Regeling van de Minister voor Grote Steden- en Integratiebeleid van 7 september 2001, houdende regels in verband met de verstrekking van reisdocumenten door de Minister van Buitenlandse Zaken en de hoofden van de door hem aangewezen consulaire posten in het buitenland
- BWB-id
- BWBR0012810
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-04-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0012810
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/paspoortuitvoeringsregeling-buitenland-2001
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/paspoortuitvoeringsregeling-buitenland-2001/2026-04-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0012810&g=2026-04-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0012810&z=2026-06-06&g=2026-04-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0012810/2026-04-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/paspoortuitvoeringsregeling-buitenland-2001
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. de wet: Paspoortwet de; b. aanvraag, weigering, verstrekking, uitreiking, houder, wijziging, inhouding, vervallen of vervallenverklaring en vermissing: artikel 1, eerste lid, van de wet hetgeen ingevolgedaaronder wordt verstaan; c. aanvrager: artikel 1, onder a, van de wet degene die een aanvraag als bedoeld inindient of op wie een dergelijke aanvraag betrekking heeft; d. register paspoortsignaleringen: artikel 25, derde lid, van de wet het register, bedoeld in; e. signalerende autoriteit: artikelen 18 tot en met 24 van de wet artikel 25 van de wet de autoriteit, bedoeld in de, die op grond vaneen verzoek tot weigering of vervallenverklaring heeft ingediend; f. basisadministratie: artikel 2 van de Wet basisadministraties persoonsgegevens BES de basisregistratie personen, dan wel een basisadministratie als bedoeld in, dan wel een bij Landsverordening van Aruba, Curaçao of Sint Maarten ingestelde bevolkingsadministratie; g. basisregister reisdocumenten: artikel 4c van de wet het register, bedoeld in; h. aanvraagsysteem reisdocumenten: het geheel van apparatuur, programmatuur, opslagmedia en overige materialen, waarvan door de bevoegde autoriteit gebruik wordt gemaakt bij de aanvraag, verstrekking, uitreiking en registratie van reisdocumenten; i. reisdocumentenstation: de door de leverancier beschikbaar gestelde apparatuur en programmatuur, waarin gegevens met betrekking tot aangevraagde en uitgereikte reisdocumenten worden verwerkt en gearchiveerd en waarmee de gegevensuitwisseling tussen de bevoegde autoriteit en de leverancier plaatsvindt (reisdocumentenaanvraag- en archiefstation); j. reisdocumentenadministratie: de in het reisdocumentenstation en op andere wijze bij de bevoegde autoriteit opgeslagen gegevens met betrekking tot aangevraagde en uitgereikte reisdocumenten; k. reisdocumentenmodule: de apparatuur en programmatuur, waarmee de bevoegde autoriteit bij de aanvraag en uitreiking gegevens uitwisselt met het reisdocumentenstation en de basisadministratie; l. standaardclausule: bijlage A van deze regeling een clausule, waarvan de tekst inis opgenomen en die door de leverancier dan wel de bevoegde autoriteit in het reisdocument wordt aangebracht; m. aanvraag-informatieformulier: een door de Minister van Buitenlandse Zaken voorgeschreven formulier, dat bestemd is voor het opmaken van een aanvraag voor een reisdocument; n. openbaar lichaam: openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba; o. aanvraagnummer: het nummer dat voorgedrukt is op het foto- en handtekeningformulier; p. administratienummer: artikel 4.9 van de Wet basisregistratie personen artikelen 10 11 van de Wet basisadministraties persoonsgegevens BES het administratienummer, bedoeld in, dan wel in deen; q. vervallen; r. vervallen; s. identificatiekaart: artikel 88 een document als bedoeld in, waarmee op elektronische wijze toegang kan worden verkregen tot het reisdocumentenstation en de daarin opgeslagen programmatuur en gegevens; t. leverancier: een bedrijf dat in opdracht van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties belast is met het verrichten van een of meerdere diensten die verband houden met de verstrekking van reisdocumenten; u. distributeur: het bedrijf dat zorg draagt voor de distributie van reisdocumenten, identificatiekaarten en overige materialen die door de leverancier worden geleverd; v. uitgiftelocatie: de locatie bij een bevoegde autoriteit waar de aanvragen aan de leverancier worden verzonden en de documenten en overige materialen door de distributeur worden afgeleverd; w. vervallen; x. verblijfsdocument: Vreemdelingenwet 2000 Wet toelating en uitzetting BES een document waaruit het verblijfsrecht van de vreemdeling ingevolge de, deof de Landsverordening Toelating en Uitzetting van Aruba, Curaçao of Sint Maarten blijkt; y. aanvraagstation: de door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangewezen apparatuur en programmatuur voor het ondersteunen van het aanvraag- en uitgifteproces van reisdocumenten; z. foto- en handtekeningenformulier: artikel 51, eerste en tweede lid het daartoe door de leverancier beschikbaar gestelde formulier dat bestemd is voor het opnemen van de foto en de handtekening, bedoeld in; aa. Aanvraagstationlocatie: artikel 91 de locatie waar de bevoegde autoriteit met inachtneming vanéén of meerdere aanvraagstations heeft geplaatst; bb. mobiel vingerafdrukopname-apparaat: de door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangewezen mobiele apparatuur en bijbehorende programmatuur voor het opnemen van vingerafdrukken; cc. ingezetene: artikel 1.1, onderdeel f, van de Wet basisregistratie personen artikel 1, onderdeel h, van de Wet basisadministraties persoonsgegevens BES een ingezetene als bedoeld in, dan wel, dan wel de Landsverordening van Aruba, Curaçao of Sint Maarten waarbij de bevolkingsadministratie is ingesteld; dd. besluit: Paspoortbesluit ; ee. register vermiste of vervallen reisdocumenten: artikel 4a van de wet het register, bedoeld in. 2 Deze regeling is van toepassing op de verstrekking van reisdocumenten door de Minister van Buitenlandse Zaken. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2, eerste lid, onder b en c, van de wet Met betrekking tot de inbedoelde reisdocumenten worden van de volgende documenten in deze regeling de navolgende modellen vastgesteld: a. bijlage M diplomatiek paspoort: model diplomatiek paspoort, dat is opgenomen inbij deze regeling; b. bijlage N dienstpaspoort: model dienstpaspoort en model nationaal paspoort voorzien van standaardclausule IX, dat is opgenomen inbij deze regeling. 2 artikel 2, eerste lid, onder f, van de wet bijlage O Met betrekking tot het inbedoelde nooddocument wordt in deze regeling het model laissez-passer vastgesteld, dat is opgenomen inbij deze regeling. 3 In de modellen, genoemd in het eerste lid, is een machineleesbare strook en een door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ondertekende chip opgenomen. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 3aa — Artikel 3aa Statusgegevens reisdocumenten#
Artikel 3aa Statusgegevens reisdocumenten Gegevens die betrekking hebben op de status van een reisdocument zijn: a. in aanvraag; b. geldig; c. ongeldig, met inbegrip van de reden van ongeldigheid; d. definitief aan het verkeer onttrokken. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 3ab — Artikel 3ab Statusgegevens reisdocument als publiek identificatiemiddel#
Artikel 3ab Statusgegevens reisdocument als publiek identificatiemiddel Gegevens die betrekking hebben op de status van het reisdocument als publiek identificatiemiddel zijn: a. uitgereikt; b. geactiveerd; c. geblokkeerd; d. ingetrokken. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 3ac — Artikel 3ac Aanleveren gegevens#
Artikel 3ac Aanleveren gegevens Degene die op grond van deze regeling gegevens verstrekt ten behoeve van de reisdocumentenadministratie, het register vermiste of vervallen reisdocumenten of de basisadministratie, verstrekt deze gegevens, met uitzondering van vingerafdrukken, gezichtsopname en handtekening, eveneens aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ten behoeve van het basisregister reisdocumenten. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 3ad — Artikel 3ad Beheer, beveiliging en betrouwbaarheid#
Artikel 3ad Beheer, beveiliging en betrouwbaarheid 1 Teneinde de veiligheid en betrouwbaarheid van het basisregister reisdocumenten te waarborgen, neemt de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties passende maatregelen om inbreuken op en aantastingen van de beveiliging en de processen van het register te voorkomen. Hierbij wordt in ieder geval voldaan aan: a. de open normen en standaarden op de ‘pas-toe-of-leg-uit-lijst’ van het Forum Standaardisatie; b. de Baseline Informatiebeveiliging Overheid; en c. de Voorschriften Informatiebeveiliging Rijksdienst. 2 De in het eerste lid bedoelde maatregelen worden getroffen en onderhouden op basis van daartoe na een risicoanalyse vastgestelde informatiebeveiligingsplannen. 3 Teneinde maatregelen te kunnen aanpassen en doorontwikkeling mogelijk te maken, wordt voor het register of onderdelen daarvan onderhoud gepleegd. Hiertoe kunnen, na voorafgaande bekendmaking, het register of onderdelen daarvan tijdelijk buiten gebruik worden gesteld. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 4 — Artikel 4 Vestigingsplaats van het register#
Artikel 4 Vestigingsplaats van het register Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 5 — Artikel 5 Administratie van kennisgevingen uit het register#
Artikel 5 Administratie van kennisgevingen uit het register 1 artikel 25, vierde en vijfde lid, van de wet de wet De tot verstrekking dan wel inhouding bevoegde autoriteiten dragen er zorg voor dat de administratie, bedoeld in, te allen tijde de naam, voornamen, geboortedatum en geboorteplaats bevat van de personen ten aanzien van wie zij op grond vanbevoegd zijn tot verstrekking dan wel inhouding. 2 De in het eerste lid bedoelde administratie is op naam toegankelijk en kan desgewenst worden gevoerd door het bewaren en raadplegen van de regelmatig toegezonden signaleringslijst en de tussentijdse aanvullingen daarop. 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 01-10-2001
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 7 — Artikel 7 Het hoofd van de post#
Artikel 7 Het hoofd van de post Vervallen 2007 136 18-07-2007 08-06-2007 BPR2007/N54583(1) 2007 136 18-07-2007 08-06-2007 BPR2007/N54583(1) 20-07-2007
Artikel 8 — Artikel 8 Heffing en kwijtschelding van rechten#
Artikel 8 Heffing en kwijtschelding van rechten Besluit paspoortgelden De Minister van Buitenlandse Zaken is ten aanzien van de aanvragen die hij in ontvangst neemt, bevoegd tot heffing van rechten, dan wel tot het verlenen van gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van rechten als bedoeld in het. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 8a — Artikel 8a#
Artikel 8a artikel 16a, eerste lid, van de wet Alle landen buiten de Europese Unie worden aangewezen als landen buiten de Europese Unie waar een daar woonachtige Nederlander binnen de grenzen van de wet recht heeft op de verstrekking van een Nederlandse identiteitskaart, bedoeld in. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 01-01-2017 Voorheen art. 5a.
Artikel 8b — Artikel 8b Gekwalificeerd personeel#
Artikel 8b Gekwalificeerd personeel Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 9 — Artikel 9 Vaststelling van het Nederlanderschap#
Artikel 9 Vaststelling van het Nederlanderschap Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 10 — Artikel 10 Geldigheid#
Artikel 10 Geldigheid Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 11 — Artikel 11 Gebruik van het modelformulier#
Artikel 11 Gebruik van het modelformulier 1 Bij de aanvraag van een reisdocument voor vluchtelingen, dan wel een reisdocument voor vreemdelingen wordt gebruik gemaakt van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier. 2 Een in het eerste lid bedoeld formulier kan worden verstrekt nadat daartoe een verzoek is gedaan door de Minister van Buitenlandse Zaken, onder vermelding van de personalia van de aanvrager en de reden van de aanvraag. 3 In het formulier worden naast de geslachtsnaam, voornamen, geboortedatum en geboorteplaats van de aanvrager de navolgende gegevens vermeld: I. met betrekking tot de nationaliteit: a. welke nationaliteit de aanvrager bezit, dan wel b. door welke oorzaak de aanvrager zonder of van onbekende nationaliteit is, dan wel c. op grond van welke wettelijke regeling of administratieve beslissing de aanvrager zijn nationaliteit heeft verloren; II. met betrekking tot de (gewezen) echtgenoot, echtgenote of geregistreerd partner: de geslachtsnaam, voornamen, geboortedatum, geboorteplaats, nationaliteit en burgerlijke staat van de echtgenoot, echtgenote of geregistreerd partner, dan wel laatste gewezen echtgenoot, echtgenote of geregistreerd partner, alsmede het bezit van een verblijfsdocument met vermelding van het verblijfsrecht, het documentnummer en de geldigheidsduur van het document indien de betrokkene niet het Nederlanderschap bezit; III. met betrekking tot de binnenkomst in het Europese dan wel Caribische deel van Nederland: a. de datum van binnenkomst van de aanvrager; b. het land van waar de aanvrager voor binnenkomst laatstelijk was vertrokken of het deel van Nederland, indien de aanvrager voor binnenkomst laatstelijk was vertrokken uit het Europese dan wel Caribische deel van Nederland; c. de gemeente dan wel het openbaar lichaam waarvan de aanvrager bij binnenkomst voor het eerst ingezetene werd; d. het documentnummer, de geldigheidsduur, alsmede de datum en autoriteit van vertrekking van het reisdocument waarover de aanvrager bij binnenkomst beschikte; IV. met betrekking tot het rechtmatig verblijf van de aanvrager in het Europese dan wel Caribische deel van Nederland: a. de in de basisadministratie opgenomen gegevens over het verblijfsrecht van de aanvrager; b. het door de aanvrager ter inzage overgelegde verblijfsdocument met vermelding van het verblijfsrecht, het documentnummer en de geldigheidsduur van het document, dan wel de reden waarom geen geldig verblijfsdocument ter inzage kan worden overgelegd; c. de datum van vertrek en de gemeente dan wel het openbaar lichaam waarvan betrokkene ingezetene is of laatstelijk ingezetene was; d. de reden van het buitenlands verblijf of van het verblijf in het andere deel van Nederland, indien de aanvrager in het Europese dan wel het Caribische deel van Nederland verblijft. 4 De daartoe aangewezen ambtenaar voorziet het formulier op de bestemde plaats van zijn handtekening en zendt het, vergezeld van (foto)kopieën van de in het bezit van de aanvrager zijnde reisdocumenten, dan wel van de reisdocumenten waarin hij staat bijgeschreven (met alle bestempelde visumbladzijden), alsmede van het verblijfsdocument aan de Minister van Buitenlandse Zaken. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 12 — Artikel 12 Opmerkingen van de Nederlandse Minister van Justitie#
Artikel 12 Opmerkingen van de Nederlandse Minister van Justitie 1 Het formulier en de eventuele overgelegde bewijsstukken worden door de Minister van Buitenlandse Zaken doorgezonden aan de Nederlandse Minister van Justitie in wiens vreemdelingenadministratie de aanvrager ten tijde van de aanvraag is opgenomen. 2 In het formulier worden de navolgende gegevens die over de aanvrager in de vreemdelingenadministratie zijn opgenomen, vermeld: a. geslachtsnaam, voornamen, geboortedatum, geboorteplaats en nationaliteit; b. de datum sedert welke de aanvrager in de vreemdelingenadministratie is ingeschreven; c. het verblijfsrecht van de aanvrager met de datum waarop dit eindigt; d. het aan de aanvrager verstrekte verblijfsdocument met vermelding van het documentnummer en de geldigheidsduur, dan wel de reden waarom de aanvrager niet in aanmerking komt voor een verblijfsdocument. 3 artikel 11 In het formulier wordt tevens vermeld of en zo ja, op welke punten de ingevolgevermelde gegevens afwijken van de gegevens die omtrent de aanvrager in de vreemdelingenadministratie zijn opgenomen. 4 artikel 14 van de wet Indien de aanvraag betrekking heeft op een reisdocument voor vreemdelingen als bedoeld inen tegen het verlenen daarvan op verblijfsrechtelijke gronden bedenkingen bestaan, vermeldt de Nederlandse Minister van Justitie als bedenkingen: a. de aanvrager dient in het bezit te zijn van een geldig reisdocument voor grensoverschrijding, verstrekt door de autoriteiten van een ander land, dan wel b. de verblijfstitel van de aanvrager zal niet meer worden verlengd, dan wel c. de verblijfstitel van de aanvrager is of zal vervallen, dan wel d. andere bedenkingen. 5 De daartoe aangewezen ambtenaar voorziet het formulier op de bestemde plaats van zijn handtekening. 6 De Nederlandse Minister van Justitie zendt het formulier terug aan de Minister van Buitenlandse Zaken. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 13 — Artikel 13 artikel 11 13 van de wet Vaststelling aanspraken op reisdocumenten als bedoeld inen#
Artikel 13 artikel 11 13 van de wet Vaststelling aanspraken op reisdocumenten als bedoeld inen Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 14 — Artikel 14 artikel 14 van de wet Vaststelling aanspraken op reisdocumenten als bedoeld in#
Artikel 14 artikel 14 van de wet Vaststelling aanspraken op reisdocumenten als bedoeld in 1 artikel 14 van de wet artikel 11 Indien de aanvraag betrekking heeft op een reisdocument als bedoeld inworden in het formulier naast de gegevens, bedoeld in, nog de navolgende gegevens vermeld: a. de reden waarom de aanvrager geen reisdocument van een ander land kan verkrijgen, dan wel b. de reden waarom van de aanvrager niet kan worden gevergd, dat hij een reisdocument van een ander land aanvraagt, dan wel c. indien de aanvrager een verzoek om naturalisatie tot Nederlander heeft ingediend, op welke datum dit is geschied, in welk stadium de procedure zich bevindt en wat het daarop betrekking hebbende behandelingsnummer van het ministerie van Justitie is. 2 artikel 14 van de wet artikel 14 20 van de Vreemdelingenwet 2000 Wet toelating en uitzetting BES De vaststelling van de aanspraak op een reisdocument voor vreemdelingen als bedoeld ingeschiedt aan de hand van het door de aanvrager overgelegde verblijfsdocument, waaruit diens verblijfsrecht ingevolgeof, dan wel ingevolge de, en diens nationaliteit blijkt, alsmede op grond van de gegevens die in het formulier zijn opgenomen. 2010 15134 06-10-2010 16-09-2010 2010-0000607084 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking op het tijstip waarop artikel 1.1.van de Rijkswet aanpassing rijkswetten aan de oprichting van de nieuwe landen in werking treedt.
