Besluit BOA Dienst Ondersteunende Taken van het GVB Amsterdam 2000
- BWB-id
- BWBR0011746
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2000-11-22 t/m 2004-02-29
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0011746
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/besluit-boa-dienst-ondersteunende-taken-van-het-gvb-amsterda
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/besluit-boa-dienst-ondersteunende-taken-van-het-gvb-amsterda/2000-11-22
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0011746&g=2000-11-22
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0011746&z=2026-06-06&g=2000-11-22
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0011746/2000-11-22
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/besluit-boa-dienst-ondersteunende-taken-van-het-gvb-amsterda
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel 2 In dit besluit wordt verstaan onder buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar, bedoeld in. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De personen in dienst van het Gemeentevervoerbedrijf Amsterdam, die de functie vervullen van 'controleur ondersteunende taken', zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd tot het opsporen van de feiten strafbaar gesteld bij of krachtens: a) Hoofdstuk II, paragraaf 5 van de Wet personenvervoer; Hoofdstuk 6 van het Besluit personenvervoer; Metroreglement Tramwegreglement het; het; b) de Algemene Plaatselijke Verordening en/of andere verordeningen van de gemeenten vallende binnen het vervoersgebied van het Gemeentevervoerbedrijf Amsterdam, indien en voor zover het artikelen/bepalingen daaruit betreft, waarvoor betrokkene door het bevoegd bestuursorgaan is aangewezen; c) artikelen 141 180 184 285 300 310 311 350 424 425 435, onder ten vierde, van het Wetboek van Strafrecht de,,,,,,,,,,; d) andere wetten/strafbare feiten, indien en voor zover de buitengewoon opsporingsambtenaar in een concreet opsporingsonderzoek door een officier van justitie daarmee is belast, voor de duur van dat onderzoek; e) artikel 61c van het Wetboek van Strafvordering artikel 435f van het Wetboek van Strafrecht de buitengewoon opsporingsambtenaar is tevens bevoegd de inen de ingenoemde bevoegheden uit te oefenen. 2.a De opsporingsbevoegdheid geldt voor het grondgebied, waarop het Gemeentevervoersbedrijf Amsterdam, in dienst waarvan de buitengewoon opsporingsambtenaar werkzaam is, vervoer verricht of lijnverbindingen exploiteert; 2.b De uitoefening van de aan de buitengewoon opsporingsambtenaar op grond van dit besluit toegekende bevoegdheid, beperkt zich tot bussen, pontveren, trams, metrotreinen en in en om daarbij behorende stations en haltes binnen het onder 2.a beschreven opsporingsgebied; 2.c Van de krachtens dit besluit verleende bevoegdheden wordt uitsluitend gebruik gemaakt tijdens de uren dat betrokkene daadwerkelijk in de onderhavige functie werkzaam is en overeenkomstig de bevelen door het Openbaar Ministerie gegeven. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 2 artikel 3, eerste lid De onderbedoelde buitengewoon opsporingsambtenaar, dient de/het door hem/haar opgemaakte proces(sen)-verbaal, de aangifte(n) of berichten inzake de onder, bedoelde feiten, met inbeslaggenomen voorwerp(en), te doen toekomen aan de wijkteamchef van de reguliere politie, in haar/zijn functie van hulpofficier van justitie, binnen wiens gebied het feit is gepleegd. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 6 lid 2 De direct toezichthouder als bedoeld invan deze beschikking is namens mij bevoegd tot beëdiging van de buitengewoon opsporingsambtenaar. 2 Op grond van dit besluit kunnen maximaal 90 personen als buitengewoon opsporingsambtenaar beëdigd worden. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de hoofdofficier van justitie in het arrondissement Amsterdam. 2 Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van de politieregio Amsterdam-Amstelland. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 3, eerste lid artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993 hoofdstuk 7 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke Marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd bij de opsporing van de ingenoemde strafbare feiten, gebruik te maken van de bevoegdheden, bedoeld in. Hij/zij gedraagt zich overeenkomstig het bepaalde in. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De buitengewoon opsporingsambtenaar kan gedurende de uitoefening van zijn taak als buitengewoon opsporingsambtenaar uitgerust zijn met: artikel 8, onder a en b Het op basis van, aan de buitengewoon opsporingsambtenaar te verlenen voorschrift geldt slechts gedurende de periode dat de buitengewoon opsporingsambtenaar beschikt over een titel van opsporingsbevoegdheid. artikel 6, tweede lid Dit voorschrift geldt voorts pas indien de direct toezichthouder, als bedoeld invan dit besluit, heeft vastgesteld, dat betrokkene beschikt over de vereiste bekwaamheid t.a.v. het gebruik van en het omgaan met het hiervoor beschreven geweldsmiddel ad a en de handboeien ad b. a. een korte wapenstok van een door de Ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken goedgekeurd merk en type; b. handboeien van een door de Ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken goedgekeurd merk en type. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 6 Het hoofd van de Dienst Ondersteunende Taken van het Gemeentevervoerbedrijf Amsterdam, verstrekt de toezichthouder/direct toezichthouder als bedoeld in, alle door hen gewenste informatie en voert zo nodig en desgevraagd periodiek overleg tussen voornoemden, ter afstemming van beleid. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Het hoofd van de Dienst Ondersteunende Taken van het Gemeentevervoerbedrijf Amsterdam brengt jaarlijks, voor 1 april, met betrekking tot de onder diens verantwoordelijkheid werkzame buitengewoon opsporingsambtenaren verslag uit over: a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren binnen voornoemd bedrijf; b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte opsporingsactiviteiten; c. het aantal van interventies waarbij het gebruik/toepassing van handboeien en/of een korte wapenstok geïndiceerd is geweest; d. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in dat jaar voor die Cito-toets zijn geslaagd. 2 artikel 6 Dit verslag dient te worden toegezonden aan de toezichthouder en de direct toezichthouder, als bedoeld invan dit besluit, alsmede aan het Ministerie van Justitie, directie Bestuurszaken, afd. IBB, postbus 20300, 2500 EH Den Haag. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 artikel 22 van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Het Besluit BOA, Dienst Ondersteunende Taken, GVB Amsterdam, Nr. 96/6025-7916/ASD, d.d. 5 februari 1996, alsmede het aanvullend besluit d.d. 3 maart 1997, Nr. 96/6025-7619, wordt ingetrokken. De akten en legitimatiebewijzen die op basis van deze besluiten zijn afgegeven, worden geacht op het onderhavig besluit te berusten met inachtneming van het bepaalde in. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Dit besluit treedt in werking met ingang van 22 november 2000 en vervalt op 22 november 2005. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit BOA Dienst Ondersteunende Taken van het GVB Amsterdam 2000. 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 2000 214 03-11-2000 01-11-2000 5059565/DBZ/00 22-11-2000