Regeling toezichtskosten Wet toezicht effectenverkeer 1995
- BWB-id
- BWBR0011512
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Financiën
- Geldigheid
- 2003-12-01 t/m 2003-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0011512
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-toezichtskosten-wet-toezicht-effectenverkeer-1995
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-toezichtskosten-wet-toezicht-effectenverkeer-1995/2003-12-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0011512&g=2003-12-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0011512&z=2026-06-06&g=2003-12-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0011512/2003-12-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2000/regeling-toezichtskosten-wet-toezicht-effectenverkeer-1995
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. wet: Wet toezicht effectenverkeer 1995 de; b. besluit: Besluit toezicht effectenverkeer 1995 het; c. minister: de Minister van Financiën; d. toezichthoudende autoriteiten: 1° de Stichting Autoriteit Financiële Markten; 2° De Nederlandsche Bank N.V; e. kosten: de kosten die toezichthoudende autoriteiten maken voor de uitvoering van hun taken en de bevoegdheden op grond van de wet, daaronder begrepen hetgeen redelijkerwijs nodig is voor het opbouwen van een eigen vermogen; f. accountant: een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, die niet in dienstbetrekking staat tot de toezichthoudende autoriteit; g. inkomsten: artikel 7, eerste lid, van de wet baten uit het aanbieden of verrichten van diensten als effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder in of vanuit Nederland in de zin van. 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 01-09-2002
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De toezichthoudende autoriteiten stellen jaarlijks voor 1 november elk een begroting op van de in het daarop volgende jaar te verwachten kosten en ontvangsten, op een zodanige wijze dat de kosten structureel worden gedekt uit de ontvangsten. 2 De minister kan de wijze bepalen waarop de begroting wordt onderverdeeld. 3 De minister kan bepalen dat de toezichthoudende autoriteiten de begrotingen voor publicatie als bedoeld in het vierde lid ter toetsing aan deze regeling ieder voorleggen aan een accountant. In dat geval zenden de toezichthoudende autoriteiten een afschrift van het rapport van de accountant aan de minister. 4 De toezichthoudende autoriteiten leggen de begrotingen voor 1 december voorafgaand aan het jaar waarop zij betrekking hebben, ter goedkeuring voor aan de minister. Na goedkeuring door de minister wordt van elke begroting door de desbetreffende toezichthoudende autoriteit mededeling gedaan in de Staatscourant. 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 01-09-2002
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Overdrachtsbesluit Wet toezichteffectenverkeer 1995 Met inachtneming van de bepalingen van deze regeling brengen de toezichthoudende autoriteiten, ieder voor zover zij op grond van hetzijn belast met de uitvoering van de wet, hun kosten in rekening bij: a. artikelen 4, eerste lid 5, tweede lid 6a, vijfde lid 6c, eerste lid, van de wet aanvragers van een ontheffing als bedoeld in de,,en; b. artikel 7, eerste lid, van de wet aanvragers van een vergunning als bedoeld in; c. artikel 16, eerste lid artikel 16, vierde lid, van de wet aanvragers van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in, alsmede houders van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in; d. effecteninstellingen; e. houders van een effectenbeurs; f. artikel 22 van de wet instellingen te wier laste effecten zijn uitgegeven die zijn toegelaten tot de notering van een op grond vanerkende effectenbeurs; g. artikel 22, eerste lid, van de wet artikel 25, eerste lid van de wet aanvragers van een erkenning als bedoeld inof van een ontheffing als bedoeld in. h. bieders. 2003 231 28-11-2003 27-10-2003 2003 482 27-11-2003 18-11-2003 01-12-2003 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet actualisering en