Artikel 15 — Artikel 15 artikelen 11 13 14 van de wet Beslissing inzake de aanspraak op een reisdocument als bedoeld in de,of#
Artikel 15 artikelen 11 13 14 van de wet Beslissing inzake de aanspraak op een reisdocument als bedoeld in de,of 1 Indien de in de basisadministratie opgenomen gegevens afwijken van de gegevens die omtrent de aanvrager in zijn verblijfsdocument of in de vreemdelingenadministratie zijn opgenomen dan wel anderszins onzekerheid bestaat over deze gegevens, wordt daarnaar een gericht onderzoek ingesteld. 2 De Minister van Buitenlandse Zaken vermeldt in het formulier zijn beslissing met betrekking tot de aanspraak van de aanvrager op het aangevraagde reisdocument. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 16 — Artikel 16 artikel 12 15, tweede lid, van de wet Reisdocumenten als bedoeld inen#
Artikel 16 artikel 12 15, tweede lid, van de wet Reisdocumenten als bedoeld inen 1 artikel 12 15, tweede lid, van de wet artikel 11, derde lid 14, eerste lid Indien de aanvraag betrekking heeft op een reisdocument als bedoeld inofworden in het formulier naast de gegevens, bedoeld inen, de navolgende gegevens vermeld: a. Vreemdelingenwet 2000 Wet toelating en uitzetting BES het door de aanvrager overgelegde document, waaruit diens verblijfsrecht ingevolge de, dan wel de, en diens nationaliteit blijkt; b. het doel waarvoor de aanvrager het gevraagde reisdocument nodig heeft; c. het land van bestemming of het andere deel van Nederland indien de aanvrager zich naar het Europese dan wel het Caribische deel van Nederland wenst te begeven. 2 artikelen 11, vierde en vijfde lid 12 15 De,enzijn van overeenkomstige toepassing. 2010 15134 06-10-2010 16-09-2010 2010-0000607084 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking op het tijstip waarop artikel 1.1.van de Rijkswet aanpassing rijkswetten aan de oprichting van de nieuwe landen in werking treedt.
Artikel 17 — Artikel 17 Gebruik van een informatieformulier#
Artikel 17 Gebruik van een informatieformulier 1 artikel 35 Bij de aanvraag van een reisdocument voor vluchtelingen, dan wel een reisdocument voor vreemdelingen wordt gebruik gemaakt van een daartoe bestemd informatieformulier. Dit kan een aanvraag-informatieformulier zijn als bedoeld in. 2 artikelen 11, derde lid 14, eerste lid 16, eerste lid Het invullen van het formulier, bedoeld in het eerste lid, geschiedt zoveel mogelijk overeenkomstig de,en. 3 Artikel 11, vierde en vijfde lid , is van overeenkomstige toepassing. 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 01-10-2001
Artikel 18 — Artikel 18 Vaststelling aanspraken op een reisdocument#
Artikel 18 Vaststelling aanspraken op een reisdocument 1 Het informatieformulier en de eventuele overgelegde bewijsstukken worden door tussenkomst van de Minister van Buitenlandse Zaken doorgezonden aan de Gouverneur van Aruba, Curaçao of Sint Maarten. 2 De Gouverneur vermeldt in het formulier of, en zo ja welke bedenkingen bestaan tegen verstrekking van het aangevraagde reisdocument. 3 artikel 12 14 van de wet Indien de aanvraag betrekking heeft op een reisdocument als bedoeld inofgaat de Gouverneur niet over tot de in het tweede lid bedoelde vermelding in het formulier alvorens hij het advies van de Minister van Buitenlandse Zaken over de desbetreffende aanvraag heeft ingewonnen. 4 Behoudens het bepaalde in het vijfde lid zendt de Gouverneur het formulier aan het hoofd van de post waar de aanvraag is ingediend. 5 artikel 15, tweede lid, van de wet Indien de aanvraag betrekking heeft op een reisdocument voor vreemdelingen als bedoeld inzendt de Gouverneur het formulier aan de Minister van Buitenlandse Zaken die daarin vermeldt of en zo ja, welke bedenkingen hij heeft tegen de verstrekking van het aangevraagde reisdocument en het formulier doorstuurt aan het hoofd van de post waar de aanvraag is ingediend. 2010 15134 06-10-2010 16-09-2010 2010-0000607084 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking op het tijstip waarop artikel 1.1.van de Rijkswet aanpassing rijkswetten aan de oprichting van de nieuwe landen in werking treedt.
Artikel 19 — Artikel 19 Laissez-passer voor vreemdelingen#
Artikel 19 Laissez-passer voor vreemdelingen 1 artikel 15, tweede lid, van de wet De vaststelling van een aanspraak op verstrekking van een laissez-passer ingevolgegeschiedt met gebruikmaking van het door de aanvrager overgelegde verblijfsdocument waaruit diens rechtmatig verblijf in het Europese dan wel Caribische deel van Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten en diens nationaliteit blijkt, alsmede aan de hand van de door de aanvrager bij de aanvraag verstrekte gegevens. 2 In geval van twijfel aan de gegevens die in het verblijfsdocument zijn vermeld dan wel door de aanvrager zijn verstrekt, vindt verificatie daarvan plaats in de vreemdelingenadministratie waarin de aanvrager is opgenomen. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 21 — Artikel 21 Aanspraken#
Artikel 21 Aanspraken Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 22 — Artikel 22 Geldigheid#
Artikel 22 Geldigheid Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 23 — Artikel 23 Aanspraken#
Artikel 23 Aanspraken Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 24 — Artikel 24 Geldigheid#
Artikel 24 Geldigheid Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 25 — Artikel 25 artikel 16, eerste lid, van de wet Nooddocumenten voor Nederlanders als bedoeld in#
Artikel 25 artikel 16, eerste lid, van de wet Nooddocumenten voor Nederlanders als bedoeld in 1 de Wet artikelen 2.1 2.12 van het besluit Op het vaststellen van de aanspraak van een Nederlander dan wel een persoon die op grond vanbetreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld, op een nooddocument zijn deenzoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing. 2 Aan een in het eerste lid bedoelde persoon, die aanspraak heeft op verstrekking van een nooddocument, wordt een noodpaspoort verstrekt. 3 In afwijking van het tweede lid wordt aan een in het eerste lid bedoelde persoon een laissez-passer verstrekt, indien bij de verstrekking geen gebruik kan worden gemaakt van het reisdocumentenstation en de reis van de betrokken aanvrager geen uitstel gedoogt. 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 02-08-2021 01-01-2021
Artikel 26 — Artikel 26 artikel 16, eerste lid, van de wet Nooddocumenten voor niet-Nederlanders als bedoeld in#
Artikel 26 artikel 16, eerste lid, van de wet Nooddocumenten voor niet-Nederlanders als bedoeld in 1 artikel 2.6 van het besluit artikel 14, tweede lid Op het vaststellen van de aanspraak van een vreemdeling op een nooddocument zijnen, zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing. De Minister van Buitenlandse Zaken verifieert de in de aanvraag vermelde gegevens bij: a. de Minister van Justitie, indien de aanvrager tot het Europese of Caribische deel van Nederland is toegelaten; b. de Gouverneur, indien de aanvrager in Aruba, Curaçao of Sint Maarten is toegelaten. 2 Aan een in het eerste lid bedoelde persoon, die aanspraak heeft op verstrekking van een nooddocument, wordt een laissez-passer verstrekt. 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 02-08-2021 01-01-2021
Artikel 27 — Artikel 27 Geldigheid#
Artikel 27 Geldigheid Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 28 — Artikel 28 In nooddocumenten te vermelden tijdstip en autoriteit van inlevering#
Artikel 28 In nooddocumenten te vermelden tijdstip en autoriteit van inlevering 1 In een nooddocument wordt de datum waarop het reisdocument uiterlijk moet worden ingeleverd en de autoriteit bij wie de inlevering dient plaats te vinden, vermeld. 2 De in het eerste lid bedoelde datum is de datum waarop de geldigheidsduur van het nooddocument eindigt. 3 De ingevolge het eerste lid te vermelden autoriteit is: a. de burgemeester van de gemeente of de gezaghebber van het openbaar lichaam waar de houder woont of verblijft, dan wel b. de door de Gouverneur aangewezen autoriteit, indien de houder in Aruba, Curaçao of Sint Maarten woonachtig is, dan wel c. de Gouverneur van Aruba, Curaçao of Sint Maarten, indien de houder het nieuwe reisdocument bij de Gouverneur zal aanvragen, dan wel d. het hoofd van de Nederlandse consulaire post in het buitenland, waar de houder het nieuwe reisdocument zal aanvragen. 2010 15134 06-10-2010 16-09-2010 2010-0000607084 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking op het tijstip waarop artikel 1.1.van de Rijkswet aanpassing rijkswetten aan de oprichting van de nieuwe landen in werking treedt.
