Regeling van de Minister van Justitie houdende de eisen waaraan een verblijfsruimte voor gedetineerden in een penitentiaire inrichting dient te voldoen
- BWB-id
- BWBR0010175
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-01-25
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0010175
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-eisen-verblijfsruimte-penitentiaire-inrichtingen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-eisen-verblijfsruimte-penitentiaire-inrichtingen/2025-01-25
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0010175&g=2025-01-25
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0010175&z=2026-06-06&g=2025-01-25
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0010175/2025-01-25
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-eisen-verblijfsruimte-penitentiaire-inrichtingen
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. wet: Penitentiaire beginselenwet de; b. raam: een voorziening waardoor de cyclus van dag en nacht kan worden waargenomen. 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 01-01-1999
Artikel 2 — Artikel 2 Algemeen#
Artikel 2 Algemeen 1 De verblijfsruimte is zodanig uitgevoerd en ingericht dat zij voldoet aan de eisen die het karakter van de inrichting, de Arbowet en de brandveiligheidsvoorschriften daaraan stellen. 2 Bij plaatsing wordt de verblijfsruimte schoon opgeleverd aan de gedetineerde, die haar tijdens zijn verblijf zelf schoon houdt. 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 01-01-1999
Artikel 3 — Artikel 3 Ruimtelijke eisen#
Artikel 3 Ruimtelijke eisen Met een afwijkingsmarge van 10% heeft de verblijfsruimte minimaal een vloeroppervlak van 10 vierkante meter, een breedte van 2 meter en een vrije hoogte van 2,5 meter. 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 01-01-1999
Artikel 4 — Artikel 4 Buitenwandopening#
Artikel 4 Buitenwandopening 1 In een wand of het plafond van de verblijfsruimte bevindt zich een beveiligd raam. 2 Het raam heeft een oppervlak van minstens 0,75 vierkante meter, tenzij hieraan op grond van een wettelijke bepaling niet kan worden voldaan. 2004 175 13-09-2004 06-09-2004 5307895/04/DJI 2004 445 09-09-2004 07-09-2004 13-09-2004 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 9 juli 2004
tot wijziging van de Penitentiaire beginselenwet in verband met
verruiming van de mogelijkheden van meerpersoonscelgebruik (Stb.
350) in werking treedt.
Artikel 5 — Artikel 5 Binnenwandopening#
Artikel 5 Binnenwandopening 1 In de binnenwand van de verblijfsruimte bevindt zich een slechts van buitenaf afsluitbare deur. 2 In de deur is een observatieluikje aangebracht dat van buitenaf wordt afgeschermd. 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 01-01-1999
Artikel 6 — Artikel 6 Verwarming en ventilatie#
Artikel 6 Verwarming en ventilatie 1 In de verblijfsruimte is een voorziening voor centrale verwarming aangebracht. 2 De verwarming heeft een zodanige capaciteit dat in de verblijfsruimte een temperatuur van minimaal 20 graden C kan worden bereikt. 3 De verblijfsruimte is voorzien van een ventilatiemogelijkheid waardoor op natuurlijke dan wel mechanische wijze de lucht voor de individuele gedetineerde voldoende kan worden ververst. 2004 175 13-09-2004 06-09-2004 5307895/04/DJI 2004 445 09-09-2004 07-09-2004 13-09-2004 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 9 juli 2004
tot wijziging van de Penitentiaire beginselenwet in verband met
verruiming van de mogelijkheden van meerpersoonscelgebruik (Stb.
350) in werking treedt.
Artikel 7 — Artikel 7 Communicatie#
Artikel 7 Communicatie De verblijfsruimte is voorzien van: a. een intercom of bel waarmee vanuit de cel te allen tijde een ambtenaar of medewerker van de inrichting kan worden opgeroepen, en b. een radio- en TV-aansluitpunt. 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 01-01-1999
Artikel 8 — Artikel 8 Verlichting#
Artikel 8 Verlichting De verblijfsruimte is voorzien van een van binnenuit en al dan niet van buitenaf bedienbare verlichting met voldoende lichtsterkte, al dan niet gecombineerd met een van buitenaf bedienbare nachtverlichting. 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 01-01-1999
Artikel 9 — Artikel 9 Sanitair#
Artikel 9 Sanitair 1 De verblijfsruimte is voorzien van een toilet en een wasgelegenheid, die zodanig kunnen worden afgeschermd dat de privacy van de gedetineerde voldoende is gewaarborgd. 2 Bij het toilet bevindt zich een ventilatierooster. 2004 175 13-09-2004 06-09-2004 5307895/04/DJI 2004 445 09-09-2004 07-09-2004 13-09-2004 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 9 juli 2004
tot wijziging van de Penitentiaire beginselenwet in verband met
verruiming van de mogelijkheden van meerpersoonscelgebruik (Stb.
350) in werking treedt.
