Regeling forfaitaire winstvaststelling zeescheepvaart 2001
- BWB-id
- BWBR0012060
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Financiën
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0012060
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/regeling-forfaitaire-winstvaststelling-zeescheepvaart-2001
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/regeling-forfaitaire-winstvaststelling-zeescheepvaart-2001/2024-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0012060&g=2024-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0012060&z=2026-06-06&g=2024-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0012060/2024-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/regeling-forfaitaire-winstvaststelling-zeescheepvaart-2001
Artikel 1 — Artikel 1 Reikwijdte en definitie#
Artikel 1 Reikwijdte en definitie 1 artikel 3.22 van de Wet inkomstenbelasting 2001 Deze regeling geeft uitvoering aan. 2 Wet inkomstenbelasting 2001 Deze regeling verstaat onder wet:. 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 01-01-2001
Artikel 2 — Artikel 2 Indiening verzoek#
Artikel 2 Indiening verzoek artikel 3.22, eerste lid, van de wet Bij indiening van een verzoek om toepassing vanverstrekt de belastingplichtige een opgave van: a. de schepen en de andere zaken die bij het begin van het jaar waarin het verzoek wordt gedaan, door de onderneming worden gebruikt voor het behalen van winst uit zeescheepvaart en tot het vermogen van de onderneming behoren; b. de mate waarin de andere zaken worden gebruikt voor het behalen van winst uit zeescheepvaart; c. de boekwaarde en de waarde in het economische verkeer van de in onderdeel a bedoelde schepen en andere zaken op het tijdstip dat onmiddellijk voorafgaat aan het jaar waarin het verzoek wordt gedaan; d. artikel 3.53 van de wet het bedrag van de op grond vangevormde reserves die verband houden met de zeescheepvaart op het tijdstip dat onmiddellijk voorafgaat aan het jaar waarin het verzoek wordt gedaan. 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 01-01-2001
Artikel 3 — Artikel 3 Overgang schip uit tonnage#
Artikel 3 Overgang schip uit tonnage 1 artikel 3.23, derde lid, laatste volzin, van de wet artikel 3.24, tweede lid, van de wet artikel 3.23, derde lid, van de wet Het bedrag dat door de inspecteur op grond vanbij beschikking is vastgesteld, wordt verminderd met het bedrag dat buiten aanmerking is gebleven met betrekking tot een schip waaroptoepassing vindt. Het gewijzigde bedrag dat op grond vanbuiten aanmerking blijft, wordt door de inspecteur bij voor bezwaar vatbare beschikking vastgesteld. 2 artikel 3.24, tweede lid, van de wet dat artikel artikel 3.22 van de wet Een schip waaroptoepassing vindt, wordt op het inbedoelde tijdstip voor geen hogere waarde te boek gesteld, dan de waarde waarvoor het te boek was gesteld onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip waaropmet betrekking tot het schip van toepassing werd. 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 01-01-2001
Artikel 4 — Artikel 4 Overgang schip naar tonnage#
Artikel 4 Overgang schip naar tonnage 1 artikel 3.22, eerste lid, van de wet vierde en vijfde lid van dat artikel artikel 3.53 van de wet Ingeval een belastingplichtige van wie de winst uit zeescheepvaart wordt bepaald volgensmet betrekking tot een schip dat reeds tot het vermogen van de onderneming behoort, gaat voldoen aan de voorwaarden betreffende de exploitatie bedoeld in het, wordt tot de winst van het kalenderjaar mede gerekend de op grond vanmet betrekking tot dit schip gevormde reserves en het verschil tussen de waarde in het economisch verkeer en de boekwaarde van het schip. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot andere zaken. 2 artikel 3.22, eerste lid, van de wet Het eerste lid is niet van toepassing ingeval een belastingplichtige van wie de winst uit zeescheepvaart wordt bepaald volgensals gevolg van een wetswijziging van dat artikel met betrekking tot een of meer schepen gaat voldoen aan de voorwaarden betreffende de exploitatie bedoeld in het vierde en vijfde lid van dat artikel. In dat geval wordt tot de winst van het kalenderjaar waarin of bij de aanvang waarvan de wetswijziging in werking is getreden mede gerekend het gezamenlijke bedrag – dat is bepaald naar de toestand op het tijdstip dat onmiddellijk voorafgaat aan de wetswijziging – van: a. artikelen 3.53 3.54 3.54aa van de wet de op grond van de,engevormde reserves met betrekking tot de hiervoor bedoelde schepen voor zover die worden gebruikt voor het behalen van winst uit zeescheepvaart; b. een bedrag ter grootte van het positieve verschil tussen de waarde die in het economische verkeer wordt toegekend aan de hiervoor bedoelde schepen en de waarde waarvoor deze schepen op dat tijdstip te boek zijn gesteld; een en ander voor zover deze schepen worden gebruikt voor het behalen van winst uit zeescheepvaart. De eerste en tweede volzin zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot andere zaken. 3 afdeling 3.13 van de wet artikel 3.24 van de wet artikel 3.23, derde lid, van de wet Het in het tweede lid bedoelde gezamenlijke bedrag blijft buiten aanmerking voor zover dit uitgaat boven het bedrag waarvoor de belastingplichtige bij de aanvang van het kalenderjaar aanspraak kan maken op verrekening van verliezen volgens. Het bedrag dat buiten aanmerking blijft wordt voor de toepassing vangeacht op grond vanbuiten aanmerking te zijn gebleven. Dit bedrag of het door de inspecteur eerder reeds op grond van artikel 3.23, derde lid, van de wet bij voor bezwaar vatbare beschikking vastgestelde bedrag vermeerderd met dit bedrag, wordt door de inspecteur bij voor bezwaar vatbare beschikking vastgesteld. 2023 34571 29-12-2023 15-12-2023 2023-0000275008 2023 34571 29-12-2023 15-12-2023 2023-0000275008 01-01-2024