Artikel 29 — Artikel 29 Aanspraken noodverlengingen#
Artikel 29 Aanspraken noodverlengingen Vervallen 2006 136 17-07-2006 05-07-2006 BPR2006/N54218(1) 2006 136 17-07-2006 05-07-2006 BPR2006/N54218(1) 26-08-2006
Artikel 30 — Artikel 30 Geldigheid noodverlengingen#
Artikel 30 Geldigheid noodverlengingen Vervallen 2006 136 17-07-2006 05-07-2006 BPR2006/N54218(1) 2006 136 17-07-2006 05-07-2006 BPR2006/N54218(1) 26-08-2006
Artikel 31 — Artikel 31 Aanspraken en geldigheid#
Artikel 31 Aanspraken en geldigheid Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 32 — Artikel 32 Verplicht bezit geldig identiteitsbewijs#
Artikel 32 Verplicht bezit geldig identiteitsbewijs 1 artikel 1, eerste lid, onder 1°, van de Wet op de identificatieplicht Tot de uitreiking van een diplomatiek paspoort of een dienstpaspoort wordt slechts overgegaan indien de aanvrager beschikt over een op de aanvrager betrekking hebbend geldig document als bedoeld in. 2 Indien bij de aanvraag van een diplomatiek paspoort of een dienstpaspoort blijkt dat de geldigheidsduur van het identiteitsbewijs als bedoeld in het vorige lid is verstreken, wordt de beslissing op de aanvraag pas genomen nadat het identiteitsbewijs is vervangen door een nieuw identiteitsbewijs. 3 De Minister van Buitenlandse Zaken kan een verstrekt diplomatiek paspoort of dienstpaspoort intrekken, indien de houder het diplomatiek paspoort of het dienstpaspoort in strijd met de voorwaarden waaronder het werd verstrekt heeft gebruikt. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 33 — Artikel 33 Dienstpaspoortclausule#
Artikel 33 Dienstpaspoortclausule 1 De plaatsing van de dienstpaspoortclausule geschiedt met behulp van standaardclausule IX. In de clausule worden de datum waarop deze is aangebracht, de datum waarop de geldigheidsduur ervan eindigt en het bijbehorende administratienummer ingevuld. 2 artikel 102, eerste lid De clausule wordt ondertekend door de Minister van Buitenlandse Zaken of de door hem daartoe aangewezen persoon en gewaarmerkt met het in, bedoeld dienststempel. 3 De clausule wordt aangebracht op de bladzijde bestemd voor ambtelijke aantekeningen of op een visumbladzijde. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 34 — Artikel 34 Noodverlenging diplomatiek paspoort of dienstpaspoort#
Artikel 34 Noodverlenging diplomatiek paspoort of dienstpaspoort Vervallen 2006 136 17-07-2006 05-07-2006 BPR2006/N54218(1) 2006 136 17-07-2006 05-07-2006 BPR2006/N54218(1) 26-08-2006
Artikel 35 — Artikel 35 Het opmaken van de aanvraag voor een reisdocument#
Artikel 35 Het opmaken van de aanvraag voor een reisdocument 1 De foto, vingerafdrukken en handtekening van de aanvrager worden opgenomen met behulp van het aanvraagstation. 2 artikel 91 In de aanvraag wordt de inbedoelde locatiecode, behorende bij de uitgiftelocatie, vermeld. 3 In de aanvraag wordt aangegeven op welk model reisdocument deze betrekking heeft. 4 In de aanvraag wordt het aanvraagnummer vermeld. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 36 — Artikel 36 Vaststelling van de identiteit van de aanvrager#
Artikel 36 Vaststelling van de identiteit van de aanvrager 1 artikel 2.1, eerste lid, van het besluit Ter uitvoering vanwordt voor de vaststelling van de identiteit geen gebruik gemaakt van de in de reisdocumentenadministratie opgenomen gegevens behorende bij een eerder aan betrokkene uitgereikte nooddocument. 2 artikel 2.1, eerste lid, van het besluit Indien de inbedoelde gegevens berusten bij een andere autoriteit, dan wordt deze verzocht om kosteloze verstrekking van een afschrift van de gevraagde gegevens uit de reisdocumentenadministratie. In de aanvraag wordt vermeld bij welke autoriteit de gegevens zijn opgevraagd. 3 artikel 2.1, tweede lid, van het besluit Bij een gericht onderzoek als bedoeld inworden tevens nadere identificerende vragen gesteld. 4 artikel 2.1, tweede lid, van het besluit De aanvrager aan wie niet eerder een Nederlands reisdocument is verstrekt, overlegt bij zijn aanvraag andere identiteitsdocumenten die voorzien zijn van zijn foto en handtekening. Indien hij dergelijke documenten niet kan overleggen, isvan overeenkomstige toepassing. 5 In de aanvraag wordt vermeld dat de identiteit van de aanvrager is vastgesteld en met welke documenten of andere bewijsstukken de identiteitsvaststelling heeft plaatsgevonden. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 37 — Artikel 37 Persoonsgegevens van de aanvrager#
Artikel 37 Persoonsgegevens van de aanvrager 1 In de aanvraag voor een reisdocument worden de volgende persoonsgegevens van de aanvrager vermeld: a. geslachtsnaam en voornamen; b. geboortedatum en geboorteplaats; c. adres en woonplaats; d. geslacht; e. nationaliteit; f. lengte. 2 De geslachtsnaam omvat tevens de voorvoegsels en adellijke titels, de voornaam omvat tevens de adellijke predikaten. Op verzoek van de aanvrager kan de vermelding van adellijke titels en predikaten achterwege blijven. 3 Indien alleen een naam, voornaam of een roepnaam bekend is, wordt deze als geslachtsnaam beschouwd. 4 Indien de naam van de geboorteplaats niet kan worden ontleend aan de basisadministratie waarin de aanvrager als ingezetene is ingeschreven, dient de naam te worden vermeld zoals deze is opgenomen in zijn geboorteakte. In alle andere gevallen wordt de naam gevolgd zoals deze luidde ten tijde van de geboorte van de aanvrager, waarbij zoveel mogelijk de Nederlandse schrijfwijze wordt gebruikt. Indien de geboorteplaats niet kan worden vastgesteld, blijft de vermelding daarvan in de aanvraag achterwege. Het vermelden van het land achter de geboorteplaats is slechts toegestaan op verzoek van de aanvrager die aantoont daarbij een zwaarwegend belang te hebben en voorzover het reisdocument daartoe voldoende ruimte bevat. 5 De geboortedatum omvat de dag, de maand en het jaar. Van vermelding van de dag, de maand en het jaar kan worden afgezien, voor zover deze niet bekend zijn. 6 In de aanvraag voor een nationaal paspoort, een zakenpaspoort, een tweede paspoort, een faciliteitenpaspoort een Nederlandse identiteitskaart of een vervangende Nederlandse identiteitskaart wordt tevens het burgerservicenummer van de aanvrager vermeld, tenzij aan de aanvrager geen burgerservicenummer is toegekend en indien de aanvrager een administratienummer heeft, het administratienummer vermeld, waaronder de aanvrager is ingeschreven in de basisadministratie. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2017 65 27-02-2017 17-02-2017 01-03-2017 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Paspoortwet (van rechtswege laten vervallen van reisdocumenten van
personen met een uitreisverbod) (Stb. 2017/53) in werking treedt.
Artikel 38 — Artikel 38 Vermelding pseudoniem aanvrager#
Artikel 38 Vermelding pseudoniem aanvrager In de aanvraag voor een reisdocument, niet zijnde een Nederlandse identiteitskaart of vervangende Nederlandse identiteitskaart of een nooddocument, kan op verzoek van de aanvrager die door middel van schriftelijke bewijsstukken aantoont in het maatschappelijk verkeer zakelijk of beroepshalve bekend te staan onder een andere naam, tevens deze andere naam worden vermeld ter opneming van dit gegeven in het reisdocument. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2017 65 27-02-2017 17-02-2017 01-03-2017 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Paspoortwet (van rechtswege laten vervallen van reisdocumenten van
personen met een uitreisverbod) (Stb. 2017/53) in werking treedt.
Artikel 39 — Artikel 39 Gegevens van de (gewezen) echtgenoot, echtgenote of geregistreerd partner#
Artikel 39 Gegevens van de (gewezen) echtgenoot, echtgenote of geregistreerd partner 1 In de aanvraag voor een reisdocument, niet zijnde een nooddocument, worden tevens de geslachtsnaam van de huidige echtgenoot, echtgenote of geregistreerd partner, dan wel van de laatste gewezen echtgenoot, echtgenote of geregistreerd partner, alsmede de burgerlijke staat op het moment van de aanvraag vermeld, indien de aanvrager om opneming van deze gegevens in het aangevraagde reisdocument verzoekt. 2 Indien de aanvraag betrekking heeft op de Nederlandse identiteitskaart of vervangende Nederlandse identiteitskaart wordt aan het in het eerste lid bedoelde verzoek slechts gevolg gegeven voor zover het reisdocument voldoende ruimte bevat voor vermelding van deze gegevens. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2017 65 27-02-2017 17-02-2017 01-03-2017 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Paspoortwet (van rechtswege laten vervallen van reisdocumenten van
personen met een uitreisverbod) (Stb. 2017/53) in werking treedt.
Artikel 40 — Artikel 40 Bezit van of vermelding in andere reisdocumenten#
Artikel 40 Bezit van of vermelding in andere reisdocumenten 1 Van de door de aanvrager overgelegde Nederlandse of buitenlandse reisdocumenten die op zijn naam zijn gesteld, dan wel van de buitenlandse reisdocumenten waarin hij staat vermeld, worden het soort reisdocument, het documentnummer, de datum waarop de geldigheid van het document eindigt en de autoriteit die het document heeft verstrekt, in de aanvraag vermeld. 2 Indien het overgelegde Nederlandse reisdocument bladzijden met een nog geldig visum of een geldige verblijfstitel bevat, wordt op verzoek van de aanvrager in de aanvraag vermeld, dat in het aangevraagde reisdocument standaardclausule XII met het documentnummer van het in te leveren reisdocument wordt opgenomen. 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 26-06-2012
Artikel 41 — Artikel 41 Aanvraag in geval van mogelijke fraude, een vermissing of inname van een uitgereikt reisdocument#
Artikel 41 Aanvraag in geval van mogelijke fraude, een vermissing of inname van een uitgereikt reisdocument 1 wet artikel 72 Indien zijn eerder uitgereikt reisdocument mogelijk voorwerp is van fraude, is vermist of op andere gronden dan ingevolge dedoor een daartoe bevoegde autoriteit is ingenomen, kan de aanvrager een aanvraag voor een reisdocument indienen, indien hij mogelijke fraude, vermissing, onderscheidenlijke inname, overeenkomstigmeldt of heeft gemeld. 2 In de aanvraag worden vermeld: a. wet mogelijke fraude, de vermissing of inname op andere gronden dan ingevolge de, b. het nummer van het desbetreffende reisdocument en de autoriteit die het heeft verstrekt, en c. artikel 72, tweede lid de datum waarop de schriftelijke verklaring, bedoeld in, is afgelegd, dan wel de schriftelijke of elektronische verklaring, bedoeld in 72, derde en vierde lid, is overgelegd. 3 Indien een gegeven als bedoeld in het tweede lid, onder b of c, niet voorhanden is, wordt hiernaar een gericht onderzoek ingesteld. 2024 38381 27-11-2024 22-11-2024 2024-0000912453 2024 38381 27-11-2024 22-11-2024 2024-0000912453 01-01-2025
Artikel 42 — Artikel 42#
Artikel 42 1 Bij het indienen van een aanvraag voor een reisdocument wordt een pasfoto overgelegd die een goedgelijkend beeld van de aanvrager geeft. 2 bijlage L De overgelegde pasfoto voldoet aan de acceptatiecriteria van de inbij deze regeling opgenomen fotomatrix. 3 In afwijking van het tweede lid kan een pasfoto worden geaccepteerd indien de aanvrager heeft aangetoond dat godsdienstige of levensbeschouwelijke redenen zich verzetten tegen het niet bedekken van het hoofd. 4 In afwijking van het tweede lid kan een pasfoto worden geaccepteerd indien op grond van objectief vast te stellen fysieke of medische redenen, door de aanvrager niet kan worden voldaan aan alle in de fotomatrix opgenomen acceptatiecriteria. Bij gerede twijfel aan de medische redenen kan van de aanvrager worden verlangd, dat deze daartoe een door een bevoegde arts of medische instelling ondertekende verklaring overlegt. 5 In afwijking van het tweede lid kan een pasfoto van een aanvrager die de leeftijd van zes jaar nog niet heeft bereikt worden geaccepteerd, indien de foto voldoet aan de in de fotomatrix voor die leeftijdscategorie opgenomen minimum vereisten. 6 Bij het indienen van een aanvraag voor een laissez-passer op een post waar geen reisdocumentenstation aanwezig is, dan wel waar de opneming van de in de aanvraag vermelde gegevens in het reisdocumentstation plaatsvindt na de uitreiking van het laissez-passer, worden in afwijking van het eerste lid twee gelijke pasfoto’s overgelegd. 7 In afwijking van het eerste tot en met het zesde lid kan in noodgevallen, indien de aanvrager niet over een pasfoto beschikt en er redelijkerwijs voor hem geen mogelijkheid bestaat om pasfoto’s te laten maken, bij de verstrekking van een laissez-passer worden afgezien van de overlegging van een pasfoto. Indien de houder beschikt over een ander reis- of identiteitsdocument, voorzien van een foto, wordt uitsluitend een laissez-passer verstrekt dat uitsluitend tezamen met het andere reis- of identiteitsdocument kan worden gebruikt. In het laissez-passer wordt aangetekend tezamen met welk ander reis- of identiteitsdocument het laissez-passer aldus bruikbaar is. Indien de houder niet beschikt over een ander reisdocument of identiteitsdocument, kan van deze verplichting worden afgezien. 2010 15134 06-10-2010 16-09-2010 2010-0000607084 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking op het tijstip waarop artikel 1.1.van de Rijkswet aanpassing rijkswetten aan de oprichting van de nieuwe landen in werking treedt.
