Regeling criminele inlichtingen eenheden
- BWB-id
- BWBR0011685
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2009-01-30 t/m 2012-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0011685
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-criminele-inlichtingen-eenheden
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-criminele-inlichtingen-eenheden/2009-01-30
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0011685&g=2009-01-30
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0011685&z=2026-06-06&g=2009-01-30
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0011685/2009-01-30
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-criminele-inlichtingen-eenheden
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. criminele inlichtingeneenheid: artikel 5, eerste lid, van het Besluit beheer regionale politiekorpsen artikel 2 de eenheid bij de regionale politiekorpsen, bedoeld inalsmede de eenheid bij het Korps landelijke politiediensten, bij de bijzondere ambtenaren van politie (rijksrecherche) en bij de Koninklijke marechaussee, belast met de taak, bedoeld in; b. nationale criminele inlichtingen eenheid: artikel 8 de eenheid bij de divisie Centrale Recherche Informatie van het Korps landelijke diensten als bedoeld in; c. Ministers: de Ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties gezamenlijk; d. informantgegevens: artikel 12, zevende lid, van de Wet politiegegevens gegevens omtrent een persoon, bedoeld in; e. criminele inlichtingen: artikel 10, eerste lid, onderdeel a, van de Wet politiegegevens gegevens, die in aanmerking komen voor verwerking op grond van; f. verantwoordelijke: artikel 1, onderdeel f, van de Wet politiegegevens de verantwoordelijke, bedoeld in; g. CIE-officier van justitie: de als zodanig aangewezen officier van justitie, verantwoordelijk voor de taakuitoefening van de CIE. 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 30-01-2009 01-01-2008
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 10, eerste lid, onderdeel a, van de Wet politiegegevens Criminele inlichtingen eenheden zijn belast met de informatievoorziening in het kader van de uitvoering van de politietaak, voorzover het betreft misdrijven. 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 30-01-2009 01-01-2008
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Criminele inlichtingen eenheden werken overeenkomstig deze regeling met elkaar samen. 2 De samenwerking tussen de criminele inlichtingen eenheden strekt tot een zo doelmatig en doeltreffend mogelijke taakvervulling en bestaat in ieder geval uit: a. artikelen 4 5 een uniforme gegevensverwerking als bedoeld in deen; b. artikel 6 onderlinge gegevensuitwisseling als bedoeld in; c. artikel 7 structurele gegevensverstrekking aan de nationale criminele inlichtingen eenheid als bedoeld in. 2000 198 12-10-2000 05-10-2000 5051094/500/GBJ 2000 198 12-10-2000 05-10-2000 5051094/500/GBJ 01-11-2000
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Criminele inlichtingen eenheden verrichten in ieder geval de volgende werkzaamheden: a. het verzamelen en verifiëren van criminele inlichtingen; b. artikel 2, eerste lid, van de Wet politiegegevens Het verwerken van criminele inlichtingen in een bestand, als bedoeld in; c. Wet politiegegevens het bevorderen van het gericht inwinnen en aanvullen van criminele inlichtingen en andere gegevens die in het kader van de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde in aanmerking komen voor verwerking op grond van de; d. het analyseren van criminele inlichtingen en het aan de hand daarvan: 1°. artikel 10, eerste lid, onderdeel a, van de Wet politiegegevens signaleren van criminaliteitsontwikkelingen, voorzover het betreft misdrijven als bedoeld in; 2° periodiek verslag doen ten behoeve van criminaliteitsbeelden; e. artikel 10, vijfde lid, van de Wet politiegegevens het ter beschikking stellen van criminele inlichtingen overeenkomstig. 2 Ten behoeve van de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, maken criminele inlichtingen eenheden gebruik van de door de Ministers aangewezen geautomatiseerde verwijzingsindex. 3 artikel 1, onder d De uitvoering van de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, onder c, met medewerking van personen als omschreven in, wordt uitsluitend verricht door de criminele inlichtingen eenheid. 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 30-01-2009 01-01-2008
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 12 van de Wet politiegegevens artikel 12, eerste lid, van de Wet politiegegevens Criminele inlichtingen eenheden verwerken informantgegevens overeenkomstig het bepaalde in, onder gelijktijdige codetoekenning. Informantgegevens kunnen slechts worden verwerkt met het oog op de doeleinden, bedoeld in. 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 30-01-2009 01-01-2008
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 bijlage I Criminele inlichtingen eenheden wisselen onderling, gevraagd en ongevraagd, criminele inlichtingen uit indien dit van belang kan zijn voor de uitvoering van de politietaak. Daartoe wordt gebruikgemaakt van het modelformulier dat is opgenomen inbij deze regeling. 2 artikel 2:5, eerste lid, van het Besluit politiegegevens Twee ambtenaren van de criminele inlichtingen eenheid worden aangewezen met het oog op de autorisatie als bedoeld inten aanzien van het bestand met criminele inlichtingen bij de overige criminele inlichtingen eenheden. 3 De verantwoordelijke draagt ervoor zorg voor dat aan de ingevolge het tweede lid aangewezen en hem bekendgemaakte ambtenaren van andere criminele inlichtingen eenheden autorisatie wordt verleend. 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 30-01-2009 01-01-2008