harmonisatie financiële toezichtswetten in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 3, onder a, b en c De Stichting Autoriteit Financiële Markten brengt aan de aanvragers, bedoeld in, eenmalig een vast bedrag in rekening. De Stichting Autoriteit Financiële Markten neemt een aanvraag niet in behandeling voordat bedoeld bedrag door hem is ontvangen. 2 artikel 3, onder d artikel 11, eerste lid, van de wet De toezichthoudende autoriteiten kunnen aan effecteninstellingen, bedoeld in, voor zover zij werkzaamheden verrichten in verband met het toezicht op de naleving van de krachtensgestelde regels, eenmalig een vast bedrag in rekening brengen. 3 artikel 3, onder d artikel 10, eerste lid, van de wet artikel 21 van de wet De Stichting Autoriteit Financiële Markten brengt aan effecteninstellingen, bedoeld in, waarop een vrijstelling als bedoeld in, van toepassing is, terzake van inschrijving in het register bedoeld in, eenmalig een vast bedrag in rekening. De inschrijving vindt niet eerder plaats dan na ontvangst van bedoeld bedrag door de toezichthoudende autoriteit. 4 De Stichting Autoriteit Financiële Markten brengt aan bieders een bedrag in rekening: a. artikel 9b, tweede lid, onder a of b na het uitbrengen van de openbare mededeling, bedoeld in, van het besluit, en b. artikel 9v na het toezenden ingevolgevan het besluit, van het biedingsbericht, en c. na gestanddoening van het bod. 5 artikel 2, vierde lid De in het eerste tot en met vierde lid bedoelde bedragen worden jaarlijks na overleg met de toezichthoudende autoriteiten op basis van de ingevolge, goedgekeurde begroting door de minister vastgesteld. Van de vastgestelde bedragen wordt voor 15 augustus mededeling gedaan in de Staatscourant. 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 01-09-2002
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 7, eerste lid, van de wet Aan de in Nederland gevestigde effecteninstellingen die uitsluitend voor eigen rekening effectendiensten verrichten en waaraan een vergunning als bedoeld inis verleend wordt jaarlijks een bedrag in rekening gebracht. Dit bedrag wordt vastgesteld aan de hand van een percentage van de inkomsten van deze effecteninstellingen, gegenereerd in het jaar voorafgaande aan het begrotingsjaar. 2 artikel 7, eerste lid, van de wet Aan de in Nederland gevestigde effecteninstellingen die niet uitsluitend voor eigen rekening effectendiensten verrichten en waaraan een vergunning als bedoeld inis verleend wordt jaarlijks een bedrag in rekening gebracht. Dit bedrag bestaat uit: a. artikel 11 van de wet een bedrag voor de kosten van het toezicht op de naleving van het bij of krachtensbepaalde; en b. een bedrag dat wordt vastgesteld aan de hand van een percentage van de inkomsten van deze effecteninstellingen, gegenereerd in het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar. 3 artikel 6 van de Wet toezicht kredietwezen 1992 artikel 7, tweede lid, aanhef en onder h, van de wet Aan de kredietinstellingen waaraan een vergunning als bedoeld inis verleend, wordt, indien zij ingevolgeals effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder hun diensten aanbieden of verrichten, jaarlijks een bedrag in rekening gebracht. Dit bedrag bestaat uit: a. artikel 11 van de wet een bedrag voor de kosten van het toezicht op de naleving van het bij of krachtensbepaalde; en b. een bedrag dat wordt vastgesteld aan de hand van een percentage van de inkomsten van deze kredietinstellingen, gegenereerd in het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar. 4 artikel 31 38 van de Wet toezicht kredietwezen 1992 artikel 45 van die wet artikel 50 van die wet artikel 7, tweede lid, aanhef en onder h, van de wet Aan de kredietinstellingen die ingevolgeofin Nederland het bedrijf van kredietinstelling mogen uitoefenen, aan de financiële instellingen waaraan een verklaring van ondertoezichtstelling als bedoeld inis verleend, en aan de financiële instellingen die ingevolgewerkzaamheden in Nederland mogen uitoefenen, wordt, indien zij ingevolge, in Nederland als vermogensbeheerder of effectenbemiddelaar diensten aanbieden of verrichten, jaarlijks een bedrag in rekening gebracht. Dit bedrag bestaat uit: a. artikel 11 van de wet een bedrag voor de kosten van het toezicht op de naleving van het bij en krachtensbepaalde; en b. een bedrag dat wordt vastgesteld aan de hand van een percentage van de inkomsten van deze instellingen, gegenereerd in het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar. 5 artikel 7, eerste lid, van de wet artikel 7, tweede lid, aanhef en onder i of j, van de wet Aan de niet in Nederland gevestigde effecteninstellingen