Artikel 42a — Artikel 42a Vingerafdrukken#
Artikel 42a Vingerafdrukken 1 Bij het indienen van een aanvraag voor een reisdocument worden de afdrukken van twee vingers van de aanvrager opgenomen. Voor de aanvraag van een vervangende Nederlandse identiteitskaart en een nooddocument worden geen vingerafdrukken opgenomen. 2 Bij een aanvrager als bedoeld in de eerste zin van het eerste lid worden platte afdrukken van de linker- en rechter wijsvinger opgenomen voor opslag in het reisdocument. Indien de kwaliteit van de vingerafdrukken van de wijsvingers onvoldoende is, worden platte afdrukken van de middelvingers, ringvingers of duimen opgenomen. 3 Indien van slechts één vinger de afdruk van voldoende kwaliteit kan worden opgenomen, wordt uitsluitend de afdruk van die vinger opgenomen. 4 In afwijking van het eerste lid wordt van het opnemen van vingerafdrukken afgezien indien de aanvrager op het moment van het indienen van de aanvraag de leeftijd van twaalf jaar nog niet heeft bereikt. 5 Indien de daartoe aangewezen persoon van oordeel is dat het fysiek dan wel als gevolg van een tijdelijke verhindering onmogelijk is om van de aanvrager te verlangen dat bij hem op het moment van het indienen van de aanvraag twee vingerafdrukken worden opgenomen, wordt in ieder geval de afdruk opgenomen van de vinger waarbij dit volgens de daartoe aangewezen persoon wel mogelijk is. Bij gerede twijfel of het fysiek dan wel als gevolg van een tijdelijke verhindering onmogelijk is om twee vingerafdrukken op te nemen, kan van de aanvrager worden verlangd, dat deze daartoe een door een bevoegde arts of medische instelling ondertekende verklaring overlegt. 6 Indien van de aanvrager geen vingerafdrukken worden opgenomen, wordt in de aanvraag de reden voor het niet opnemen vermeld. 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 02-08-2021
Artikel 43 — Artikel 43 Onbekwaamheid tot het plaatsen van een handtekening#
Artikel 43 Onbekwaamheid tot het plaatsen van een handtekening Indien de persoon aan wie het aangevraagde reisdocument moet worden verstrekt door leeftijd of een handicap niet in staat is zijn handtekening te plaatsen, wordt daarvan in de aanvraag melding gemaakt. 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 01-10-2001
Artikel 44 — Artikel 44 Verschijning van de aanvrager in persoon#
Artikel 44 Verschijning van de aanvrager in persoon artikel 28, derde lid, van de wet Indien de aanvrager ingevolgeniet persoonlijk bij het indienen van de aanvraag is verschenen, wordt dit gegeven met de reden daarvan in de aanvraag vermeld. 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 01-10-2001
Artikel 45 — Artikel 45 Overleggen verklaring van toestemming#
Artikel 45 Overleggen verklaring van toestemming 1 artikelen 34 tot en met 37 van de wet De verklaring van toestemming als bedoeld in dedient schriftelijk te worden overgelegd. 2 In de verklaring van toestemming worden tevens de naam en de handtekening vermeld van degene die de aanvraag ten behoeve van een handelingsonbekwame indient. 3 artikel 35 Indien gebruik wordt gemaakt van het aanvraag-informatieformulier, bedoeld in, kan voor het overleggen van de verklaring van toestemming worden volstaan met het (mede) ondertekenen van dat formulier door degenen die het gezag over de minderjarige uitoefenen. 4 In de aanvraag wordt melding gemaakt van de overlegging van de betreffende verklaring van toestemming. 2004 113 17-06-2004 28-05-2004 BPR2004/U65192 2004 113 17-06-2004 28-05-2004 BPR2004/U65192 15-06-2004 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 46 — Artikel 46 Vaststelling identiteit en bevoegdheid van degene die het gezag uitoefent of curator#
Artikel 46 Vaststelling identiteit en bevoegdheid van degene die het gezag uitoefent of curator 1 artikel 36 artikel 2.1 van het besluit Op de procedure voor het verkrijgen van de nodige zekerheid over de identiteit van degene die het gezag over de minderjarige uitoefent of van de curator zijnenvan overeenkomstige toepassing. 2 Indien degene die een verklaring van toestemming moet afgeven niet in persoon verschijnt, kan de aanvraag slechts in behandeling worden genomen indien uit de overgelegde schriftelijke verklaring van toestemming en eventuele andere overgelegde stukken met de nodige zekerheid kan worden afgeleid dat de verklaring van toestemming van de betreffende persoon afkomstig is. 3 Voor het verkrijgen van de nodige zekerheid over de bevoegdheid tot het afgeven van de verklaring van toestemming van degene die het gezag over de minderjarige uitoefent of van de curator wordt gebruik gemaakt van de door de betreffende persoon overgelegde stukken. 4 Indien onzekerheid bestaat over de bevoegdheid van degene die het gezag over de minderjarige uitoefent of van de curator wordt daarnaar een gericht onderzoek ingesteld. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 47 — Artikel 47 Algemeen#
Artikel 47 Algemeen Vervallen 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 26-06-2012
Artikel 48 — Artikel 48 Vaststelling van de identiteit en de nationaliteit van het bij to schrijven kind#
Artikel 48 Vaststelling van de identiteit en de nationaliteit van het bij to schrijven kind Vervallen 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 26-06-2012
Artikel 49 — Artikel 49 Aanvraaggegevens van het bij te schrijven kind#
Artikel 49 Aanvraaggegevens van het bij te schrijven kind Vervallen 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 26-06-2012
Artikel 50 — Artikel 50 Overleggen verklaring van toestemming#
Artikel 50 Overleggen verklaring van toestemming Vervallen 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 26-06-2012
Artikel 51 — Artikel 51#
Artikel 51 1 artikel 44 De daartoe aangewezen persoon vergelijkt, behoudens in hetbedoelde geval, nauwkeurig de overgelegde foto van de aanvrager dan wel van degene ten behoeve van wie de aanvraag wordt ingediend met de persoon die voor hem staat en brengt deze foto op de bestemde plaats in het foto- en handtekeningformulier aan. 2 artikel 43 De in het eerste lid bedoelde persoon ziet, behoudens in het inbedoelde geval, er op toe dat in het foto- en handtekeningformulier op de bestemde plaats de duidelijk leesbare handtekening wordt geplaatst van de aanvrager dan wel van de persoon ten behoeve van wie de aanvraag van het reisdocument wordt gedaan. In de gevallen waarin gebruik wordt gemaakt van een aanvraag-informatieformulier, wordt dit formulier door de aanvrager ondertekend. 3 Het foto- en handtekeningformulier wordt door de in het eerste lid bedoelde persoon met gebruikmaking van het aanvraagstation gedigitaliseerd. 4 artikel 42a Het opnemen van de vingerafdrukken als bedoeld in, geschiedt met gebruikmaking van het aanvraagstation. 5 artikel 28, derde lid, van de wet Indien sprake is van bijzondere omstandigheden als genoemd inworden de vingerafdrukken van de aanvrager opgenomen met behulp van het mobiel vingerafdrukopname-apparaat. 6 Indien de aanvrager niet op de Nederlandse vertegenwoordiging zijn aanvraag indient, of bij de Nederlandse vertegenwoordiging waar het document wordt aangevraagd geen werkend aanvraagstation aanwezig is, kunnen zijn vingerafdrukken opgenomen worden met behulp van het mobiel vingerafdrukopname-apparaat. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 52 — Artikel 52#
Artikel 52 1 artikelen 2.1 tot en met 2.17 van het besluit artikelen 11 tot en met 51 Een aanvraag waarbij niet is voldaan aan het bepaalde in deen dewordt niet in behandeling genomen. 2 Indien de daartoe aangewezen ambtenaar, met inachtneming van het bij of krachtens de wet bepaalde, heeft beslist dat het aangevraagde reisdocument kan worden uitgereikt, worden in de aanvraag vermeld het feit van deze verstrekking, de datum van deze verstrekking en de datum waarop de geldigheidsduur van het uit te reiken reisdocument eindigt. 3 In de aanvraag voor een reisdocument waarbij sprake is van een weigering of vervallenverklaring wordt, afhankelijk van de genomen beslissing, vermeld voor welke landen het reisdocument geldig is. 4 In de aanvraag voor een reisdocument voor vluchtelingen dan wel een reisdocument voor vreemdelingen wordt, afhankelijk van de nationaliteit van de persoon aan wie het reisdocument wordt uitgereikt, aangegeven welk land van de territoriale geldigheid is uitgesloten. 5 In de aanvraag voor een reisdocument voor vreemdelingen, uit te reiken aan een staatloze, wordt aangegeven dat diens status van staatloze in het reisdocument moet worden vermeld. 6 De daartoe aangewezen persoon vermeldt in de aanvraag de verstrekkende autoriteit. 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 02-08-2021 01-01-2021
Artikel 53 — Artikel 53#
Artikel 53 1 artikelen 35 tot en met 41 44 tot en met 50 52 De daartoe aangewezen persoon draagt zorg dat de aanvraaggegevens, genoemd in de,enin het reisdocumentenstation en de foto, vingerafdrukken en handtekening in het aanvraagstation worden vastgelegd. 2 artikel 51, derde lid Indien bij de aanvraag voor het opnemen van de vingerafdrukken gebruik is gemaakt van het mobiel vingerafdrukopname-apparaat worden de gegevens uitsluitend verwerkt in een aanvraagstation dat zich op de uitgiftelocatie bevindt. Het mobiel vingerafdrukopname-apparaat wordt in het locale netwerk van de uitgiftelocatie aangesloten, waarna de daarin vastgelegde vingerafdrukken door het aanvraagstation uit het mobiel vingerafdrukopname-apparaat worden opgehaald en samengevoegd met de ingevolge, gedigitaliseerde foto en handtekening. 3 De in het aanvraagstation vastgelegde gegevens worden verwerkt en doorgezonden naar het reisdocumentenstation. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 54 — Artikel 54#
Artikel 54 1 artikel 51, derde lid artikel 53 Op een post waar een reisdocumentenstation aanwezig is wordt het foto- en handtekeningformulier met betrekking tot een nooddocument op de in, bedoelde wijze gedigitaliseerd en met de aanvraaggegevens, bedoeld in, samengevoegd tot een aanvraagbestand in het reisdocumentenstation. 2 artikel 101 artikel 28 Bij de aanvraag van een nooddocument wordt tevens, overeenkomstig de gebruikershandleiding bij het reisdocumentenstation, bedoeld in, en met inachtneming van het bepaalde in, de datum waarop het desbetreffende reisdocument uiterlijk moet worden ingeleverd en de autoriteit bij wie de inlevering dient plaats te vinden, in het aanvraagbestand opgenomen. 3 De daartoe aangewezen persoon controleert het aanvraagbestand in het reisdocumentenstation op volledigheid en autoriseert het gebruik van dit bestand voor het personaliseren van het nooddocument. 4 artikel 101 Het personaliseren van een nooddocument geschiedt met behulp van het in het reisdocumentenstation opgenomen aanvraagbestand en met gebruikmaking van de daartoe bestemde reisdocumentenprinter, overeenkomstig de gebruikershandleiding bij het reisdocumentenstation, bedoeld in. 5 Na het personaliseren van het nooddocument wordt het bijbehorende laminaat over de houderpagina aangebracht. 6 bijlage J artikel 102, eerste lid Het personaliseren van een laissez-passer geschiedt door de gegevens met de pen op onuitwisbare wijze in de daartoe bestemde rubrieken van het reisdocument in te vullen, overeenkomstig de inopgenomen invulinstructie laissez-passer. Vervolgens wordt op de in de invulinstructie aangegeven wijze de autoriteit vermeld, die het document heeft verstrekt en het laissez-passer gewaarmerkt met het in, bedoelde dienststempel. Het scannen van het aanvraagformulier en de opneming van de gegevens in het reisdocumentenstation, bedoeld in het eerste en tweede lid, kan in afwijking van het derde lid ook na uitreiking van het laissez-passer plaatsvinden. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 55 — Artikel 55 Het toevoegen van de foto, de vingerafdrukken en de handtekening aan de aanvraag#
Artikel 55 Het toevoegen van de foto, de vingerafdrukken en de handtekening aan de aanvraag artikel 53 De in het aanvraagstation vastgelegde foto, handtekening en vingerafdrukken worden met de aanvraaggegevens, bedoeld in, samengevoegd tot een aanvraagbestand in het reisdocumentenstation. 2009 13960 18-09-2009 09-09-2009 2009-0000503050(1) 2009 13960 18-09-2009 09-09-2009 2009-0000503050(1) 21-09-2009
Artikel 56 — Artikel 56 Het verzenden van het aanvraagbestand#
Artikel 56 Het verzenden van het aanvraagbestand De daartoe aangewezen persoon zendt nadat is vastgesteld dat het aangevraagde reisdocument kan worden uitgereikt, het aanvraagbestand met gebruikmaking van het reisdocumentenstation naar de leverancier van de reisdocumenten. Het te verzenden aanvraagbestand wordt met gebruikmaking van de aan hem toegekende identificatiekaart voorzien van een digitale handtekening. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 56a — Artikel 56a Plaatsing applet publiek middel#
Artikel 56a Plaatsing applet publiek middel artikel 1.6, eerste lid, van het besluit De leverancier geeft uitvoering aan. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 57 — Artikel 57 In ontvangstneming van de geleverde documenten bij het ministerie#
Artikel 57 In ontvangstneming van de geleverde documenten bij het ministerie 1 artikel 89, eerste lid De gepersonaliseerde reisdocumenten en identificatiekaarten worden bij het ministerie van Buitenlandse Zaken in ontvangst genomen door een daartoe aangewezen persoon als bedoeld in. 2 artikel 89, tweede lid artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht De in het eerste lid genoemde persoon toont de in, bedoelde machtiging van de Minister van Buitenlandse Zaken tot ontvangstneming en legitimeert zich, op verzoek van de distributeur, met een identiteitsdocument als bedoeld in. 3 De aflevering van de zending bij het ministerie van Buitenlandse Zaken vindt plaats op de afgesproken tijdstippen. 4 Indien de persoon die de zending in ontvangst neemt zich desgevraagd niet of niet voldoende kan legitimeren dan wel onvoldoende zekerheid bestaat met betrekking tot zijn bevoegdheid om de zending in ontvangst te nemen, dan wel om enige andere reden door een handelen of nalaten van de bevoegde autoriteit een veilige aflevering op de uitgiftelocatie niet mogelijk is, draagt de distributeur de zending niet over. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 58 — Artikel 58 Controle zending bij het ministerie en verdere distributie van de documenten#
Artikel 58 Controle zending bij het ministerie en verdere distributie van de documenten 1 De tot ontvangst bevoegde persoon bij het ministerie van Buitenlandse Zaken controleert, aan de hand van de voormelding van de leverancier, in het bijzijn van de distributeur of de zending voor het ministerie onderscheidenlijk de uitgiftelocaties in het buitenland bestemd is. Indien dit het geval is en het pakket is onbeschadigd, vindt de overdracht plaats. 2 bijlage D Indien de zending niet voor het ministerie van Buitenlandse Zaken bestemd is, afwijkingen vertoont, beschadigd is dan wel documenten ontbreken, wordt gehandeld overeenkomstig. Het in kennis stellen van de leverancier geschiedt met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier. 3 artikel 93 De documenten die voor een andere autoriteit blijken te zijn bestemd, worden op de inaangegeven wijze opgeslagen tot ze worden opgehaald door de leverancier. Het overdragen van de verkeerd geleverde documenten aan de leverancier geschiedt met gebruikmaking van het daartoe door de distributeur beschikbaar gestelde formulier. 4 Bij de constatering dat het pakket beschadigd is, wordt het pakket in het bijzijn van de distributeur in een voor het publiek afgesloten ruimte gecontroleerd. Ook in geval van beschadiging wordt het pakket in ontvangst genomen. 5 Indien de tot ontvangst bevoegde persoon vaststelt dat er documenten zijn beschadigd of ontbreken, wordt hiervan door de distributeur een proces-verbaal opgemaakt. 6 Het afschrift van het proces-verbaal wordt door de autoriteit bewaard. 7 De Minister van Buitenlandse Zaken draagt er zorg voor dat de gepersonaliseerde reisdocumenten en identificatiekaarten op een beveiligde wijze op de daartoe bestemde locatie worden afgeleverd. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 59 — Artikel 59 Nabezorgen niet ontvangen documenten#
Artikel 59 Nabezorgen niet ontvangen documenten 1 Indien documenten niet op het verwachte tijdstip bij het ministerie van Buitenlandse Zaken worden ontvangen, wordt op een speciaal daarvoor bestemd telefoonnummer bij de leverancier informatie ingewonnen over de te verwachten levertijd. 2 In het geval de zending zich nog onder de distributeur bevindt, draagt deze er zorg voor dat de zending alsnog de volgende dag wordt afgeleverd. 3 In het geval documenten op een verkeerde uitgiftelocatie in Nederland zijn afgeleverd, draagt de leverancier er zorg voor dat de desbetreffende documenten, zo mogelijk nog dezelfde dag, bij het ministerie van Buitenlandse Zaken worden aangeboden. 4 Het in ontvangst nemen van documenten als bedoeld in het derde lid geschiedt overeenkomstig bijlage D, met gebruikmaking van het daartoe door de distributeur beschikbaar gestelde formulier. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 60 — Artikel 60 Controle zending in het reisdocumentenstation#
Artikel 60 Controle zending in het reisdocumentenstation 1 De daartoe aangewezen persoon gaat na of de in de zending aanwezige documenten overeenkomen met de aanvraagnummers in het op de zending betrekking hebbende elektronische bericht in het reisdocumentenstation, dat door de leverancier is verzonden. 2 In het reisdocumentenstation wordt geregistreerd of een document overeenkomstig de opgave in het elektronisch bericht, bedoeld in het eerste lid, is ontvangen, al dan niet is beschadigd en op de juiste wijze is gepersonaliseerd en geproduceerd. 3 bijlage D Indien de zending niet voor de uitgiftelocatie bestemd is, afwijkingen vertoont, beschadigd is dan wel documenten ontbreken wordt gehandeld overeenkomstig. Het in kennis stellen van de leverancier geschiedt met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016 Abusievelijk is voor het tweede lid een wijzigingsopdracht
geformuleerd die niet geheel juist is.
