Regeling administratieve uitvoeringsvoorschriften Wik
- BWB-id
- BWBR0009620
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- 2004-04-02 t/m 2009-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0009620
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-administratieve-uitvoeringsvoorschriften-wik
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-administratieve-uitvoeringsvoorschriften-wik/2004-04-02
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0009620&g=2004-04-02
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0009620&z=2026-06-06&g=2004-04-02
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0009620/2004-04-02
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-administratieve-uitvoeringsvoorschriften-wik
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. minister: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid; b. Wik: Wet inkomensvoorziening kunstenaars de; c. uitkeringskosten: artikel 36, eerste lid, onder a, van de Wik de ten laste van de gemeente gebleven kosten van uitkeringen, bedoeld in; d. uitvoeringskosten: artikel 36, eerste lid, onder b, van de Wik artikel 39, eerste lid, van de Wik de uitvoeringskosten bedoeld in, onderscheidenlijk; e. kwartaaldeclaratie: artikel 4, eerste lid de kwartaaldeclaratie, bedoeld in. 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 24-01-2002 01-01-2002
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 6, tweede lid, van de Wik Burgemeester en wethouders verrichten het onderzoek, bedoeld in, binnen achttien maanden: a. na de datum waarop de uitkering is ingegaan; b. na de datum waarop het laatst verrichte onderzoek werd afgesloten. 2000 51 13-03-2000 06-03-2000 BZ/ACT/00/11499 2000 51 13-03-2000 06-03-2000 BZ/ACT/00/11499 15-03-2000
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 30, eerste lid, van de Wik De administratie, bedoeld in, wordt zodanig ingericht, dat daarin: a. alle van belang zijnde vastleggingen en bewijsstukken ten behoeve van het besluitvormings-, uitvoerings-, controle- en verantwoordingsproces zichtbaar en controleerbaar zijn vastgelegd; b. de samenhang tussen de in onderdeel a bedoelde vastleggingen en bewijsstukken blijkt; en, c. de samenhang tussen de totalen in de administratie en van de onderdelen van de kwartaal-declaraties en de jaaropgave enerzijds en de specificatie per persoon anderzijds kan worden vastgesteld. 1998 93 19-05-1998 14-05-1998 BZ/UB/98/11834 1998 578 06-10-1998 23-09-1998 01-01-1999 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet inkomensvoorziening kunstenaars (22-01-1998, Stb. 59) in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Burgemeester en wethouders declareren de uitkeringskosten en de uitvoeringskosten over een kalenderkwartaal bij het Rijk door middel van een door hen ondertekende kwartaaldeclaratie. 2 artikel 7, eerste lid Burgemeester en wethouders dragen zorg dat de kwartaaldeclaratie door de minister is ontvangen uiterlijk op de twintigste van de tweede maand volgende op het kwartaal waarop de kwartaaldeclaratie betrekking heeft. Burgemeester en wethouders maken hierbij gebruik van de daarvoor door de minister verstrekte formulieren, die zijn ingericht overeenkomstig het in, bedoelde model van de kwartaaldeclaratie en zijn voorzien van een voor iedere gemeente uniek kenmerk. 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 24-01-2002 01-01-2002
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Wik Ter zake van de uitvoeringskosten vergoedt het Rijk over een kalenderjaar aan de gemeente € 998 per kunstenaar aan wie door burgemeester en wethouders op 31 december van dat kalenderjaar uitkering ingevolge deis verleend. 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 WBJA/W2/0162728 2001 214 05-11-2001 05-10-2001 WBJA/W2/0162728 01-01-2002
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 37, eerste lid, van de Wik De indiening van een kwartaaldeclaratie door burgemeester en wethouders wordt beschouwd als een verzoek als bedoeld inom een betaling van het kwartaalvoorschot voor het desbetreffende kwartaal en tevens van de maandvoorschotten voor het tweede kwartaal volgend op het kalenderkwartaal waarop de kwartaaldeclaratie betrekking heeft. 2 De in het eerste lid bedoelde voorschotten worden onverminderd het derde, vierde en zesde lid betaald: a. per maand, op of omstreeks de vijftiende van de maand, op basis van de twee kwartalen terugliggende kwartaaldeclaratie, waarbij afstemming plaatsvindt op de landelijk verwachte kosten over die maand; b. per kwartaal, op of omstreeks de vijftiende van de maand volgende op de maand waarin de kwartaaldeclaratie wordt ontvangen, ter hoogte van de kwartaaldeclaratie, met verrekening van de over dat kwartaal eerder betaalde maandvoorschotten. 3 artikel 4, tweede lid Indien de kwartaaldeclaratie niet uiterlijk op de in, genoemde datum is ontvangen, kan de minister de betaling van maandvoorschotten opschorten. 4 Indien op de twintigste van de zesde maand volgende op een kwartaal geen kwartaaldeclaratie over dat kwartaal is ontvangen, dan worden omstreeks de vijftiende van de daaropvolgende maand de nog niet verrekende maandvoorschotten met betrekking tot het betreffende kalenderkwartaal teruggevorderd. 