Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden
- BWB-id
- BWBR0011558
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-11-22
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0011558
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-selectie-plaatsing-en-overplaatsing-van-gedetineerd
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-selectie-plaatsing-en-overplaatsing-van-gedetineerd/2025-11-22
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0011558&g=2025-11-22
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0011558&z=2026-06-06&g=2025-11-22
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0011558/2025-11-22
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-selectie-plaatsing-en-overplaatsing-van-gedetineerd
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. wet: Penitentiaire beginselenwet de; b. besluit: Penitentiaire maatregel de; c. maatschappelijk risico: het risico dat de gedetineerde vormt voor de maatschappij, in termen van maatschappelijke onrust, algemeen gevaar voor de openbare orde of de veiligheid van personen en de orde en de veiligheid binnen de inrichting; d. risicoprofiel: de aanduiding van het vlucht- en maatschappelijk risico van een gedetineerde; e. opgelegde vrijheidsstraf: de opgelegde vrijheidsstraf, dan wel het totaal van de opgelegde vrijheidsstraffen zonder aftrek van de vervroegde invrijheidstelling; f. divisiedirecteur GW/VB: de directeur van de divisie Gevangeniswezen en Vreemdelingenbewaring van de Dienst Justitiële Inrichtingen van het Ministerie van Justitie en Veiligheid; fa. divisiedirecteur IZ: de directeur van de divisie Individuele Zaken van de Dienst Justitiële Inrichtingen van het Ministerie van Justitie en Veiligheid; g. GRIP: het Gedetineerden Recherche Intelligencepunt van de Eenheid Landelijke Expertise en Operaties; h. artikel 1.1, tweede lid, van de Wet forensische zorg artikel 2 van de Regeling forensische zorg forensische zorg: zorg als bedoeld inen; i. basisprogramma: het in een inrichting aangeboden dagprogramma; j. plusprogramma: het in een gevangenis aangeboden programma bestaande uit de onderdelen van het basisprogramma, aangevuld met extra onderwijsfaciliteiten, gekwalificeerde arbeid of arbeid met meer vrijheden, gedragsinterventies, extra re-integratieactiviteiten alsmede de mogelijkheid om het tijdstip van deelname aan bepaalde activiteiten aan te geven; k. promotie: beslissing tot het plaatsen van een gedetineerde in een plusprogramma op grond van goed gedrag van de gedetineerde; l. degradatie: beslissing tot intrekking van promotie. m. arrestant: – een al dan niet onherroepelijk veroordeelde die is aangehouden nadat hij zich heeft onttrokken aan de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf of de voorlopige hechtenis; – een veroordeelde die is aangehouden nadat ten aanzien van hem de tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde vrijheidsstraf is gelast; – artikel 24c artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht artikel 28 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften artikel 577c artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht een persoon die is aangehouden nadat hij zich heeft onttrokken aan de vervangende hechtenis als bedoeld injuncto, aan de gijzeling als bedoeld inof aan de lijfsdwang als bedoeld injuncto; – een tot vrijheidsstraf veroordeelde die niet gedetineerd is op het moment waarop de rechterlijke uitspraak onherroepelijk wordt en die geen gehoor heeft gegeven aan een oproep tot het ondergaan van zijn vrijheidsstraf; – een veroordeelde die is aangehouden nadat zijn voorwaardelijke invrijheidstelling is herroepen; n. levenslanggestrafte: een persoon ten aanzien van wie de tenuitvoerlegging van een levenslange gevangenisstraf plaatsvindt; o. voortgezet crimineel handelen: handelen van een gedetineerde dat is gericht op: – het voortzetten van dan wel deelnemen aan een samenwerkingsverband dat het plegen van misdrijven tot oogmerk heeft; – het ongeoorloofd beïnvloeden van het eigen dan wel van een ander strafproces; of – het anderszins begaan van ernstige misdrijven; p. zelfmelder: een tot vrijheidsstraf veroordeelde die niet is gedetineerd op het moment waarop de rechterlijke uitspraak onherroepelijk wordt en die zichzelf heeft gemeld bij de inrichting na daartoe te zijn opgeroepen. 2025 39570 21-11-2025 13-11-2025 6826708 2025 39570 21-11-2025 13-11-2025 6826708 22-11-2025
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a Indien de veroordeling tot een vrijheidsstraf nog niet onherroepelijk is, wordt het strafrestant voor de toepassing van deze regeling berekend op grond van de veroordeling waartegen het rechtsmiddel is aangewend. 2006 103 30-05-2006 12-05-2006 5413136/06/DJI 2006 103 30-05-2006 12-05-2006 5413136/06/DJI 01-06-2006
Artikel 1b — Artikel 1b Uitgesloten van dit hoofdstuk#
Artikel 1b Uitgesloten van dit hoofdstuk Dit hoofdstuk is niet van toepassing op gedetineerden aan wie de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders onherroepelijk is opgelegd. 2014 4617 20-02-2014 10-02-2014 2014 4617 20-02-2014 10-02-2014 01-03-2014
Artikel 1c — Artikel 1c Het detentie- en re-integratieplan#
Artikel 1c Het detentie- en re-integratieplan artikel 1, onder f, van het Besluit Adviescollege levenslanggestraften Voor levenslanggestraften worden in het detentie- en re-integratieplan geen activiteiten opgenomen als bedoeld ingedurende de periode dat deze activiteiten hen niet worden aangeboden. 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 01-07-2021 Artikel VIII van Stcrt. 2021/28357 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging.
