Regeling subsidiëring landinrichting
- BWB-id
- BWBR0011718
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2006-06-25 t/m 2006-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0011718
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-subsidi-ring-landinrichting
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-subsidi-ring-landinrichting/2006-06-25
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0011718&g=2006-06-25
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0011718&z=2026-06-06&g=2006-06-25
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0011718/2006-06-25
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-subsidi-ring-landinrichting
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit; b. DLG: Dienst landelijk gebied van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit; c. artikel 27 van de Landinrichtingswet landinrichtingscommissie: commissie als bedoeld in; d. artikel 4, eerste lid, van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën herinrichtingscommissie: commissie als bedoeld in; e. artikel 3 van de Reconstructiewet Midden-Delfland reconstructiecommissie: commissie als bedoeld in; f. artikel 73 van de Landinrichtingswet landinrichtingsplan: plan als bedoeld in; g. artikel 16, eerste lid, van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën herinrichtingsplan: plan als bedoeld in; h. artikel 40 van de Reconstructiewet Midden-Delfland plan van voorzieningen: plan als bedoeld in; i. artikel 11 van de Reconstructiewet concentratiegebieden reconstructieplan: plan als bedoeld in; j. artikel 131 van de Landinrichtingswet begrenzingenplan: plan als bedoeld in; k. artikel 72 van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën inventarisatieplan: plan als bedoeld in; l. artikel 69 van de Reconstructiewet Midden-Delfland plan van wegen en waterlopen: plan als bedoeld in; m. artikel 196 van de Landinrichtingswet artikel 80 van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en Gronings-Drentse Veenkoloniën artikel 76 van de Reconstructiewet Midden-Delfland artikel 62 van de Reconstructiewet concentratiegebieden plan van toedeling: plan als bedoeld in,,en; n. artikel 211 van de Landinrichtingswet artikel 109 van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën artikel 93 van de Reconstructiewet Midden-Delfland artikel 73 van de Reconstructiewet concentratiegebieden lijst der geldelijke regelingen: lijst der geldelijke regelingen als bedoeld in,,en; o. artikel 1 van de Landinrichtingswet artikel 1 van de Reconstructiewet concentratiegebieden herverkaveling: herverkaveling als bedoeld inen; p. verordening (EG) nr. 1257/1999 verordening (EG) nr. 1257/1999 :van de Raad van de Europese Unie van 17 mei 1999 betreffende steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw (EOGFL) en tot wijziging en instelling van een aantal verordeningen (PbEG L160). 2006 120 23-06-2006 12-06-2006 TRCJZ/2006/224 2006 120 23-06-2006 12-06-2006 TRCJZ/2006/224 25-06-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 verordening (EG) nr. 1257/1999 bijlage De minister kan subsidie verstrekken voor werken voorzover deze voldoen aan de voorwaarden voor cofinanciering, bedoeld in, overeenkomstig het landinrichtingsplan, het herinrichtingsplan, het plan van voorzieningen of het reconstructieplan, en het bepaalde in de in debij deze regeling opgenomen circulaires voorzover daarvan niet wordt afgeweken in deze regeling. 2006 120 23-06-2006 12-06-2006 TRCJZ/2006/224 2006 120 23-06-2006 12-06-2006 TRCJZ/2006/224 25-06-2006
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Subsidie kan worden verstrekt aan: a. iedere natuurlijke persoon of rechtspersoon die op grond van een plan van toedeling onroerende zaken krijgt toegedeeld of op grond van een begrenzingenplan, inventarisatieplan of plan van wegen en waterlopen krijgt toegewezen; b. de landinrichtingscommissie, de herinrichtingscommissie, de reconstructiecommissie, danwel gedeputeerde staten voor de uitvoering van het reconstructieplan, ten behoeve van de in onderdeel a bedoelde personen, tot de datum van de vaststelling van de lijst der geldelijke regelingen. 2006 120 23-06-2006 12-06-2006 TRCJZ/2006/224 2006 120 23-06-2006 12-06-2006 TRCJZ/2006/224 25-06-2006
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 verordening (EG) nr. 1257/1999 De subsidie bedraagt maximaal 40% van de subsidiabele kosten voorzover deze investeringen in landbouwbedrijven betreffen als bedoeld in artikel 7 van. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Als subsidiabele kosten worden in aanmerking genomen: a. de kosten van de voorbereiding van de werken voortvloeiend uit het opstellen van een plan ter uitvoering van de werken, het voorbereiden van het bestek, de aanbesteding en het daarvoor noodzakelijke onderzoek; b. de kosten van het houden van het toezicht op de uitvoering, voorzover deze het gevolg zijn van uitbesteding; c. de kosten van uitvoering van de werken als bedoeld in de artikelen 8, 10, 12, 14, 16, 18 en 20 van deze regeling; d. artikelen 10 12 14 20 de kosten van de ten behoeve van de uitvoering van de werken als bedoeld in de,,ennoodzakelijke aankoop van grond, voorzover bestaande uit de aankoopprijs en de met de aankoop verband houdende notariële kosten, exclusief verrekenbare omzetbelasting, tot maximaal 10% van de inrichtingskosten; e. de kosten van tijdelijk onderhoud tot de oplevering van de werken; f. de kosten van, voorzover aan de orde, de afvoer van grond, en de verwerking van verontreinigde grond waar geen nuttige toepassing voor is gevonden; g. de kosten van overleg, besluitvorming, voorlichting en rapportage voorzover direct voortvloeiend uit de uitvoering van werken; h. de kosten van herstel van als gevolg van de werken beschadigde gebouwen, opstallen, kabels en leidingen, de kosten van schadevergoedingen bij voorzienbare schade, gewasschade en blijvende schade, verzekeringspremies voor onvoorzienbare schade en het eigen risico indien zich deze schade voordoet. