Regeling aanwijzing nationaal park i.o. De Utrechtse Heuvelrug
- BWB-id
- BWBR0010802
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 1999-11-03 t/m 2003-10-10
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0010802
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-aanwijzing-nationaal-park-in-oprichting-de-utrechts
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-aanwijzing-nationaal-park-in-oprichting-de-utrechts/1999-11-03
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0010802&g=1999-11-03
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0010802&z=2026-06-06&g=1999-11-03
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0010802/1999-11-03
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-aanwijzing-nationaal-park-in-oprichting-de-utrechts
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. minister: Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij; b. overlegorgaan: artikel 3 overlegorgaan als bedoeld in; c. nationaal park: gebied zoals omschreven in het Structuurschema Groene Ruimte (kamerstukken II 1992/93, 22.880, nr. 5, blz. 9). 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 03-11-1999
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Als nationaal park in oprichting wordt aangewezen het natuurgebied De Utrechtse Heuvelrug, zoals aangegeven op de als bijlage bij deze regeling behorende kaart. 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 03-11-1999
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Er is een overlegorgaan nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug. 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 03-11-1999
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 2 Het overlegorgaan heeft tot taak, vooruitlopend op de aanwijzing van het natuurgebied De Utrechtse Heuvelrug, bedoeld in, als nationaal park, de inrichting, het beheer en functioneren van het nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug overeenkomstig de doelstellingen van een nationaal park te bevorderen. 2 Tot die taak behoort onder meer: a. het opstellen van een beheers- en inrichtingsplan, dat als basis kan dienen om het natuurgebied De Utrechtse Heuvelrug aan te wijzen als nationaal park; b. de onderlinge afstemming van alle voor de inrichting en beheer van belang zijnde activiteiten; c. het doen van voorstellen aan de minister voor de besteding en toekenning van de voor het nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug beschikbare middelen, onder meer in de vorm van een voortschrijdend meerjarenprogramma en een jaarlijks in te dienen bestedingenplan; d. bevordering en coördinatie van voorlichting en educatie met betrekking tot het nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug. 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 03-11-1999
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Het overlegorgaan neemt bij de uitvoering van zijn taak als uitgangspunt het advies van de Voorlopige Commissie Nationale Parken van 6 juli 1998 als ook de brief van 11 januari 1999 met kenmerk DN. 19981184 inhoudende het beleidsstandpunt van de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij daaromtrent. 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 03-11-1999
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 In het overlegorgaan hebben zitting: a. een door de minister te benoemen lid, tevens voorzitter; b. door de minister te benoemen leden, als vertegenwoordiger en op voordracht van respectievelijk: 1. de provincie Utrecht; 2. de stichting het Utrechts Landschap; 3. Staatsbosbeheer; 4. de Vereniging Natuurmonumenten; 5. de Stichting Stichtse Milieufederatie; 6. de gemeenten Amerongen, Maarn, Rhenen, Doorn, Leersum, Driebergen-Rijsenburg, Veenendaal en Woudenberg 7. de particuliere eigenaren; 8. het waterschap Vallei en Eem en het waterschap De Stichtse Rijnlanden; 9. de recreatie-ondernemers en gebruikers; 10. de agrarische gebruikers; 11. het recreatieschap Utrechtse Heuvelrug, Vallei- en Kromme Rijngebied. c. de Directeur van de Directie LNV Noordwest van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 03-11-1999
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Het secretariaat van het overlegorgaan berust bij een door de provincie Utrecht te benoemen ambtenaar in dienst bij deze provincie. 2 Het overlegorgaan regelt de openbaarheid en de plaats van zijn vergadering, alsmede de overige aspecten van zijn inrichting en werkwijze. 3 Het overlegorgaan brengt jaarlijks van zijn werkzaamheden en de daarmee samenhangende ontwikkelingen in het nationale park De Utrechtse Heuvelrug verslag uit aan de minister. 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 03-11-1999
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Indien in het overlegorgaan belangrijke verschillen van inzicht blijken te bestaan, doet de voorzitter van het overlegorgaan daarvan mededeling aan de minister, die daarop de naar zijn oordeel nodige stappen onderneemt. 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 03-11-1999
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij geplaatst is. 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 03-11-1999
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanwijzing nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug. 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 1999 210 01-11-1999 28-10-1999 TRCJZ/1999/9927 03-11-1999