Artikel 10 — Artikel 10 Inrichting#
Artikel 10 Inrichting 1 De verblijfsruimte is ingericht met tenminste: a. een spiegel; b. een open hang-legkast; c. een schrijf-werktafel; d. een stoel; e. een aan de wand bevestigd prikbord; f. een bed; g. twee wandcontactdozen. 2 De verblijfsruimte waarin twee gedetineerden worden ondergebracht is, in afwijking van de in het eerste lid genoemde onderdelen d en f, ingericht met ten minste twee stoelen respectievelijk een persoonlijke slaapgelegenheid voor de individuele gedetineerde. Daarnaast is deze verblijfsruimte ingericht met ten minste een af te sluiten opbergruimte voor de individuele gedetineerde. 2004 175 13-09-2004 06-09-2004 5307895/04/DJI 2004 445 09-09-2004 07-09-2004 13-09-2004 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 9 juli 2004
tot wijziging van de Penitentiaire beginselenwet in verband met
verruiming van de mogelijkheden van meerpersoonscelgebruik (Stb.
350) in werking treedt.
Artikel 10a — Artikel 10a#
Artikel 10a 1 Een verblijfsruimte kan zijn uitgerust met een observatiecamera. 2 De camera is zodanig aangebracht dat observatie van de gehele verblijfsruimte mogelijk is. 2002 127 08-07-2002 05-07-2002 5175032/02/DJI 2002 127 08-07-2002 05-07-2002 5175032/02/DJI 05-07-2002
Artikel 10b — Artikel 10b#
Artikel 10b 1 artikel 22 van de wet artikel 13, eerste lid, onder e, van de wet De directeur kan bepalen dat de gedetineerde, die in een individueel regime is geplaatst als bedoeld inof die in een extra beveiligde inrichting als bedoeld inis geplaatst, dag en nacht door middel van een camera wordt geobserveerd: indien dit noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting, indien dit noodzakelijk is voor een ongestoorde tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeneming, indien dit noodzakelijk is in verband met de geestelijke of lichamelijke toestand van de gedetineerde, indien bij ontvluchting of schade aan de gezondheid van de gedetineerde grote maatschappelijke onrust zou ontstaan of wanneer dit ernstige schade zou kunnen toebrengen aan de betrekkingen van Nederland met andere staten of met internationale organisaties. 2 Indien cameraobservatie wordt toegepast op de grond van het eerste lid, onder c, wordt, alvorens de beslissing daartoe wordt genomen advies ten dien aanzien uitgebracht door een gedragsdeskundige onderscheidenlijk de inrichtingsarts, tenzij dit advies niet kan worden afgewacht. In dat geval wint de directeur het advies zo spoedig mogelijk na zijn beslissing in. 3 De cameraobservatie, bedoeld in het eerste lid, duurt ten hoogste twee weken. De directeur kan de cameraobservatie telkens voor ten hoogste twee weken verlengen, indien hij tot het oordeel is gekomen dat de noodzaak daartoe nog bestaat. 4 artikelen 57 58 van de wet Deenzijn van overeenkomstige toepassing. Van de beslissing tot cameraobservatie hetzij de verlenging daarvan, worden de aan de inrichting verbonden commissie van toezicht en de inrichtingsarts terstond in kennis gesteld. 2002 127 08-07-2002 05-07-2002 5175032/02/DJI 2002 127 08-07-2002 05-07-2002 5175032/02/DJI 05-07-2002
Artikel 10c — Artikel 10c#
Artikel 10c Ten minste eenmaal per week stelt de inrichtingsarts of een aan de inrichting verbonden gedragsdeskundige zich op de hoogte van de toestand van de gedetineerde die door middel van een camera dag en nacht wordt geobserveerd. 2002 127 08-07-2002 05-07-2002 5175032/02/DJI 2002 127 08-07-2002 05-07-2002 5175032/02/DJI 05-07-2002
Artikel 11 — Artikel 11 Uitzonderingen#
Artikel 11 Uitzonderingen artikelen 10a 10b 10c Deze regeling is, met uitzondering van de,enniet van toepassing op verblijfsruimten waarin een gedetineerde tijdelijk wordt ondergebracht of op ruimten die worden gebruikt voor onderzoek van gedetineerden. 2002 127 08-07-2002 05-07-2002 5175032/02/DJI 2002 127 08-07-2002 05-07-2002 5175032/02/DJI 05-07-2002
Artikel 11a — Artikel 11a Experiment Amerswiel#
Artikel 11a Experiment Amerswiel Vervallen 2002 95 23-05-2002 01-05-2002 5163882/02/DJI 2002 95 23-05-2002 01-05-2002 5163882/02/DJI 01-01-2005
Artikel 12 — Artikel 12 Verblijfsruimten in beperkt beveiligde afdelingen#
Artikel 12 Verblijfsruimten in beperkt beveiligde afdelingen 1 artikelen 3 4, tweede lid 5 7, onderdeel a 9 Op verblijfruimtes in beperkt beveiligde afdelingen is het bepaalde in de,,,, enniet van toepassing. 2 artikelen 3 4, tweede lid 5 7, onderdeel a 9 Op verblijfruimtes in beperkt beveiligde afdelingen, bestemd voor de onderbrenging van meer dan één gedetineerde, is het bepaalde in deen,,, enniet van toepassing. 3 De in het eerste en tweede lid genoemde verblijfsruimten zijn zodanig uitgevoerd en ingericht dat zij de individuele gedetineerde voldoende ruimte, daglicht, verwarming en ventilatie bieden. 4 Is de verblijfsruimte zelf niet voorzien van sanitair, dan is dat elders in het pand in voldoende mate beschikbaar. 2021 47401 25-11-2021 15-11-2021 3639125 2021 47401 25-11-2021 15-11-2021 3639125 01-12-2021