Artikel 1d — Artikel 1d Beslissing tot promoveren en degraderen#
Artikel 1d Beslissing tot promoveren en degraderen 1 De directeur besluit over promotie en degradatie. 2 bijlage 1 bijlage 2 artikel 8 van de Vreemdelingenwet 2000 De directeur beoordeelt het gedrag van een gedetineerde op basis vanof, voor zover het een vreemdeling betreft die geen rechtmatig verblijf heeft in Nederland in de zin van, op basis vanvan deze regeling. De gedetineerde wordt geïnformeerd omtrent de bijlagen zoals deze voor hem gelden. 3 bijlage 1 bijlage 2 De gedetineerde komt in aanmerking voor promotie indien hij gedurende zes weken na aanvang van plaatsing in een gevangenis het in de categorie “re-integratie/resocialisatie” en het in de categorie “verblijf en leefbaarheid” vandan welbij deze regeling beschreven gewenste gedrag heeft laten zien. 4 bijlage 1 bijlage 2 Indien de gedetineerde die is gepromoveerd, niet het in de categorie “re-integratie/resocialisatie” en de categorie “verblijf en leefbaarheid” vandan welbij deze regeling beschreven gewenste gedrag laat zien, kan de directeur besluiten tot degradatie. 5 bijlage 1 bijlage 2 Er volgt altijd een besluit tot degradatie indien een gedetineerde ontoelaatbaar gedrag zoals beschreven inen, laat zien. 6 bijlage 1 bijlage 2 De directeur bepaalt de periode gedurende welke de gedetineerde het indan welbij deze regeling omschreven gewenste gedrag laat zien om wederom in aanmerking voor promotie te komen. Deze periode is minimaal zes weken. Indien de directeur aanleiding ziet een langere periode in acht te nemen motiveert hij zijn besluit, waarbij hij in ieder geval betrekt de aard en de ernst van het gedrag dat aanleiding vormt voor degradatie, de mate waarin inbreuk is gemaakt op de orde en de veiligheid in de inrichting dan wel op de ongestoorde tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeneming, de al dan niet opzettelijkheid van het gedrag, de duur van de eventueel opgelegde straf door de strafrechter indien hiervan sprake is en het gedrag dat de gedetineerde structureel in de detentiesituatie vertoont. 7 In afwijking van het derde lid is een tot vrijheidsstraf veroordeelde gedetineerde die niet is gedetineerd op het moment waarop de rechtelijke uitspraak onherroepelijk wordt en ten aanzien van wie geen aanhouding en plaatsing in een penitentiaire inrichting is bevolen, bij aanvang van zijn detentie gepromoveerd. 2024 38271 25-11-2024 14-11-2024 5890676 2024 38271 25-11-2024 14-11-2024 5890676 01-01-2025
Artikel 1e — Artikel 1e Uitgesloten van promotie of het plusprogramma#
Artikel 1e Uitgesloten van promotie of het plusprogramma 1 Uitgesloten van promotie of het plusprogramma zijn gedetineerden: a. tegen wie het openbaar ministerie een maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders vordert; b. artikel 19 artikel 20c die zijn geplaatst in een Justitieel Medisch Centrum als bedoeld inof in een Penitentiair Psychiatrisch Centrum als bedoeld in; c. artikel 5 artikel 6 artikel 20a die zijn geplaatst in een uitgebreid beveiligde inrichting of afdeling als bedoeld in, een extra beveiligde inrichting als bedoeld in, of een Terroristen Afdeling als bedoeld in; d. artikel 12 artikel 19 die zijn geplaatst in het Pieter Baan Centrum, als bedoeld in, en in een Justitieel Medisch Centrum, als bedoeld in; e. die gedurende de eerste acht weken van hun detentie verblijven in een regime voor arrestanten; f. die zijn geplaatst in een huis van bewaring. 2 bijlage 1 2 Gedurende een periode van zes weken voorafgaand aan het moment van indienen van het selectieadvies tot aan de daadwerkelijke overplaatsing naar de gevangenis, beoordeelt de directeur van het huis van bewaring aan de hand vanenhet gedrag van de gedetineerde. De directeur legt deze beoordeling vast in een besluit dat wordt uitgereikt aan de gedetineerde en dat wordt toegezonden aan de directeur van de gevangenis waar de gedetineerde wordt geplaatst. Indien uit de beoordeling van de directeur van het huis van bewaring volgt dat de gedetineerde gedurende de beoordelingsperiode gewenst gedrag heeft laten zien, dan wordt de gedetineerde door de directeur van de gevangenis in het plusprogramma geplaatst. 2024 38271 25-11-2024 14-11-2024 5890676 2024 38271 25-11-2024 14-11-2024 5890676 01-01-2025
Artikel 2 — Artikel 2 Beperkt beveiligde afdeling#
Artikel 2 Beperkt beveiligde afdeling 1 artikel 20a van de Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting Voor plaatsing in een beperkt beveiligde afdeling komen uitsluitend gedetineerden in aanmerking aan wie re-integratieverlof voor extramurale arbeid als bedoeld in, is verleend alsmede zelfmelders die onherroepelijk zijn veroordeeld tot een gevangenisstraf, hechtenis of vervangende hechtenis van ten hoogste zes weken. 2 artikel 20a van de Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting Een gedetineerde die wegens re-integratieverlof voor extramurale arbeid is geplaatst in een beperkt beveiligde afdeling, wordt overgeplaatst indien het re-integratieverlof voor extramurale arbeid bedoeld in, wordt ingetrokken. 3 In een afdeling voor kortgestrafte zelfmelders worden zelfmelders geplaatst die onherroepelijk zijn veroordeeld tot een gevangenisstraf, hechtenis of vervangende hechtenis van ten hoogste zes weken. 4 Op voorstel van de directeur, kan de selectiefunctionaris een zelfmelder die onherroepelijk is veroordeeld tot een gevangenisstraf, hechtenis of vervangende hechtenis van ten hoogste zes weken, overplaatsen naar een andere inrichting of afdeling, al dan niet met een ander beveiligingsniveau. 5 Artikel 1d, zevende lid , is op zelfmelders die worden geplaatst in een afdeling voor kortgestrafte zelfmelders niet van toepassing. 2025 39570 21-11-2025 13-11-2025 6826708 2025 39570 21-11-2025 13-11-2025 6826708 22-11-2025
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a Vervallen 2014 4617 20-02-2014 10-02-2014 2014 4617 20-02-2014 10-02-2014 01-03-2014
Artikel 3 — Artikel 3 Beperkt beveiligde inrichting of afdeling#
Artikel 3 Beperkt beveiligde inrichting of afdeling Vervallen 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 01-07-2021 Artikel VIII van Stcrt. 2021/28357 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging.