Artikel 61 — Artikel 61 Terugzenden en vernietigen van verkeerd geleverde documenten#
Artikel 61 Terugzenden en vernietigen van verkeerd geleverde documenten 1 artikel 60 artikel 58, zesde lid De documenten die na controle van de zending, bedoeld in, voor een andere locatie blijken te zijn bestemd, worden teruggezonden naar het ministerie en alsnog overeenkomstig, beschikbaar gesteld aan de tot uitreiking daarvan bevoegde personen. 2 78, eerste lid De documenten die na de in het eerste lid bedoelde controle niet voor uitgifte door de minister van Buitenlandse Zaken blijken te zijn bestemd, worden bij de post vernietigd op de in, aangegeven wijze. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 62 — Artikel 62 Herzending van de aanvraag#
Artikel 62 Herzending van de aanvraag artikel 61, eerste lid Indien een reisdocument is beschadigd, onjuist is geproduceerd of gepersonaliseerd, dan wel niet is ontvangen en niet alsnog ingevolge, zal worden bezorgd, wordt het op het reisdocument betrekking hebbende aanvraagbestand opnieuw verzonden aan de leverancier. 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 26-06-2012 Abusievelijk is een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is.
Artikel 63 — Artikel 63 Terugzending onjuist geproduceerde, gepersonaliseerde of beschadigde documenten#
Artikel 63 Terugzending onjuist geproduceerde, gepersonaliseerde of beschadigde documenten bijlage D Reisdocumenten die bij de controle van de zending in het reisdocumentenstation dan wel bij de uitreiking onjuist blijken te zijn geproduceerd of gepersonaliseerd, dan wel blijken te zijn beschadigd, worden overeenkomstig, met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier, teruggestuurd aan de leverancier. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 64 — Artikel 64 Algemeen#
Artikel 64 Algemeen Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 64a — Artikel 64a Verificatie vingerafdrukken bij uitreiking#
Artikel 64a Verificatie vingerafdrukken bij uitreiking Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 65 — Artikel 65 Mogelijke fraude, vermissing of inname van een uitgereikt reisdocument bij de uitreiking van een aangevraagd reisdocument#
Artikel 65 Mogelijke fraude, vermissing of inname van een uitgereikt reisdocument bij de uitreiking van een aangevraagd reisdocument wet artikel 72 artikel 41, tweede lid Indien het bij de uitreiking van het aangevraagde reisdocument in te leveren reisdocument mogelijk voorwerp is van fraude, is vermist of op andere gronden dan ingevolge dedoor een daartoe bevoegde autoriteit is ingenomen, isalsnog van toepassing en worden de gegevens, bedoeld in, alsnog in de aanvraag met betrekking tot het uit te reiken document opgenomen. 2017 54655 27-09-2017 26-09-2017 2017-256021 2017 54655 27-09-2017 26-09-2017 2017-256021 01-10-2017
Artikel 66 — Artikel 66 Bijschrijving door middel van een sticker#
Artikel 66 Bijschrijving door middel van een sticker Vervallen 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 26-06-2012
Artikel 67 — Artikel 67#
Artikel 67 1 Indien de aanvrager bij de aanvraag aannemelijk heeft gemaakt dat van hem redelijkerwijs niet kan worden gevergd dat hij in persoon verschijnt bij de uitreiking, wordt het reisdocument per aangetekende post dan wel op een andere veilige wijze aan hem toegezonden. 2 artikel 32 van de wet De inlevering van de Nederlandse reisdocumenten als bedoeld ingeschiedt in dat geval door deze reisdocumenten toe te sturen op een door de Minister van Buitenlandse Zaken daartoe voorgeschreven wijze. 3 Tot toezending van het uit te reiken reisdocument wordt niet overgegaan dan na ontvangst van de ingevolge het tweede lid toegestuurde reisdocumenten. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 68 — Artikel 68 Registratie in het reisdocumentenstation#
Artikel 68 Registratie in het reisdocumentenstation 1 De daartoe aangewezen persoon registreert de uitreiking van een reisdocument, alsmede de inlevering van het vorige reisdocument, in het reisdocumentenstation. 2 Indien bij de uitreiking blijkt dat het reisdocument is beschadigd, onjuist is geproduceerd of gepersonaliseerd dan wel uit de opslag is verdwenen, wordt dit in het reisdocumentenstation geregistreerd. 3 Indien binnen drie maanden na ontvangst bij de uitgiftelocatie geen uitreiking van een geleverd reisdocument heeft plaatsgevonden, wordt dit geregistreerd in het reisdocumentenstation. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 68a — Artikel 68a Verzending PIN-brief#
Artikel 68a Verzending PIN-brief 1 De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verzendt direct na uitreiking de persoonlijke PIN-code en de intrekkingscode aan de houder van de Nederlandse identiteitskaart. 2 Indien de houder de toegezonden PIN-code met intrekkingscode heeft verloren, verstrekt de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties op zijn verzoek: a. dat binnen zes weken na uitreiking is gedaan, deze codes opnieuw, tenzij de houder tijdens het activeringsproces van het publiek identificatiemiddel de PIN-code heeft gewijzigd of de intrekkingscode heeft gebruikt; b. dat later dan zes weken na uitreiking is gedaan, nieuwe codes, tenzij de houder tijdens het activeringsproces van het publiek identificatiemiddel de PIN-code heeft gewijzigd of de intrekkingscode heeft gebruikt; c. dat een verzoek betreft in verband met een PIN-code die al tijdens het activeringsproces van het publieke middels is gewijzigd, na identificatie nieuwe codes, tenzij de houder de intrekkingscode heeft gebruikt. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-09-2021
Artikel 69 — Artikel 69 Uitsluiting Nederlandse identiteitskaart#
Artikel 69 Uitsluiting Nederlandse identiteitskaart Vervallen 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2017 65 27-02-2017 17-02-2017 01-03-2017 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet
Paspoortwet (van rechtswege laten vervallen van reisdocumenten van
personen met een uitreisverbod) (Stb. 2017/53) in werking treedt.
Artikel 70 — Artikel 70 Informatie over de gesignaleerde persoon#
Artikel 70 Informatie over de gesignaleerde persoon 1 artikel 5 Indien de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag in behandeling neemt dan wel een ingehouden reisdocument ontvangt betreffende een persoon, die blijkens de inbedoelde administratie, in het register paspoortsignaleringen is opgenomen, verzoekt hij terstond de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties hem mede te delen of de desbetreffende persoon nog steeds in het register paspoortsignaleringen is opgenomen. 2 artikel 44, derde lid, van de wet Indien de Minister van Buitenlandse Zaken ingevolgede in het register paspoortsignaleringen opgenomen gegevens van een persoon wenst te ontvangen, doet hij daartoe een verzoek aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Dit verzoek kan ook tegelijkertijd met het in het eerste lid bedoelde verzoek worden gedaan. 2026 11937 31-03-2026 30-03-2026 2026-0000006839 2026 11937 31-03-2026 30-03-2026 2026-0000006839 01-04-2026
Artikel 71 — Artikel 71 artikel 45, tweede lid, van de wet Kennisgeving van de beslissing op grond van#
Artikel 71 artikel 45, tweede lid, van de wet Kennisgeving van de beslissing op grond van artikel 45, tweede lid, van de wet De Minister van Buitenlandse Zaken geeft de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier kennis van zijn beslissing, bedoeld in. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 72 — Artikel 72 Melding van mogelijke fraude, vermissing of inname van een uitgereikt reisdocument#
Artikel 72 Melding van mogelijke fraude, vermissing of inname van een uitgereikt reisdocument 1 wet Indien een eerder uitgereikt reisdocument mogelijk voorwerp is van fraude, is vermist of op andere gronden dan ingevolge dedoor een daartoe bevoegde autoriteit is ingenomen, meldt de houder dit gegeven overeenkomstig het tweede, derde onderscheidenlijk vijfde lid, aan de Minister van Buitenlandse Zaken, of, overeenkomstig het vierde lid, aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. 2 De melding van mogelijke fraude vindt plaats door middel van een door de houder ten overstaan van de daartoe door de Minister van Buitenlandse Zaken aangewezen persoon af te leggen schriftelijke verklaring, overeenkomstig het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier. Bij de melding van mogelijke fraude levert de houder zijn reisdocument in. Indien het reisdocument is vermist wordt een melding van vermissing gedaan, bedoeld in het derde lid. 3 De melding van een vermissing vindt plaats door middel van een door de houder ten overstaan van de daartoe door de Minister van Buitenlandse Zaken aangewezen persoon af te leggen schriftelijke verklaring, overeenkomstig het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier. Indien een proces-verbaal van de politie wordt overgelegd, wordt daarvan een kopie gemaakt die aan de schriftelijke verklaring omtrent de vermissing wordt toegevoegd. De melding van een vermissing kan tevens elektronisch geschieden, overeenkomstig het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier, indien de Minister van Buitenlandse Zaken deze weg beschikbaar heeft gesteld. In het geval van een elektronische melding geschiedt de vaststelling van de juistheid van de identiteit van de houder door middel van Digid op basis van ten minste een twee-factoren-authenticatie, dan wel een ander en minstens even betrouwbare authenticatiemethode. 4 De melding van mogelijke fraude of van een vermissing kan tevens elektronisch geschieden overeenkomstig het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier indien de houder op verzoek van de Minister van Buitenlandse Zaken heeft ingestemd met het doen van een elektronische melding en de houder bij de aanvraag van het in het eerste lid bedoelde document beschikte over een burgerservicenummer. De vaststelling van de juistheid van de identiteit van de houder geschiedt door middel van DigiD op basis van ten minste een twee-factoren-authenticatie, dan wel een andere en minstens even betrouwbare authenticatiemethode. Bij de melding van mogelijke fraude levert de houder zijn reisdocument in. 5 wet De melding van de inname van een uitgereikt reisdocument op andere gronden dan ingevolge dedoor een daartoe bevoegde autoriteit vindt plaats door middel van het overleggen van een door de desbetreffende autoriteit afgegeven schriftelijke verklaring omtrent de inname, aan de daartoe door de Minister van Buitenlandse Zaken aangewezen persoon. De daartoe aangewezen persoon maakt een kopie van deze verklaring. 6 De schriftelijke verklaring omtrent de mogelijke fraude, bedoeld in het tweede lid, de schriftelijke of elektronische verklaring omtrent fraude of vermissing bedoeld in het derde of vierde lid, dan wel de kopie van de overgelegde schriftelijke verklaring die omtrent de inname is overgelegd, bedoeld in het vijfde lid, wordt bewaard in de reisdocumentenadministratie. 2024 38381 27-11-2024 22-11-2024 2024-0000912453 2024 38381 27-11-2024 22-11-2024 2024-0000912453 01-01-2025
Artikel 73 — Artikel 73 Melding mogelijke fraude of vermissing ten behoeve van register vermiste of vervallen reisdocumenten#
Artikel 73 Melding mogelijke fraude of vermissing ten behoeve van register vermiste of vervallen reisdocumenten Met het oog op vermelding daarvan in het register vermiste of vervallen reisdocumenten, wordt van mogelijke fraude of vermissing terstond melding gedaan aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties met gebruikmaking van de daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde dienst. 2026 11937 31-03-2026 30-03-2026 2026-0000006839 2026 11937 31-03-2026 30-03-2026 2026-0000006839 01-04-2026
Artikel 74 — Artikel 74 Reisdocumenten van gesignaleerde personen#
Artikel 74 Reisdocumenten van gesignaleerde personen 1 artikelen 18 tot en met 24 van de wet Indien de Minister van Buitenlandse Zaken een reisdocument heeft ingehouden, dan wel indien bij hem een reisdocument is ingeleverd van een houder, die in verband met het bepaalde in de, in het register paspoortsignaleringen is opgenomen, houdt deze dit reisdocument onder zich totdat hij heeft beslist over de vervallenverklaring daarvan. 2 Zodra is beslist dat het reisdocument niet vervallen moet worden verklaard, wordt dit aan de houder teruggegeven, dan wel op de meest beveiligde wijze naar het door de houder opgegeven adres gezonden. 3 artikel 75 artikel 78 Indien het reisdocument vervallen wordt verklaard, wordt dit hetzij ingevolgedoorgezonden, hetzij op de inbepaalde wijze definitief aan het verkeer onttrokken. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 75 — Artikel 75 Definitief aan het verkeer te onttrekken reisdocumenten#
Artikel 75 Definitief aan het verkeer te onttrekken reisdocumenten De Minister van Buitenlandse Zaken zendt indien hij niet bevoegd is een door hem ingehouden, bij hem ingeleverd, door hem ontvangen of aan hem toegezonden reisdocument definitief aan het verkeer te onttrekken, het desbetreffende reisdocument terstond door aan de autoriteit die daartoe wel bevoegd is. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 76 — Artikel 76 Mededelingen inzake vermelding en verwijdering van de vermelding#
Artikel 76 Mededelingen inzake vermelding en verwijdering van de vermelding 1 artikel 47, derde lid, van de wet De Minister van Buitenlandse Zaken deelt met het oog op een vermelding in het register paspoortsignaleringen op grond vande Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de gegevens mede van de houder van een reisdocument dat van rechtswege is vervallen, indien de houder weigert het reisdocument in te leveren dan wel de woon- of verblijfplaats van de houder niet kan worden achterhaald. 2 De Minister van Buitenlandse Zaken deelt, met het oog op de verwijdering van de in het eerste lid bedoelde vermelding uit het register paspoortsignaleringen, de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties terstond mede dat hij het in het eerste lid bedoelde reisdocument heeft ingehouden, dan wel het desbetreffende reisdocument bij hem is ingeleverd. 3 De in het eerste en tweede lid bedoelde mededeling geschiedt met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier. 4 artikel 47, eerste lid, onder a, b, c, e, f of h van de wet Van het van rechtswege vervallen van een reisdocument ingevolgewordt, met het oog op de vermelding daarvan in het register vermiste of vervallen reisdocumenten, terstond melding gedaan aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 77 — Artikel 77#
Artikel 77 Vervallen 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 78 — Artikel 78 Redenen en wijze van onttrekking#
Artikel 78 Redenen en wijze van onttrekking 1 Het deugdelijk vernietigen van een reisdocument dat definitief aan het verkeer wordt onttrokken, geschiedt door het reisdocument op gecontroleerde wijze te verbranden of te versnipperen, zodat reconstructie van het reisdocument niet meer mogelijk is. 2 Op verzoek van de houder wordt diens nationaal paspoort, Nederlandse identiteitskaart, faciliteitenpaspoort, tweede paspoort, reisdocument voor vluchtelingen, reisdocument voor vreemdelingen, diplomatiek paspoort of dienstpaspoort na inlevering, definitief aan het verkeer onttrokken door het document onbruikbaar gemaakt aan hem terug te geven. 3 Het onbruikbaar maken geschiedt door het aanbrengen van drie ponsgaten (elk van tenminste 12 mm) door het gehele reisdocument op zodanige wijze dat elk in het reisdocument aangebrachte kinegram gedeeltelijk en de aangebrachte chip geheel onbruikbaar worden gemaakt. 4 artikel 40, tweede lid Indien het ingeleverde reisdocument bladzijden met een nog geldig visum of een geldige verblijfstitel bevat en in verband daarmee het verzoek is gedaan, bedoeld in, worden de desbetreffende bladzijden en het documentnummer intact gelaten. 5 Een reisdocument, dat ingevolge artikel 7.1, eerste lid, onder c, van het besluit, ten gevolge van misdruk of verkeerde personalisatie is ingehouden of ingeleverd, wordt deugdelijk vernietigd overeenkomstig het eerste lid nadat het per aangetekende post, met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gesteld formulier, is teruggestuurd aan de leverancier. 6 artikel 7.1, eerste lid, onder d, van het besluit artikel 47, eerste lid, onder a, b, c, g, h of i, van de wet 54, eerste lid, onder b, c en e, van de wet artikel 110, tweede lid artikel 111, eerste lid De in, en in het tweede lid bedoelde teruggave van een reisdocument vindt niet plaats, indien het reisdocument op grond vanvan rechtswege is vervallen, op grond vanis ingehouden, dan wel, of, van toepassing is. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 79 — Artikel 79 Wijze van ongedaan maken bijschrijving#
Artikel 79 Wijze van ongedaan maken bijschrijving Vervallen 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 26-06-2012 Abusievelijk is een wijziging geformuleerd die niet kan worden doorgevoerd.