waaraan een vergunning als bedoeld inis verleend, en aan de effecteninstellingen, bedoeld in, wordt, indien zij in Nederland als vermogensbeheerder of effectenbemiddelaar diensten aanbieden of verrichten, jaarlijks een bedrag in rekening gebracht. In afwijking van het hiervoor gestelde geldt dat een buitenlandse effecteninstelling die onder adequaat toezicht staat en in of vanuit Nederland uitsluitend effectendiensten voor eigen rekening verricht, geen heffing krijgt opgelegd. Dit bedrag bestaat uit: a. artikel 11 van de wet een bedrag voor de kosten van het toezicht op de naleving van het bij en krachtensbepaalde; en b. een bedrag dat wordt vastgesteld aan de hand van een percentage van de inkomsten van deze effecteninstellingen, gegenereerd in het jaar voorgaand aan het begrotingsjaar. 6 artikel 2 De in het eerste lid, tweede lid, onder a, derde lid, onder a, vierde lid, onder a en de in het vijfde lid, onder a, bedoelde bedragen worden jaarlijks door de minister vastgesteld op basis van de inbedoelde begroting en in de Staatscourant bekend gemaakt. 7 De in het eerste lid, tweede lid, onder b, derde lid, onder b, vierde lid, onder b en vijfde lid, onder b, bedoelde bedragen zijn niet lager dan een vast te stellen minimum. 8 artikel 22, eerste lid artikel 25, eerste lid, van de wet artikelen 22, vierde lid 25, eerste lid, van de wet Aan de houders van een effectenbeurs waaraan een erkenning of ontheffing als bedoeld in, onderscheidenlijkis verleend, en aan de houders van een effectenbeurs op wie een vrijstelling als bedoeld in de, ofvan toepassing is, wordt jaarlijks een bedrag in rekening gebracht. 9 artikel 10, eerste lid, van de wet artikel 21 van de wet Aan de effecteninstellingen waarop een vrijstelling als bedoeld invan toepassing is, wordt, indien zij in het register, bedoeld in, zijn dan wel hadden moeten zijn ingeschreven, jaarlijks een bedrag in rekening gebracht. 10 artikel 22, eerste lid, van de wet Aan instellingen te wier laste effecten zijn uitgegeven die zijn toegelaten tot de notering van een op grond vanerkende effectenbeurs wordt jaarlijks een bedrag in rekening gebracht. 11 artikel 2, vierde lid De in de voorgaande leden bedoelde percentages en bedragen worden jaarlijks op basis van de ingevolge, goedgekeurde begrotingen door de minister vastgesteld. Van de vastgestelde percentages en bedragen wordt voor 15 augustus van het jaar waarop zij betrekking hebben mededeling gedaan in de Staatscourant. 12 artikel 2, vierde lid De minister kan op basis van de ingevolge, goedgekeurde begrotingen, vooruitlopend op de definitieve vaststelling van de percentages, bedoeld in het eerste tot en met het vierde lid, voorlopige percentages vaststellen. Van de vastgestelde voorlopige percentages wordt voor 1 april van het jaar waarop zij betrekking hebben mededeling gedaan in de Staatscourant. 13 Op de op grond van dit artikel in rekening te brengen bedragen kan een korting van € 12,50 worden toegepast indien automatische incasso is overeengekomen. 2003 231 28-11-2003 27-10-2003 2003 482 27-11-2003 18-11-2003 01-12-2003 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet actualisering en
harmonisatie financiële toezichtswetten in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 overdrachtsbesluit Wet toezicht effectenverkeer 1995 artikelen 4, eerste tot en met vierde lid 5 De toezichthoudende autoriteiten bepalen, ieder voor zover zij op grond van hetzijn belast met de uitvoering van de wet, de wijze en het tijdstip van de betaling van de bedragen bedoeld in de,, eerste tot en met vijfde en achtste tot en met tiende lid, 9, eerste en tweede lid, en 10. 2 artikel 5, twaalfde lid Een toezichthoudende autoriteit kan, indien, is toegepast, een bedrag in rekening brengen dat ten hoogste de helft bedraagt van het bedrag dat aan de hand van de door de minister vastgestelde voorlopige percentages op basis van de inkomsten gegenereerd in het tweede jaar voorafgaand aan de begroting, door de desbetreffende toezichthoudende autoriteit in rekening wordt gebracht. 3 artikel 5 Het bedrag, bedoeld in het tweede lid, wordt in mindering gebracht op het bedrag dat ingevolgeover het begrotingsjaar in rekening wordt gebracht. 4 De instellingen waaraan een bedrag in rekening wordt gebracht dat wordt vastgesteld aan de hand van een percentage van de inkomsten, gegenereerd in het jaar voorafgaande aan de begroting, worden door de desbetreffende toezichthoudende autoriteit in de gelegenheid gesteld opgave te doen van de omvang van hun inkomsten. Bij ontbreken van zodanige opgave, dan wel bij kennelijke onjuistheid of onvolledigheid daarvan, wordt bij de vaststelling van het in rekening te brengen bedrag uitgegaan van een door de desbetreffende toezichthoudende autoriteit geraamde omvang van deze inkomsten. 2003 102 28-05-2003 23-05-2003 FM2003-0628M 2003 102 28-05-2003 23-05-2003 FM2003-0628M 30-05-2003