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Criminele inlichtingen eenheden stellen de nationale criminele inlichtingen eenheid in kennis van: a. criminele inlichtingen die van nationale of internationale betekenis zijn; b. artikel 10, tweede lid, onderdelen a en b, van de Wet politiegegevens personalia of bedrijfsgegevens van overeenkomstiggeregistreerde personen in de door de Ministers aangewezen geautomatiseerde verwijzingsindex; c. artikel 5 codes als bedoeld in; d. overige informatie die van belang kan zijn voor de landelijke en internationale coördinatie en ondersteuning door de nationale criminele inlichtingen eenheid. 2 bijlage II Ter uitvoering van het eerste lid, onder b, en met het oog op de verstrekking van de gegevens als opgenomen invan deze regeling maken de criminele inlichtingen eenheden gebruik van de door de Ministers aangewezen geautomatiseerde verwijzingsindex. 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 30-01-2009 01-01-2008
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De nationale criminele inlichtingen eenheid registreert: a. criminele inlichtingen, voorzover deze gegevens van nationale of internationale betekenis zijn; b. artikel 10, tweede lid, onderdelen a en b, van de Wet politiegegevens personalia of bedrijfsgegevens van overeenkomstiggeregistreerde personen in de door de Ministers aangewezen geautomatiseerde verwijzingsindex; c. artikel 5 codes die zijn toegewezen in het kader van de registratie als bedoeld in. 2 Wet politiegegevens De nationale criminele inlichtingen eenheid analyseert de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onder a, en verstrekt mede aan de hand daarvan de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onder a en b, aan hen die daarop bij of krachtens deaanspraak kunnen maken. 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 30-01-2009 01-01-2008
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 De ambtenaar die deel uit maakt van een criminele inlichtingen eenheid voldoet aan de eindtermen van de door de Ministers aan te wijzen vervolgopleiding. 2 De verantwoordelijke draagt ervoor zorg dat de kennis en vaardigheden van de ambtenaren, bedoeld in het eerste lid, worden onderhouden op minimaal het niveau van de aan de in het eerste lid bedoelde eindtermen. 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 30-01-2009 01-01-2008
Artikel 10 — artikel 10#
artikel 10 1 artikel 4, eerste lid, onder c De verantwoordelijke bepaalt de termijn gedurende welke de ambtenaar die belast is met de werkzaamheden, bedoeld in, ononderbroken deel uitmaakt van een criminele inlichtingen eenheid. 2 De termijn, bedoeld in het eerste lid, is ten hoogste vier jaar en kan tweemaal met twee jaar worden verlengd. 3 artikel 13, eerste lid Voor de ambtenaar die voor de inwerkingtreding van deze regeling is aangesteld, gaat de termijn, bedoeld in het eerste lid, in op het tijdstip, bedoeld in het. 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 30-01-2009 01-01-2008
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 De bij de criminele inlichtingen eenheid in gebruik zijnde vertrekken zijn afsluitbaar en beveiligd. Tot deze vertrekken hebben slechts toegang ambtenaren die deel uitmaken van de criminele inlichtingen eenheid, personen die door deze ambtenaren worden begeleid en de CIE-officier van justitie. 2 In afwijking van het eerste lid, tweede volzin, kan de korpsbeheerder aan anderen toegang zonder begeleiding toestaan, indien het betreden van de vertrekken alleen kan plaatsvinden nadat identiteitsgegevens elektronisch zijn vastgelegd en de toegang noodzakelijk is vanuit de verantwoordelijkheid voor de ambtenaren van de criminele inlichtingen eenheid. 3 Bij afwezigheid van ambtenaren van de criminele inlichtingen eenheid zijn de vertrekken deugdelijk afgesloten. 2000 198 12-10-2000 05-10-2000 5051094/500/GBJ 2000 198 12-10-2000 05-10-2000 5051094/500/GBJ 01-11-2000
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 De verantwoordelijke draagt ervoor zorg dat onbevoegde kennisneming van criminele inlichtingen en informantgegevens niet kan plaatsvinden. In dat kader ziet de verantwoordelijke erop toe dat: a. deze informatie niet door onbevoegden waarneembaar is; b. artikel 11 deze informatie niet zonder toestemming wordt vermenigvuldigd of vernietigd dan wel uit de vertrekken, bedoeld in, wordt meegenomen; c. informatiedragers op afdoende wijze vernietigd kunnen worden; d. toegang tot geautomatiseerde registers wordt beveiligd met een gebruikersnaam en periodiek wisselende wachtwoorden; e. bij geautomatiseerd transport van criminele inlichtingen voldoende beveiligingsmaatregelen worden getroffen; f. bij gebruik van een netwerksysteem voldoende beveiligingsmaatregelen zijn getroffen tegen het verloren gaan van de informatie en ter voorkoming van onbevoegde bevraging. 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 2009 18 28-01-2009 29-09-2008 5561656/08 30-01-2009 01-01-2008
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 november 2000. 2 Op het tijdstip, genoemd in het eerste lid, wordt de CID-regeling 1995 ingetrokken. 2000 198 12-10-2000 05-10-2000 5051094/500/GBJ 2000 198 12-10-2000 05-10-2000 5051094/500/GBJ 01-11-2000
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Regeling criminele inlichtingen eenheden Deze regeling wordt aangehaald als:. 2000 198 12-10-2000 05-10-2000 5051094/500/GBJ 2000 198 12-10-2000 05-10-2000 5051094/500/GBJ 01-11-2000