Artikel 80 — Artikel 80#
Artikel 80 1 Van de definitieve onttrekking aan het verkeer van een reisdocument, niet zijnde een nooddocument of een gevonden reisdocument, en de uitreiking van een reisdocument, niet zijnde een nooddocument, wordt kennis gegeven aan: a. de burgemeester van de gemeente of de gezaghebber van het openbaar lichaam waarvan de houder ingezetene is; b. de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties indien de houder als niet-ingezetene is geregistreerd in de basisadministratie, of c. de autoriteit in Aruba, Curaçao, of Sint Maarten, of de gezaghebber van het openbaar lichaam waarvan de houder ingezetene is, of laatstelijk ingezetene was. 2 In afwijking van het eerste lid wordt van de definitieve onttrekking aan het verkeer van een Nederlandse identiteitskaart en van de uitreiking van een Nederlandse identiteitskaart kennis gegeven aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, indien de houder in de basisadministratie van Aruba, Curaçao of Sint Maarten is ingeschreven. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 81 — Artikel 81#
Artikel 81 De Minister van Buitenlandse Zaken die: a. een door hem verstrekt reisdocument definitief aan het verkeer onttrekt, dan wel b. artikel 82 door middel van de daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde dienst in kennis wordt gesteld van de definitieve onttrekking aan het verkeer van een door hem verstrekt reisdocument en de uitreiking van een vervangend reisdocument, registreert deze feiten in de reisdocumentenadministratie, bedoeld in. 2026 11937 31-03-2026 30-03-2026 2026-0000006839 2026 11937 31-03-2026 30-03-2026 2026-0000006839 01-04-2026
Artikel 82 — Artikel 82 Opgenomen gegevens, raadpleegbaarheid, bewaartermijn#
Artikel 82 Opgenomen gegevens, raadpleegbaarheid, bewaartermijn 1 Van elk verstrekt reisdocument wordt een administratie bijgehouden. 2 artikelen 53 54 68 De in het eerste lid bedoelde reisdocumentenadministratie wordt bijgehouden in het reisdocumentenstation, voor zover het de daarin overeenkomstig de,enopgenomen gegevens betreft. 3 De overige gegevens met betrekking tot de aanvraag, verstrekking en uitreiking worden als afzonderlijke documenten in de reisdocumentenadministratie opgenomen op een wijze die raadpleging in samenhang met de in het tweede lid bedoelde gegevens mogelijk maakt. 4 artikel 3, negende lid, van de wet De in de reisdocumentenadministratie opgenomen gegevens, met uitzondering van de gegevens, bedoeld inworden na de datum van verstrekking bewaard gedurende een periode van: a. 11 jaar indien de geldigheidsduur van het verstrekte document 5 jaar of korter is, of indien het verstrekte document niet wordt uitgereikt; b. 16 jaar indien de geldigheidsduur van het verstrekte document langer dan 5 jaar is. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 83 — Artikel 83 Administratie laissez-passer buiten het reisdocumentenstation#
Artikel 83 Administratie laissez-passer buiten het reisdocumentenstation 1 artikel 82 In afwijking van het bepaalde inwordt op een post waar geen reisdocumentenstation aanwezig is van elk verstrekt laissez-passer het originele aanvraag-informatieformulier, voorzien van de foto van de houder, met de bij de aanvraag overgelegde bewijsstukken en verklaringen als bijlagen in een administratie opgeborgen, die jaarlijks wordt afgesloten. De formulieren worden daarbij alfabetisch op de naam van de houder gerangschikt. 2 artikel 98 Van elk verstrekt laissez-passer wordt een kopie van het aanvraag-informatieformulier in de inbedoelde nummeradministratie opgeborgen. De kopie-formulieren worden daarbij op het documentnummer van het verstrekte laissez-passer gerangschikt. 3 De administratie, bedoeld in het eerste lid, blijft gedurende twee jaren na afloop van het kalenderjaar waarin het laissez-passer is verstrekt, raadpleegbaar. 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 01-10-2001
Artikel 84 — Artikel 84 Administratie noodverlenging buiten het reisdocumentenstation#
Artikel 84 Administratie noodverlenging buiten het reisdocumentenstation Vervallen 2006 136 17-07-2006 05-07-2006 BPR2006/N54218(1) 2006 136 17-07-2006 05-07-2006 BPR2006/N54218(1) 26-08-2006
Artikel 85 — Artikel 85 Verstrekking van gegevens#
Artikel 85 Verstrekking van gegevens artikel 3, negende lid, van de wet artikelen 82 83 Onverminderd het bepaalde in, wordt de verstrekking van gegevens uit de in deenbedoelde reisdocumentenadministratie uitsluitend toegestaan aan: a. de wet degenen die bij of krachtensbelast zijn met de uitvoering daarvan, voor zover die gegevens noodzakelijk zijn voor het verrichten van werkzaamheden met betrekking tot reisdocumenten; b. de ambtenaren, werkzaam bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, een Nederlandse consulaire vertegenwoordiging in het buitenland onderscheidenlijk het Kabinet van de Gouverneur van Aruba, Curaçao of Sint Maarten, voor zover die gegevens noodzakelijk zijn voor consulaire handelingen waarbij de identiteit van de betrokken persoon moet worden vastgesteld; c. artikel 141 142 van het Wetboek van Strafvordering artikel 184 185 van het Wetboek van Strafvordering BES de opsporingsambtenaren bedoeld inenenen, voor zover die gegevens noodzakelijk zijn voor de opsporing van strafbare feiten in het kader van het onderzoek waarbij zij zijn betrokken of voor zover die noodzakelijk zijn voor de identificatie van slachtoffers; d. de ambtenaren van het openbaar ministerie, voor zover die gegevens noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de hun opgedragen werkzaamheden; e. artikelen 18 tot en met 24 van de wet artikel 25, derde lid, van de wet de ambtenaren werkzaam bij de autoriteiten, bedoeld in de, voor zover die gegevens noodzakelijk zijn voor het verzoek tot weigering of vervallenverklaring en de daarmee verband houdende vermelding van deze gegevens in het register paspoortsignaleringen als bedoeld in; f. artikel 58 van de wet de ambtenaren werkzaam bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, voor zover die gegevens noodzakelijk zijn voor de hun opgedragen werkzaamheden in verband met de verwerking van gegevens in het register vermiste of vervallen reisdocumenten, in verband met de uitoefening van hun taak als bedoeld in, alsmede in verband met onderzoek naar onregelmatigheden met reisdocumenten; g. de wet degene die in opdracht van de Minister van Buitenlandse Zaken belast is met de controle op de uitvoering van de bij of krachtensgestelde regels, de toepassing van de beveiligingsmaatregelen of de werking van het aanvraagsysteem reisdocumenten, voor zover die gegevens, de rechtstreekse toegang daaronder begrepen, noodzakelijk zijn voor de hun opgedragen werkzaamheden; h. de houder, beheerder, bewerker en degene die belast is met de invoer, wijziging, of verwijdering van gegevens, voor zover die gegevens, de rechtstreekse toegang daaronder begrepen, noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de hun in verband daarmee opgedragen werkzaamheden; i. artikel 8, tweede lid artikel 10, tweede lid, van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 de ambtenaren werkzaam bij de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst en de Militaire Inlichtingen- en veiligheidsdienst, voor zover die gegevens noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun taken als bedoeld in, en. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 86 — Artikel 86 Aanwijzing en registratie algemeen#
Artikel 86 Aanwijzing en registratie algemeen 1 de wet De Minister van Buitenlandse Zaken of de door hem daartoe aangewezen ambtenaar wijst de personen aan die bevoegd zijn tot het verrichten van de handelingen die bij of krachtenszijn voorgeschreven. 2 artikel 107 De in het eerste lid bedoelde aanwijzing van personen, alsmede de registratie van hun bevoegdheden geschiedt met inachtneming van de functionele beschrijvingen met betrekking tot het aanvraagsysteem reisdocumenten en overeenkomstig de beveiligingsprocedure, bedoeld in. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 87 — Artikel 87 De autorisatiebevoegden reisdocumenten#
Artikel 87 De autorisatiebevoegden reisdocumenten 1 artikel 101 De Minister van Buitenlandse Zaken onderscheidenlijk een door deze aangewezen ambtenaar wijst per uitgiftelocatie tenminste twee personen aan die binnen het aanvraagsysteem reisdocumenten zullen functioneren als autorisatiebevoegde reisdocumentenstation overeenkomstig de gebruikershandleiding bij het reisdocumentenstation, bedoeld in. Tevens wijst de minister onderscheidenlijk een door deze aangewezen ambtenaar per aanvraagstationlocatie tenminste twee personen aan die zullen functioneren als autorisatiebevoegde aanvraagstation overeenkomstig de gebruikershandleiding bij het aanvraagstation, bedoeld in artikel 101. 2 De Minister van Buitenlandse Zaken draagt er zorg voor, dat een autorisatiebevoegde in staat wordt gesteld alle handelingen te verrichten die uit zijn taak voortvloeien. 3 De autorisatiebevoegden zijn rechtstreeks verantwoording verschuldigd aan de Minister van Buitenlandse Zaken. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 88 — Artikel 88 De identificatiekaart#
Artikel 88 De identificatiekaart 1 Per reisdocumentenstation worden ten minste 2 en ten hoogste 65 identificatiekaarten beschikbaar gesteld aan de autorisatiebevoegde reisdocumentenstation. 2 artikel 101 De autorisatiebevoegde reisdocumentenstation is, met inachtneming van de gebruikershandleiding bij het reisdocumentenstation, bedoeld in, verantwoordelijk voor het autorisatiebeheer, de bewaring van de identificatiekaarten en de registratie van de personen aan wie hij in een bepaald tijdvak een kaart verstrekt. 3 De autorisatiebevoegde reisdocumentenstation registreert in het reisdocumentenstation met inachtneming van de gebruikershandleiding de intrekking van identificatiekaarten indien deze na verlies, diefstal of defect verloren zijn gegaan of onbruikbaar zijn geworden of anderszins niet langer gebruikt mogen worden. De autorisatiebevoegde draagt zorg voor de vernietiging van ingetrokken identificatiekaarten voor zover deze in zijn bezit zijn en geen nader onderzoek daaraan hoeft plaats te vinden. 4 De leverancier houdt een registratie bij van de uitgegeven en ingetrokken identificatiekaarten. 2024 26254 07-08-2024 01-08-2024 2024-0000573995 2024 26254 07-08-2024 01-08-2024 2024-0000573995 08-08-2024 01-07-2024
Artikel 88a — Artikel 88a De opstartkaart#
Artikel 88a De opstartkaart 1 Per aanvraagstationlocatie worden door de leverancier twee opstartkaarten verstrekt, waarmee het aanvraagstation in werking kan worden gesteld. 2 artikel 101 De autorisatiebevoegde aanvraagstation is, met inachtneming van de gebruikershandleiding bij het aanvraagstation, bedoeld in, verantwoordelijk voor de bewaring en het gebruik van de opstartkaart. 3 Bij defect of verlies van een opstartkaart wordt terstond contact opgenomen met de leverancier. 4 Een defecte opstartkaart wordt terstond aan de leverancier toegestuurd. 5 De leverancier houdt een registratie bij van de uitgegeven opstartkaarten. Tevens registreert hij welke opstartkaarten vermist zijn. 2009 24 05-02-2009 22-01-2009 2009-0000026046 42 03-03-2009 2009 24 05-02-2009 22-01-2009 2009-0000026046 07-02-2009
Artikel 88b — Artikel 88b Het mobiel vingerafdrukopname-apparaat#
Artikel 88b Het mobiel vingerafdrukopname-apparaat 1 artikel 101 De Minister van Buitenlandse Zaken of de door hem daartoe aangewezen ambtenaar wijst per uitgiftelocatie de personen aan die aanvragen in behandeling mogen nemen met behulp van het mobiel vingerafdrukopname-apparaat overeenkomstig de gebruikershandleiding bij het mobiel vingerafdrukopname-apparaat, bedoeld in. 2 De leverancier verstrekt aan de autorisatiebevoegde aanvraagstation een wachtwoord waarmee toegang tot het mobiel vingerafdrukopname-apparaat kan worden verkregen en een authenticatiekaart waarmee het mobiel vingerafdrukopname-apparaat in het locale netwerk van de uitgiftelocatie kan worden aangesloten. 3 De autorisatiebevoegde aanvraagstation brengt het wachtwoord uitsluitend ter kennis aan de aangewezen personen bedoeld in het eerste lid en ziet er op toe dat het wachtwoord te allen tijde gescheiden van het mobiel vingerafdrukopname-apparaat wordt bewaard. Alle betrokkenen nemen alle daartoe noodzakelijke maatregelen om te voorkomen dat het wachtwoord bekend wordt. Indien het wachtwoord is zoekgeraakt of ter kennis is gekomen van een onbevoegde wordt terstond contact opgenomen met de leverancier. 4 Artikel 88a, tweede tot en met vijfde lid , is van overeenkomstige toepassing op de verstrekte authenticatiekaart. 2026 11937 31-03-2026 30-03-2026 2026-0000006839 2026 11937 31-03-2026 30-03-2026 2026-0000006839 01-04-2026
Artikel 89 — Artikel 89 De tot ontvangst van gepersonaliseerde documenten bevoegde personen#
Artikel 89 De tot ontvangst van gepersonaliseerde documenten bevoegde personen 1 De Minister van Buitenlandse Zaken of de door hem daartoe aangewezen ambtenaar wijst op zijn ministerie ten minste drie personen aan om zendingen van gepersonaliseerde documenten in ontvangst te nemen. Identificatiekaarten en daarop betrekking hebbende codes worden uitsluitend in ontvangst genomen door een autorisatiebevoegde reisdocumentenstation. 2 De aanmelding, registratie en vervanging van de tot ontvangst bevoegde personen, bedoeld in de eerste zin van het eerste lid, vindt plaats bij de distributeur met gebruikmaking van de door de Minister van Buitenlandse Zaken daartoe beschikbaar gestelde machtiging tot ontvangstneming. 3 artikel 102, eerste lid De machtiging wordt gewaarmerkt met een afdruk van een dienststempel als bedoeld in, en de handtekening van de Minister van Buitenlandse Zaken of de door hem daartoe aangewezen persoon. 4 Een kopie van het in het derde lid genoemde formulier wordt op het ministerie bewaard. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 90 — Artikel 90 Registratie parafen#
Artikel 90 Registratie parafen 1 De Minister van Buitenlandse Zaken houdt een administratie bij van de parafen van de personen die tot parafering van aanvraagformulieren bevoegd zijn. 2 Een paraaf als bedoeld in het eerste lid wordt in ieder geval net zo lang bewaard als de aanvragen waarin een paraaf van de desbetreffende persoon is opgenomen. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 91 — Artikel 91 Aanmelding en registratie van aanvraagstationlocaties en uitgiftelocaties#
