Regeling, houdende regels voor de beoordeling van aanvragen voor de ontheffing van de verplichting om Nederlanders als kapitein aan te stellen, bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Zeevaartbemanningswet
- BWB-id
- BWBR0009460
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2003-01-01 t/m 2003-08-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0009460
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/regeling-ontheffing-nationaliteitseis-kapitein
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/regeling-ontheffing-nationaliteitseis-kapitein/2003-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0009460&g=2003-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0009460&z=2026-06-06&g=2003-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0009460/2003-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1998/regeling-ontheffing-nationaliteitseis-kapitein
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: wet: Zeevaartbemanningswet de; ontheffing: artikel 30, eerste lid, van de wet een ontheffing als bedoeld in. 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 04-04-1998
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De aanvraag voor een ontheffing wordt ingediend bij het hoofd van de Scheepvaartinspectie. 2 Op de aanvraag voor een ontheffing wordt niet beslist, dan nadat voor het betrokken schip of de betrokken schepen een Nederlandse zeebrief is afgegeven. 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 04-04-1998
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 30, tweede lid, onderdeel a, van de wet De aanvraag wordt, voor zover het de voorwaarde vanbetreft, getoetst aan de volgende gegevens en bewijsstukken, die door de scheepsbeheerder worden overgelegd: a. de niet langer dan twee weken voor de aanvraagdatum door het Centraal Arbeidsbureau voor de Scheepvaart of door het Arbeids-bureau voor Bagger-, Kust- en Oeverwerken afgegeven verklaring, waaruit blijkt welke personen voor de betrokken vacature bemiddelbaar zijn; b. kopieën van de geplaatste recente advertenties in een of meer geschikte landelijke dagbladen en in een of meer vakbladen die aan boord beschikbaar zijn, waarvan de verschijningsdatum ten minste twee weken voor de aanvraagdatum ligt; c. de gronden waarop de kandidatuur van de personen die in de verklaring, bedoeld in onderdeel a, worden genoemd en van de personen die gereageerd hebben op de advertenties, bedoeld in onderdeel b, door de scheepsbeheerder wordt verworpen. 2 De advertenties, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, bevatten voor Nederlandse kapiteins marktconforme arbeidsvoorwaarden. 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 04-04-1998
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 30, tweede lid, onderdeel b, van de wet De aanvraag wordt, voor zover het de voorwaarde vanbetreft, getoetst aan de gegevens en bewijsstukken ten aanzien van de geplande bedrijfsontwikkeling en het daarmee samenhangende bemanningsbeleid van de scheepsbeheerder. 2 Op verzoek van het hoofd van de Scheepvaartinspectie verstrekt de scheepsbeheerder ten behoeve van de in het eerste lid bedoelde toets een overzicht van de in Nederland en elders geregistreerde schepen in zijn beheer, dan wel andere voor die toets benodigde informatie. 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 04-04-1998
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De kapitein voor wie de ontheffing is aangevraagd, is in het bezit van een geldig vaarbevoegdheidsbewijs waaruit blijkt dat hij aan de eisen voldoet om als kapitein op het zeeschip of de zeeschepen waarvoor de ontheffing is aangevraagd dienst te doen. 2 De kapitein is in het bezit van een verklaring van het hoofd van de Scheepvaartinspectie waaruit blijkt dat hij met goed gevolg het onderzoek heeft ondergaan naar zijn kennis van de relevante Nederlandse regelgeving. 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 04-04-1998
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De scheepsbeheerder legt bij een aanvraag voor een ontheffing met betrekking tot een schip, waarvoor een ontheffing geldt of heeft gegolden, tevens bewijsstukken over van zijn inspanningen gedurende de duur van die ontheffing, die er op waren gericht om met een Nederlandse kapitein in deze vacature te voorzien. 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 04-04-1998
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Voor de behandeling van een aanvraag voor een ontheffing is een bedrag van € 81 per uur verschuldigd. 2002 244 18-12-2002 11-12-2002 HDJZ/SCH/2002-3074 2002 244 18-12-2002 11-12-2002 HDJZ/SCH/2002-3074 01-01-2003
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 04-04-1998
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling ontheffing nationaliteitseis kapitein. 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 1998 64 02-04-1998 12-03-1998 DGG/J-98002019 04-04-1998