Artikel 5 — Artikel 5 Fiscale eenheid#
Artikel 5 Fiscale eenheid 1 artikel 15 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 artikel 3.22, eerste lid, van de wet Indien met betrekking tot een fiscale eenheid als bedoeld inde winst uit zeescheepvaart wordt bepaald volgens, blijft deze wijze van winstbepaling van toepassing met betrekking tot de belastingplichtige die ophoudt als dochtermaatschappij deel uit te maken van de fiscale eenheid. Wederopzegging is slechts mogelijk met ingang van het jaar waarin de moedermaatschappij van de fiscale eenheid dit zou kunnen doen. 2 artikel 15 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 artikel 3.22, eerste lid, van de wet artikel 3.22, eerste lid, van de wet Indien met betrekking tot een fiscale eenheid als bedoeld inde winst niet wordt bepaald op grond van, blijft deze wijze van winstbepaling van toepassing met betrekking tot de belastingplichtige die ophoudt als dochtermaatschappij deel uit te maken van de fiscale eenheid. Een verzoek als bedoeld inkan door deze belastingplichtige slechts worden gedaan in het jaar waarin de moedermaatschappij van de fiscale eenheid een dergelijk verzoek zou kunnen doen. 3 artikel 3.22, eerste lid, van de wet artikel 15 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 artikel 3.23, tweede lid, van de wet Indien de belastingplichtige die een verzoek doet als bedoeld in, in het jaar waarin het verzoek wordt gedaan of in het daaraan voorafgaande jaar heeft opgehouden als dochtermaatschappij deel uit te maken van een fiscale eenheid als bedoeld inen de fiscale eenheid op het splitsingstijdstip nog aanspraken heeft op verrekening van verliezen, zal aan de inwilliging van het verzoek de voorwaarde worden verbonden dat de moedermaatschappij van de fiscale eenheid en de dochtermaatschappij gezamenlijk ermee instemmen dat de aanspraken op de verrekening van verliezen tot het niveau van het inbedoelde gezamenlijke bedrag, of ingeval dat minder is het bedrag van de onverrekende verliezen, overgaan op de dochtermaatschappij. 4 artikel 15a van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 De vorige leden zijn van overeenkomstige toepassing op een belastingplichtige die als ledenmaatschappij deel heeft uitgemaakt van een fiscale eenheid als bedoeld in, alsmede op de centrale maatschappij van die eenheid. 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 01-01-2001
Artikel 6 — Artikel 6 Doorschuiving#
Artikel 6 Doorschuiving 1 artikel 3.59, tweede lid artikel 3.63 van de wet artikel 3.65 van de wet artikel 3.56 van de wet artikel 3.57 van de wet artikel 14 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 artikel 3.22, eerste lid, van de wet artikel 5 Bij een overdracht als bedoeld inof, een omzetting als bedoeld in, een splitsing als bedoeld in, een fusie als bedoeld in, of een overdracht als bedoeld invindtovereenkomstige toepassing met betrekking tot de door de voortzettende belastingplichtige toe te passen wijze van winstbepaling, het tijdstip waarop hij een verzoek kan doen als bedoeld in, het tijdstip waarop wederopzegging mogelijk is, alsmede met betrekking tot het inwilligen van een verzoek onder de voorwaarde van het overgaan van aanspraken op verrekening van verliezen. 2 artikel 3.56 van de wet artikel 3.57 van de wet artikel 14 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 artikel 3.22, eerste lid, van de wet Indien de voortzettende belastingplichtige in enig jaar na 1994 doch voorafgaand aan een splitsing als bedoeld in, een fusie als bedoeld inof een overdracht als bedoeld inwinst uit zeescheepvaart heeft genoten, vindt met betrekking tot het tijdstip waarop deze belastingplichtige een verzoek kan doen als bedoeld inalsmede het tijdstip waarop wederopzegging mogelijk is, het eerste lid geen toepassing. 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 01-01-2001
Artikel 7 — Artikel 7 Overgangsbepaling#
Artikel 7 Overgangsbepaling artikel 3.22 van de wet Een beschikking op de voet van artikel 8c, vijfde lid, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964, zoals dat luidde op 31 december 2000, op grond waarvan de winst uit zeescheepvaart wordt bepaald aan de hand van de tonnage, wordt geacht te zijn verleend op grond van. 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 01-01-2001
Artikel 8 — Artikel 8 Inwerkingtreding#
Artikel 8 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2001. 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 01-01-2001
Artikel 9 — Artikel 9 Citeertitel#
Artikel 9 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling forfaitaire winstvaststelling zeescheepvaart 2001. 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 2000 251 28-12-2000 20-12-2000 WDB00/919M 01-01-2001