Artikel 91 Aanmelding en registratie van aanvraagstationlocaties en uitgiftelocaties 1 De Minister van Buitenlandse Zaken of de door hem daartoe aangewezen ambtenaar meldt met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de aanvraagstationlocaties waar één of meerdere aanvraagstations zijn geplaatst alsmede de uitgiftelocatie waar de verzending van de aanvragen naar de leverancier geschiedt, alsmede de locatie in Nederland waar de aflevering van de zendingen door de distributeur plaatsvindt. 2 Wijzigingen met betrekking tot aanvraagstationlocaties en uitgiftelocaties worden, met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier, tijdig gemeld aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. 3 De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties houdt een registratie bij van de ingevolge het eerste en tweede lid aangemelde aanvraagstationlocaties en uitgiftelocaties en geeft deze gegevens door aan de leverancier. 4 De leverancier wijst aan elke uitgiftelocatie een unieke locatiecode toe en meldt deze terug aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en aan de Minister van Buitenlandse Zaken. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 92 — Artikel 92 Vastlegging tijdstip van aflevering#
Artikel 92 Vastlegging tijdstip van aflevering De vastlegging van de tijdstippen waarop een zending wordt afgeleverd, geschiedt in overleg met de distributeur. 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 01-10-2001
Artikel 93 — Artikel 93 Bewaring gepersonaliseerde reisdocumenten#
Artikel 93 Bewaring gepersonaliseerde reisdocumenten 1 artikel 105 artikel 60 De geleverde gepersonaliseerde reisdocumenten worden bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, in een daartoe bestemde ruimte, bewaard op de invoorgeschreven wijze tot het tijdstip, dat zij door de bevoegde afdeling beschikbaar worden gesteld aan de bij het ministerie tot uitreiking bevoegde personen of doorgezonden aan de daartoe bestemde locatie, dan wel worden opgehaald door de leverancier ingevolge. 2 artikel 105 artikel 63 De ingevolge het eerste lid beschikbaar gestelde of doorgezonden reisdocumenten worden, bij de desbetreffende afdeling op het ministerie of op de desbetreffende locatie in het buitenland, bewaard op de invoorgeschreven wijze tot het tijdstip, dat zij door de daartoe bevoegde persoon worden uitgereikt, dan wel worden geretourneerd aan de in het eerste lid bedoelde afdeling om te worden teruggestuurd aan de leverancier ingevolge. 3 artikel 42, vierde lid, van de wet Aan de hand van de gegevens in het reisdocumentenstation wordt bij de desbetreffende afdeling op het ministerie of op de desbetreffende locatie in het buitenland nagegaan welke gepersonaliseerde reisdocumenten binnen drie maanden na de datum van ontvangst nog niet zijn uitgereikt, teneinde deze ingevolgedefinitief aan het verkeer te onttrekken. 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 02-08-2021 01-01-2021
Artikel 94 — Artikel 94 Ontbrekende gepersonaliseerde reisdocumenten#
Artikel 94 Ontbrekende gepersonaliseerde reisdocumenten 1 Indien op enig moment een gepersonaliseerd reisdocument na aflevering en registratie daarvan in het reisdocumentenstation blijkt te ontbreken, wordt terstond een inventarisatie opgemaakt van de nog aanwezige reisdocumenten aan de hand van de gegevens in het reisdocumentenstation. 2 De ontbrekende reisdocumenten worden geregistreerd in het reisdocumentenstation. 3 Artikel 62 is van overeenkomstige toepassing. 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 26-06-2012
Artikel 95 — Artikel 95 De tot bestelling en ontvangst van blanco documenten bevoegde personen#
Artikel 95 De tot bestelling en ontvangst van blanco documenten bevoegde personen 1 De Minister van Buitenlandse Zaken of de door hem daartoe aangewezen ambtenaar wijst op zijn ministerie ten minste drie personen aan om namens hem bestellingen te doen van blanco noodpaspoorten en laissez-passer's bij de leverancier en tevens drie personen om leveringen daarvan in ontvangst te nemen. 2 De aanmelding van de tot bestelling en van de tot ontvangst bevoegde personen, bedoeld in het eerste lid, alsmede wijzigingen in deze gegevens, vindt plaats bij de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, met gebruikmaking van de daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulieren. 3 artikel 102, eerste lid Het ingevulde registratieformulier wordt gewaarmerkt met een afdruk van een dienststempel als bedoeld in. 4 De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties houdt een registratie bij van de ingevolge het eerste lid aangemelde personen en geeft deze gegevens door aan de leverancier. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 96 — Artikel 96 Bestelling en aflevering nooddocumenten#
Artikel 96 Bestelling en aflevering nooddocumenten 1 artikel 102, eerste lid De nooddocumenten worden met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier door de daartoe aangewezen persoon maximaal vier maal binnen een jaar bij de leverancier besteld. De bestelopdracht wordt gesteld op briefpapier van het ministerie van Buitenlandse Zaken en, na ondertekening van de daartoe aangewezen persoon, gewaarmerkt met een afdruk van het in, bedoelde dienststempel. 2 Het aantal blanco noodpaspoorten en laissez-passer's dat binnen een jaar kan worden besteld, wordt bepaald door de leverancier en is gebaseerd op het jaarlijkse aantal verstrekte documenten, in de periode tussen 1 oktober en 30 september, vermeerderd met vijf procent. De leverancier maakt jaarlijks voor 1 november het aantal te bestellen nooddocumenten voor het daaropvolgende jaar bekend aan de Minister van Buitenlandse Zaken. 3 Indien tussen twee bestellingen blijkt dat de voorraad noodpaspoorten dan wel laissez-passer's ontoereikend zal zijn, kan een opdracht voor een spoedbestelling worden geplaatst. De opdracht voor een spoedbestelling kan slechts worden gedaan, nadat in overleg met de leverancier is vastgesteld dat het aflevertijdstip van de eerstvolgende bestelopdracht niet kan worden vervroegd. De omvang van de spoedbestelling is niet groter dan noodzakelijk om de periode tot de levering van de eerstvolgende bestelling te overbruggen. 4 artikel 95 Alvorens een bestelopdracht te plaatsen, wordt nagegaan of de inbedoelde gegevens nog juist zijn. 5 Indien gegevens zijn gewijzigd, dient het nieuwe registratieformulier minstens vijf werkdagen voor het plaatsen van een nieuwe bestelopdracht in het bezit van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties te zijn. 6 De bestelling wordt door de leverancier bevestigd door toezending van een leveringsbevestiging aan de Minister van Buitenlandse Zaken. 7 De daadwerkelijke aflevering vindt gemiddeld maximaal vijf werkdagen na de op de leveringsbevestigingen vermelde dagtekening plaats door een waardetransporteur. 8 artikel 95, eerste lid Bij aflevering door de leverancier ondertekent de tot ontvangst bevoegde persoon, bedoeld in, de strook die aan de leveringsbevestiging is gehecht. 9 artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht De tot ontvangst bevoegde persoon legitimeert zich, op verzoek van de waardetransporteur, met een identiteitsdocument als bedoeld inof met een Nederlands rijbewijs. 10 De aflevering van de zending vindt plaats in de kluisruimte. Indien aflevering in de kluisruimte niet mogelijk of niet doelmatig is, vindt aflevering plaats in een voor het publiek afgesloten ruimte zo dicht mogelijk bij de kluis. 11 De tot ontvangst bevoegde persoon controleert in het bijzijn van de waardetransporteur aan de hand van de leveringsbevestiging het aantal pakketten alsmede de verzegeling. Indien de zending niet voor het ministerie van Buitenlandse Zaken bestemd is, afwijkingen vertoont, beschadigd is dan wel documenten ontbreken, wordt hiervan aantekening gemaakt op de aan de leveringsbevestiging gehechte strook en de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties hiervan terstond in kennis gesteld. 12 De ingevulde en ondertekende strook wordt aan de waardetransporteur overhandigd. 13 Indien de persoon die de zending in ontvangst neemt zich desgevraagd niet of niet voldoende kan legitimeren dan wel onvoldoende zekerheid bestaat met betrekking tot zijn bevoegdheid om de zending in ontvangst te nemen, dan wel om enige andere reden door een handelen of nalaten van het ministerie van Buitenlandse Zaken een veilige aflevering niet mogelijk is, draagt de waardetransporteur de zending niet over. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 97 — Artikel 97 Ontvangst en verdere verspreiding van de nooddocumenten door het ministerie#
Artikel 97 Ontvangst en verdere verspreiding van de nooddocumenten door het ministerie 1 Na ontvangst van de zending wordt deze terstond veilig gesteld. Indien de aflevering niet aan de kluis geschiedt, ziet de persoon die de zending in ontvangst heeft genomen erop toe, dat de zending terstond in de kluis wordt opgeslagen. 2 De bij de zending gevoegde ontvangstbevestiging wordt na vergelijking van de verpakkingseenheden van de zending met de opgave in de leveringsbevestiging binnen vijf werkdagen na aflevering van de zending, aan de leverancier geretourneerd. 3 De controle van de inhoud van de verpakkingseenheden als bedoeld in het tweede lid geschiedt door de tot ontvangst bevoegde persoon, en tenminste één andere persoon. Van de controle wordt een proces-verbaal opgemaakt, dat bij de in het vijfde lid bedoelde nummeradministratie wordt gearchiveerd. 4 Bij constatering van afwijkingen tussen de inhoud van de zending en de opgave in de leveringsbevestiging wordt terstond contact opgenomen met de leverancier. De geconstateerde afwijkingen worden schriftelijk medegedeeld aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. 5 De Minister van Buitenlandse Zaken houdt van de door hem ontvangen blanco nooddocumenten, uitgesplitst naar soort, een serienummeradministratie bij, waaruit aan de hand van de documentnummers te allen tijde dient te blijken welke documenten: a. in de voorraad aanwezig zijn; b. aan de voorraad zijn toegevoegd; c. aan welke post beschikbaar zijn gesteld; d. zijn gestolen, vermist of anderszins als onbruikbaar moeten worden beschouwd. 6 De Minister van Buitenlandse Zaken verstrekt per kwartaal een opgave aan de leverancier van het voorraadverloop van de noodpaspoorten en laissez-passer's. Uit deze opgave blijkt tevens op welk tijdstip welke blanco nooddocumenten, uitgesplitst naar soort en onder vermelding van de documentnummers, naar welke uitgiftelocatie zijn verzonden. 7 De Minister van Buitenlandse Zaken draagt zorg voor het op beveiligde wijze beschikbaar stellen van de blanco nooddocumenten aan de tot uitreiking daarvan bevoegde personen op het ministerie en de daartoe bestemde locatie in het buitenland. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 98 — Artikel 98 Voorraadadministratie nooddocumenten#
Artikel 98 Voorraadadministratie nooddocumenten 1 De Minister van Buitenlandse Zaken houdt per locatie een voorraadadministratie bij van de beschikbaar gestelde nooddocumenten, uitgesplitst naar soort nooddocument. 2 Eén maal per jaar wordt het aantal in voorraad zijnde blanco nooddocumenten met vermelding van soort en documentnummer vastgesteld. 3 Uit de voorraadadministratie dient te allen tijde te blijken hoeveel nooddocumenten: a. in de voorraad aanwezig zijn; b. aan de voorraad zijn toegevoegd; c. aan de voorraad zijn onttrokken in verband met uitreiking; d. zijn verschreven, gestolen, vermist of anderszins als onbruikbaar moeten worden beschouwd. 4 Met betrekking tot de uitgereikte nooddocumenten wordt per opeenvolgend documentnummer apart geregistreerd aan wie uitreiking van het desbetreffende nooddocument heeft plaatsgevonden. 5 Op de locaties waar een reisdocumentenstation aanwezig is, wordt de in het derde en vierde lid bedoelde voorraadadministratie bijgehouden in het desbetreffende reisdocumentenstation. 6 Indien vanaf een locatie, als bedoeld in het vijfde lid, laissez-passer’s beschikbaar worden gesteld ten behoeve van de uitgifte daarvan op een andere uitgiftelocatie, wordt de laissez-passer’s en de desbetreffende uitgiftelocatie in het reisdocumentenstation vermeld. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 99 — Artikel 99 Inventarisatie van de voorraad#
Artikel 99 Inventarisatie van de voorraad 1 Indien op enig moment een omissie in de voorraad of in de administratie wordt geconstateerd, maken minimaal twee daartoe door de Minister van Buitenlandse Zaken aangewezen personen terstond een inventarisatie op van de aanwezige nooddocumenten. 2 Van de inventarisatie wordt een proces-verbaal opgemaakt, dat naar de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt gezonden. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 100 — Artikel 100 Verbruik van nooddocumenten#
Artikel 100 Verbruik van nooddocumenten 1 De blanco nooddocumenten worden in volgorde van de nummers verbruikt. 2 Nooddocumenten worden uitsluitend uitgegeven en verbruikt op de locatie waaraan deze ter beschikking zijn gesteld. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 101 — Artikel 101 Reisdocumentenstation, aanvraagstation, mobiel vingerafdrukopname-apparaat en reisdocumentenmodule#
Artikel 101 Reisdocumentenstation, aanvraagstation, mobiel vingerafdrukopname-apparaat en reisdocumentenmodule De Minister van Buitenlandse Zaken maakt binnen het aanvraagsysteem reisdocumenten gebruik van het reisdocumentenstation, het aanvraagstation, het mobiel vingerafdrukopname-apparaat en de overige materialen, overeenkomstig het bepaalde in deze regeling en met inachtneming van de bijgeleverde gebruikershandleidingen. 2009 13960 18-09-2009 09-09-2009 2009-0000503050(1) 2009 13960 18-09-2009 09-09-2009 2009-0000503050(1) 21-09-2009
Artikel 102 — Artikel 102 Dienststempel#
Artikel 102 Dienststempel De dienststempel is een stempel die voorzien is van het Rijkswapen dan wel het wapen van de tot verstrekking bevoegde autoriteit. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 103 — Artikel 103 Foto- en handtekeningformulieren en andere standaardformulieren#