Artikel 4 — Artikel 4 Normaal beveiligde inrichting of afdeling#
Artikel 4 Normaal beveiligde inrichting of afdeling In normaal beveiligde inrichtingen of afdelingen kunnen gedetineerden worden geplaatst die niet in aanmerking komen voor plaatsing in een inrichting of afdeling met een ander beveiligingsniveau. 2000 176 12-09-2000 15-08-2000 5042803/00/DJI 2000 176 12-09-2000 15-08-2000 5042803/00/DJI 01-10-2000
Artikel 5 — Artikel 5 Uitgebreid beveiligde inrichting of afdeling#
Artikel 5 Uitgebreid beveiligde inrichting of afdeling In uitgebreid beveiligde inrichtingen of afdelingen kunnen gedetineerden worden geplaatst die een hoog vlucht- of maatschappelijk risico vormen. 2025 34097 09-10-2025 25-09-2025 5042441 2025 206 16-09-2025 11-09-2025 01-11-2025 Artikel III van Stcrt. 2025/340947 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Penitentiaire beginselenwet (aanvullende maatregelen tegen
georganiseerde criminaliteit tijdens detentie) in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6 Extra beveiligde inrichting#
Artikel 6 Extra beveiligde inrichting 1 In extra beveiligde inrichtingen kunnen gedetineerden worden geplaatst die: a. een extreem vluchtrisico vormen en een onaanvaardbaar maatschappelijk risico vormen in termen van recidivegevaar voor ernstige geweldsdelicten, of b. bij ontvluchting een onaanvaardbaar maatschappelijk risico vormen, waarbij het vluchtrisico als zodanig hieraan ondergeschikt is; c. een onaanvaardbaar maatschappelijk risico vormen in termen van een vermoeden van algemeen gevaar voor de openbare orde of de veiligheid van personen, wegens levensbedreigend of anderszins zeer ernstig voortgezet crimineel handelen vanuit detentie; d. een onaanvaardbaar maatschappelijk risico vormen in termen van algemeen gevaar voor de openbare orde en veiligheid van personen vanwege de aard van de verdenking, de aard van het misdrijf of de misdrijven waarvoor de gedetineerde is veroordeeld, de omstandigheden waaronder dat misdrijf of die misdrijven zouden zijn gepleegd of zijn gepleegd of de persoonlijkheid van de gedetineerde. 2 artikel 140, derde en vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht Een algemeen gevaar als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, wordt in ieder geval aangenomen indien de gedetineerde wordt verdacht van of is veroordeeld wegens deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van twaalf jaar of meer is gesteld terwijl de gedetineerde volgens de verdenking of veroordeling van die organisatie als oprichter, leider of bestuurder, als bedoeld in, moet worden aangemerkt. 2022 33928 16-12-2022 07-12-2022 4354696 2022 33928 16-12-2022 07-12-2022 4354696 17-12-2022 Artikel II van Stcrt. 2022/33928 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7 — Artikel 7 Gemeenschapsregime#
Artikel 7 Gemeenschapsregime In een gemeenschapsregime worden gedetineerden geplaatst die niet zijn geplaatst in een individueel regime. 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 01-07-2021 Artikel VIII van Stcrt. 2021/28357 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Vervallen 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 01-07-2021 Artikel VIII van Stcrt. 2021/28357 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging.
Artikel 9 — Artikel 9 Sober regime van beperkte gemeenschap#
Artikel 9 Sober regime van beperkte gemeenschap Vervallen 2004 175 13-09-2004 06-09-2004 5307896/04/DJI 2004 445 09-09-2004 07-09-2004 13-09-2004 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 9 juli 2004
tot wijziging van de Penitentiaire beginselenwet in verband met
verruiming van de mogelijkheden van meerpersoonscelgebruik (Stb.
350) in werking treedt.
Artikel 10 — Artikel 10 Extra beveiligd regime van beperkte gemeenschap#
Artikel 10 Extra beveiligd regime van beperkte gemeenschap Vervallen 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 01-07-2021 Artikel VIII van Stcrt. 2021/28357 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging.
Artikel 11 — Artikel 11 Individueel regime#
Artikel 11 Individueel regime In het individueel regime kunnen gedetineerden worden geplaatst die op grond van hun persoonlijkheid, gedrag of andere persoonlijke omstandigheden, de aard van het door hen gepleegde delict, of de aard van het delict van het plegen waarvan zij worden verdacht een ernstig beheersrisico vormen voor zichzelf of anderen en ten gevolge daarvan niet in staat dan wel ongeschikt zijn in een gemeenschapsregime te functioneren of te verblijven. 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 01-07-2021 Artikel VIII van Stcrt. 2021/28357 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging.
Artikel 11a — Artikel 11a#
Artikel 11a 1 De directeur kan een gedetineerde die in een gemeenschapsregime is geplaatst, een voor de gemeenschappelijke onderbrenging van gedetineerden bestemde verblijfsruimte toewijzen, tenzij de gedetineerde daarvoor ongeschikt wordt geacht. 2 Ongeschiktheid van een gedetineerde als bedoeld in het eerste lid kan samenhangen met: a. diens psychische gestoordheid; b. diens verslavingsproblematiek; c. diens gezondheidstoestand; d. diens gedragsproblematiek; e. de achtergrond van het door hem gepleegde delict; f. de aan hem opgelegde beperkingen. 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 2021 28357 10-06-2021 08-05-2021 3313234 01-07-2021 Artikel VIII van Stcrt. 2021/28357 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging.
Artikel 12 — Artikel 12 Pieter Baan Centrum (PBC)#
Artikel 12 Pieter Baan Centrum (PBC) 1 artikel 198 196 Wetboek van strafvordering In het Pieter Baan Centrum kunnen gedetineerden worden geplaatst ten aanzien van wie een bevel tot overbrenging ten behoeve van observatie is gegeven als bedoeld injuncto. 2 Ten behoeve van een onderzoek gericht op risicoanalyse, delictgevaarlijkheid en persoonlijkheidsontwikkeling kan een levenslanggestrafte in het Pieter Baan Centrum worden geplaatst. De onderzoeksrapportage wordt toegezonden aan de directeur van de inrichting waaruit de levenslanggestrafte is overgeplaatst. 3 artikel 4, tweede lid, van het Besluit Adviescollege levenslanggestraften Indien het onderzoek wordt verricht ten behoeve van het Adviescollege levenslanggestraften, geschiedt de in het tweede lid bedoelde plaatsing uiterlijk zes maanden voorafgaande aan het inbedoelde moment. De onderzoeksrapportage wordt toegezonden aan de secretaris van het Adviescollege levenslanggestraften. 2017 48627 31-08-2017 17-08-2017 2117970 2017 48627 31-08-2017 17-08-2017 2117970 01-09-2017
Artikel 13 — Artikel 13 Afdeling voor intensief toezicht (AIT)#
Artikel 13 Afdeling voor intensief toezicht (AIT) In de afdeling voor intensief toezicht kunnen gedetineerden worden geplaatst die: a. een hoog vluchtrisico vormen, al dan niet met behulp van derden; b. een hoog risico vormen op ernstig voortgezet crimineel handelen vanuit detentie; c. een hoog risico vormen op aanhoudende ongeoorloofde contacten met de buitenwereld met een maatschappelijk ontwrichtend karakter. 2025 34097 09-10-2025 25-09-2025 5042441 2025 206 16-09-2025 11-09-2025 01-11-2025 Artikel III van Stcrt. 2025/340947 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Penitentiaire beginselenwet (aanvullende maatregelen tegen
georganiseerde criminaliteit tijdens detentie) in werking treedt.
