Regeling subsidiëring samenwerkingsverbanden en gezamenlijke rechtspersoon minderheden
- BWB-id
- BWBR0010721
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- 2013-01-01 t/m 2013-07-19
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0010721
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-subsidi-ring-samenwerkingsverbanden-en-gezamenlijke
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-subsidi-ring-samenwerkingsverbanden-en-gezamenlijke/2013-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0010721&g=2013-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0010721&z=2026-06-06&g=2013-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0010721/2013-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/1999/regeling-subsidi-ring-samenwerkingsverbanden-en-gezamenlijke
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. Landelijk overleg minderheden: artikelen 2 tot en met 5 van de Wet overleg minderhedenbeleid Landelijk overleg minderheden als bedoeld in de; b. gezamenlijke rechtspersoon: artikel 6, eerste lid, van de Wet overleg minderhedenbeleid rechtspersoon als bedoeld in; c. basissubsidie: subsidie, die afhankelijk is van de grootte van de minderheidsgroep(en) die het samenwerkingsverband vertegenwoordigt, voor de basiskosten van een samenwerkingsverband; d. complexiteitssubsidie: subsidie voor een samenwerkingsverband waarvan de communicatie met de minderheidsgroep(en) die het vertegenwoordigt, in vele talen plaatsvindt. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Voor verlening van subsidie ingevolge deze regeling komen in aanmerking de samenwerkingsverbanden die door de Minister zijn toegelaten tot het Landelijk overleg minderheden, alsmede de door de Minister erkende gezamenlijke rechtspersoon. 2 Het doel van de subsidie is om de samenwerkingsverbanden en de gezamenlijke rechtspersoon in staat te stellen coördinerend en voorwaardenscheppend werkzaam te zijn ten behoeve van het Landelijk overleg minderheden. 2012 22258 31-10-2012 29-10-2012 2012-0000611988 2012 22258 31-10-2012 29-10-2012 2012-0000611988 01-01-2013
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing, tenzij bij deze regeling anders is bepaald. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De subsidie voor een samenwerkingsverband en voor de gezamenlijke rechtspersoon voor enig kalenderjaar dient vóór 1 november van het daaraan voorgaande jaar bij de Minister te worden aangevraagd. Deze aanvraag dient gemotiveerd te zijn. 2 Indien de aanvraag wordt ingediend door een samenwerkingsverband, gaat de aanvraag vergezeld van: a. een overzicht van de namen, adressen en telefoonnummers van de organisaties van de minderheidsgroep of te onderscheiden minderheidsgroepen waarvan het samenwerkingsverband de belangen behartigt in het geval het een koepelorganisatie betreft en het benoemen van informele structuren, ad hoc verbanden en sleutelfiguren in het geval het om een netwerkorganisatie gaat; b. een overzicht van de actuele samenstelling van het bestuur; c. een rooster terzake van aftredende bestuursleden, alsmede een overzicht betreffende de bestuurlijke ontwikkelingen die in het kalenderjaar, bedoeld in het eerste lid, worden voorzien. 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 22-07-2006
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Artikel 4:62 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op deze regeling met dien verstande dat in het activiteitenplan van een samenwerkingsverband in het bijzonder aandacht wordt besteed aan: a. beoogde producten, aard en doelstellingen van activiteiten ten behoeve van inbreng in het Landelijk overleg minderheden; b. beoogde producten, aard en doelstellingen van activiteiten gericht op het verstrekken van informatie aan de minderheidsgroep of -groepen die het vertegenwoordigt, over de overlegactiviteiten van het samenwerkingsverband, zowel in aankondigende als in rapporterende zin; c. beoogde producten, aard en doelstellingen van activiteiten gericht op het verwerven van informatie onder de achterban over de gevolgen van beleidsinitiatieven en op het consulteren van de minderheidsgroep of -groepen die het samenwerkingsverband vertegenwoordigt; d. beoogde producten, aard en doelstellingen van activiteiten en projecten gericht op specifieke doelgroepen. Deze specifieke doelgroepen betreffen in ieder geval jongeren, vrouwen en ouderen; e. activiteiten van het bestuur; f. beoogde producten, aard en doelstellingen van activiteiten gericht op (a) het vergroten van het bereik van het netwerk van een samenwerkingsverband indien sprake is van een netwerkorganisatie en (b) dan wel het vergroten van de participatie in het samenwerkingsverband van alle organisaties uit de eigen minderheidsgroep of te onderscheiden minderheidsgroepen indien sprake is van een koepelorganisatie; g. maatregelen om de effectiviteit en representativiteit van het bestuur van het samenwerkingsverband in relatie tot de minderheidsgroep of te onderscheiden minderheidsgroepen waarvan het de belangen behartigt, te verhogen. 