Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Reinigingsagenten Dienst Binnenstad Amsterdam 2001
- BWB-id
- BWBR0012710
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2001-10-01 t/m 2003-06-04
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0012710
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-reinigingsagenten-d
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-reinigingsagenten-d/2001-10-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0012710&g=2001-10-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0012710&z=2026-06-06&g=2001-10-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0012710/2001-10-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-reinigingsagenten-d
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel 2 In dit besluit wordt verstaan onder de buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar bedoeld in. 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 01-10-2001
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De personen werkzaam bij de reinigingspolitie van de afdeling Reiniging van de Dienst Binnenstad van de gemeente Amsterdam, die de functie vervullen van reinigingsagent, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar. 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 01-10-2001
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd tot de opsporing van feiten strafbaar gesteld bij of krachtens: a. Wet milieubeheer Wet verontreiniging oppervlaktewateren Wet bodembescherming de; de; de; b. de Algemene Plaatselijke Verordening van de in het tweede lid genoemde gemeente en/of andere (provinciale) verordeningen, voor zover betrokkene voor voornoemde verordeningen door het bevoegd bestuursorgaan daartoe is aangewezen; c. artikelen 179 180 181 182 184 185 285 424 425 435, onder 4 van het Wetboek van Strafrecht de,,,,,,,,, en; d. andere strafbare feiten, indien en voor zover de buitengewoon opsporingsambtenaar daarmee in een concreet opsporingsonderzoek is belast, voor de duur van dat onderzoek; e. Wet op de economische delicten de, voor zover het feiten betreft waarvoor in dit besluit en binnen de op grond van dit besluit uit te vaardigen “akten” opsporingsbevoegdheid is verleend. 2 artikel 1 De buitengewoon opsporingsambtenaar, bedoeld in, is tevens bevoegd tot het opsporen van de feiten strafbaar gesteld bij of krachtens andere wetten, indien en voor zover hij daarmee in een concreet opsporingsonderzoek door een officier van justitie wordt belast, voor de duur van dat onderzoek. 3 De opsporingsbevoegdheid geldt voor het grondgebied van de gemeente Amsterdam. 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 01-10-2001
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Het College van procureurs-generaal is bevoegd tot de beëdiging van de buitengewoon opsporingsambtenaar. 2 Op grond van dit besluit kunnen maximaal 20 personen als buitengewoon opsporingsambtenaar worden beëdigd. 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 01-10-2001
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de hoofdofficier van justitie bij het arrondissementsparket te Amsterdam. 2 Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van de politieregio Amsterdam-Amstelland. 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 01-10-2001
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 3, eerste lid artikel 8, eerste lid, van de Politiewet 1993 hoofdstuk 7 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke Marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd bij de opsporing van de in, genoemde strafbare feiten gebruik te maken van de bevoegdheden, bedoeld in. Hij gedraagt zich overeenkomstig het bepaalde in. 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 01-10-2001
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De directeur van de Dienst Binnenstad van de gemeente Amsterdam brengt jaarlijks, voor 1 april, over het jaar daaraan voorafgaand aan de Minister van Justitie verslag uit over: a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was binnen de dienst; b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten; c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd. 2 Dit verslag dient te worden toegezonden aan de toezichthouder en de direct toezichthouder, als bedoeld in artikel 5 van dit besluit, alsmede aan het Ministerie van Justitie, directie Bestuurszaken, afd. IBB/BOA, Postbus 20300, 2500 EH Den Haag. 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 01-10-2001
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 oktober 2001 en vervalt op 1 oktober 2006. 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 01-10-2001
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Reinigingsagenten Dienst Binnenstad Amsterdam 2001. 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 2001 147 02-08-2001 19-07-2001 5110847/DBZ/01 01-10-2001