Artikel 14 — Artikel 14 Forensische Observatie- en Begeleidingsafdeling (FOBA)#
Artikel 14 Forensische Observatie- en Begeleidingsafdeling (FOBA) Vervallen 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 17-08-2011
Artikel 15 — Artikel 15 Individuele Begeleidingsafdelingen (IBA)#
Artikel 15 Individuele Begeleidingsafdelingen (IBA) Vervallen 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 17-08-2011
Artikel 16 — Artikel 16 Inrichtingen voor de bijzondere opvang van psychologisch onvolwassenen (JOVO)#
Artikel 16 Inrichtingen voor de bijzondere opvang van psychologisch onvolwassenen (JOVO) Vervallen 2014 4617 20-02-2014 10-02-2014 2014 4617 20-02-2014 10-02-2014 01-03-2014
Artikel 17 — Artikel 17 Inrichtingen of afdelingen voor moeders met kinderen#
Artikel 17 Inrichtingen of afdelingen voor moeders met kinderen 1 artikel 12 van de wet In de inrichtingen of afdelingen, bedoeld in, worden vrouwelijke gedetineerden geplaatst: a. ten aanzien van wie de plaatsing in het belang is van de instandhouding van de moeder- kindrelatie, b. die voldoende vaardigheden hebben om zelf verantwoordelijk te kunnen zijn voor de opvoeding van het kind, of van wie ingeschat wordt dat deze vaardigheden in voldoende mate zijn aan te leren, en c. voor wiens kind niet minstens gelijkwaardige opvangmogelijkheden gerealiseerd kunnen worden buiten de inrichting. 2 artikel 12 van de wet Voor plaatsing in de inrichtingen of afdeling, bedoeld in, komen niet in aanmerking vrouwelijke gedetineerden: a. met een strafrestant van minder dan drie maanden bij plaatsing, b. met een acute psychiatrische of psychische problematiek, c. van wie het kind op de datum van voorwaardelijke invrijheidstelling van de moeder een leeftijd heeft ouder dan de bij de bestemmingsaanwijzing van de inrichting vastgestelde maximale leeftijd van het kind, d. van wie het kind een ernstig lichamelijk of geestelijk gebrek heeft, waardoor intensieve begeleiding is vereist, of e. ten aanzien van wie de plaatsing niet in het belang van het kind is. 2014 4617 20-02-2014 10-02-2014 2014 4617 20-02-2014 10-02-2014 01-03-2014
Artikel 18 — Artikel 18 Penitentiair Selectie Centrum (PSC)#
Artikel 18 Penitentiair Selectie Centrum (PSC) Vervallen 2014 4617 20-02-2014 10-02-2014 2014 4617 20-02-2014 10-02-2014 01-03-2014
Artikel 19 — Artikel 19 Justitieel Medisch Centrum (PZ)#
Artikel 19 Justitieel Medisch Centrum (PZ) In het Justitieel Medisch Centrum kunnen gedetineerden worden geplaatst: a. die medische behandeling behoeven waarvoor opname in een ziekenhuis geïndiceerd is, b. ten aanzien van wie het vermoeden bestaat dat zij voorwerpen in hun lichaam hebben verborgen die een ernstig gevaar kunnen vormen voor de gezondheid van de gedetineerde, of c. die langdurig extra medische verzorging behoeven en ten gevolge daarvan niet of zeer moeilijk in een reguliere inrichting of afdeling kunnen verblijven. 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 17-08-2011
Artikel 20 — Artikel 20 Verslaafden Begeleidingsafdeling (VBA)#
Artikel 20 Verslaafden Begeleidingsafdeling (VBA) Vervallen 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 17-08-2011
Artikel 20a — Artikel 20a Terroristen Afdeling (TA)#
Artikel 20a Terroristen Afdeling (TA) In de Terroristen Afdeling worden gedetineerden geplaatst die: tenzij uit informatie van het GRIP of het Openbaar Ministerie voortvloeit dat plaatsing op een Terroristen Afdeling niet is geïndiceerd. a. verdacht worden van een terroristisch misdrijf; b. al dan niet onherroepelijk veroordeeld zijn wegens een terroristisch misdrijf; c. voor of tijdens hun detentie een boodschap van radicalisering verkondigen of verspreiden daaronder mede begrepen wervingsactiviteiten voor doeleinden die in strijd zijn met de openbare orde en veiligheid dan wel de orde of veiligheid in de inrichting; 2006 181 18-09-2006 15-09-2006 5441965/06/DJI 2006 181 18-09-2006 15-09-2006 5441965/06/DJI 18-09-2006
Artikel 20b — Artikel 20b Inrichtingen voor strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen#
Artikel 20b Inrichtingen voor strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen 1 artikel 8 van de Vreemdelingenwet 2000 In de inrichtingen of afdelingen voor strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen worden vreemdelingen geplaatst die geen rechtmatig verblijf hebben in Nederland in de zin vanen ten aanzien van wie voorlopige hechtenis ingevolge een bevel van gevangenneming of gevangenhouding, een vrijheidsstraf of een maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders ten uitvoer wordt gelegd. 2 De inrichtingen of afdelingen voor strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen kunnen worden onderscheiden in: a. inrichtingen of afdelingen voor gedetineerden als bedoeld in het eerste lid met een strafrestant van ten minste vier maanden; b. inrichtingen of afdelingen voor gedetineerden als bedoeld in het eerste lid met een strafrestant van minder dan vier maanden. 3 artikel 20a Plaatsing in een andere inrichting of afdeling dan bedoeld in dit artikel is in ieder geval aangewezen als het gedetineerden betreft als bedoeld in. 2013 5022 27-02-2013 20-02-2013 5742077 2013 5022 27-02-2013 20-02-2013 5742077 01-03-2013
Artikel 20c — Artikel 20c Penitentiair Psychiatrisch Centrum#
Artikel 20c Penitentiair Psychiatrisch Centrum In het Penitentiair Psychiatrisch Centrum kunnen gedetineerden worden geplaatst ten aanzien van wie: a. in verband met een psychiatrische stoornis, een persoonlijkheidsstoornis, psychosociale problematiek, verslavingsproblematiek of een verstandelijke beperking, forensische zorg is geïndiceerd; b. in verband met de vraag of forensische zorg is geïndiceerd, nadere observatie is vereist. 2009 19971 30-12-2009 09-12-2009 5589296/09/DJI 2009 19971 30-12-2009 09-12-2009 5589296/09/DJI 01-01-2010
Artikel 21 — Artikel 21 Aanwijzingen#
Artikel 21 Aanwijzingen artikel 15, vierde lid, van de wet Indien de selectiefunctionaris voornemens is van de aanwijzingen, bedoeld inaf te wijken, stelt hij het openbaar ministerie dan wel de autoriteiten die de straf of maatregel hebben opgelegd daarvan schriftelijk en gemotiveerd op de hoogte. 2000 176 12-09-2000 15-08-2000 5042803/00/DJI 2000 176 12-09-2000 15-08-2000 5042803/00/DJI 01-10-2000
Artikel 22 — Artikel 22 Risicoprofiel#
Artikel 22 Risicoprofiel 1 Ten behoeve van de eerste plaatsing van een gedetineerde, stelt de selectiefunctionaris het risicoprofiel van de gedetineerde vast. 2 Voor de bepaling van het risicoprofiel worden de volgende gegevens of indicatoren in onderlinge samenhang beschouwd: a. de kenmerken en achtergronden van het delict waarvan de gedetineerde wordt verdacht of waarvoor hij is veroordeeld, b. de gegevens over een eventuele eerdere detentie in binnen- dan wel buitenland, en c. eventueel overige beschikbare informatie waaronder de bevindingen van het GRIP na analyse van beschikbare gegevens omtrent de gedetineerde. 3 Indien het Openbaar Ministerie geen gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid om gegevens te verstrekken of indicatoren te onderbouwen, dan volstaat de selectiefunctionaris bij de bepaling van het risicoprofiel met de overige hem ter beschikking staande gegevens en daaraan gerelateerde indicatoren. 4 De selectiefunctionaris plaatst een gedetineerde, zo mogelijk, in een inrichting of afdeling met de mate van beveiliging die op grond van het risicoprofiel voor betrokkene geïndiceerd is. 5 Indien het regime dan wel de bijzondere opvang die voor de gedetineerde geïndiceerd is, niet wordt geboden in een inrichting of afdeling met het voor de gedetineerde geïndiceerde beveiligingsniveau, plaatst de selectiefunctionaris de gedetineerde in een inrichting of afdeling met een hoger beveiligingsniveau. 2025 34097 09-10-2025 25-09-2025 5042441 2025 206 16-09-2025 11-09-2025 01-11-2025 Artikel III van Stcrt. 2025/340947 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Penitentiaire beginselenwet (aanvullende maatregelen tegen
georganiseerde criminaliteit tijdens detentie) in werking treedt.