5 Hervatting van de betaling van de maand– en kwartaalvoorschotten als bedoeld in het tweede lid, onderdelen a en b, en de nabetaling van voorschotten als bedoeld in het derde en vierde lid, vindt alsnog zo spoedig mogelijk plaats na ontvangst van de kwartaaldeclaratie. 6 artikel 33 van de Wik artikel 7, tweede lid Indien het verslag en de verklaring, bedoeld in, niet of niet volledig uiterlijk op de in, genoemde datum zijn ontvangen, kan de minister met ingang van het vierde kwartaal van het lopende vergoedingsjaar de betaling van maand- en kwartaalvoorschotten opschorten. 7 Onverminderd het derde en vierde lid zal hervatting van de betalingen bedoeld in het zesde lid en de nabetaling van de op grond van het derde lid niet betaalde dan wel teruggevorderde maandvoorschotten plaatsvinden na de ontvangst van het verslag en de verklaring. 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 24-01-2002 01-01-2002
Artikel 6a — Artikel 6a#
Artikel 6a 1 Terzake van de uitvoeringskosten vergoedt het Rijk aan de adviserende instelling voor het jaar 2003: a. € 816.804,– per kalenderjaar, en b. ten hoogste eenmaal per kalenderjaar € 272,– per belanghebbende ten aanzien van wie in het kalenderjaar op verzoek van burgemeester en wethouders advies is uitgebracht. 2 Terzake van de uitvoeringskosten vergoedt het Rijk aan de adviserende instelling voor het jaar 2004: a. € 842.125,– per kalenderjaar, en b. ten hoogste eenmaal per kalenderjaar € 281,– per belanghebbende ten aanzien van wie in het kalenderjaar op verzoek van burgemeester en wethouders advies is uitgebracht. 2003 228 25-11-2003 17-11-2003 W&B/URP/2003/66947 2003 228 25-11-2003 17-11-2003 W&B/URP/2003/66947 27-11-2003 01-01-2003
Artikel 6b — Artikel 6b#
Artikel 6b 1 De adviserende instelling declareert de uitvoeringskosten over een kalenderjaar bij het Rijk door middel van een door het bestuur van de adviserende instelling ondertekende jaaropgave. De adviserende instelling draagt zorg dat de minister uiterlijk op 20 september van het jaar volgend op het jaar waarop de jaaropgave betrekking heeft, de jaaropgave en de daarop betrekking hebbende verklaring heeft ontvangen. bijlage De verklaring is gebaseerd op een controle die is uitgevoerd overeenkomstig het in debeschreven controle- en rapportageprotocol. 2 De jaaropgave en de verklaring worden ingericht overeenkomstig de bij deze regeling behorende modellen. 2000 251 28-12-2000 12-12-2000 BZ/BU/00/74081 2000 251 28-12-2000 12-12-2000 BZ/BU/00/74081 01-01-2001
Artikel 6c — Artikel 6c#
Artikel 6c 1 Op verzoek van de adviserende instelling betaalt de minister: a. artikel 6a, onder a per kalenderkwartaal, binnen vier weken na ontvangst van het verzoek, een voorschot ter hoogte van een vierde deel van het bedrag, genoemd in; b. artikel 6a, onder b artikel 6a, onder b per maand, binnen vier weken na ontvangst van het verzoek, een voorschot in de vergoeding, bedoeld in, van de op basis van de door de adviserende instelling in de voorafgaande maand uitgebrachte adviezen, voor zover deze adviezen ingevolge, voor vergoeding in aanmerking komen. 2 Het verzoek om een voorschot wordt ingericht overeenkomstig het bij deze regeling behorende model. 3 artikel 6b, eerste lid Indien de jaaropgave en de daarop betrekking hebbende verklaring niet uiterlijk op de in, genoemde datum zijn ontvangen, kan de minister met ingang van het vierde kwartaal van het lopende vergoedingsjaar de betaling van maand- en kwartaalvoorschotten opschorten. 2000 251 28-12-2000 12-12-2000 BZ/BU/00/74081 2000 251 28-12-2000 12-12-2000 BZ/BU/00/74081 01-01-2001
Artikel 6d — Artikel 6d#
Artikel 6d Vervallen 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 24-01-2002 01-01-2002
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 33 van de Wik bijlage Het verslag en de verklaring, bedoeld in, en de kwartaaldeclaratie zijn ingericht overeenkomstig de bij deze regeling behorende modellen. Het onderzoek dat resulteert in de verklaring wordt uitgevoerd overeenkomstig het in debeschreven controle- en rapportageprotocol. 2 Burgemeester en wethouders dragen zorg dat de minister het verslag en de verklaring, bedoeld in het eerste lid, uiterlijk op 20 september van het jaar volgend op het jaar waarop zij betrekking hebben, heeft ontvangen. Burgemeester en wethouders maken hierbij gebruik van de daarvoor door de minister verstrekte formulieren, die zijn ingericht overeenkomstig de in het eerste lid bedoelde modellen en zijn voorzien van een voor iedere gemeente uniek kenmerk. 2004 63 31-03-2004 23-03-2004 W&B/SFI/04/18826 2004 63 31-03-2004 23-03-2004 W&B/SFI/04/18826 02-04-2004 01-01-2003 De bijlage ligt met ingang van 1 april 2004 ter inzage in de
bibliotheek van SZW.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Wik Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag waarop dein werking treedt. 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 24-01-2002 01-01-2002
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling administratieve uitvoeringsvoorschriften Wik. 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 2002 15 22-01-2002 16-01-2002 BZ/BU/2001/85718 24-01-2002 01-01-2002
Artikel 6b#
artikel 6b, eerste lid
Artikel 6b#
artikel 6b, tweede lid
Artikel 6c#
artikel 6c, tweede lid
Artikel 7#
artikel 7, eerste lid