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 a. artikel 5, eerste en tweede lid artikel 5, eerste en tweede lid Aan de in, bedoelde effecteninstellingen waaraan na 1 januari van het lopende begrotingsjaar een vergunning is verleend, wordt het bedrag, bedoeld in, in rekening gebracht op basis van het in dat lid bedoelde minimumbedrag naar evenredigheid van het aantal dagen in het lopende begrotingsjaar dat de betrokken instellingen in het bezit van een vergunning zijn. b. artikel 5, derde lid artikel 5, derde lid Aan de in, bedoelde kredietinstellingen, die na 1 januari van het lopende begrotingsjaar aanvangen diensten als effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder aan te bieden of te verrichten, wordt het bedrag, bedoeld in, in rekening gebracht op basis van het in dat lid bedoelde minimumbedrag naar evenredigheid van het aantal dagen van het begrotingsjaar dat de betrokken instellingen diensten als effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder aanbieden of verrichten. 2 artikel 5, vierde lid artikel 5, vierde lid Aan de in, bedoelde kredietinstellingen en financiële instellingen die na 1 januari van het lopende begrotingsjaar aanvangen in Nederland diensten als effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder aan te bieden of te verrichten, wordt het bedrag, bedoeld in, in rekening gebracht op basis van het in dat lid bedoelde minimumbedrag naar evenredigheid van het aantal dagen van het begrotingsjaar dat de betrokken instellingen diensten als effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder in Nederland aanbieden of verrichten. 3 artikel 5, vijfde lid artikel 5, vijfde lid Aan de in, bedoelde effecteninstellingen die na 1 januari van het lopende begrotingsjaar aanvangen diensten als effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder in Nederland aan te bieden of te verrichten, wordt het bedrag, bedoeld in, in rekening gebracht op basis van het in dat lid bedoelde minimumbedrag naar evenredigheid van het aantal dagen van het begrotingsjaar dat de effecteninstellingen als effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder hun diensten in Nederland aanbieden of verrichten. 4 artikel 5, negende lid artikel 5, negende lid Aan de in, bedoelde instellingen, waarop na 1 januari van het lopende begrotingsjaar een vrijstelling van toepassing is, wordt het bedrag, bedoeld in, in rekening gebracht naar evenredigheid van het aantal dagen van het begrotingsjaar dat de vrijstelling van toepassing was. 5 artikel 5, tiende lid artikel 5, tiende lid artikel 22, eerste lid, van de wet artikel 22, eerste lid, van de wet Aan de in, bedoelde instellingen, te wier laste na 1 januari van het lopende begrotingsjaar effecten zijn uitgegeven die zijn toegelaten tot de notering van een op grond van, erkende effectenbeurs, wordt het bedrag, bedoeld in, in rekening gebracht naar evenredigheid van het aantal dagen van het begrotingsjaar dat de effecten zijn toegelaten tot de notering van een op grond vanerkende effectenbeurs. 6 artikel 7, eerste lid, van de wet artikel 21 van de wet artikel 22, eerste lid, van de wet artikel 25, eerste lid, van de wet artikelen 22, vierde lid 25, eerste lid, van de wet artikel 22, eerste lid, van de wet artikel 5 Indien gedurende het begrotingsjaar een op grond vanverleende vergunning wordt ingetrokken, een inschrijving in het register, bedoeld inwordt doorgehaald, een erkenning als bedoeld inof een ontheffing als bedoeld inwordt ingetrokken, een vrijstelling als bedoeld in de, ofdan wel de notering aan een op grond vanerkende effectenbeurs niet langer van toepassing is, worden de bedragen, bedoeld inin rekening gebracht naar evenredigheid van het aantal dagen van het begrotingsjaar dat de betrokken instellingen niet in het bezit zijn of behoefden te zijn van een vergunning respectievelijk niet in het register zijn ingeschreven of behoefden te zijn ingeschreven onderscheidenlijk de erkenning, ontheffing dan wel vrijstelling niet van toepassing is. 2003 102 28-05-2003 23-05-2003 FM2003-0628M 2003 102 28-05-2003 23-05-2003 FM2003-0628M 30-05-2003
