Regeling geprivilegieerde post gedetineerden
- BWB-id
- BWBR0009955
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1999-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0009955
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-geprivilegieerde-post-gedetineerden
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-geprivilegieerde-post-gedetineerden/1999-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0009955&g=1999-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0009955&z=2026-06-06&g=1999-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0009955/1999-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-geprivilegieerde-post-gedetineerden
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. wet: Penitentiaire beginselenwet de; b. brief: een brief of een ander poststuk; c. envelop: een envelop of een daarmee vergelijkbare verpakking. 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 01-01-1999
Artikel 2 — Artikel 2 Algemeen#
Artikel 2 Algemeen artikel 37, eerste lid, van de wet De directeur is uitsluitend bevoegd de enveloppen van brieven als bedoeld in, te openen ter controle op bijgesloten voorwerpen, op de wijze als hieronder bepaald. 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 01-01-1999
Artikel 3 — Artikel 3 artikel 37, eerste lid, van de wet Brieven afkomstig van personen/ instanties genoemd in#
Artikel 3 artikel 37, eerste lid, van de wet Brieven afkomstig van personen/ instanties genoemd in 1 artikel 37, eerste lid, van de wet De afzender genoemd in, doet zijn brief in een gesloten envelop en adresseert deze aan de gedetineerde. De afzender sluit de envelop af en voegt deze in een andere envelop en adresseert deze aan de directeur met het verzoek de bijgesloten envelop aan de gedetineerde uit te reiken. De afzender dient er zorg voor te dragen dat kenbaar is in welke hoedanigheid de afzender de brief heeft geschreven. 2 Indien de directeur het met het oog op de aanwezigheid van bijgesloten voorwerpen noodzakelijk acht ook de binnenste envelop van de brief of het andere poststuk te openen, dient hij dit in het bijzijn van de gedetineerde te doen. 3 artikel 37, eerste lid, van de wet In het geval dat een envelop kennelijk afkomstig is van een van de personen of instanties genoemd in, maar niet een dubbele envelop is gebruikt, wordt, indien de directeur het noodzakelijk oordeelt de envelop te openen, dezelfde procedure toegepast als vermeld in het tweede lid. 4 artikel 37, eerste lid, van de wet In het geval de brief niet herkenbaar is als zijnde afkomstig van een persoon of instantie, genoemd in, is de directeur niet gehouden aan het bepaalde in het eerste tot en met derde lid. 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 01-01-1999
Artikel 4 — Artikel 4 artikel 37, eerste lid, van de wet Brieven aan personen/instanties genoemd in#
Artikel 4 artikel 37, eerste lid, van de wet Brieven aan personen/instanties genoemd in 1 artikel 37, eerste lid, van de wet Ten aanzien van een gesloten envelop met een brief afkomstig van een gedetineerde, gericht aan een van de personen of instanties genoemd in, dient de gedetineerde er zorg voor te dragen dat voor de directeur kenbaar is aan welke persoon in welke hoedanigheid, of aan welke instantie de envelop van de brief is gericht. 2 Indien de directeur het met het oog op de controle van de aanwezigheid van bijgesloten voorwerpen noodzakelijk oordeelt de envelop van de brief bedoeld in het eerste lid te openen, dient hij dit in het bijzijn van de gedetineerde te doen. 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 01-01-1999
Artikel 5 — Artikel 5 Overgangsbepaling#
Artikel 5 Overgangsbepaling Niet langer van toepassing zijn: De regeling ’contacten met de buitenwereld’, code: 1.873.2:07.125, kenmerk: Gevangeniswezen nr. 510/378 van 8 juni 1978; de regeling ’correspondentie van gedetineerden met leden van de Staten-Generaal’, code -1.873.2-026.2, kenmerk Dir. Gevangeniswezen nr. 297/379 van 14 juni 1979; de regeling ’inzien van enveloppen en brieven van de raadsman’, code: 1.873.2.26.2, kenmerk Dir. Gevangeniswezen nr. 791/385 van 26 september 1985. 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 01-01-1999
Artikel 6 — Artikel 6 Inwerkingtreding#
Artikel 6 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking op 1 januari 1999. 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 01-01-1999
Artikel 7 — Artikel 7 Citeertitel#
Artikel 7 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling geprivilegieerde post gedetineerden. 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 1998 211 04-11-1998 20-10-1998 715636/98/DJI 01-01-1999