Artikel 23 — Artikel 23 Selectie-adviescommissie#
Artikel 23 Selectie-adviescommissie De divisiedirecteur IZ kan ten behoeve van de selectie van gedetineerden voor een bepaalde categorie inrichtingen of afdelingen een selectie-adviescommissie instellen. Er is in ieder geval: een selectie-adviescommissie afdeling voor intensief toezicht en extra beveiligde inrichting welke adviseert over de plaatsing in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting; artikel 6.4 van het Besluit forensische zorg een selectie-adviescommissie geestelijk gestoorde gedetineerden welke adviseert over plaatsing krachtens. 2025 34097 09-10-2025 25-09-2025 5042441 2025 206 16-09-2025 11-09-2025 01-11-2025 Artikel III van Stcrt. 2025/340947 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Penitentiaire beginselenwet (aanvullende maatregelen tegen
georganiseerde criminaliteit tijdens detentie) in werking treedt.
Artikel 24 — Artikel 24 Selectie en plaatsing van gedetineerden vóór veroordeling in eerste aanleg#
Artikel 24 Selectie en plaatsing van gedetineerden vóór veroordeling in eerste aanleg 1 De eerste plaatsing van een voorlopig gehechte gedetineerde die in afwachting is van berechting in eerste aanleg geschiedt in een huis van bewaring, bij voorkeur gelegen in of toegewezen aan het arrondissement van vervolging, tenzij er sprake is van een gedetineerde die een vlucht- of maatschappelijk risico vormt. 2 artikel 18 van de wet Op voorstel van de directeur dan wel op grond van een verzoek bedoeld in, kan de selectiefunctionaris de gedetineerde overplaatsen naar een ander huis van bewaring, al dan niet met een ander niveau van beveiliging of een ander regime. In geval van een gedetineerde die een vlucht- of maatschappelijk risico vormt, kan de selectiefunctionaris vanwege dit risico periodiek tot overplaatsing besluiten. 3 artikel 22, eerste lid Indien de overplaatsing mede gebaseerd is op het risicoprofiel, bedoeld in, beoordeelt de selectiefunctionaris of de informatie op basis waarvan het risicoprofiel is vastgesteld, nog ongewijzigd van toepassing is. Zonodig wordt het risicoprofiel aangepast aan de gewijzigde omstandigheden. 4 Indien de selectiefunctionaris voornemens is de gedetineerde te selecteren voor een inrichting of afdeling waarvoor een selectie-adviescommissie bestaat, legt de selectiefunctionaris zijn voorgenomen besluit ter advisering aan deze commissie voor. 5 In spoedeisende gevallen kan het in het vierde lid genoemde advies achterwege blijven. In dat geval spreekt de selectie-adviescommissie zich in de eerstvolgende vergadering alsnog uit over het plaatsingsbesluit. 2025 34097 09-10-2025 25-09-2025 5042441 2025 206 16-09-2025 11-09-2025 01-11-2025 Artikel III van Stcrt. 2025/340947 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Penitentiaire beginselenwet (aanvullende maatregelen tegen
georganiseerde criminaliteit tijdens detentie) in werking treedt.