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 5, eerste tot en met derde lid Voor zover de in, bedoelde instellingen rechten en verplichtingen uit of krachtens overeenkomsten van effectenbemiddeling of vermogensbeheer hebben overgenomen van een instelling die gedurende het voorafgaande jaar van de begroting heeft opgehouden het effectenbedrijf uit te oefenen, worden de inkomsten van de laatstbedoelde instelling uit deze overeenkomsten toegerekend aan de overnemende instelling. 2003 102 28-05-2003 23-05-2003 FM2003-0628M 2003 102 28-05-2003 23-05-2003 FM2003-0628M 30-05-2003
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 artikel 40, zesde lid, van de wet artikel 22, eerste lid, van de wet artikel 25, eerste lid, van de wet artikel 3 onderdeel g De Stichting Autoriteit Financiële Markten brengt de kosten die worden gemaakt voor de advisering, bedoeld in, terzake van een erkenning als bedoeld in, of terzake van een ontheffing als bedoeld in, op basis van een uurtarief in rekening bij de aanvragers bedoeld in. 2 De Stichting Autoriteit Financiële Markten kan, alvorens zijn advies uit te brengen, een voorschot in rekening brengen bij de in het eerste lid bedoelde aanvrager. 3 artikel 2, vierde lid Het in het eerste lid bedoelde uurtarief wordt jaarlijks na overleg met de Stichting Autoriteit Financiële Markten op basis van de ingevolge, goedgekeurde begroting door de minister vastgesteld. Van het vastgestelde uurtarief wordt voor 15 augustus, mededeling gedaan in de Staatscourant. 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 01-09-2002
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 28, vierde lid, onderdeel a, van de wet De Stichting Autoriteit Financiële Markten kan de kosten die zij maakt bij de toepassing van, voor zover deze betrekking hebben op de in dat artikel bedoelde effecteninstellingen, bij die effecteninstellingen in rekening brengen. 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 01-09-2002
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 De toezichthoudende autoriteiten doen jaarlijks voor 1 mei in de Staatscourant mededeling van een staat van de werkelijke kosten en ontvangsten over het afgelopen jaar. 2 De in het eerste lid bedoelde staten worden voorafgaand aan de publicatie door een accountant gecontroleerd. 3 De toezichthoudende autoriteiten zenden de in het eerste lid bedoelde staat en de verklaring van de in het tweede lid bedoelde accountant gelijktijdig met het in artikel 40, vijfde lid, van de wet bedoelde verslag aan de minister. 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 2002 165 29-08-2002 27-08-2002 FM2002-01175M 01-09-2002
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Het resultaat in enig begrotingsjaar, na aftrek van toevoegingen aan eventuele bestemmingsreserves, wordt verrekend met de begroting van het tweede jaar volgend op het begrotingsjaar. 2001 64 30-03-2001 28-03-2001 FM2001/493-M 2001 64 30-03-2001 28-03-2001 FM2001/493-M 01-04-2001 De artikelen 5 en 7 werken terug tot en met 1 januari 2001
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Wet toezicht effectenverkeer 1995 Bedragen, in rekening gebracht ingevolge de Regeling kostenverhaal Wet toezicht effectenverkeer en de Kostenregeling, blijven verschuldigd overeenkomstig die regeling. 2000 137 19-07-2000 18-07-2000 BGW2000/1320-M 2000 137 19-07-2000 18-07-2000 BGW2000/1320-M 15-08-2000
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Wet toezicht effectenverkeer 1995 De Kostenregelingwordt ingetrokken. 2000 137 19-07-2000 18-07-2000 BGW2000/1320-M 2000 137 19-07-2000 18-07-2000 BGW2000/1320-M 15-08-2000
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Deze regeling treedt in werking met ingang van 15 augustus 2000. 2000 137 19-07-2000 18-07-2000 BGW2000/1320-M 2000 137 19-07-2000 18-07-2000 BGW2000/1320-M 15-08-2000
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling toezichtskosten Wet toezicht effectenverkeer 1995. 2000 137 19-07-2000 18-07-2000 BGW2000/1320-M 2000 137 19-07-2000 18-07-2000 BGW2000/1320-M 15-08-2000