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 22-07-2006 Abusievelijk is een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Artikel 4:62 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op deze regeling met dien verstande dat in het activiteitenplan van de gezamenlijke rechtspersoon in het bijzonder aandacht wordt besteed aan: a. beoogde producten, aard en doelstellingen van activiteiten ten behoeve van inbreng in het Landelijk overleg minderheden; b. beoogde producten, aard en doelstellingen van activiteiten gericht op het verstrekken van informatie aan de samenwerkingsverbanden; c. beoogde producten, aard en doelstellingen van activiteiten in het kader van gemeenschappelijke aangelegenheden van de samenwerkingsverbanden; d. beoogde producten, aard en doelstellingen van gemeenschappelijke activiteiten en projecten gericht op specifieke doelgroepen. Deze specifieke doelgroepen betreffen in ieder geval jongeren, vrouwen en ouderen; e. activiteiten van het bestuur. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Artikel 4:63 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing met dien verstande dat de begroting van een samenwerkingsverband en van de gezamenlijke rechtspersoon opgebouwd dient te zijn uit de volgende onderdelen: personele kosten (en de personeelsformatie); apparaatskosten; activiteitenkosten. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De per samenwerkingsverband te verlenen subsidie bestaat uit een basissubsidie, die afhankelijk is van de grootte van de minderheidsgroep die het samenwerkingsverband vertegenwoordigt. 2 De per samenwerkingsverband te verlenen subsidie kan tevens bestaan uit een complexiteitssubsidie. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 De basissubsidie bedraagt in 2013 voor samenwerkingsverbanden die minderheidsgroepen van 100.000 personen of minder tot doelgroep hebben, ten hoogste € 297.947,98 en voor samenwerkingsverbanden die minderheidsgroepen van meer dan 100.000 personen tot doelgroep hebben, ten hoogste € 319.194,37. 2 De complexiteitssubsidie wordt verleend aan die samenwerkingsverbanden die kunnen aantonen dat de communicatie met de minderheidsgroep of - groepen die het vertegenwoordigt -, in vele talen plaatsvindt, en dat dit belangrijke organisatorische en financiële consequenties voor het samenwerkingsverband heeft. De complexiteitssubsidie bedraagt per samenwerkingsverband maximaal € 20.543,78 per jaar. 3 Het maximaal door de samenwerkingsverbanden te besteden bedrag aan bestuurskosten bedraagt 9% van de basissubsidie. 2012 22258 31-10-2012 29-10-2012 2012-0000611988 2012 22258 31-10-2012 29-10-2012 2012-0000611988 01-01-2013
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 De subsidie voor de gezamenlijke rechtspersoon minderheden bedraagt in 2013 ten hoogste € 223.883,49. 2 Het maximaal door de gezamenlijke rechtspersoon te besteden bedrag aan bestuurskosten bedraagt 5% van de subsidie. 2012 22258 31-10-2012 29-10-2012 2012-0000611988 2012 22258 31-10-2012 29-10-2012 2012-0000611988 01-01-2013
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Artikel 4:76 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Bij de samenstelling van het financiële jaarverslag wordt een bestendige gedragslijn gevolgd. In de toelichting op het jaarverslag worden de waarderingsgrondslagen van actief- en passiefposten vermeld. Vaste activa worden gewaardeerd op basis van aanschafprijzen. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 De aanschaffingsprijzen van onroerende goederen en overige duurzame goederen, alsmede de kosten van verbouwing of groot onderhoud van deze goederen worden als activa in de balans van een samenwerkingsverband en van de gezamenlijke rechtspersoon opgenomen. 2 De afschrijvingen, bestemmingsgiften en ontvangen subsidies met betrekking tot de in het eerste lid genoemde posten komen in de balans tot uitdrukking. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 De afschrijvingen van inventarisgoederen, m.u.v. computerapparatuur, van een samenwerkingsverband en van de gezamenlijke rechtspersoon met een aanschaffingsprijs van meer dan € 500 bedraagt per jaar ten hoogste 20% van de aanschaffingsprijs, nadat daarop de ontvangen bestemmingsgiften en investeringssubsidies in mindering zijn gebracht. 2 De afschrijvingen van computerapparatuur van een samenwerkingsverband en van de gezamenlijke rechtspersoon bedragen ten hoogste 33,3% van de aanschaffingsprijs, nadat daarop de ontvangen bestemmingsgiften en investeringssubsidies in mindering zijn gebracht. 3 De hoogte van afschrijvingen van onroerend goed van een samenwerkingsverband en van de gezamenlijke rechtspersoon wordt in overleg met de Minister vastgesteld. 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 22-07-2006
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 Indien de totale subsidiabele uitgaven in enig jaar beneden de verleende subsidie blijven dan zal dit batige saldo worden toegevoegd aan de algemene reserve van een samenwerkingsverband of van de gezamenlijke rechtspersoon. 2 Een nadelig saldo van een samenwerkingsverband of van de gezamenlijke rechtspersoon zal ten laste van deze reserve worden gebracht. 2011 19292 27-10-2011 18-10-2011 2011-2000453997 2011 19292 27-10-2011 18-10-2011 2011-2000453997 01-01-2012