Artikel 25 — Artikel 25 Selectie en plaatsing van al dan niet onherroepelijk veroordeelden#
Artikel 25 Selectie en plaatsing van al dan niet onherroepelijk veroordeelden 1 artikel 21 artikel 2 Ten aanzien van een veroordeelde, beoordeelt de selectiefunctionaris op grond van de beschikbare informatie omtrent het gedrag, de persoon en persoonlijkheidskenmerken van de veroordeelde welk regime het meest geëigend is voor de veroordeelde, alsmede of de veroordeelde voor plaatsing in een inrichting of afdeling voor bijzondere opvang in aanmerking komt. Met inachtneming van het gestelde in, plaatst de selectiefunctionaris de veroordeelde vervolgens in een inrichting of afdeling die het meest geïndiceerd is voor betrokkene. Indien de directeur voornemens is aan de selectiefunctionaris een voorstel te doen tot plaatsing van een nog niet onherroepelijk veroordeelde, dan wel van een onherroepelijk veroordeelde bij wiens vonnis een executie-indicator is afgegeven, in een beperkt beveiligde afdeling als bedoeld in, dan vraagt de directeur het Openbaar Ministerie om advies. 2 artikel 18 van de wet Op voorstel van de directeur dan wel op grond van een verzoek als bedoeld in, kan de selectiefunctionaris de gedetineerde overplaatsen naar een andere inrichting of afdeling, al dan niet met een ander beveiligingsniveau of regime. In geval van een gedetineerde die een vlucht- of maatschappelijk risico vormt, kan de selectiefunctionaris vanwege dit risico periodiek tot overplaatsing besluiten. 3 artikel 22, eerste lid Indien de plaatsing of overplaatsing van een veroordeelde mede gebaseerd is op het risicoprofiel van betrokkene, bedoeld in, beoordeelt de selectiefunctionaris of de informatie op basis waarvan het risicoprofiel is vastgesteld, nog ongewijzigd van toepassing is. Zo nodig wordt het risicoprofiel aangepast aan de gewijzigde omstandigheden. 4 Indien de selectiefunctionaris voornemens is de veroordeelde te selecteren voor een inrichting of afdeling waarvoor een selectie-adviescommissie bestaat, legt de selectiefunctionaris zijn voorgenomen besluit ter advisering aan deze commissie voor. 5 Indien het de selectie van een veroordeelde betreft met een al dan niet onherroepelijk opgelegde vrijheidsstraf van 8 jaar of meer, legt de selectiefunctionaris zijn voorgenomen besluit eerst ter advisering voor aan het Penitentiair Selectie Centrum. De selectie-adviescommissie baseert haar advies aan de selectiefunctionaris in dat geval mede op het advies van het Penitentiair Selectie Centrum. 6 In spoedeisende gevallen kunnen de in het vierde en vijfde lid genoemde adviezen achterwege blijven. In dat geval spreekt de selectie-adviescommissie zich in de eerstvolgende vergadering alsnog uit over het plaatsingsbesluit. 7 artikel 36, vierde lid, van de wet Gedetineerden die zijn veroordeeld tot een gevangenisstraf, worden in een gevangenis in het arrondissement van vestiging geplaatst tenzij een belang als bedoeld inzich daartegen verzet. Indien in het arrondissement geen gevangenis is aangewezen, dan wel geen plaats in een gevangenis in het desbetreffende arrondissement beschikbaar is, dan wordt de gedetineerde in een gevangenis in een aanpalend arrondissement geplaatst. Ten aanzien van plaatsing in een gevangenis wordt een volgorde gehanteerd, waarbij gedetineerden die verblijven in het plusprogramma, voorrang krijgen boven gedetineerden die verblijven in het basisprogramma. 8 Het zevende lid is niet van toepassing op: a. arrestanten; b. gedetineerden die een vlucht- of maatschappelijk risico vormen; c. zelfmelders die onherroepelijk zijn veroordeeld tot een gevangenisstraf, hechtenis of vervangende hechtenis van ten hoogste zes weken. 9 artikel 2 artikel 36, vierde lid, van de wet De selectiefunctionaris plaatst een zelfmelder die onherroepelijk is veroordeeld tot een gevangenisstraf, hechtenis of vervangende hechtenis van ten hoogste zes weken, in een afdeling voor kortgestrafte zelfmelders, als bedoeld in, tenzij een belang als bedoeld inzich daartegen verzet. 2025 39570 21-11-2025 13-11-2025 6826708 2025 39570 21-11-2025 13-11-2025 6826708 22-11-2025
Artikel 26 — Artikel 26 Plaatsing in een afdeling voor intensief toezicht (AIT) en een extra beveiligde inrichting (EBI)#
Artikel 26 Plaatsing in een afdeling voor intensief toezicht (AIT) en een extra beveiligde inrichting (EBI) 1 artikelen 24 25 In aanvulling op het gestelde in deenwordt ten aanzien van een plaatsing in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting het volgende proces in acht genomen: a. Alvorens het voorgenomen besluit van de selectiefunctionaris wordt voorgelegd aan de selectie-adviescommissie afdeling voor intensief toezicht en extra beveiligde inrichting wordt dit voorzien van zowel interne als externe justitiële informatie, in ieder geval van een advies van de directeur en van een GRIP-rapportage, omtrent het vlucht- en maatschappelijk risico of het risico op voortgezet crimineel handelen van betrokkene. b. De selectiefunctionaris hoort de betrokken gedetineerde alvorens een beslissing omtrent de plaatsing te nemen. De eventueel door de gedetineerde tegen de plaatsing aangevoerde argumenten worden in een verslag vastgelegd. c. Indien binnen de selectie-adviescommissie afdeling voor intensief toezicht en extra beveiligde inrichting geen consensus wordt bereikt over het advies tot plaatsing in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting, gaat de selectiefunctionaris enkel tot plaatsing in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting over met instemming van de divisiedirecteur IZ. In alle andere gevallen wordt de divisiedirecteur IZ door of namens de selectiefunctionaris geïnformeerd over de genomen beslissing. 2 Indien feiten of omstandigheden bekend zijn geworden die wijzen op een onmiddellijk dreigend ontvluchtingsgevaar of een ernstig gevaar voor personen of goederen, kan spoedshalve afgeweken worden van de in het eerste lid gestelde procedure. In dat geval spreekt de selectie-adviescommissie zich in de eerstvolgende vergadering alsnog uit over het plaatsingsbesluit. 