Artikel 12a — Artikel 12a Verblijfsruimten in andere dan beperkt beveiligde afdelingen bestemd voor meer dan twee gedetineerden#
Artikel 12a Verblijfsruimten in andere dan beperkt beveiligde afdelingen bestemd voor meer dan twee gedetineerden 1 De verblijfsruimten in normaal beveiligde inrichtingen bestemd voor de onderbrenging van meer dan twee gedetineerden, zijn zodanig uitgevoerd en ingericht dat zij de individuele gedetineerde voldoende ruimte en daglicht bieden. 2 In de binnenwand van de verblijfsruimte bevindt zich slechts een buitenaf afsluitbare deur. In de deur is een observatieluikje aangebracht dat van buitenaf wordt afgeschermd. 3 In de verblijfsruimte is een voorziening voor centrale verwarming aangebracht. De verwarming heeft een zodanige capaciteit dat in de verblijfsruimte een temperatuur van minimaal 20 graden C kan worden bereikt. De verblijfsruimte is voorzien van een ventilatiemogelijkheid waardoor op natuurlijke dan wel mechanische wijze de lucht voor de individuele gedetineerde voldoende kan worden ververst. 4 De verblijfsruimte is voorzien van: a. een intercom of bel waarmee vanuit de verblijfsruimte te allen tijde een ambtenaar of medewerker van de inrichting kan worden opgeroepen, en b. een radio- en TV-aansluitpunt. 5 De verblijfsruimte is voorzien van een van binnenuit en al dan niet van buitenaf bedienbare verlichting met voldoende lichtsterkte, al dan niet gecombineerd met een slechts van buitenaf bedienbare nachtverlichting. 6 Indien de verblijfsruimte is voorzien van een toilet en een wasgelegenheid, dienen die zodanig afgeschermd te kunnen worden dat de privacy van de gedetineerde voldoende is gewaarborgd. Bij het toilet bevindt zich een ventilatierooster. Is de verblijfsruimte zelf niet voorzien van sanitair, dan is dat elders in het pand in voldoende mate beschikbaar. 7 De verblijfsruimte is ingericht met ten minste: a. een spiegel; b. een af te sluiten opbergruimte voor de individuele gedetineerde; c. een schrijf–werktafel; d. voldoende zitgelegenheid; e. een aan de wand bevestigd prikbord; f. een persoonlijke slaapgelegenheid voor de individuele gedetineerde; g. voldoende wandcontactdozen. 2021 47401 25-11-2021 15-11-2021 3639125 2021 47401 25-11-2021 15-11-2021 3639125 01-12-2021
Artikel 12b — Artikel 12b Verblijfsruimten in normaal beveiligde inrichtingen of afdelingen#
Artikel 12b Verblijfsruimten in normaal beveiligde inrichtingen of afdelingen artikel 12, eerste tot en met vierde lid artikelen 3 4, tweede lid 5 7, onderdeel a 9 Het bepaalde in, ten aanzien van verblijfsruimten in beperkt beveiligde afdelingen is van overeenkomstige toepassing op verblijfsruimten in normaal beveiligde inrichtingen of afdelingen, voor zover deze verblijfsruimten worden toegewezen aan gedetineerden die zichzelf hebben gemeld bij de inrichting na daartoe te zijn opgeroepen en voor wie geen plaats is in een inrichting of afdeling met verblijfsruimten die voldoen aan het bepaalde in de,,,, en. 2025 2864 24-01-2025 15-01-2025 6016398 2025 2864 24-01-2025 15-01-2025 6016398 25-01-2025
Artikel 13 — Artikel 13 Overgangsbepaling#
Artikel 13 Overgangsbepaling paragraaf 2 artikelen 2 4 5 6 7 8 10 artikel 9 Verblijfsruimten bestemd voor één of twee gedetineerden, genoemd in, in inrichtingen waarvan de bouw is aangevangen voor 1996, moeten in elk geval voldoen aan de eisen gesteld in de,,,,,en, en moeten in elk geval voor 1 januari 2006 voldoen aan de eisen vermeld in. 2004 175 13-09-2004 06-09-2004 5307895/04/DJI 2004 445 09-09-2004 07-09-2004 13-09-2004 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 9 juli 2004
tot wijziging van de Penitentiaire beginselenwet in verband met
verruiming van de mogelijkheden van meerpersoonscelgebruik (Stb.
350) in werking treedt.
Artikel 14 — Artikel 14 Inwerkingtreding#
Artikel 14 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking op 1 januari 1999. 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 01-01-1999
Artikel 15 — Artikel 15 Citeertitel#
Artikel 15 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling eisen verblijfsruimte penitentiaire inrichtingen. 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 1998 250 30-12-1998 24-12-1998 736621/98/DJI 01-01-1999