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Subsidie wordt niet verstrekt voor het voldoen aan verplichtingen die op grond van enig wettelijk voorschrift zijn voorgeschreven. 2 Niet subsidiabel op grond van deze regeling zijn: a. exploitatiekosten, waaronder begrepen de kosten van regulier beheer en onderhoud; b. kosten verbonden aan het compenseren van waardeverlies van grond of gebouwen en andere kosten als gevolg van kapitaalsverliezen of inkomensverliezen; c. accountantskosten die niet voortvloeien uit de controle en de budgetbewaking bij de uitvoering van de werken; d. de door de subsidieaanvrager verrekenbare BTW; e. kosten van werkzaamheden die tot de reguliere taken van andere overheden of van andere rechtspersonen behoren, gemaakt ter uitvoering van de werken. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikelen 9 11 13 15 17 19 21 verordening (EG) nr. 1257/1999 Geen subsidie wordt verstrekt voorzover daardoor de subsidie meer bedraagt dan op de betreffende werken betrekking hebbende percentages als bedoeld in de,,,,,en, of de subsidie meer bedraagt dan 40% van de subsidiabele kosten indien de subsidiabele kosten investeringen in landbouwbedrijven betreffen als bedoeld in artikel 7 van. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Subsidie kan worden verstrekt voor werken welke vereist zijn om de bij herverkaveling betrokken en toegedeelde gronden van gelijke aard of hoedanigheid te maken als de ingebrachte kavels, met betrekking tot: a. afrastering; b. grondverzet onder andere ten behoeve van kavelvergroting en demping van kavelsloten en greppels; c. egalisatie; d. beplantingen, en e. aanleg of verbetering van boerderijtoegangswegen. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 artikel 8, onder e De subsidie voor de in, bedoelde werken, bedraagt 40% van de subsidiabele kosten. 2 artikel 8 De subsidie voor de overige inbedoelde werken, bedraagt 65% van de subsidiabele kosten. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Subsidie kan worden verstrekt voor de volgende werken: a. aanleg, verbetering of opheffen van wegen van landbouwkundig belang; b. aanleg, verbetering of opheffen van wegen van algemeen belang voorzover die noodzakelijk zijn voor een goede inrichting van het desbetreffende gebied; c. aanleg van drainage in verband met herverkaveling; d. aanleg en verbreding van bermen en bermbeplantingen; e. aanleg van dassentunnels, wildtunnels, looprichels en vergelijkbare samenhangende voorzieningen; f. aanleg van utilitaire fietspaden; g. aanleg van veiligheidsvoorzieningen bij wijzigende verkeersstromen voorzover die noodzakelijk zijn voor een goede inrichting van het desbetreffende gebied, en h. aanleg van dammen. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 artikel 10, onder a en c De subsidie voor de inbedoelde werken, bedraagt 65% van de subsidiabele kosten. 2 artikel 10, onder b en f De subsidie voor de inbedoelde werken, bedraagt 50% van de subsidiabele kosten. 3 artikel 10, onder d, e, g en h De subsidie voor de inbedoelde werken, bedraagt 65% van de subsidiabele kosten indien het werk geschiedt in samenhang met de aanleg, verbetering of opheffing van een weg van landbouwkundig belang. 4 artikel 10, onder d tot en met h De subsidie voor de inbedoelde werken, bedraagt 50% van de subsidiabele kosten indien het werk geschiedt in samenhang met de aanleg, verbetering of opheffing van een weg van algemeen belang. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Subsidie kan worden verstrekt voor waterbeheersingswerken ten behoeve van de bescherming van natuur en ten behoeve van de landbouw, met betrekking tot: a. waterconservering door verbetering van stuwen of drempels; b. verbetering peilbeheer en waterconservering door automatisering van kunstwerken; c. dempen, riolering of beduikering van waterlopen; d. aanbrengen hydrologische scheiding tussen natuur- en landbouwgebieden; e. verlaging van het maaiveld door afgraving, en f. aanleg en verbetering van dammen, stuwen en sluizen. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 artikel 12 De subsidie voor de in, bedoelde werken, bedraagt 50% van de subsidiabele kosten. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Subsidie kan worden verstrekt voor recreatieve paden, routes en eenvoudige voorzieningen ten behoeve van de vergroting van het recreatief medegebruik van het landelijk gebied. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 artikel 14 De subsidie voor de inbedoelde werken, bedraagt 50% van de subsidiabele kosten. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Subsidie kan worden verstrekt voor de inrichting van reservaten en natuurontwikkelingsgebieden, voor de volgende werken: a. aanleg van beplantingen; b. grondverzet; c. aanpassingen waterbeheersing; d. afgravingen bovenlaag; e. sanering van wegen, en f. drainage. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 artikel 16 De subsidie voor de inbedoelde werken, bedraagt maximaal 100% van de subsidiabele kosten. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Subsidie kan worden verstrekt voor bosaanleg op niet-landbouwgronden die eigendom zijn van gemeenten, natuurlijke personen of privaatrechtelijke rechtspersonen. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 artikel 18 De subsidie voor de inbedoelde werken, bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele kosten. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Subsidie kan worden verstrekt voor de volgende werken die leiden tot de verbetering van de kwaliteit van het milieu: a. opheffen van riooloverstorten nabij natuurgebieden; b. aanleg van overloopbassins, en c. sanering van kleinschalige vervuilde bodems en vuilstorten. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 artikel 20 De subsidie voor de inbedoelde werken, bedraagt 20% van de subsidiabele kosten. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 1 verordening (EG) nr. 1257/1999 artikel 23, eerste lid artikel 23, tweede lid Voor een periode van een jaar wordt geen subsidie verleend indien de aanvrager door ernstige nalatigheid of opzettelijk een onjuiste aanvraag tot subsidieverlening of -vaststelling heeft ingediend of anderszins onjuiste gegevens heeft verstrekt op grond van een andere regeling gebaseerd op hoofdstuk IX, of indien aan de orde, hoofdstuk VIII van, of indien een verleende subsidie is ingetrokken op grond van, of een vastgestelde subsidie is ingetrokken op grond van. 2 verordening (EG) nr. 1257/1999 artikel 23, eerste lid artikel 23, tweede lid Indien de aanvrager opzettelijk een onjuiste aanvraag tot subsidieverlening of -vaststelling heeft ingediend of anderszins onjuiste gegevens heeft verstrekt op grond van een andere regeling gebaseerd op hoofdstuk IX, of indien aan de orde, hoofdstuk VIII van, of indien in geval van opzet een verleende subsidie is ingetrokken op grond van, of een vastgestelde subsidie is ingetrokken op grond van, wordt tevens geen subsidie verleend in het daaropvolgende jaar. 3 Indien de aanvrager opzettelijk een onjuiste aanvraag tot subsidieverlening heeft ingediend of anderszins onjuiste gegevens heeft verstrekt op grond van deze regeling wordt geen subsidie verleend voor het daaropvolgende jaar. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 1 verordening (EG) nr. 1257/1999 De verleende subsidie wordt voor de duur van een jaar ingetrokken indien de aanvrager door ernstige nalatigheid of opzettelijk een onjuiste aanvraag tot subsidieverlening of -vaststelling heeft ingediend of anderszins onjuiste gegevens heeft verstrekt op grond van een andere regeling gebaseerd op hoofdstuk IX, of, indien aan de orde, hoofdstuk VIII van. 2 verordening (EG) nr. 1257/1999 De vastgestelde subsidie wordt voor de duur van een jaar ingetrokken indien de aanvrager door ernstige nalatigheid of opzettelijk een onjuiste aanvraag tot subsidieverlening of -vaststelling heeft ingediend of anderszins onjuiste gegevens heeft verstrekt op grond van een andere regeling gebaseerd op hoofdstuk IX, of, indien aan de orde, hoofdstuk VIII van. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 verordening (EG) nr. 4045/1989 Richtlijn 77/435/EEG De subsidieontvanger is verplicht een overzichtelijke en deugdelijke administratie te voeren ten aanzien van de werken waar de subsidieverlening betrekking op heeft en deze te bewaren gedurende tenminste drie jaren na datum van de subsidievaststelling, conform artikel 4 vanvan de Raad van 21 december 1989 inzake de door de Lidstaten uit te voeren controles op de verrichtingen in het kader van de financieringsregeling van de afdeling Garantie van het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw en houdende intrekking van(PbEG L388). 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Met het toezicht op de naleving van deze regeling zijn belast alle daartoe aangewezen medewerkers van DLG. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 verordening (EG) nr. 1257/1999 Subsidies die vanaf 1 januari 2000 op grond van de in bijlage 1 van deze regeling opgenomen circulaires zijn aangevraagd of verstrekt en die voor cofinanciering in aanmerking komen op grond van, worden geacht te zijn aangevraagd onderscheidenlijk verstrekt op grond van deze regeling. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000
Artikel 26a — Artikel 26a#
Artikel 26a artikel 92 van de Reconstructiewet concentratiegebieden Deze regeling berust mede op. 2006 120 23-06-2006 12-06-2006 TRCJZ/2006/224 2006 120 23-06-2006 12-06-2006 TRCJZ/2006/224 25-06-2006
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 28 september 2000. Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling subsidiëring landinrichting. 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 2000 205 23-10-2000 20-10-2000 TRCJZ/2000/11940 25-10-2000 28-09-2000