktober 1997, dan wel indien toepassing is gegeven aanof, zoals dat op 31 juli 1998 luidde, het aantal leerlingen op 16 januari 1998, zoals door de instellingsaccountant is vastgesteld bij de Aanvraag Rijksvergoeding (AVR) 1997 ; c. wordt de uitkomst van de deling afgerond op vier decimalen, waarbij de vierde decimaal met 1 wordt verhoogd, indien de vijfde decimaal 5 of meer bedraagt. 4 De vergoeding in het tweede schooljaar wordt berekend volgens het tweede lid, met dien verstande dat het bedrag € 1.951,25 bedraagt. 2002 9 10-04-2002 26-03-2002 VO/FB-2002/2953 2002 9 10-04-2002 26-03-2002 VO/FB-2002/2953 13-04-2002 01-01-2002
Artikel 24 — Artikel 24 Aanvullende personele vergoeding school voor praktijkonderwijs#
Artikel 24 Aanvullende personele vergoeding school voor praktijkonderwijs 1 artikel V artikel VIII van de wet artikel V VIII van de wet Aan een school voor praktijkonderwijs die is ontstaan met toepassing vanofwordt een aanvullende personele vergoeding toegekend. Deze aanvullende vergoeding wordt toegekend in het eerste schooljaar na de toepassing vanof. 2 artikel 23, tweede lid De aanvullende personele vergoeding wordt berekend volgens, met dien verstande dat het bedrag € 998,32 bedraagt. 2002 9 10-04-2002 26-03-2002 VO/FB-2002/2953 2002 9 10-04-2002 26-03-2002 VO/FB-2002/2953 13-04-2002 01-01-2002
Artikel 25 — Artikel 25 Aanvullende vergoeding exploitatiekosten school voor praktijkonderwijs#
Artikel 25 Aanvullende vergoeding exploitatiekosten school voor praktijkonderwijs artikel V artikel VIII van de wet artikel V VIII van de wet Aan een school voor praktijkonderwijs die is ontstaan met toepassing vanofwordt een aanvullende vergoeding voor exploitatiekosten toegekend van € 11.344,51. Deze aanvullende vergoeding wordt toegekend in het eerste schooljaar na de toepassing vanof. 2002 9 10-04-2002 26-03-2002 VO/FB-2002/2953 2002 9 10-04-2002 26-03-2002 VO/FB-2002/2953 13-04-2002 01-01-2002
Artikel 26 — Artikel 26 Bekendmaking#
Artikel 26 Bekendmaking Deze regeling zal met de toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 27 — Artikel 27 Inwerkingtreding#
Artikel 27 Inwerkingtreding artikel 22 Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na plaatsing in Uitleg OCenW-regelingen en werkt wat betreftterug tot 1 augustus 1998. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 28 — Artikel 28 Citeertitel#
Artikel 28 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als Regeling bekostiging, rechtspositie en samenvoeging leerwegondersteunend onderwijs en praktijkonderwijs. 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 1998 24 14-10-1998 02-10-1998 VO/FB-1998/34201 17-10-1998
Artikel 2#
artikel 2, eerste lid
Artikel 3#
artikel 3 van paragraaf 2
Artikel 16#
artikelen 16, eerste en tweede lid
Artikel 17#
17
Artikel 19#
19 van paragraaf 4
Artikel 2#
artikel 2, tweede lid
Artikel 4#
artikel 4 van paragraaf 2
Artikel 16#
artikelen 16, eerste en derde lid
Artikel 17#
17
Artikel 19#
19 van paragraaf 4
Artikel 3#
artikel 3, tweede lid
Artikel 4#
artikel 4, tweede lid
Artikel 3#
artikel 3, eerste lid
Artikel 4#
artikel 4, eerste lid