3 De selectiefunctionaris neemt ambtshalve elke twaalf maanden een besluit omtrent de verlenging van het verblijf in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting. De eerste besluitvorming over verlenging of beëindiging van het verblijf in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting vindt plaats twaalf maanden na de plaatsing van betrokkene in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting. 4 Bij het nemen van de beslissing, bedoeld in het derde lid, wordt het volgende proces in acht genomen: a. Ten behoeve van de besluitvorming stelt de directeur van een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting elf maanden na de plaatsing dan wel laatste beslissing omtrent de verlenging van het verblijf in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting, een advies over de gedetineerde op. b. Alvorens hij het advies indient, wint de directeur beschikbare informatie over de gedetineerde in. De directeur wendt zich vervolgens ter verkrijging van externe justitiële informatie tot onder meer het GRIP en het Openbaar Ministerie, en verzamelt en analyseert de beschikbare gegevens. c. De directeur bespreekt het advies met de gedetineerde alvorens deze naar de selectiefunctionaris te verzenden. Eventuele opmerkingen van de gedetineerde worden in het advies vastgelegd. d. Indien de selectiefunctionaris overweegt de plaatsing in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting te verlengen hoort hij de gedetineerde. De eventuele door de gedetineerde aangevoerde bezwaren worden in een verslag vastgelegd. e. Indien het advies daartoe aanleiding geeft, legt de selectiefunctionaris de beschikbare informatie voor aan een psychiater. f. De selectiefunctionaris legt, de onder a tot en met c bedoelde informatie, voorzien van zijn voorgenomen besluit ter advisering voor aan de selectie-adviescommissie afdeling voor intensief toezicht en extra beveiligde inrichting. Indien binnen de selectie-adviescommissie afdeling voor intensief toezicht en extra beveiligde inrichting geen consensus wordt bereikt over het advies tot verlenging van de plaatsing in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting, gaat de selectiefunctionaris enkel tot verlenging van de plaatsing in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting over met instemming van de divisiedirecteur IZ. In alle andere gevallen worden de divisiedirecteur IZ en de divisiedirecteur GW/VB door of namens de selectiefunctionaris geïnformeerd over de genomen beslissing. 5 Een in een extra beveiligde inrichting verblijvende gedetineerde wiens strafrestant nog slechts anderhalf jaar of minder bedraagt wordt uit de extra beveiligde inrichting geplaatst, tenzij: a. er sprake is van een uitlevering of dreigende uitlevering, b. er nog immer sprake is van een onaanvaardbaar maatschappelijk risico bij ontvluchting of op voortgezet crimineel handelen, c. de gedetineerde in de voorafgaande periode van een jaar ontvlucht is, een ontvluchtingspoging heeft gedaan, zich schuldig heeft gemaakt aan voortgezet crimineel handelen of op andere wijze de orde en veiligheid in de inrichting ernstig in gevaar heeft gebracht, of d. er nog steeds valide informatie van onder meer het GRIP of het Openbaar Ministerie aanwezig is omtrent een reëel vluchtgevaar van de gedetineerde of voortgezet crimineel handelen. 6 Een in een afdeling voor intensief toezicht verblijvende gedetineerde wiens strafrestant nog slechts 6 maanden of minder bedraagt wordt uit de afdeling voor intensief toezicht geplaatst, tenzij: a. er sprake is van een uitlevering of dreigende uitlevering, b. er nog immer sprake is van een onaanvaardbaar maatschappelijk risico bij ontvluchting of op voortgezet crimineel handelen of ongeoorloofd contact, c. de gedetineerde in de voorafgaande periode van een jaar ontvlucht is, een ontvluchtingspoging heeft gedaan, zich schuldig heeft gemaakt aan voortgezet crimineel handelen of op andere wijze de orde en veiligheid in de inrichting ernstig in gevaar heeft gebracht, of d. er nog steeds valide informatie van onder meer het GRIP of het Openbaar Ministerie aanwezig is omtrent een reëel vluchtgevaar van de gedetineerde of voortgezet crimineel handelen. 7 De directeur van een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting kan in verband met nieuwe feiten de selectiefunctionaris tussentijds voorstellen de gedetineerde over te plaatsen. Ten behoeve van de besluitvorming kan de selectiefunctionaris de selectie-adviescommissie afdeling voor intensief toezicht en extra beveiligde inrichting om advies vragen. De selectiefunctionaris kan, na instemming van de divisiedirecteur IZ en de divisiedirecteur GW/VB, op basis van het vastgestelde feitenmateriaal tot overplaatsing van de betrokken gedetineerde besluiten. In dat geval wordt de selectie-adviescommissie afdeling voor intensief toezicht en extra beveiligde inrichting achteraf geïnformeerd. 2025 34097 09-10-2025 25-09-2025 5042441 2025 206 16-09-2025 11-09-2025 01-11-2025 Artikel III van Stcrt. 2025/340947 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Penitentiaire beginselenwet (aanvullende maatregelen tegen
georganiseerde criminaliteit tijdens detentie) in werking treedt.
Artikel 26a — Artikel 26a#
Artikel 26a artikel 20a onder b Een in een Terroristen Afdeling verblijvende gedetineerde als bedoeld indie eenderde deel van de aan hem onherroepelijk opgelegde vrijheidstraf of vrijheidsbenemende maatregel heeft ondergaan en wiens strafrestant tenminste vier maanden en ten hoogste één jaar bedraagt, wordt uit de Terroristen Afdeling geplaatst, tenzij: a. er sprake is van een uitlevering of dreigende uitlevering; b. er sprake is van een verhoogd maatschappelijk risico bij ontvluchting; c. er gedurende het laatste jaar van het verblijf op de Terroristen Afdeling sprake is geweest van het verkondigen of verspreiden van een boodschap van radicalisering daaronder mede begrepen wervingsactiviteiten voor doeleinden die in strijd zijn met de openbare orde en veiligheid dan wel de orde of veiligheid in de inrichting. 2006 181 18-09-2006 15-09-2006 5441965/06/DJI 2006 181 18-09-2006 15-09-2006 5441965/06/DJI 18-09-2006
Artikel 26b — Artikel 26b#
Artikel 26b art. 20a onder c De selectiefunctionaris neemt ten aanzien van gedetineerden als bedoeld inambtshalve elke twaalf maanden een besluit omtrent de verlenging van het verblijf in een Terroristen Afdeling. De eerste besluitvorming over verlenging of beëindiging van het verblijf in een Terroristen Afdeling vindt plaats twaalf maanden na de plaatsing van betrokkene in een Terroristen Afdeling. 2006 181 18-09-2006 15-09-2006 5441965/06/DJI 2006 181 18-09-2006 15-09-2006 5441965/06/DJI 18-09-2006
Artikel 27 — Artikel 27 artikel 13, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht Plaatsing van onherroepelijk veroordeelden tot een vrijheidsstraf in een justitiële inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden, met toepassing van#
Artikel 27 artikel 13, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht Plaatsing van onherroepelijk veroordeelden tot een vrijheidsstraf in een justitiële inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden, met toepassing van Vervallen 2021 45379 04-11-2021 26-10-2021 3240476 2021 45379 04-11-2021 26-10-2021 3240476 05-11-2021
Artikel 28 — Artikel 28 artikel 13, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht Plaatsing van onherroepelijk veroordeelden tot een vrijheidsstraf aan wie tevens de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege is opgelegd in een justitiële inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden, met toepassing van#
Artikel 28 artikel 13, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht Plaatsing van onherroepelijk veroordeelden tot een vrijheidsstraf aan wie tevens de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege is opgelegd in een justitiële inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden, met toepassing van Vervallen 2021 45379 04-11-2021 26-10-2021 3240476 2021 45379 04-11-2021 26-10-2021 3240476 05-11-2021