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Na vaststelling van de subsidie stort het samenwerkingsverband of de gezamenlijke rechtspersoon teveel ontvangen voorschotten of subsidie terstond terug, tenzij de Minister tot verrekening op andere wijze heeft besloten. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 artikel 4:78, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht De inbedoelde opdracht, strekt tevens tot onderzoek van de naleving van aan de subsidie verbonden verplichtingen. 2 Het onderzoek van de accountant van het verslag geschiedt aan de hand van het door de Minister vast te stellen controleprotocol. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 17a — Artikel 17a#
Artikel 17a Het activiteitenverslag bevat ten minste een rapportage met betrekking tot: a. artikel 2, derde lid de mate waarin feitelijk wordt voldaan aan de statutaire bepalingen, bedoeld in; b. de namen, adressen en telefoonnummers van de organisaties van de minderheidsgroep of te onderscheiden minderheidsgroepen waarvan het samenwerkingsverband de belangen behartigt in het geval het een koepelorganisatie betreft en het benoemen van informele structuren, ad hoc verbanden en sleutelfiguren in het geval het om een netwerkorganisatie gaat; c. artikel 4, tweede lid, onderdeel c de bestuurlijke ontwikkelingen, bedoeld in; d. de inspanningen welke zijn verricht om de representativiteit van het samenwerkingsverband in stand te houden en te verbeteren; e. de resultaten, voortvloeiende uit de inspanningen, bedoeld in onderdeel d. 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 22-07-2006
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 1 Bij te late indiening van het financiële verslag en het activiteitenverslag kan een korting worden toegepast welke maximaal 5% bedraagt van de voor dat verslagjaar vast te stellen subsidie. 2 artikel 2, derde lid Indien blijkens het ingediende activiteitenverslag feitelijk niet of niet volledig wordt voldaan aan de statutaire bepalingen, bedoeld in, kan een korting worden toegepast welke maximaal 10% bedraagt van de voor dat verslagjaar vast te stellen subsidie. 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 22-07-2006
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Artikel 4:71 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing met dien verstande dat tevens een wijziging in de personen die handelingsbevoegd zijn, dient te worden gemeld aan de Minister. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Een samenwerkingsverband en de gezamenlijke rechtspersoon verzekeren hun burgerrechtelijke aansprakelijkheid tegenover derden voor een som van € 2.300.000 per gebeurtenis en per geval, en verzekeren hun onroerende goederen tegen brandschade naar herbouwwaarde en hun roerende goederen tegen brandschade en diefstal. 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 22-07-2006
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 De ambtenaren van de Rijksauditdienst van het Ministerie van Financiën en van de Algemene Rekenkamer zijn belast met het toezicht op de naleving van de aan de ontvanger van de subsidie opgelegde verplichtingen. Door de subsidie-ontvanger wordt op eerste vordering alle informatie verstrekt die zij noodzakelijk achten. De subsidie-ontvanger draagt er zorg voor dat zijn accountant meewerkt aan door of namens de departementale accountantsdienst in te stellen onderzoek naar de door de accountant verrichte werkzaamheden. 2011 19292 27-10-2011 18-10-2011 2011-2000453997 2011 19292 27-10-2011 18-10-2011 2011-2000453997 01-01-2012
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 1 Deze regeling treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2 artikel 4 In afwijking vandient de gezamenlijke rechtspersoon de subsidieaanvraag voor het jaar 1999 uiterlijk op 1 oktober 1999 in. 3 artikelen 4 5 7 Deze regeling treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de,endie in werking treden met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 4 artikel 2, derde lid In afwijking van, geldt voor de thans zittende bestuursleden bij wijze van overgang, en eenmalig, een bestuurstermijn van maximaal acht jaar. 5 artikel 4, tweede lid In afwijking van, dient de aanvraag van een samenwerkingsverband ten behoeve van het jaar 2007 tevens vergezeld te gaan van: a. een afschrift van de statuten; b. artikel 2, derde lid artikel 22, vierde lid artikel 2, derde lid artikel 22, vierde lid een voorstel tot wijziging van de statuten welke er toe strekt dat de statuten met ingang van het jaar 2007 met, en, in overeenstemming worden gebracht indien de statuten niet voldoen aan het bepaalde inen; c. een rooster van aftredende bestuursleden welke er in voorziet dat zittende bestuursleden die op 1 januari 2007 een zittingstermijn van acht jaar zullen hebben volbracht, uiterlijk 1 februari 2007 aftreden. 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 2006 139 20-07-2006 06-07-2006 DDS5419777 22-07-2006
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 Het Besluit subsidiëring samenwerkingsverbanden minderheidsgroepen en de Aanwijzingen bij dit besluit worden ingetrokken op 1 januari 2000. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling subsidiëring samenwerkingsverbanden en gezamenlijke rechtspersoon minderheden. 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 1999 183 23-09-1999 16-09-1999 CIM99/78279 25-09-1999 Treedt voor de gezamenlijke rechtspersoon in werking op 25 september 1999. Treedt voor de samenwerkingsverbanden in werking op 1 januari 2000, met uitzondering van de artikelen 4, 5 en 7 die in werking treden met ingang van 25 september 1999.