Artikel 103 Foto- en handtekeningformulieren en andere standaardformulieren 1 artikel 51 De inbedoelde foto- en handtekeningformulieren worden vier maal binnen een jaar door de leverancier beschikbaar gesteld. 2 artikel 96, tweede lid Het aantal foto- en handtekeningformulieren dat jaarlijks beschikbaar wordt gesteld, wordt bepaald en bekendgemaakt door de leverancier op de in, aangegeven wijze. 3 Indien tussen twee aflevertijdstippen blijkt dat de voorraad foto- en handtekeningformulieren ontoereikend zal zijn, kan een spoedbestelling worden gedaan. De opdracht voor een spoedbestelling kan echter slechts worden gedaan, nadat in overleg met de leverancier is vastgesteld dat het reguliere aflevertijdstip niet kan worden vervroegd. De omvang van de spoedbestelling is niet groter dan noodzakelijk om de periode tot het eerstvolgende aflevertijdstip te overbruggen. 4 De foto- en handtekeningformulieren worden door de leverancier binnen tien werkdagen na de spoedbestelling geleverd op de uitgiftelocatie waarvoor de bestelling is gedaan. 5 De overige standaardformulieren worden eenmalig door de leverancier ter beschikking gesteld en kunnen desgewenst worden nabesteld. 6 De foto- en handtekeningformulieren en andere standaardformulieren worden kosteloos verstrekt. 2009 13960 18-09-2009 09-09-2009 2009-0000503050(1) 2009 13960 18-09-2009 09-09-2009 2009-0000503050(1) 21-09-2009
Artikel 104 — Artikel 104 Algemeen#
Artikel 104 Algemeen De met de uitvoering van de wet belaste autoriteiten treffen maatregelen om de onder hen berustende reisdocumenten, apparatuur, programmatuur, opslagmedia, documentatie en overige materialen te beveiligen tegen ontvreemding dan wel vernietiging ten gevolge van inbraak, diefstal, verduistering, overvallen, brand of anderszins. 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 26-06-2012
Artikel 104a — Artikel 104a Publiek identificatiemiddel#
Artikel 104a Publiek identificatiemiddel De voorschriften voor de technische en organisatorische voorzieningen die noodzakelijk zijn voor de vervaardiging van het publiek identificatiemiddel zijn: a. de Baseline Informatiebeveiliging Overheid; en b. de Voorschriften Informatiebeveiliging Rijksdienst. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 105 — Artikel 105 Fysieke beveiliging#
Artikel 105 Fysieke beveiliging 1 Buiten de werkuren worden de van de leverancier ontvangen reisdocumenten, de ingehouden reisdocumenten, de opslagmedia, de documentatie en de overige materialen opgeslagen in een inbraakvertragende en brandwerende voorziening, zoals een gesloten inbraakwerende waardekast of kluis, die in passende verhouding staat tot de waarde van de inhoud. Deze voorziening is in een af te sluiten ruimte geplaatst. 2 De plaatsen waar de reisdocumenten, de documentatie en de overige materialen zijn opgeslagen, alsmede de ruimte waarin de apparatuur en de programmatuur zich bevinden, zijn uitgerust met een inbraakalarmeringssysteem. 3 De apparatuur en programmatuur, alsmede de tijdens de werkuren uit te reiken of ingehouden reisdocumenten, en de te gebruiken documentatie en overige materialen bevinden zich, onder voortdurend toezicht, op een voor onbevoegden onbereikbare en afsluitbare plaats. 4 In afwijking van het eerste lid blijft de authenticatiekaart ook tijdens de werkuren opgeslagen in de voorziening, bedoeld in het eerste lid. De authenticatiekaart mag zich uitsluitend buiten de desbetreffende voorziening bevinden op het moment dat deze nodig is om het mobiel vingerafdrukopname-apparaat in het locale netwerk van de uitgiftelocatie aan te sluiten. 5 In afwijking van het tweede en derde lid, staat een aanvraagstation of een mobiel vingerafdrukopname-apparaat gedurende de werkuren onder voortdurend toezicht van degene die bevoegd is tot het gebruik ervan en bevindt het zich buiten de werkuren in een voor onbevoegden onbereikbare, afsluitbare en bij voorkeur beveiligde ruimte. 2026 11937 31-03-2026 30-03-2026 2026-0000006839 2026 11937 31-03-2026 30-03-2026 2026-0000006839 01-04-2026
Artikel 106 — Artikel 106 Back-up en herstel van gegevens in het aanvraagsysteem reisdocumenten#
Artikel 106 Back-up en herstel van gegevens in het aanvraagsysteem reisdocumenten 1 Van de in de reisdocumentenmodule en de in het reisdocumentenstation opgeslagen gegevens wordt dagelijks een reservekopie gemaakt. Voor het reisdocumentenstation wordt daartoe gebruik gemaakt van de door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties te verstrekken opslagmedia. Per reisdocumentenstation worden 5 opslagmedia verstrekt. Na het maken van de reservekopie wordt gecontroleerd of deze is geslaagd. 2 artikel 105, eerste lid De bewaring van de reservekopieën geschiedt zodanig, dat de twee oudste reservekopieën op de locatie van het reisdocumentenarchiefstation worden bewaard, terwijl de drie meest recente reservekopieën elders worden bewaard, in een vergelijkbare voorziening als bedoeld in. 3 De Minister van Buitenlandse Zaken beschikt per locatie over een op schrift gestelde procedure inzake back-up en herstel, die er in voorziet dat reconstructie van de gegevens mogelijk is. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 107 — Artikel 107 Beveiligingsprocedure en beveiligingsfunctionaris#
Artikel 107 Beveiligingsprocedure en beveiligingsfunctionaris 1 De Minister van Buitenlandse Zaken beschikt per locatie over een op schrift gestelde beveiligingsprocedure. In deze beveiligingsprocedure worden in ieder geval maatregelen vastgelegd inzake: a. de ontvangst, het transport, de bewaring en het beheer van de ontvangen reisdocumenten, de ingehouden reisdocumenten, de apparatuur, de programmatuur, de documentatie en de overige materialen; b. de verantwoordelijkheden van de beveiligingsfunctionaris als bedoeld in het derde lid; c. de functiescheiding tussen de bij het beheer en de uitreiking van de reisdocumenten betrokken functionarissen; d. de beveiliging van het aanvraagsysteem reisdocumenten, onder meer gericht op het voorkomen van onbevoegde toegang of gebruik van gegevens die in het systeem of tot het systeem behorende opslagmedia zijn opgenomen. 2 Vervallen. 3 De Minister van Buitenlandse Zaken wijst per locatie een beveiligingsfunctionaris aan die belast is met het beheer van en het toezicht op de naleving van de beveiligingsprocedure. 4 Vervallen. 5 De functie van beveiligingsfunctionaris is niet verenigbaar met het verrichten van andere handelingen ter uitvoering van de wet. 6 De taken en verantwoordelijkheden van de beveiligingsfunctionaris worden vastgelegd in een functieomschrijving. 7 De Minister van Buitenlandse Zaken draagt er zorg voor dat de beveiligingsfunctionaris in staat wordt gesteld alle handelingen te verrichten die uit zijn taak voortvloeien. 8 De beveiligingsfunctionaris is rechtstreeks verantwoording verschuldigd aan de Minister van Buitenlandse Zaken. 9 De maatregelen bedoeld in het eerste tot en met het achtste lid maken deel uit van de reguliere accountantscontrole. 10 De Minister van Buitenlandse Zaken draagt er zorg voor, dat de bij de uitvoering van de wet betrokken personen regelmatig worden geïnformeerd over ontvreemdingsrisico's en ten minste één maal per jaar worden geïnstrueerd met betrekking tot risicobeperkende afspraken en maatregelen terzake. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 108 — Artikel 108 Controle op de toepassing van de beveiligingsmaatregelen#
Artikel 108 Controle op de toepassing van de beveiligingsmaatregelen 1 De Minister van Buitenlandse Zaken voert een keer per jaar een controle uit op de toepassing van de beveiligingsmaatregelen, genoemd in de artikelen 104 tot en met 107. 2 Indien de in het eerste lid bedoelde controle daartoe aanleiding geeft, wordt de beveiligingsprocedure aangepast. 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 2014 3140 04-02-2014 29-01-2014 2014-0000054453 09-03-2014
Artikel 109 — Artikel 109 Ontvreemding of vernietiging#
Artikel 109 Ontvreemding of vernietiging 1 In het geval van ontvreemding dan wel vernietiging van reisdocumenten, apparatuur, programmatuur, opslagmedia, documentatie en overige materialen ten gevolge van inbraak, diefstal, verduistering, overvallen, brand of anderszins dient de met de uitvoering van de wet belaste autoriteit daarvan terstond aangifte te doen bij de plaatselijke politie en tevens terstond de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties daarvan in kennis te stellen. 2 De Minister van Buitenlandse Zaken zendt de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vervolgens binnen één werkdag een schriftelijke kennisgeving waarin de navolgende gegevens zijn opgenomen: a. het tijdstip en de exacte toedracht van de ontvreemding of vernietiging; b. de nummers van de ontvreemde of vernietigde reisdocumenten, alsmede de daarin vermelde persoonsgegevens; c. de ontvreemde of vernietigde apparatuur, programmatuur, opslagmedia, documentatie en overige materialen met de eventueel daarop vermelde nummers. 3 Zodra het door de plaatselijke politie opgemaakte proces-verbaal beschikbaar is, wordt daarvan een afschrift gezonden aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 2016 59294 04-11-2016 28-10-2016 2016-0000605622 05-11-2016
Artikel 110 — Artikel 110 Onderzoek op onregelmatigheden en melding#
Artikel 110 Onderzoek op onregelmatigheden en melding 1 De autoriteit die in verband met een handeling op grond van deze regeling enig Nederlands reis- of identiteitsdocument krijgt overgelegd, gaat aan de hand van de door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verstrekte lijst van toetsingspunten na of met het desbetreffende reisdocument enige onregelmatigheid is gepleegd. 2 artikel 78, eerste lid De autoriteit die van mening is dat met het reisdocument onregelmatigheden zijn gepleegd die geen strafbare feiten opleveren, onttrekt dit document op de in, bedoelde wijze definitief aan het verkeer. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 111 — Artikel 111 Melding en verzending aan het Expertisecentrum Identiteitsfraude en Documenten#
Artikel 111 Melding en verzending aan het Expertisecentrum Identiteitsfraude en Documenten 1 Indien het vermoeden bestaat dat de met het reisdocument gepleegde onregelmatigheden strafbare feiten opleveren, wordt het desbetreffende reisdocument per aangetekende post met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier aan het Expertisecentrum Identiteitsfraude en Documenten van de Koninklijke Marechaussee gezonden. 2 artikel 78, eerste lid De Commandant van het Expertisecentrum Identiteitsfraude en Documenten van de Koninklijke Marechaussee onttrekt het reisdocument bedoeld in het vorige lid definitief aan het verkeer door middel van vernietiging als bedoeld in. 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 2021 35364 23-07-2021 18-07-2021 2021-0000374855 02-08-2021 01-01-2021
Artikel 112 — Artikel 112#
Artikel 112 1 De Minister van Buitenlandse Zaken verstrekt, met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier, per kwartaal een schriftelijke verantwoording van het totale voorraadverloop met betrekking tot nooddocumenten over het voorgaande kwartaal. 2 Deze verantwoording bevat, uitgesplitst naar noodpaspoorten en laissez-passer's: a. de totale voorraad blanco nooddocumenten aan het begin van het kwartaal; b. de in de loop van het kwartaal aan de voorraad toegevoegde blanco nooddocumenten; c. de in de loop van het kwartaal aan de voorraad onttrokken nooddocumenten die zijn uitgereikt; d. de in de loop van het kwartaal aan de voorraad onttrokken nooddocumenten die niet zijn uitgereikt, omdat zij zijn verschreven, gestolen, vermist of anderszins als onbruikbaar moeten worden beschouwd; e. de totale voorraad blanco nooddocumenten aan het einde van het kwartaal. 3 Nooddocumenten die onjuist blijken te zijn geproduceerd of beschadigd worden met het in het eerste lid bedoelde verantwoordingsformulier meegezonden aan de leverancier. 4 artikel 78, eerste lid Nooddocumenten die als gevolg van verschrijvingen of anderszins onbruikbaar zijn geworden, worden definitief aan het verkeer onttrokken door ze deugdelijk te vernietigen op de in, aangegeven wijze. 5 Het in het eerste lid bedoelde verantwoordingsformulier wordt ondertekend door of namens de Minister van Buitenlandse Zaken. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 113 — Artikel 113 Geldigheid van reisdocumenten verstrekt voor de inwerkingtreding van deze regeling#
Artikel 113 Geldigheid van reisdocumenten verstrekt voor de inwerkingtreding van deze regeling De reisdocumenten die voor de inwerkingtreding van deze regeling zijn verstrekt, behouden de geldigheid die daarin is vermeld. 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 01-10-2001
Artikel 114 — Artikel 114 Raadpleging originele aanvraagformulieren#
Artikel 114 Raadpleging originele aanvraagformulieren Vervallen 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 115 — Artikel 115 Ongedaan maken bijschrijving in reisdocumenten verstrekt voor de inwerkingtreding van deze regeling#
Artikel 115 Ongedaan maken bijschrijving in reisdocumenten verstrekt voor de inwerkingtreding van deze regeling Vervallen 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 2012 12636 25-06-2012 19-06-2012 2012-0000347094,CZW/S&B 26-06-2012
Artikel 116 — Artikel 116 Tijdelijke verlenging bewaartermijn reisdocumentenadministratie#
Artikel 116 Tijdelijke verlenging bewaartermijn reisdocumentenadministratie Vervallen 2010 15134 06-10-2010 16-09-2010 2010-0000607084 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking op het tijstip waarop artikel 1.1.van de Rijkswet aanpassing rijkswetten aan de oprichting van de nieuwe landen in werking treedt.
Artikel 117 — Artikel 117 Gebruik aanvraagstation#
Artikel 117 Gebruik aanvraagstation Vervallen 2009 13960 18-09-2009 09-09-2009 2009-0000503050(1) 2009 13960 18-09-2009 09-09-2009 2009-0000503050(1) 21-09-2009
Artikel 118 — Artikel 118 Intrekking Paspoortuitvoeringsregeling Buitenland 1995#
Artikel 118 Intrekking Paspoortuitvoeringsregeling Buitenland 1995 De Paspoortuitvoeringsregeling Buitenland 1995 wordt ingetrokken. 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 01-10-2001
Artikel 118a — Artikel 118a Uitbreiding grondslag#
Artikel 118a Uitbreiding grondslag artikelen 1.4, eerste lid 2.5, derde lid 2.6, vierde lid 2.7 2.10, derde lid 7.1, vierde lid 8.1, derde lid 8.2, eerste lid 10.1 van het besluit Deze regeling berust mede op de,,,,,,,, en. 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 2020 63416 11-12-2020 06-12-2020 2020-0000691383 01-01-2021
Artikel 119 — Artikel 119 Inwerkingtreding#
Artikel 119 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 oktober 2001. 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 01-10-2001
Artikel 120 — Artikel 120 Citeertitel#
Artikel 120 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als “Paspoortuitvoeringsregeling Buitenland 2001”. Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst. 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 2001 186 26-09-2001 07-09-2001 BPR2001/U85584 01-10-2001
Artikel 3#
artikel 3, eerste lid, onder a
Artikel 3#
artikel 3, eerste lid, onder b
Artikel 3#
artikel 3, tweede lid