Artikel 29 — Artikel 29 artikel 44 Jaarlijkse beoordeling tijdens de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf als bedoeld invan het besluit#
Artikel 29 artikel 44 Jaarlijkse beoordeling tijdens de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf als bedoeld invan het besluit Vervallen 2021 45379 04-11-2021 26-10-2021 3240476 2021 45379 04-11-2021 26-10-2021 3240476 05-11-2021
Artikel 30 — Artikel 30 artikel 15, vijfde lid, van de wet Plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis als bedoeld in#
Artikel 30 artikel 15, vijfde lid, van de wet Plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis als bedoeld in Vervallen 2021 45379 04-11-2021 26-10-2021 3240476 2021 45379 04-11-2021 26-10-2021 3240476 05-11-2021
Artikel 31 — Artikel 31 43, derde lid, van de wet Plaatsing in een verslavingskliniek op grond van#
Artikel 31 43, derde lid, van de wet Plaatsing in een verslavingskliniek op grond van Vervallen 2021 45379 04-11-2021 26-10-2021 3240476 2021 45379 04-11-2021 26-10-2021 3240476 05-11-2021
Artikel 32 — Artikel 32 Plaatsing in het Justitieel Medisch Centrum#
Artikel 32 Plaatsing in het Justitieel Medisch Centrum 1 Indien plaatsing in het Justitieel Medisch Centrum medisch geïndiceerd is, wordt de indicatie door de medische dienst van de inrichting van verblijf schriftelijk voorgelegd aan het hoofd van de medische dienst van het Justitieel Medisch Centrum. 2 Nadat de directeur van het Justitieel Medisch Centrum de directeur van de inrichting alwaar de gedetineerde verblijft heeft gemeld dat een opname kan worden gerealiseerd, kan de directeur van de inrichting alwaar betrokkene verblijft de gedetineerde in het Justitieel Medisch Centrum plaatsen. Indien een langer verblijf in het Justitieel Medisch Centrum niet meer geïndiceerd is, plaatst de directeur van de inrichting van herkomst de gedetineerde terug in zijn inrichting. 3 artikel 19 onder a en b Indien de plaatsing in het Justitieel Medisch Centrum is gebaseerd op één van de gronden als genoemd in, blijft de gedetineerde administratief ingeschreven in de inrichting van herkomst. 4 artikel 19, onder c Indien een plaatsing in het Justitieel Medisch Centrum geïndiceerd is als bedoeld in, plaatst de selectiefunctionaris, op voorstel van de directeur van de inrichting van herkomst en de directeur van het Justitieel Medisch Centrum, de gedetineerde over naar het Justitieel Medisch Centrum. Indien een langer verblijf in het Justitieel Medisch Centrum niet langer geïndiceerd is, plaatst de selectiefunctionaris de gedetineerde, op voorstel van de directie van het Justitieel Medisch Centrum, over. 5 Indien een spoedeisende plaatsing in het Justitieel Medisch Centrum geïndiceerd is, kan, met instemming van de directeur van het Justitieel Medisch Centrum, afgeweken worden van de in dit artikel gestelde procedure. 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 17-08-2011
Artikel 33 — Artikel 33 artikel 42, vierde lid, van de wet Plaatsing in een algemeen ziekenhuis op grond van#
Artikel 33 artikel 42, vierde lid, van de wet Plaatsing in een algemeen ziekenhuis op grond van 1 De directeur gaat tot plaatsing in een algemeen ziekenhuis over indien de opname in een ziekenhuis medisch geïndiceerd en opname in het Justitieel Medisch Centrum niet mogelijk of wenselijk is. 2 Indien de plaatsing een voorlopig gehechte gedetineerde betreft, vraagt de directeur toestemming aan het Openbaar Ministerie. Ten aanzien van een onherroepelijk veroordeelde gedetineerde wordt de visie van het Openbaar Ministerie gevraagd indien op het vonnis een executie-indicator is gegeven. 3 Indien het verblijf in een ziekenhuis zonder toezicht, gelet op het vlucht- of maatschappelijk risico van betrokkene, onverantwoord is, treft de directeur maatregelen welke noodzakelijk zijn voor de bewaking van de gedetineerde. 4 De inrichting van herkomst volgt gedurende het verblijf in het ziekenhuis het behandelingsverloop en treedt als aanspreekpunt dan wel intermediair op bij eventuele bijzonderheden en incidenten. 5 Indien spoedeisende medische zorg geboden is, kan afgeweken worden van de in dit artikel gestelde procedure. 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 17-08-2011
Artikel 34 — Artikel 34 Plaatsing in de Forensische Observatie- en Begeleidingsafdeling#
Artikel 34 Plaatsing in de Forensische Observatie- en Begeleidingsafdeling Vervallen 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 2011 14766 15-08-2011 27-07-2011 5672146/10/DJI 17-08-2011
Artikel 35 — Artikel 35#
Artikel 35 De volgende regelingen worden ingetrokken: 05-11-1999, 798621/99/DJI. Wijziging criteria POI-plaatsing. 01-02-1999, 744495/99/DJI. Herziening selectie en plaatsingsprocedure gedetineerden. 16-09-1998, 713085/98/DJI. Selectie van gedetineerden behorend tot de categorie arrestant. 24-03-1998, 673100/98/DJI. Wijziging criteria HOI-plaatsing. 26-09-1997, 653291/97/DJI. De Regeling plaatsing veroordeelden gevangenisstraf en TBS. 22-08-1997, 646188/97/DJI. Herziening Selectie- en Plaatsingsprocedure extra beveiligde inrichting. 18-07-1997, 638818/97/DJI. Sober regime. 25-01-1996, 536910/96/DJI. Plaatsingsprocedure IBA's HvB. 04-08-1995, 505887/95/DJI. Selectie en (over)plaatsing van jeugdigen. 30-12-1994, 442883/94/DJI. Selectie & detentiebegeleiding langgestraften. 12-08-1994, 451672/94/DJ. Detentiefasering; overplaatsing van gedetineerden naar halfopen inrichtingen in de laatste fase van de detentie. 28-07-1993, 377359/93/DJ. Detentiefasering; overplaatsing van gedetineerden naar halfopen inrichtingen in de laatste fase van de detentie. 25-02-1993, 229622/93/DJ. 1. Dagdetentie Groningen; 2. Beleidskader dagdetentie. 14-02-1992, 017877/92/DJ. Uitbreiding van begeleiding van het experiment dagdetentie naar een aantal grotere gemeenten. 02-12-1991, 168236/91/DJ. Onderbrenging kortgestrafte volwassenen in het ressort Amsterdam - HvB Het schouw te Amsterdam. 26-09-1990, 294469 DJ 90. Herziening selectie en plaatsingsprocedure Open inrichtingen. 17-04-1990, 141139 DJ 90. Voortzetting experiment dagdetentie te Rotterdam. 12-05-1987, 214/387. Regeling begrip `werkelijke straftijd'. 18-05-1981, 331/381. Differentiatie inrichtingen voor vrouwelijke gedetineerden. 02-04-1979, 275/379. Richtlijnen voor de selectie en plaatsing van kortgestrafte jeugdigen en van kortgestrafte volwassenen. 07-06-1978, 133/378. Richtlijnen voor de selectie- en detentiebegeleiding van langgestraften en van tot gevangenisstraf veroordeelden die tevens ter beschikking van de regering zijn gesteld. 2000 176 12-09-2000 15-08-2000 5042803/00/DJI 2000 176 12-09-2000 15-08-2000 5042803/00/DJI 01-10-2000
Artikel 36 — Artikel 36 Inwerkingtreding#
Artikel 36 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking op 1 oktober 2000. 2000 176 12-09-2000 15-08-2000 5042803/00/DJI 2000 176 12-09-2000 15-08-2000 5042803/00/DJI 01-10-2000
Artikel 37 — Artikel 37 Citeertitel#
Artikel 37 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden. 2000 176 12-09-2000 15-08-2000 5042803/00/DJI 2000 176 12-09-2000 15-08-2000 5042803/00/DJI 01-10-2000